BELGISCHE SENAAT
________
Zitting 2009-2010
________
1 december 2009
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 4-5101

de Ann Somers (Open Vld)

aan de minister van Ambtenarenzaken en Overheidsbedrijven
________
Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen (NMBS) - Staking van 5 november 2009 - Redenen - Communicatie tussen personeel en reizigers
________
rechten van passagiers
Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen
staking
vervoerspersoneel
________
1/12/2009Verzending vraag
6/5/2010Einde zittingsperiode
________
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 4-5101 d.d. 1 december 2009 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Op de trein Knokke/Blankenberge Hasselt/Tongeren ontspon zich op 10 november 2009 een discussie tussen enkele reizigers en de conducteur. Na een opmerking van een reiziger over de staking van donderdag 5 november 2009 begon de conducteur de actie te verdedigen. En van zijn argumenten was dat er gestaakt werd omdat de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen (NMBS) het personeel wil dwingen om 10% van hun loon in te leveren en omdat er aan een aantal statutaire voordelen zou worden geraakt.

Daarnaast beweerde de conducteur dat amper de helft van de treinen zou rijden mocht het personeel stiptheidsacties voeren. Wegens de gebrekkige veiligheid of materieel dat niet in orde is, zouden ze immers gedwongen zijn om de treinen niet te laten uitrijden.

1.Welke zijn de instructies van de NMBS aan de conducteurs met betrekking tot het communiceren over stakingsacties, in casu het verdedigen van hun stakingsacties, naar de reizigers toe?

2.Klopt de bewering dat het personeel van de NMBS zal worden gedwongen tot een looninlevering van 10%?

3.Zo ja, waar werd dit officieel bepaald?

4.Zo neen, van waar komt deze desinformatie en wat doet de geachte minister om deze foutieve informatie recht te zetten ten aanzien van het personeel?

5.Klopt de bewering dat de helft van de treinen niet kan uitrijden indien het NMBS-personeel een stiptheidsactie zou uitvoeren?

6.Zo ja, hoe erg is het gesteld met de kwaliteit van het rollend materieel en bijgevolg met de veiligheid van de reizigers?

7.Zo neen, wie verspreidt dergelijke foutieve informatie en wat onderneemt de geachte minister om de juiste informatie te geven aan het personeel?