1-196

BELGISCHE SENAAT


GEWONE ZITTING 1997-1998
____


BEKNOPT VERSLAG


PLENAIRE VERGADERING

Namiddagvergadering - Donderdag 11 juni 1998

________



INHOUD




INOVERWEGINGNEMING

MONDELINGE VRAGEN
van de heer Hostekint (gratieverzoek voor Willy Sollie);
van de heer Destexhe (Europees beleid ten aanzien van Servië);
van de heer Foret (Vlaamse decreet-Suykerbuyk);
van de heer Van Hauthem (de rol die het Hof heeft gespeeld bij de overname van de Generale Bank);
van de heer Poty (het oprichten van dochtermaatschappijen in de banksector);
van de heer Olivier (rampenfonds voor slachtoffers van stormen);
van de heer Caluwé (gevaarlijke honden);
van de heer Devolder (verkoop via Internet van de Viagra-pil);
van de heer Loones (bestelling van dubbeldekstreinen);
van mevrouw Jeanmoye (kamers voor handelsonderzoek);
van de heer Vergote (wegkapitein voor groepen gespannen.)

REGELING VAN DE WERKZAAMHEDEN

NAAMSTEMMINGEN
over het wetsontwerp tot wijziging van de protestwet van 3 juni 1997;
over het wetsontwerp betreffende de sociale zekerheid van de grensarbeiders;
over het wetsvoorstel tot regeling van de exploitatie van zonnecentra;
over het wetsontwerp houdende wijziging van de procedure betreffende de oorlogspensioenen.

WETSONTWERP BETREFFENDE DE COLLECTIEVE SCHULDENREGELING EN DE MOGELIJKHEID VAN VERKOOP UIT DE HAND VAN DE IN BESLAG GENOMEN ONROERENDE GOEDEREN (Evocatieprocedure)
Aangehoudende stemmingen.

NAAMSTEMMINGEN
over het wetsontwerp betreffende de collectieve schuldenregeling en de mogelijkheid van verkoop uit de hand van de in beslag genomen onroerende goederen (evocatieprocedure);
over het wetsontwerp tot wijziging van de artikelen 628 en 1395 van het Gerechtelijk Wetboek;
over het wetsontwerp betreffende het aanvullend beschermings-certificaat voor gewasbeschermingsmiddelen (evocatieprocedure);
over het wetsontwerp tot wijziging van de artikelen 1481, 1483 en 1488 van het Gerechtelijk Wetboek betreffende het beslag inzake namaak.

WETSONTWERP TOT UITVOERING EN AANVULLING VAN DE WET VAN 2 MEI 1995 BETREFFENDE DE VERPLICHTING OM EEN LIJST VAN MANDATEN, AMBTEN EN BEROEPEN, ALSMEDE EEN VERMOGENSAANGIFTE IN TE DIENEN
Aangehouden stemmingen.

NAAMSTEMMING
over het wetsontwerp tot uitvoering en aanvulling van de wet van 2 mei 1995 betreffende de verplichting om een lijst van mandaten, ambten en beroepen, alsmede een vermogensaangifte in te dienen.

ONTWERP VAN BIJZONDERE WET TOT UITVOERING EN AANVULLING VAN DE BIJZONDERE WET VAN 2 MEI 1995 BETREFFENDE DE VERPLICHTING OM EEN LIJST VAN MANDATEN, AMBTEN EN BEROEPEN, ALSMEDE EEN VERMOGENSAANGIFTE IN TE DIENEN
Aangehouden stemmingen.

NAAMSTEMMINGEN
over het ontwerp van bijzondere wet tot uitvoering en aanvulling van de bijzondere wet van 2 mei 1995 betreffende de verplichting om een lijst van mandaten, ambten en beroepen, alsmede een vermogensaangifte in te dienen;
over het ontwerp tot herziening van artikel 103 van de Grondwet;
over het ontwerp tot herziening van artikel 125 van de Grondwet.

VRAGEN OM UITLEG
van de heer Van Goethem (dienst collectieve arbeidsbetrekkingen) aan de minister van tewerkstelling en arbeid, belast met het beleid van gelijke kansen voor mannen en vrouwen. (Sprekers : de heer van Goethem en mevrouw mevrouw Smet, minister van tewerkstelling en arbeid, belast met het beleid van gelijke kansen voor mannen en vrouwen);
van de heer Ph. Charlier (toestand in Burundi) aan de minister van buitenlandse zaken. (Sprekers : de heren Ph. Charlier en Derycke, minister van buitenlandse zaken.)

MONDELINGE VRAAG
van mevrouw Dardenne (opslagplaats voor radioactief afval.)

VRAGEN OM UITLEG
van mevrouw Lizin (situatie in Kosovo en rol die België kan spelen) aan de minister van buitenlandse zaken. (Sprekers : mevrouw Lizin, de heren Jonckheer en Derycke, minister van buitenlandse zaken);
van mevrouw Lizin (embargo tegen Irak) aan de minister van buitenlandse zaken. (Sprekers : mevrouw Lizin et de heer Derycke, minister van buitenlandse zaken);
van de heer Hostekint (resultaten van de interdepartementale werkgroep voor beschutte werkplaatsen) aan de minister van sociale zaken. (Sprekers : de heer Hostekint en mevrouw De Galan, minister van sociale zaken.)

INOVERWEGINGNEMING

INDIENING VAN WETSONTWERPEN

INDIENING VAN VOORSTELLEN

VERZOEKSCHRIFTEN

ARBITRAGEHOF





_____________







VOORZITTER : DE HEER MAHOUX,
EERSTE ONDERVOORZITTER


____



De vergadering wordt om 15.05 u. geopend.





INOVERWEGINGNEMING



De Voorzitter. - Aan de orde is thans de stemming over de inoverwegingneming van voorstellen.

U hebt de lijst van de verschillende in overweging te nemen voorstellen ontvangen met opgave van de commissies waarnaar het Bureau voornemens is ze te verwijzen.

Ik verzoek de leden die opmerkingen mochten willen maken, mij daarvan vóór het einde van de vergadering kennis te geven.

Indien intussen van geen bezwaren blijkt, worden die voorstellen in overweging genomen en verwezen naar de commissies die door het Bureau zijn aangeduid. (Instemming.)





MONDELINGE VRAGEN

Gratieverzoek voor Willy Sollie


De heer Hostekint (SP). - Vorig jaar werd de Belgische buschauffeur Willy Sollie door een rechtbank in Wit-Rusland tot 8 jaar gevangenisstraf veroordeeld wegens een dodelijk verkeersongeval. De straf werd door de Belgische publieke opinie als bijzonder onrechtvaardig bestempeld.

Mede door tussenkomst van volksvertegenwoordiger Sleeckx werd de straf in hoger beroep van 8 tot 5 jaar teruggebracht.

Inmiddels werd een gratieverzoek ingediend. De Senaat zou zijn goodwill kunnen tonen door een aantal verdragen met Wit-Rusland te ratificeren. Het partnerschaps- en samenwerkingsakkoord tussen de EG en Wit-Rusland werd op 17 juli 1997 geblokkeerd op verzoek van de regering.

Wat is het huidige standpunt van de regering tegenover de goedkeuring van dat samenwerkingsakkoord ? Welke bilaterale verdragen met Wit-Rusland werden door de regering tot op vandaag ondertekend ? Is de regering bereid om deze zo snel mogelijk ter instemming aan het parlement voor te leggen ? Is de minister bereid het gratieverzoek van Willy Sollie te steunen bij de president van Wit-Rusland ?

De heer Derycke, minister van buitenlandse zaken. - Ik bevestig dat wij deze zaak van nabij volgen. Op 16 mei werd de straf van acht tot vijf jaar teruggebracht en nu blijft er alleen nog de presidentiële gratie over. Wij menen dat de straf zwaar is maar we moeten rekening houden met de verschillen in het rechtssysteem. Wij verlenen maximale bijstand en hebben geregeld contact met de advocate van Sollie, zijn dochter, en met onze ambassade in Moskou. Het gratieverzoek wordt nu voorbereid. De familie heeft ook een brief aan de president gestuurd.

