BELGISCHE SENAAT
________
Zitting 2010-2011
________
5 mei 2011
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 5-2221

de Bert Anciaux (sp.a)

aan de minister van Ambtenarenzaken en Overheidsbedrijven
________
Federale Overheidsdiensten - Fietsvergoeding - Regeling - Beschikbare middelen - Toekomstplannen
________
ambtenaar
ministerie
pendel
vergoedingen en onkosten
tweewielig voertuig
________
5/5/2011Verzending vraag
7/12/2011Dossier gesloten
________
Heringediend als : schriftelijke vraag 5-4773
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 5-2221 d.d. 5 mei 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Via het toekennen van een fietsvergoeding voor het gebruik van de fiets om van / naar het werk te komen, slaat men verschillende vliegen in één klap: men stimuleert gezonde beweging, men vergoedt gedeeltelijk de kosten verbonden aan fiets en fietsen, men ontlast zowel het openbaar vervoer en de autoverkeer op spitsuren, …, maar vooral het leefmilieu vaart er wel bij. Kortom, met een relatief beperkte uitgave kan men heel wat relevante doelstellingen realiseren.

Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen:

1) Welke regeling rond fietsvergoeding bestaat er voor federale ambtenaren? Hoe wordt deze regeling toegepast, wie kan ervan genieten, hoeveel bedraagt ze?

2) Hoeveel middelen werden jaarlijks - in de periode 2006-2010 - toegekend, aan hoeveel ambtenaren en voor welke onderdelen van de federale overheid? Hoe duidt en interpreteert de geachte minister deze evolutie?

3) Hoe worden deze cijfers kwalitatief geïnterpreteerd? Zijn er correlaties met geslacht, leeftijd, opleiding, woonplaats, niveau van tewerkstelling, aard van dienst, enz.? Tot welke conclusies komt deze kwalitatieve verwerking?

4) Koestert zij nog bijzondere plannen m.b.t. de fietsvergoeding?