BELGISCHE SENAAT
________
Buitengewone zitting 2010
________
30 augustus 2010
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 5-90

de Bart Tommelein (Open Vld)

aan de minister van Klimaat en Energie
________
Antarctica - Verdrag - Toerisme - Duurzaamheid - Natuurbescherming
________
Antarctica
wetenschappelijk onderzoek
toerisme
beschermd gebied
________
30/8/2010Verzending vraag
26/10/2010Antwoord
________
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 5-89
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 5-90 d.d. 30 augustus 2010 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Wij hebben sinds lang nauwe banden met Antarctica en we blijven als land hierin investeren, getuige het Princess Elisabeth poolstation. Het is de eerste basis die volledig op hernieuwbare energiebronnen functioneert. Het wetenschappelijke onderzoek van Princess Elisabeth moet bijdragen tot een beter begrip van klimaatmechanismen.

BelgiŽ is tevens een van de twaalf oorspronkelijke verdragspartijen van het Verdrag van Washington inzake Antarctica uit 1959.

De belangrijkste bepalingen van het Antarctica-verdrag zijn:

- Antarctica zal alleen voor vreedzame doeleinden gebruikt worden;

- vrijheid van wetenschappelijk onderzoek;

- uitwisseling en toegankelijkheid van wetenschappelijke waarnemingen;

- het volledige gebied van Antarctica, alle bases en infrastructuur inbegrepen dient op ieder ogenblik open te staan voor inspecties.

De laatste jaren vinden steeds meer toeristen de weg naar Antarctica. Diverse mijnbedrijven lonken naar Antarctica en de natuur staat er nu reeds onder zware druk ten gevolge van de klimaatopwarming.

Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen:

1) Hoe beoordeelt de minister de effectiviteit van het huidige (internationale) beschermingsregime voor Antarctica, mede gelet op de toenemende toeristische belangstelling voor dit gebied?

2) Is hij van mening dat de huidige internationale en nationale regelgeving voldoende bescherming biedt aan dit unieke en zeer kwetsbare natuurgebied? Zo ja, kan hij dit uitvoerig toelichten? Zo neen, welke mogelijkheden ziet hij om de bescherming van Antarctica te verhogen? Heeft hij dit reeds aangekaart in internationale fora en zo ja, dewelke en wat waren de resultaten?

3) Kan hij aangeven hoeveel bezoekers Antarctica jaarlijks hebben bezocht, respectievelijk voor de laatste vijf jaar en kan hij deze cijfers duiden? Acht hij dit duurzaam?

4) Worden de effecten van het toerisme op de natuur, het milieu en de wilde dieren in het Antarctisch gebied onderzocht? Zo ja, kan hij die resultaten toelichten en de voornaamste vaststellingen weergeven? Zo neen, waarom niet?

Antwoord ontvangen op 26 oktober 2010 :
  1. Sinds 1991 pleit de International Association of Antarctic Tour Operators (IAATO) voor een verantwoord toerisme en ze biedt de mogelijkheid om de ontwikkeling van de sector goed te volgen. Hoewel er sinds meerdere jaren sprake is van een toeristische omkadering door de Partijen bij het Verdrag, blijft het bij aanbevelingen (zie punt 4). Er stellen zich meerdere specifieke problemen: de toename van het aantal toeristen, de aanwezigheid van toeristen op bepaalde stations, het fenomeen van het avontuurtoerisme en het bestaan van logistieke operaties die op bepaalde plaatsen uitgevoerd worden zonder dat er een echte nationale controle op is.

  2. Over het algemeen is het Antarctisch Verdrag er tot hiertoe in geslaagd om de toekomst van het Continent, dat één van de meeste beschermde plaatsen van onze planeet blijft, te vrijwaren. Daartoe dragen twee principes bij: de verplichting om vooraf de impact van elke activiteit in te schatten, laat toe om de nodige aanpassingen te doen; het principe van wederzijdse controle biedt elke Staat die het Verdrag getekend heeft de mogelijkheid om de onderzoeksinstallaties van de andere Staten te inspecteren. Overigens is er een grotere samenwerking met de andere elementen van het Antarctisch Verdragsysteem om de bescherming, op het land en in de zee, op een meer geïntegreerde manier aan te pakken.

    De kwestie over een eventuele exploitatie van de minerale rijkdommen wordt behandeld in het Protocol van Madrid.

    Het Verdrag is inderdaad van toepassing op de Antarctische wateren, maar zonder afbreuk te doen aan de rechten van de staten over deze zone buiten nationale jurisdictie. Deze rechten kunnen worden uitgeoefend ten opzichte van de zeebodems (stelsel dat strikt gereglementeerd is door de hoge Zeebodemautoriteiten) en ten opzicht van de volle zee in het algemeen (vrijheidsstelsel). Er zou natuurlijk een onderscheid dienen te worden gemaakt tussen de staten die het milieuprotocol hebben geratificeerd en de andere die zich zouden kunnen beroepen op het stelsel van de vrijheid in volle zee (behoudens beperkingen inzake internationaal recht – bijvoorbeeld het protocol) en het stelsel voor het uitbaten der zeebodems buiten nationale jurisdicties.

    Deze lacune is theoretisch want de uiterste omstandigheden van het leefmilieu in Antarctica sluiten in de praktijk de commerciële uitbating van de zeebodems en van hun ondergrond uit. Om nog te zwijgen over de zeer waarschijnlijke huivering op internationaal niveau

    Dit zou dus een eventuele uitbating van de bronnen van de zeebodems mogelijk maken. Op nationaal vlak kunnen de landen die het Protocol van Madrid ondertekend hebben (waaronder België) de Belgische wetenschappelijke aanwezigheid en de eventuele impact hiervan controleren door expeditievergunningen te verstrekken.

  3. Het aantal toeristen is gestegen van 22 712 in het seizoen 2004-2005 tot 34 182 in het seizoen 2008-2009. Hoewel het momenteel moeilijk is om te oordelen of deze aanwezigheid ecologisch verantwoord is, wordt het begrip “voetafdruk” gedefinieerd in de vergaderingen van het Verdrag en dit begrip zou in de toekomst gebruikt kunnen worden.

  4. Er dient vooreerst opgemerkt te worden dat er vooral veel toerisme is op het Antarctisch schiereiland, gezien de toegankelijkheid via Zuid- Amerika. Bovendien komen 95 % van de toeristen aan per boot. De impact op het leefmilieu moet vooral geëvalueerd worden in functie van het cumulatief karakter. Er werden verschillende beschermingsmaatregelen aangenomen: er werden voor 25 frequent bezochte sites richtlijnen opgesteld om de impact op deze sites tot een minimum te beperken; er wordt aanbevolen om geen schepen met meer dan 500 passagiers aan land te laten gaan, en om een coördinatie op te zetten zodat er telkens maar één boot op een site is en om maximum 100 toeristen per keer aan land te laten. Het feit dat er sinds 2008 drie maritieme ongevallen met cruiseschepen gebeurd zijn, toont de risico’s die verbonden zijn aan de scheepvaart in Antarctica. Deze ongelukken hebben gelukkig slechts een kleine impact gehad op het milieu, maar ze hadden ernstige gevolgen kunnen hebben voor de passagiers.