Het partenariaats- en samenwerkingsverdrag EU-Belarus werd op 6 maart 1995 ondertekend. Op 15 september 1997 besliste de raad van de EU de ratificatieprocedure op te schorten als deel van een reeks maatregelen in reactie op de zeer verontrustende politieke evolutie in Wit-Rusland. De Wit-Russische autoriteiten weigerden systematisch gevolg te geven aan herhaalde Europese verzoeken om een juridisch kader in te stellen conform de democratische principes en het respect voor de mensenrechten. De president ontbond het verkozen parlement in november 1996 en verving dit door een parlement waarvan de leden per presidentieel decreet werden aangesteld. Dat is voor Europa onaanvaardbaar. Er is anderzijds wel vooruitgang mogelijk inzake andere bilaterale akkoorden, onder meer inzake wegvervoer, luchtvaart en een verdrag ter vermijding van dubbele belasting.

Ik heb mijn collega's van financiën en vervoer gevraagd om de ratificatiedossiers zo snel mogelijk te vervolledigen.

Het verdrag ter vermijding van dubbele belasting zal volgende week in de Senaatscommissie worden behandeld. De twee andere verdragen zullen de komende weken bij de senaat worden ingediend.

Het gratieverzoek kan op mijn steun rekenen.

De heer Hostekint (SP). - Ik betwijfel de inspanningen van de minister niet. Volgens mijn informatie hecht Wit-Rusland veel belang aan het verdrag met België inzake wederzijdse investeringen. De goedkeuring ervan is ook in het belang van Belgische bedrijven. Een ondertekening van het verdrag zou zeer gunstig zijn voor het gratieverzoek van Sollie. Ik dring dan ook aan op een snelle ondertekening van dit verdrag.



Europees beleid ten aanzien van Servië


De heer Destexhe (PRL-FDF) (in het Frans). - Onlangs heeft de Europese Unie naar aanleiding van de toestand in Kosovo een aantal maatregelen getroffen waaronder de bevriezing van Servische tegoeden in België. Wat betekent dit ? Welke maatregelen zult u nemen, met name ten aanzien van de Joegoslavische ambassade te Brussel die momenteel door de Serviërs op illegale wijze bezet wordt ? Steunt u de uitsluiting van de federale Joegoslavische republiek uit de Wereldbeker ? Wat is de stand van zaken in de besprekingen binnen de NAVO over een eventueel militair ingrijpen ?

De heer Derycke, minister van buitenlandse zaken (in het Frans). - Op 8 juni jongstleden hebben de ministers van buitenlandse zaken een gemeenschappelijk standpunt ingenomen dat tot doel heeft de tegoeden van de Joegoslavische en de Servische regering in het buitenland te bevriezen. De bevoegde instanties van de commissie bereiden momenteel een richtlijn voor op basis waarvan de Belgische overheid de nodige maatregelen zal kunnen nemen voor de toepassing ervan.

Wat de ambassade te Brussel betreft, is het zo dat de vijf Staten die ontstaan zijn na de ontbinding van de Joegoslavische republiek als gelijkwaardige rechtsopvolgers van die republiek beschouwd worden. Een bijzondere werkgroep werd opgericht om een oplossing te vinden voor alle problemen in verband met de activa en de passiva van de Joegoslavische republiek.

De deelname van de nationale voetbalploeg van dit land aan de Wereldbekercompetitie verandert niets aan de Belgische houding.

Tijdens de laatste NAVO-raad hebben de ministers van buitenlandse zaken beslist hun werkzaamheden voort te zetten met betrekking tot de eventuele rol van de alliantie in de regio. Een eerste reeks maatregelen werd aangenomen en bestaat uit acties van « partnerschap voor vrede » in Albanië en in de voormalige Joegoslavische republiek Macedonië.

Militaire maatregelen om andere opties veilig te stellen worden nog steeds overwogen. Gelet op de gebeurtenissen heeft de NAVO-raad gevraagd om dit onderzoek te bespoedigen. Het spreekt vanzelf dat elke internationale militaire operatie moet passen binnen een internationaal wettelijk kader. De NAVO-raad heeft trouwens aan de VN gevraagd om een mandaat voor te bereiden onder het hoofdstuk VII.

De heer Destexhe (PRL-FDF) (in het Frans). - In de praktijk wordt de ambassade bezet door de Serviërs. Is dat niet in strijd met de wil om de Servische tegoeden in België te bevriezen ?

De heer Derycke, minister van buitenlandse zaken (in het Frans). - Juridisch is dat niet zo. De vijf opvolgers moeten het eens zijn. Het is niet denkbaar dat België alleen initiatieven zou nemen.



Vlaams decreet-Suyckerbuyk


De heer Foret (PRL-FDF) (in het Frans). - Op 2 april 1998 meende de Senaat eenparig, op zes onthoudingen na, dat het belangenconflict inzake het voorstel-Suykerbuyk betreffende de toelage voor collaborateurs niet vrij was van een bevoegdheidsconflict. Ondanks dit advies is dit voorstel onlangs door het Vlaams Parlement aangenomen. Dit decreet schendt ontegensprekelijk de bevoegdheden van de federale overheid en houdt geen rekening met de meest elementaire regels inzake federale loyaliteit. Het verleent immers amnestie aan oorlogsmisdadigers, terwijl dit op federaal vlak altijd geweigerd werd. De goedkeuring van dit decreet is een juridisch, moreel en politiek laakbare daad.

Bent u van plan deze zaak aanhangig te maken bij het Arbitragehof om het decreet te laten schorsen en vernietigen ?

De heer Dehaene, eerste minister (in het Frans). - Als een probleem met betrekking tot de uitsluitende bevoegdheid van gemeenschappen en gewesten op de agenda staat, houd ik mij aan een formele en institutionele aanpak van de problemen. Mijn verantwoordelijkheid bestaat erin de instellingen te doen werken. Dit decreet heeft bij de bespreking ervan een belangenconflict teweeggebracht. Het overlegcomité en de Senaat meenden dat er sprake kon zijn van een bevoegdheidsconflict en dat men er dus geen belangenconflict van moet maken.

Ook de Raad van State heeft twee negatieve adviezen geformuleerd volgens welke het voorstel van decreet de bevoegdheden van het Vlaamse Parlement te buiten ging. Toch is het decreet gisteren aangenomen. De federale regering heeft de gewoonte aangenomen om van een beroep op het Arbitragehof geen politieke daad te maken. Deze instelling is opgericht om de bevoegdheden op gerechtelijk gebied te omlijnen als dit niet mogelijk is op politiek gebied.

Als een bevoegd minister meent dat één van zijn bevoegdheden overschreden werd door een gewest of een gemeenschap, doet hij een beroep op het Arbitragehof om de knoop door te hakken. Ik veronderstel dat dit ook hiet het geval is, temeer daar wij over een advies van de Raad van State beschikken dat in die zin gaat.

De heer Foret (PRL-FDF) (in het Frans). - Ik dank de eerste minister voor zijn antwoord dat past in onze institutionele logica en gevolg geeft aan de stellingname van onze assemblée op 2 april ll.

Wat de grond betreft, wil ik een parallel maken tussen de rente van 1 880 frank per jaar, toegekend aan gemobiliseerden tijdens de Tweede Wereldoorlog, en de toelage die gisteren door de Vlaamse Raad werd goedgekeurd ten gunste van gewezen collaborateurs. Deze toelage bedraagt immers ongeveer 20 000 frank per jaar vermeerderd met 5 000 frank per persoon ten laste. Dat is volkomen immoreel en vraagt om een gepaste reactie.

Ik heb vandaag een voorstel van resolutie ingediend houdende een verzoek tot nietigverklaring of schorsing van het decreet van het Arbitragehof. Ik hoop dat andere partijen zich hierbij aansluiten.



