BELGISCHE SENAAT
________
Zitting 2008-2009
________
20 mei 2009
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 4-3505

de Anke Van dermeersch (Vlaams Belang)

aan de minister van Justitie
________
Koninklijk besluit van 14 april 2009 tot bepaling van de veiligheidsvoorwaarden bij het opslaan, het voorhanden hebben en het verzamelen van vuurwapens of munitie - Strenge bepalingen - Probleem in geval van legitieme zelfverdediging
________
vuurwapen
persoonlijk wapen
noodweer
toepassing van de wet
handvuurwapens
________
20/5/2009Verzending vraag
25/11/2009Dossier gesloten
________
Heringediend als : schriftelijke vraag 4-5640
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 4-3505 d.d. 20 mei 2009 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Op 14 april 2009 verscheen het aangepaste koninklijk besluit van 24 april 1997 tot bepaling van de veiligheidsvoorwaarden bij het opslaan, het voorhanden hebben en het verzamelen van vuurwapens of munitie in het Belgisch Staatsblad. Het besluit dat onder andere handelt over het opslaan en voorhanden hebben van vuurwapens wordt aanzienlijk strenger. Daar waar voor gewone niet erkende personen, of particulieren die slechts een of enkele voorwapens hadden, geen verplichte veiligheidsmaatregelen voor het bewaren van hun wapens bestonden, legt de wetgever vanaf 25 april 2010 maatregelen op voor het bewaren van vuurwapens in huis.

Zo zullen in functie van het aantal wapens (1 tot 5; 6 tot 10 en 11 tot 30) maatregelen moeten worden genomen, gaande van het permanent per wapen aanbrengen van veiligheidssloten tot speciaal daartoe ontworpen wapenkluizen.

Het koninklijk besluit bepaalt onder andere ook dat wapens steeds ongeladen moeten worden bewaard, dat wapens en munitie niet ogenblikkelijk samen toegankelijk mogen zijn, …

Het koninklijk besluit maakt wat het ongeladen bewaren van vuurwapens betreft, een onderscheid tussen de burger die een wapenvergunning aanvroeg met het oog op het recreatief en sportief schieten en de burger die een gelijkaardige vergunning aanvroeg met als motief “ de persoonlijke verdediging van personen die een objectief en groot risico lopen en die aantonen dat het voorhanden hebben van een vuurwapen dit groot risico in grote mate beperkt en hen kan beschermen ”.

Dat laatste motief wordt in de praktijk bijzonder restrictief geïnterpreteerd. Derwijze dat de gewone burger die geen bijzondere risicovolle beroepsactiviteiten (zoals bijvoorbeeld juwelier) uitoefent op die grondslag eigenlijk nooit een vergunning voor een vuurwapen kan krijgen. Er rest hem in de praktijk dan nog enkel het motief recreatief en sportief schieten.

Deze wettige redenen tot het voorhanden hebben van vuurwapens door burgers worden radicaal doorgetrokken in het koninklijk besluit in kwestie. Zulks resulteert de facto in de absolute onmogelijkheid van burgers die vuurwapens houden waarmee ze aan recreatief of sportschieten doen, om zich bij nacht en ontij voor te bereiden (door het bewaren van een vuurwapen buiten de kluis, of zonder veiligheidsslot) om daden van agressie jegens zichzelf of andere personen, af te weren met de door hen voorhanden gehouden vuurwapens.

Graag had ik dan ook van de geachte minister geweten hoe de nieuwe maatregelen voor het wettelijk bewaren van vuurwapens in huis zich verhouden tot het geval waarin een particulier zich met een vuurwapen dat niet of niet volledig volgens de regels in huis werd bewaard, zou kunnen verdedigen op gewettigde wijze in de zin van de artikelen 416 en 417 van het Strafwetboek.

Voorts kreeg ik graag wat meer duidelijkheid omtrent sommige al te vage bepalingen. Zo is het niet duidelijk welk het verschil is tussen een “ slotvaste en in een stevig materiaal gemaakte wapenkast ” en een “ daarvoor ontworpen wapenkluis ”.

Ook is het allerminst duidelijk wat met deze bepaling in de praktijk moet worden aangevangen: “ het is verboden langer dan noodzakelijk werktuigen die een inbraak kunnen vergemakkelijken achter te laten in de nabijheid van de plaatsen waar wapens worden bewaard. ” Wat als een burger zijn vuurwapens in zijn kelder opslaat en hij in dezelfde ruimte ook een aantal werktuigen bewaart?