Rol van het Hof
bij de overname van de Generale Bank


De heer Van Hauthem (Vlaams Blok). - Er zijn aanwijzingen dat bij de overname van de Generale Bank niet in de eerste plaats economische, maar politieke overwegingen hebben gespeeld. De pers vermoedt dat het Hof hierin een belangrijke rol heeft gespeeld. Onder meer Manu Ruys stelde in De Standaard van 9 juni dat er een onmiskenbare bemoeienis was van het Paleis.

Kan de eerste minister dit bevestigen ? Waarom is het Hof opgetreden ? Kan de eerste minister het eenzijdig optreden van het Hof met zijn ministeriële verantwoordelijkheid dekken ?

De heer Dehaene, eerste minister. - Bij mijn weten is het Hof niet opgetreden bij de overname van de Generale Bank. Het citaat is enkel een sfeerschepping.

De heer Van Hauthem (Vlaams Blok). - De weigering om de heer Kalff, voorzitter van de raad van bestuur van ABN-Amro, op het Paleis te ontvangen, wijst op de machtspolitiek die uitgaat van het Hof. Volgens de Financieel Economische Tijd kon Fortis rekenen op de politici, het Hof en de gouverneur van de Nationale Bank. De krant geeft de indruk dat het hier gaat om een algemene mobilisatie van het establishment dat ten allen prijze zijn positie wil behouden. De krant verwijst in dat verband naar de audiëntie die de Koning verleende aan de gouverneur van de Nationale Bank en aan de minister van financiën. Het gaat niet op dat de eerste minister zonder meer de artikels van de heer Ruys en anderen als sfeerschepping bestempeld. Ik geloof niet dat het Hof geen rol zou hebben gespeeld. Het gaat niet op dat het Hof een politieke rol vervult waarover geen verantwoording wordt afgelegd. Ik kan geen geloof hechten aan de beweringen van de eerste minister tenzij het Hof op eigen houtje zou hebben gehandeld.

De heer Dehaene, eerste minister. - De citaten wijzen op geen enkel concreet feit behalve dan dat de heer Kalff niet op het Paleis werd ontvangen. Wat was er hier gezegd indien dit wel het geval was geweest ?



Het oprichten van dochtermaatschappijen
in de banksector


De heer Poty (PS) (in het Frans). - Tegelijk met de fusies van de grote bankinstellingen met het onverholen doel om reusachtige instellingen op Europese schaal tot stand te brengen, worden veel dochterondernemingen opgericht met de meest diverse doelstellingen. Die dochterondernemingen zouden soms niet alleen voor rekening van de moederonderneming werken maar soms ook in eigen naam en zulks zonder dat men duidelijk kan vaststellen of zij dat al dan niet krachtens een mandaat doen.

De oprichting van dochterondernemingen lijkt in feite ingegeven door andere dan louter economische overwegingen. Misschien is ze ingegeven door de bedoeling om aan de sociale wetgeving te ontsnappen.

Hoe groot is dat fenomeen ? Welke taken worden aan die onderscheiden dochterondernemingen opgedragen ? Handelen die ondernemingen in hun eigen naam ? Is de hele wetgeving die voor de banksector geldt ook op die dochterondernemingen van toepassing ?

De heer Maystadt, vice-eerste minister en minister van financiën en buitenlandse handel (in het Frans). - In algemene regel gebeurt de oprichting van dochterondernemingen in een streven naar en in het kader van een micro-economische realiteit die ertoe aanzet gespecialiseerde « vakken » uit de banksector in afzonderlijke entiteiten onder te brengen. Die tendens is niet strijdig met de tendens tot integratie en consolidatie in de sector.

Die wetgeving betreffende de jaarrekeningen van de kredietinstellingen bepaalt dat elk van die instellingen een lijst moet overleggen van de ondernemingen waarin ze een participatie heeft. De onderscheiden activiteiten van de dochterondernemingen van de bankinstellingen sluiten in principe aan bij de bankactiviteit. Die activiteiten hebben soms betrekking op activiteiten ter ondersteuning van de bank- of verzekeringsactiviteit.

Er zijn geen macro-economische inlichtingen voorhanden waaruit voor die dochterondernemingen gegevens betreffende hun activiteiten kunnen worden afgeleid. In vele gevallen handelen die dochterondernemingen in eigen naam en voor eigen rekening. In sommige gevallen handelen zij onder waarborg van de moederonderneming. In dit verband beschikken wij over geen cijfers, uitgezonderd de informatie die de kredietinstellingen krachtens het jaarrekeningenrecht moeten bekendmaken.

Wat de wetgeving inzake prudentiêle bankcontrole betreft, zijn de kredietinstellingen met dochterondernemingen krachtens de wet van 22 maart 1993 onderworpen aan een controle op sociale en geconsolideerde basis. De wetgeving bepaalt zelfs dat de geconsolideerde controle ook geldt voor financiële groepen onder de koepel van een bankholding. De geconsolideerde controle houdt niet in dat de dochterondernemingen van een kredietinstelling die zelf geen bank zijn, onderworpen zijn aan een prudentiële controle op sociale basis.

De heer Poty (PS) (in het Frans). - Ik dank de minister voor zijn antwoord. Het oprichten van dochterondernemingen is een belangrijk fenomeen. In de komende maanden moeten wij daar aandacht aan besteden, aangezien de arbeidsvoorwaarden voor de werknemers van de dochterondernemingen niet dezelfde zijn als die in de moederonderneming. Deze kwestie is des te belangrijker daar de vakbonden een herziening van de arbeidsvoorwaarden in de dochterondernemingen vragen.



Rampenfonds voor de slachtoffers van stormen


De heer Olivier (CVP). - Zaterdag werd ons land getroffen door een zwaar onweer. Het centrum van het noodweer situeerde zich in Zuid-West-Vlaandeen. Gebouwen, dakramen, veranda's en serres liepen zware storm- en hagelschade op.

De wet van 12 juli 1976 voorziet in een mogelijke vergoeding bij uitzonderlijke natuurverschijnselen. Aan alle criteria die voor de vergoeding zijn vastgelegd, werd voldaan : dergelijk noodweer deed zich sinds mensenheugenis niet meer voor; de schade loopt per geval van enkele tienduizenden tot in de miljoenen frank en de schade was vooral sterk gelokaliseerd. Enkele gemeenten waaronder Kortrijk en Zwevegem dienden reeds een aanvraag in die werd ondersteund door de gouverneur van de provincie West-Vlaanderen.

Welke gemeenten deden reeds een aanvraag ? Wordt het uitzonderlijk karakter van het noodweer erkend door het KMI ? Zal een ontwerp van koninklijk besluit tot erkenning van het noodweer als algemene ramp aan de Ministerraad worden voorgelegd ? Zo ja, welke gemeenten zullen deel uitmaken van de geografische omschrijving in het besluit ? Wanneer zal hierover uitsluitsel worden bekomen ?

De heer Pinxten, minister van landbouw en de kleine en middelgrote ondernemingen. - De erkenning van natuurrampen tot algemene ramp of tot landbouwramp is geregeld bij wet van 12 juli 1976.

Een landbouwramp heeft betrekking op de schade veroorzaakt aan de landbouw- en tuinbouwgronden, aan de teelten, de oogsten en de voor de landbouw nuttige dieren. Dit valt onder de bevoegdheid van de minister van landbouw.

Een algemene ramp omvat onder meer de schade aan gebouwen en aan goederen die gebruikt worden voor de uitbating van ondernemingen. Dit valt onder de bevoegdheid van de minister van binnenlandse zaken, maar de staatssecretaris voor veiligheid is bevoegd voor alle niet-politionele veiligheidsaspecten.

Er is sprake van een ramp indien de gebeurtenis een uitzonderlijk karakter vertoont, dat wil zeggen dat ze slechts eenmaal om de twintig jaar voorkomt. De staatssecretaris heeft aan het KMI advies gevraagd met betrekking tot het uitzonderlijk karakter van het noodweer van zaterdag 6 juni jl.

In het koninklijk besluit van 14 juli 1977 wordt hagelschade uitgesloten van de toepassing van de wet van 1976. De reden hiervoor is dat men zich tegen hagelschade kan verzekeren.

De totale schade die zaterdag werd geleden zou minstens 50 miljoen bedragen. Er wordt overleg gepleegd tussen het kabinet van de heer Peeters en mijn eigen kabinet met betrekking tot de vraag of aan de erkenningscriteria is voldaan.

De heer Olivier (CVP). - Uit het antwoord van de minister blijkt dat hij met het dossier bezig is. Wanneer zullen het kabinet van de minister van landbouw en het kabinet van de staatssecretaris voor veiligheid uitsluitsel kunnen geven over de vraag of aan de criteria is voldaan ?

De heer Pinxten, minister van landbouw en de kleine en middelgrote ondernemingen. - De wet is duidelijk : het initiatief voor een vraag tot schadevergoeding moet afkomstig zijn van de gemeentebesturen en de provinciegouverneur.

De heer Olivier (CVP). - Tot welke minister moet de aanvraag worden gericht ? Ik heb vernomen dat Zwevegem een aanvraag bij de minister van binnenlandse zaken heeft ingediend, maar de minister schijnt hier niet van op de hoogte te zijn.

De heer Pinxten, minister van landbouw en de kleine en middelgrote ondernemingen. - Ik ben inderdaad niet op de hoogte van een aanvraag van de gemeente Zwevegem.



Gevaarlijke honden


De heer Caluwé (CVP). - Recentelijk werden wij opgeschrikt door een aantal incidenten met gevaarlijke honden.

Het is zinvol om na te denken over mogelijke maatregelen vooraleer het probleem uit de hand loopt.

Een drastisch beleid dat erop is gericht om de pitbull als ras uit te roeien is misschien niet wenselijk.

Het is immers niet bij de hond dat het probleem ligt, maar veeleer bij sommige eigenaars. Roeit men de pitbulls uit, dan zullen ze snel worden vervangen door een ander ras dat men even gevaarlijk kan maken, terwijl veel houders van pitbulls helemaal geen misbruik maken van de capaciteiten van hun hond.

Graag had ik van de minister vernomen welke beleidsmaatregelen hij ziet om dit probleem in de hand te houden. Welke mogelijkheden biedt de huidige wetgeving ? Over welke mogelijkheden beschikken de burgemeesters ?

Ziet de minister in het identificatiesysteem dat binnenkort operationeel wordt, mogelijkheden om het probleem van de gevaarlijke honden onder controle te houden ?

Bestaat bijvoorbeeld de mogelijkheid om dit identificatiesysteem voor bepaalde hondenrassen sneller in werking te laten treden en op grond van dit systeem het houden van potentieel gevaarlijke hondenrassen aan een vergunning te onderwerpen ?

De heer Pinxten, minister van landbouw en de kleine en middelgrote ondernemingen. - De pitbull behoort niet tot de zogenaamd erkende rassen. Uit navraag bij mijn diensten blijkt dat er tien tot twaalf hondenrassen bestaan die agressief gedrag kunnen vertonen.

In de media is veel aandacht besteed aan incidenten met gevaarlijke honden. Wij beschikken evenwel niet over precieze gegevens over het aantal honden in ons land of over de verdeling van het aantal honden per ras.

Momenteel loopt een onderzoek uitgevoerd door de werkgroep Ethologie van de Vereniging van dierenartsen bij een aantal dierenartsen, artsen en hospitalen. Aan de hand van dit onderzoek wil men een precies beeld krijgen van het probleem.

Ik heb advies gevraagd aan de Raad voor dierenwelzijn. Deze raad besluit in zijn rapporten van april 1993 en augustus 1994 dat het gevaar van bepaalde honden niets te maken heeft met een bepaald ras maar met kenmerken van een bepaalde hond en van zijn eigenaar.

Vandaag lijkt het niet aangewezen om een radicale oplossing zoals een verbod tot het houden van een bepaald ras voor te stellen. De redenen hiervoor zijn dat gevaarlijke honden niet tot een bepaald ras behoren, dat er een verschuiving naar een ander ras zal optreden indien men een bepaald ras verbiedt en dat een verbod het illegaal fokken in de hand werkt.

Er kan wel een responsabiliseringscampagne gevoerd worden die gericht is naar de eigenaars van de dieren.

Een eerste stap bestaat in de verplichte identificatie via registratie. Het staat al vast dat zal gebeuren vanaf 1 september 1998 maar enkel voor honden die na die datum geboren of verhandeld worden. Het is aangewezen om dit uit te breiden tot bepaalde hondentypen en ik geef daarbij de voorkeur aan een federale aanpak. Vervolgens zouden voorwaarden kunnen worden gesteld inzake leeftijd en eerbaarheid van de eigenaar, de begeleiding van honden zoals een muilband en een verzekering tegen burgerlijke aansprakelijkheid. Tenslotte kan de intimidatie door een hond gelijk worden gesteld met een vuurwapen. Het is mijn bedoeling om op 1 september met de registratie van pitbulls te starten. Zonodig zal deze maatregel voor andere soorten worden herhaald. Voor dat alles is overleg nodig met binnenlandse zaken en de gemeentebesturen.

De heer Caluwé (CVP). - Ik steun het identificatiesysteem vanaf 1 september voor pitbulls. Daardoor kan men ook onmiddellijk optreden wanneer de situatie ernstiger dan op het ogenblik wordt.



Verkoop via Internet van de Viagrapil


De heer Devolder (VLD). - In december 1997 stelde ik reeds een schriftelijke vraag over reclame voor en verkoop van geneesmiddelen via Internet. Ik vroeg wat het resultaat was van de resolutie die de minister indiende bij de WGO en de op voorstel van België opgerichte werkgroep.

Ik kreeg daarop nog geen antwoord. De media brachten onlangs de handel van de Viagrapil via Internet aan het licht, onder meer via Amerikaanse postorderbedrijven. De pil is in ons land nog niet goedgekeurd. Volgens college Destexhe zijn er in ons land 200 000 potentiële gebruikers. Het bestellen van het middel via Internet zal ongetwijfeld toenemen. De pillen mogen enkel op voorschrift worden afgeleverd. Sommige websides leveren pillen na het faxen van een doktersvoorschrift, terwijl tegelijk een on line consultatie en voorschrift mogelijk zijn.

Viagra wordt overal ter wereld aangeboden zonder in een aantal landen geregistreerd te zijn. Dit doet vragen rijzen. Is de persoon aan de andere kant van de lijn een dokter ? Geldt het doktersdiploma ook bij ons ? Heeft hij zicht op de lichamelijke conditie en eventueel contraindicaties ? Wat met de medische verantwoordelijkheid ? Dit probleem toont aan waartoe het ontbreken van internationale regels aanleiding kan geven. Welke initiatieven overweegt de minister terzake ? Liggen Europese initiatieven klaar ? Zal de WGO het voortouw nemen.

De heer Colla, minister van volksgezondheid en pensioenen. - Dit probleem werd reeds anderhalf jaar geleden aangekaart om bepaalde perverse gevolgen van de moderne technologie tegen te gaan. Er is een reëel gevaar voor de volksgezondheid. In België zelf volstaat onze wetgeving. Ik heb het probleem ter sprake gebracht op Europees niveau maar ook dat niveau is nog te klein. In 1997 werd door de WGO een resolutie goedgekeurd en een werkgroep opgericht. Dit leidde tot een nieuwe resolutie die de lidstaten oproept hun wetgeving aan te passen, informatie te verspreiden en de patiënt op de hoogte te brengen van de gevaren.

Voorzitter : de heer Swaelen


Deze eerste stap is onvoldoende.

De Viagrapil maakt het voorwerp uit van een Europese registratie. Ik wijs wel op de therapeutische vrijheid waardoor de pil in de apotheek kan worden aangeschaft.

De heer Devolder (VLD). - Ik meen dat er op Europees vlak genoeg directieven voorhanden zijn om in andere landen op te treden. Wil de administratie wel optreden ? Op 9 mei 1997 werd onder meer op voorstel van België een initiatief in de WGO genomen wat tot een resolutie heeft geleid. Ik verzoek de minister bij de WGO aan te dringen op juridische stappen tegenover overtreders.



Bestelling van dubbeldektreinen


De heer Loones (VU). - Om het hoofd te bieden aan de moeilijkheden bij het spoor zou de NMBS 200 comfortabele dubbeldekrijtuigen voor het piekverkeer bestellen. Er zouden onderhandelingen aan de gang zijn met de constructeur BN. De bestelling is van levensbelang voor het behoud van de vestigingen van BN in Brugge en Manage.

Wanneer valt de beslissing over de bestelling van de dubbeldekrijtuigen ? Geeft de NMBS de voorkeur aan Siemens ? Geeft de regering de voorkeur aan BN ? Zal bij de bestelling rekening worden gehouden met de belangen van de Belgische vestigingen van BN ? Is het juist dat de NMBS koppelings- en ontkoppelingsproblemen heeft met het huidig materieel van BN ? Is het anderzijds niet zo dat het BN-materieel kwalitatief beter is dan dat van buitenlandse concurrenten ?

De heer Daerden, minister van vervoer. - Uit het verslag van de regeringscommissaris blijkt dat de raad van bestuur van de NMBS prioriteit wil geven aan het comfort en de design, op voorwaarde dat de offerte financieel interessant blijft. Daarom werd beslist onderhandelingen te starten met het consortium Bombardier-Gec Alsthom. Op 17 juli 1998 zal de raad van bestuur het resultaat van de onderhandelingen evalueren en in functie daarvan de aankoopprocedure voortzetten.

Enkel de objectieve criteria die opgenomen zijn in het lastenboek, worden in aanmerking genomen. De gunning gebeurt volgens de wetgeving op de overheidsopdrachten. De regeringscommissaris waakt vooral over de wettelijkheid van de gevolgde procedure.

Het onlangs door Bombardier geleverde materieel beantwoordt volgens de NMBS aan de normen en specificaties. Er zijn geen systematische problemen bij het koppelen en ontkoppelen. Al het rijdend materieel van de NMBS beantwoordt aan de technische, veiligheids- en kwaliteitsnormen.

De heer Loones (VU). - Wordt de beslissing politiek beïnvloedt of beslist de NMBS alleen ?

De heer Daerden, minister van vervoer (in het Frans). - Deze beslissing werd genomen op basis van een bestek en objectieve criteria, zonder politieke tussenkomst.



Kamers voor handelsonderzoek


Mevrouw Jeanmoye (PSC) (in het Frans). - De wetten op het faillissement en het gerechtelijk akkoord hebben officieel kamers voor handelsonderzoek ingesteld die belast zijn met het opsporen van handelaars in moeilijkheden. Het onderzoek van de dossiers wordt toevertrouwd aan een beroepsrechter in handelszaken of aan een consulair rechter, met de beperking dat de rechter die het onderzoek heeft gevoerd niet mag meewerken aan de eventuele faillissementsprocedure. De keuze om het onderzoek toe te vertrouwen aan een consulair of een beroepsrechter is fundamenteel en onontbeerlijk. In de praktijk bestaat deze keuze niet meer in de kleine gerechtelijke arrondissementen die maar één beroepsrechter in handelszaken hebben, omdat die rechter eventueel zitting moet hebben in de zaak ten gronde.

Die arrondissementen worden ook geconfronteerd met belangrijke faillissementen, waarvoor het nodig is dat de kamer voor onderzoek op gemengde wijze is samengesteld. Het wetsvoorstel tot uitbreiding van de formaties biedt een oplossing voor de situatie van de arrondissementen Ieper en Veurne, want zij hebben een extra handelsrechter gekregen. Welke oplossing overweegt u voor de andere arrondissementen ?

De heer Van Parys, minister van justitie (in het Frans). - De rechtbanken van koophandel van Hoei en Aarlen-Neufchâteau worden inderdaad slechts door één rechter bediend. De benoeming van een extra rechter is inderdaad in het vooruitzicht gesteld voor de rechtbank van koophandel van Ieper-Veurne. Wat de rechtbanken van koophandel van Hoei en Aarlen-Neufchâteau betreft, heb ik vastgesteld dat het Hof van beroep van Luik beslist heeft, bij het toekennen van de vacante ambten van toegevoegd rechter, voorrang te geven aan de rechtbanken van eerste aanleg. Ik wijs het geachte lid erop dat het Gerechtelijk Wetboek middelen bevat om deze toestand te verhelpen. Zo kan een beroep worden gedaan op plaatsvervangende rechters of kan een rechter tijdelijk worden gedelegeerd.

Ik herinner eraan dat de Octopusakkoorden voorzien in de aanpassing van de gerechtelijke arrondissementen, de oprichting van arrondissementsrechtbanken de horizontale mobiliteit van de magistraten. Een uitbreiding van de formatie van de rechtbank van koophandel van Luik is in het vooruitzicht gesteld. Met toepassing van het Octopusakkoord zal deze rechter voor verschillende arrondissementen worden benoemd.



Wegkapitein voor groepen gespannen


De heer Vergote (VLD). - Het koninklijk besluit van 1 december 1975 regelt de begeleiding van wegkapiteins voor wielertoeristen in groep. Hetzelfde koninklijk besluit voorziet ook in een reglement voor gespannen. Het zou interessant zijn, in het belang van de veiligheid van de groep, om ook voor gespannen wegkapiteins in te schakelen. Wat denkt de minister van dit voorstel en wanneer zal dit eventueel in de reglementering worden opgenomen ?

De heer Peeters, staatssecretaris voor veiligheid en voor maatschappelijke integratie en leefmilieu. - Het verkeersreglement schrijft voor dat er voor gespannen op de openbare weg zoveel begeleiders moeten zijn als voor de veiligheid van het verkeer vereist is. Zodra er meer dan 5 dieren zijn ingespannen moet de begeleider door een bestuurder vergezeld zijn. Er is geen bezwaar tegen de aanwezigheid van een begeleider bij een groep van gespannen. In tegenstelling tot de begeleider kunnen de wegkapiteins bij groepen wielertoeristen los van de karavaan fungeren.

Ik ben geen voorstander van een wijziging van het verkeersreglement omdat we moeten vermijden steeds meer personen met bepaalde specifieke bevoegdheden inzake verkeersregeling te benoemen. De begeleiders kunnen evengoed als wegkapiteins zorgen voor de veiligheid tijdens de tocht. De weggebruikers moeten vertragen wanneer trek-, last- en rijdieren de openbare weg zien naderen en ze moeten stoppen wanneer de dieren tekenen van angst vertonen.

Groepsgewijze verplaatsingen met gespannen zijn niet zo frequent zodat het aantal eventuele ongevallen geen aanleiding kan geven tot een wijziging van de regeling.

De heer Vergote (VLD). - Ik betreur dat de staatssecretaris geen gevolg wil geven aan mijn voorstel. Dit is pure discriminatie tegenover een ganse groep sportbeoefenaars.





REGELING VAN DE WERKZAAMHEDEN



De Voorzitter. - Het Bureau stelt voor dat de Senaat op donderdag 18 juni, om 9 uur, vergadert. Op de agenda staat eerst de vraag om uitleg van de heer Hatry aan de vice-eerste minister en minister van financiën en buitenlandse handel, over « de juistheid van de door de BBI gepubliceerde cijfers ». Vervolgens behandelen wij het wetsontwerp tot bekrachtiging van het koninklijk besluit van 2 april 1998 tot hervorming van de beheersstructuren van de luchthaven Brussel-Nationaal, genomen met toepassing van de wet van 19 december 1997 tot rationalisering van het beheer van de luchthaven Brussel-Nationaal en het voorstel van bijzondere wet tot regeling van de strafrechtelijke aansprakelijkheid van leden van een Gemeenschaps- of Gewestregering. Tenslotte horen wij de vraag om uitleg van de heer Anciaux aan de eerste minister, over « een miljardensubsidie van de federale regering aan het Europees Parlement voor het Leopold-complex ».

's Namiddags om 14.30 uur, na de inoverwegingneming van voorstellen, horen wij de mondelijke vragen. Vanaf 16 uur vindt de naamstemming plaats over het geheel van het afgehandelde wetsontwerp en de naamstemming over het voorstel van bijzondere wet tot regeling van de strafrechtelijke aansprakelijkheid van leden van de Gemeenschaps- of Gewestregering.

Tenslotte wordt voorgesteld om 17 uur een buitengewone vergadering te houden voor het huldebetoon aan de heren Frank Swaelen en Charles-Ferdinand Nothomb, voor hun dertigjarig ambtsjubileum, evenals aan de heren Robert Urbain en André Bourgeois, naar aanleiding van hun vijfentwintigjarig ambtsjubileum. (Instemming.)





NAAMSTEMMINGEN



- Het wetsontwerp tot wijziging van de protestwet van 3 juni 1997 wordt met 57 stemmen tegen 1 stem aangenomen.



Voor hebben gestemd : de leden :

Anciaux, Bourgeois, Buelens, Caluwé, Cantillon, Ceder, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Coene, Cornet d'Elzius, Coveliers, Daras, Dardenne, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, Desmedt, D'Hooghe, Erdman, Goris, Happart, Hatry, Hazette, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Jonckheer, Lallemand, Lizin, Loones, Mahoux, Maximus, Merchiers, Moens, Nelis-Van Liedekerke, Nothomb, Pinoie, Poty, Raes, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Urbain, Vandenberghe, Vandenbroeke, Van der Wildt, Van Goethem, Van Hauthem, Vautmans, Vergote, Verhofstadt, Verreycken, Weyts, Willame-Boonen.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Mayence-Goossens,

- Dat ontwerp zal aan de Koning ter bekrachtiging worden voorgelegd.

De heer Hatry (PRL-FDF) (in het Frans). - Ik vraag dat de neen-stem uitgebracht in naam van mevrouw Mayence geschrapt wordt. Ik heb mij immers van plaats vergist, en ik wilde ja stemmen.

De Voorzitter. - Wij stemmen nu over het wetsvoorstel betreffende de sociale zekerheid van de grensarbeiders.

De heer Coene (VLD). - De VLD zal dit voorstel goedkeuren omdat de grensarbeiders niet het slachtoffer mogen zijn van verschillen in fiscaliteit en parafiscaliteit tussen België en zijn buurlanden. Toch betreurt de VLD dat er geen permanente oplossing uit de bus is gekomen. De oplossing die thans wordt gegeven is op lange termijn niet houdbaar.

- Het wetsvoorstel wordt eenparig aangenomen door de 50 aan de stemming deelnemende leden; 7 leden hebben zich onthouden.



Voor hebben gestemd : de leden :

Anciaux, Bourgeois, Boutmans, Caluwé, Cantillon, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Coene, Coveliers, Daras, Dardenne, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, D'Hooghe, Erdman, Goris, Happart, Hatry, Hazette, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Jonckheer, Lallemand, Lizin, Loones, Maximus, Merchiers, Moens, Nelis-Van Liedekerke, Nothomb, Pinoie, Poty, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Urbain, Vandenberghe, Vandenbroeke, Van der Wildt, Van Goethem, Vautmans, Vergote, Verhofstadt, Weyts, Willame-Boonen.



Onthouden hebben zich : de leden :

Buelens, Ceder, Cornet d'Elzius, Desmedt, Raes, Van Hauthem, Verreycken.

De heer Desmedt (PRL-FDF) (in het Frans). - Ik heb mij vergist. Ik heb mij onthouden, maar wilde ja stemmen.

Mevrouw Cornet d'Elzius (PRL-FDF) (in het Frans). - Ik heb mij ook vergist. Ook ik wilde ja stemmen.

De heer Verreycken (Vlaams Blok). - Wij begrijpen niet waarom wij dit voorstel zouden moeten goedkeuren zolang de huidige scheeftrekkingen blijven bestaan. Het betreft hier overigens volgens ons een bevoegdheid van de gemeenschappen.

De Voorzitter. - Aan de orde is de stemming over het wetsvoorstel tot regeling van de exploitatie van zonnecentra.

Mevrouw Nelis-Van Liedekerke (VLD). - De VLD zal dit wetsvoorstel niet goedkeuren. Het is een schoolvoorbeeld van overregulering en betutteling van de burger door de overheid. Het wetsvoorstel schiet zijn doel volledig voorbij.

In plaats van ingewikkelde maatregelen pleiten wij voor duidelijke preventiecampagnes om de burger in te lichten over de potentiële gevaren van de zon en de zonnebank.

De maatregelen die het gebruik van zonnebanken in zonnecentra aan banden leggen zullen een verschuiven naar het thuisgebruik met zich meebrengen. De zonnekloppers op stranden en terrassen kunnen ook verder ongemoeid zonnekloppen.

Het verplicht opleggen door de overheid van een opleiding voor de exploitanten van zonnecentra biedt weinig garantie voor meer informatie en kwaliteit voor de klant.

Dit wetsvoorstel betekent de doodsteek voor de onbemande zonnecentra. Er werd volgens ons onvoldoende rekening gehouden met de sociaal-economische gevolgen die de omschakeling voor de uitbaters van de onbemande zonnecentra met zich meebrengt.

Met onze amendementen hebben wij een aantal ongerijmdheden willen wegwerken, maar wij kunnen het voorstel in zijn huidige vorm onmogelijk goedkeuren. (Applaus bij de VLD.)

De heer Loones (VU). - Wij hebben begrip voor de bezorgdheid van de indieners van dit wetsvoorstel maar het blijft voor ons teveel hangen in de sfeer van betutteling. Bovendien is er sprake van een bevoegdheidsoverschrijding aangezien opleidingen tot de bevoegdheid van de gemeenschappen behoren. Tenslotte vinden wij het repressief karakter van het wetsvoorstel negatief. Strafsancties hebben hier geen zin. (Applaus bij VU, VLD en PRL-FDF.)

De heer Hatry (PRL-FDF) (in het Frans). - Wij hebben ons onthouden omdat het informatieve voorstel van de heer Destexhe niet in aanmerking is genomen. Daarenboven zijn wij het eens met de bezwaren van mevrouw Nélis.

Ondanks bepaalde aspecten menen wij dat het voorstel van de heer Charlier een vooruitgang betekent. Daarom zullen wij ons onthouden.

- Het wetsvoorstel tot regeling van de exploitatie van zonnecentra wordt met 45 tegen 12 stemmen aangenomen; 6 leden hebben zich onthouden.



Voor hebben gestemd : de leden :

Bourgeois, Boutmans, Buelens, Caluwé, Cantillon, Ceder, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Daras, Dardenne, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, D'Hooghe, Erdman, Happart, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Jonckheer, Lallemand, Lizin, Mahoux, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nothomb, Pinoie, Poty, Raes, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Urbain, Vandenberghe, Van der Wildt, Van Goethem, Van Hauthem, Verreycken, Weyts, Willame-Boonen.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Anciaux, Coene, Coveliers, Devolder, Goovaerts, Goris, Loones, Nelis-Van Liedekerke, Vandenbroeke, Vautmans, Vergote, Verhofstadt.



Onthouden hebben zich : de leden :

Bock, Cornet d'Elzius, Desmedt, Destexhe, Hatry, Hazette.

- Het wetsvoorstel zal aan de Kamer van volksvertegenwoordigers worden overgezonden.

- Als gevolg van deze stemming vervalt het wetsvoorstel strekkende om de exploitatie van de klanten en de exploitanten van zonnecentra een groter verantwoordelijkheidsbesef bij te brengen.

- Het wetsontwerp houdende wijziging van de procedure betreffende de oorlogspensioenen wordt eenparig door de 57 aan de stemming deelnemende leden aangenomen; 6 leden hebben zich onthouden.



Voor hebben gestemd : de leden :

Anciaux, Bock, Bourgeois, Boutmans, Caluwé, Cantillon, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Coene, Cornet d'Elzius , Coveliers, Daras, Dardenne, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, Desmedt, Destexhe, Devolder, D'Hooghe, Erdman, Goovaerts, Goris, Happart, Hatry, Hazette, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Jonckheer, Lallemand, Lizin, Mahoux, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nelis-Van Liedekerke, Nothomb, Pinoie, Poty, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Urbain, Vandenberghe, Vandenbroeke, Van der Wildt, Van Goethem, Vautmans, Vergote, Verhofstadt, Weyts, Willame-Boonen.



Onthouden hebben zich : de leden :

Buelens, Ceder, Loones, Raes, Van Hauthem, Verreycken.

- Het wetsontwerp zal aan de Koning ter bekrachtiging worden voorgelegd.

De heer Loones (VU). - De VU-fractie is het eens met een verruiming van de rechten van mensen die hebben geleden onder de oorlogsrepressie. Wij vragen echter ook meer begrip voor mensen die ook het slachtoffer waren van de oorlogsomstandigheden als gevolg van verkeerde beslissingen en als gevolg van een weigering tot enige vorm van verzoening.





WETSONTWERP BETREFFENDE DE COLLECTIEVE SCHULDENREGELING EN DE MOGELIJKHEID VAN VERKOOP UIT DE HAND VAN DE IN BESLAG GENOMEN ONROERENDE GOEDEREN (Evocatieprocedure)


Aangehouden stemmingen


- Met een meerderheid van 40 stemmen tegen 15 wordt het amendement nr. 3 van de heren Hatry en Coene niet aangenomen; 8 leden hebben zich onthouden.



Voor hebben gestemd : de leden :

Bock, Coene, Cornet d'Elzius, Coveliers, Desmedt, Destexhe, Devolder, Goovaerts, Goris, Hatry, Hazette, Nelis-Van Liedekerke, Vautmans, Vergote, Verhofstadt.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Bourgeois, Boutmans, Caluwé, Cantillon, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Daras, Dardenne, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, D'Hooghe, Erdman, Happart, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Jonckheer, Lallemand, Lizin, Mahoux, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nothomb, Pinoie, Poty, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Urbain, Vandenberghe, Van der Wildt, Van Goethem, Weyts, Willame-Boonen.



Onthouden hebben zich : de leden :

Anciaux, Buelens, Ceder, Loones, Raes, Vandenbroeke, Van Hauthem, Verreycken.

- Met een meerderheid van 40 stemmen tegen 14 wordt het amendement nr. 30 van de heer Coene niet aangenomen; 8 leden hebben zich onthouden.



Voor hebben gestemd : de leden :

Bock, Cornet d'Elzius, Coveliers, Desmedt, Destexhe, Devolder, Goovaerts, Goris, Hatry, Hazette, Nelis-Van Liedekerke , Vautmans, Vergote, Verhofstadt.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Bourgeois, Boutmans, Caluwé, Cantillon, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Daras, Dardenne, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, D'Hooghe, Erdman, Happart, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Jonckheer, Lallemand, Lizin, Mahoux, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nothomb, Pinoie, Poty, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Urbain, Vandenberghe, Van der Wildt, Van Goethem, Weyts, Willame-Boonen.



Onthouden hebben zich : de leden :

Anciaux, Buelens, Ceder, Loones, Raes, Vandenbroeke, Van Hauthem, Verreycken.

- Met een meerderheid van 40 stemmen tegen 15 wordt het amendement nr. 2 van de heren Hatry en Coene niet aangenomen; 8 leden hebben zich onthouden.



Voor hebben gestemd : de leden :

Bock, Coene, Cornet d'Elzius, Coveliers, Desmedt, Destexhe, Devolder, Goovaerts, Goris, Hatry, Hazette, Nelis-Van Liedekerke , Vautmans, Vergote, Verhofstadt.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Bourgeois, Boutmans, Busquin, Caluwé, Cantillon, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Daras, Dardenne, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, D'Hooghe, Erdman, Happart, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Jonckheer, Lallemand, Lizin, Mahoux, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nothomb, Pinoie, Poty, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Vandenberghe, Van der Wildt, Van Goethem, Weyts, Willame-Boonen.



Onthouden hebben zich : de leden :

Anciaux, Buelens, Ceder, Loones, Raes, Vandenbroeke, Van Hauthem, Verreycken.

- Met een meerderheid van 43 stemmen tegen 15 worden het amendement nr. 4 en het subsidiair amendement van de heren Hatry en Coene niet aangenomen; 5 leden hebben zich onthouden.



Voor hebben gestemd : de leden :

Bock, Coene, Cornet d'Elzius, Coveliers, Desmedt, Destexhe, Devolder, Goovaerts, Goris, Hatry, Hazette, Nelis-Van Liedekerke, Vautmans, Vergote, Verhofstadt.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Anciaux, Bourgeois, Boutmans, Busquin, Caluwé, Cantillon, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Daras, Dardenne, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, D'Hooghe, Erdman, Happart, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Jonckheer, Lallemand, Lizin, Loones, Mahoux, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nothomb, Pinoie, Poty, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Vandenberghe, Vandenbroeke, Van der Wildt, Van Goethem, Weyts, Willame-Boonen.



Onthouden hebben zich : de leden :

Buelens, Ceder, Raes, Van Hauthem, Verreycken.

- Met een meerderheid van 43 stemmen tegen 15 wordt het amendement nr. 5 van de heer Hatry niet aangenomen; 5 leden hebben zich onthouden.



Voor hebben gestemd : de leden :

Bock, Coene, Cornet d'Elzius, Coveliers, Desmedt, Destexhe, Devolder, Goovaerts, Goris, Hatry, Hazette, Nelis-Van Liedekerke, Vautmans, Vergote, Verhofstadt.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Anciaux, Bourgeois, Boutmans, Busquin, Caluwé, Cantillon, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Daras, Dardenne, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, D'Hooghe, Erdman, Happart, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Jonckheer, Lallemand, Lizin, Loones, Mahoux, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nothomb, Pinoie, Poty, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Vandenberghe, Vandenbroeke, Van der Wildt, Van Goethem, Weyts, Willame-Boonen.



Onthouden hebben zich : de leden :

Buelens, Ceder, Raes, Van Hauthem, Verreycken.

- Met dezelfde meerderheid worden de amendementen nrs. 32 en 34 van de heer Coene niet aangenomen.

- Met een meerderheid van 45 stemmen tegen 15 wordt het amendement nr. 7 van de heren Coene en Hatry niet aangenomen; 5 leden hebben zich onthouden.



Voor hebben gestemd : de leden :

Bock, Coene, Cornet d'Elzius, Coveliers, Desmedt, Destexhe, Devolder, Goovaerts, Goris, Hatry, Hazette, Nelis-Van Liedekerke, Vautmans, Vergote, Verhofstadt.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Anciaux, Bourgeois, Boutmans, Busquin, Caluwé, Cantillon, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Daras, Dardenne, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, D'Hooghe, Erdman, Happart, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Jonckheer, Lallemand, Lizin, Loones, Mahoux, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nothomb, Olivier, Pinoie, Poty, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Urbain, Vandenberghe, Vandenbroeke, Van der Wildt, Van Goethem, Weyts, Willame-Boonen.



Onthouden hebben zich : de leden :

Buelens, Ceder, Raes, Van Hauthem, Verreycken.

De heer Coene (VLD). - Aangezien de heer Delcroix zijn amendementen heeft ingetrokken dien ik ze in eigen naam opnieuw in.

- Met een meerderheid van 39 stemmen tegen 18 wordt het amendement nr. 35 van de heer Coene niet aangenomen; 8 leden hebben zich onthouden.



Voor hebben gestemd : de leden :

Anciaux, Bock, Coene, Cornet d'Elzius, Coveliers, Desmedt, Destexhe, Devolder, Goovaerts, Goris, Hatry, Hazette, Loones, Nelis-Van Liedekerke, Vandenbroeke, Vautmans, Vergote, Verhofstadt.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Bourgeois, Boutmans, Busquin, Caluwé, Cantillon, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Daras, Dardenne, de Bethune, Delcourt-Pêtre, D'Hooghe, Erdman, Happart, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Jonckheer, Lallemand, Lizin, Mahoux, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nothomb, Olivier, Pinoie, Poty, Santkin, Sémer, Swaelen, Urbain, Vandenberghe, Van der Wildt, Van Goethem, Willame-Boonen.



Onthouden hebben zich : de leden :

Buelens, Ceder, Delcroix, Raes, Staes, Van Hauthem, Verreycken, Weyts.

- Met dezelfde meerderheid worden de amendementen nrs. 36 en 37 van de heer Coene niet aangenomen.





NAAMSTEMMINGEN



De heer Hatry (PRL-FDF) (in het Frans). - Wij zullen ons bij de stemming over dit wetsontwerp onthouden, niet omdat wij de kwaliteiten van de wet in twijfel trekken, maar omdat onze collega's in de Kamer zich hebben onthouden. Afgezien daarvan blijft onze kritiek scherp. Er is immers geen reden om zo'n ontwerp goed te keuren.

Ten eerste wordt toegegeven dat het gemiddelde Belgische gezin 13 % van zijn inkomen spaart en een schuldenlast heeft die 31,5 % van datzelfde inkomen vertegenwoordigt. Daaruit blijkt dat de Belgische burger in Europees verband de kleinste schuldenlast heeft. In dat opzicht kan een wetsontwerp betreffende de bovenmatige schuldenlast alleen dienen om de minister een pluim op de hoed te steken.

Voorts is er geen enkele reden om een nieuw begrotingsfonds voor de schuldbemiddelaars op te richten in een periode waarin men integendeel naar een verlaging van het aantal fondsen zou moeten streven. Als wij in die fout hervallen, begaan wij opnieuw de misstappen van de jaren '70.

Tenslotte wijs ik erop dat de minister in de commissie een amendement tot verbetering van de tekst en ter informatie van de samenwonenden had aanvaard. Het amendement, dat ondertussen verworpen is, strekte ertoe samenwonenden in de mogelijkheid te stellen de rechter van hun vermogenstoestand op de hoogte te brengen. Daardoor wordt het recht op informatie gewoonweg geweigerd.

Algemeen gesproken verwerpen wij dit ontwerp, dat geen andere reden van bestaan heeft dan als wierook voor de minister te dienen.

De heer Coene (VLD). - De VLD zal tegen dit overbodige en betuttelende wetsontwerp stemmen. Men heeft ons op geen enkele manier kunnen aantonen dat er een probleem van overdreven schuld bestaat. Er zijn natuurlijk individuele schrijnende gevallen, maar is het daarom nodig om alle consumenten te penaliseren ? Daarenboven is dit ontwerp een cadeau aan de kredietverstrekkers, aangezien zij geen risico's meer lopen. En tot slot zet het ontwerp de schuldenaars aan tot recidive, aangezien zij op kwijtschelding kunnen rekenen. (Applaus bij de VLD-PRL.)

De heer Loones (VU). - De Volksunie zal zich onthouden. Het siert het parlement dat het een uitweg wil bieden aan particulieren met een schuldenlast. Dit ontwerp blust de brand, maar voorkomt hem niet. Wij willen veeleer op preventie en responsabilisering. Nu creëert men een risico op schuldopstapeling en onverantwoordelijkheid. (Applaus bij de VU.)

- Het ontwerp wordt aangenomen met 46 tegen 9 stemmen; 9 leden hebben zich onthouden.



Voor hebben gestemd : de leden :

Bourgeois, Boutmans, Buelens, Caluwé, Cantillon, Ceder, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Daras, Dardenne, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, D'Hooghe, Erdman, Happart, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Jonckheer, Lallemand, Lizin, Mahoux, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nothomb, Olivier, Pinoie, Poty, Raes, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Urbain, Vandenberghe, Van der Wildt, Van Goethem, Van Hauthem, Verreycken, Weyts, Willame-Boonen.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Coene, Coveliers, Devolder, Goovaerts, Goris, Nelis-Van Liedekerke , Vautmans, Vergote, Verhofstadt.



Onthouden hebben zich : de leden :

Anciaux, Bock, Cornet d'Elzius, Desmedt, Destexhe, Hatry, Hazette, Loones, Vandenbroeke.

De Voorzitter. - Aangezien wij dit ontwerp ongewijzigd hebben aangenomen wordt de Senaat geacht beslist te hebben het wetsontwerp niet te amenderen. Het ontwerp zal aan de Kamer van volksvertegenwoordigers worden overgezonden met het oog op de koninklijke bekrachtiging.

Wij stemmen nu over het wetsontwerp tot wijziging van de artikelen 628 en 1395 van het Gerechtelijk Wetboek.

- Het wetsontwerp wordt aangenomen met 46 stemmen tegen 15; 3 leden hebben zich onthouden.



Voor hebben gestemd : de leden :

Bourgeois, Boutmans, Buelens, Caluwé, Cantillon, Ceder, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Daras, Dardenne, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, D'Hooghe, Erdman, Happart, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Jonckheer, Lallemand, Lizin, Mahoux, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nothomb, Olivier, Pinoie, Poty, Raes, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Urbain, Vandenberghe, Van der Wildt, Van Goethem, Van Hauthem, Verreycken, Weyts, Willame-Boonen.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Bock, Coene, Cornet d'Elzius, Coveliers, Desmedt, Destexhe, Devolder, Goovaerts, Goris, Hatry, Hazette, Nelis-Van Liedekerke, Vautmans, Vergote, Verhofstadt.



Onthouden hebben zich : de leden :

Anciaux, Loones, Vandenbroeke.

De Voorzitter. - Het wetsontwerp zal aan de Koning ter bekrachtiging worden voorgelegd.

We stemmen nu over het wetsontwerp betreffende het aanvullend beschermingscertificaat voor gewasbeschermingsmiddelen (Evocatieprocedure).

- Het wetsontwerp wordt eenparig aangenomen door de 64 aanwezige leden.



Hebben aan de stemming deelgenomen : de leden :

Anciaux, Bock, Bourgeois, Boutmans, Buelens, Caluwé, Cantillon, Ceder, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Coene, Cornet d'Elzius, Coveliers, Daras, Dardenne, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, Desmedt, Destexhe, Devolder, D'Hooghe, Erdman, Goovaerts, Goris, Happart, Hatry, Hazette, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Jonckheer, Lallemand, Lizin, Loones, Mahoux, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nelis-Van Liedekerke, Nothomb, Olivier, Pinoie, Poty, Raes, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Urbain, Vandenberghe, Vandenbroeke, Van der Wildt, Van Goethem , Van Hauthem, Vautmans, Vergote, Verhofstadt, Verreycken, Weyts, Willame-Boonen.

De Voorzitter. - Aangezien wij dit ontwerp ongewijzigd hebben aangenomen, wordt de Senaat geacht beslist te hebben het wetsontwerp niet te amenderen. Het ontwerp zal aan de Kamer van volksvertegenwoordigers worden overgezonden met het oog op de koninklijke bekrachtiging.

Wij stemmen nu over het wetsontwerp tot wijziging van de artikelen 1481, 1482 en 1488 van het Gerechtelijk Wetboek betreffende het beslag inzake namaak.

- Het wetsontwerp wordt eenparig aangenomen door de 59 aan de stemming deelnemende leden; 5 leden hebben zich onthouden.



Voor hebben gestemd : de leden :

Anciaux, Bock, Bourgeois, Boutmans, Caluwé, Cantillon, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Coene, Cornet d'Elzius , Coveliers, Daras, Dardenne, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, Desmedt, Destexhe, Devolder, D'Hooghe, Erdman, Goovaerts, Goris, Happart, Hatry, Hazette, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Jonckheer, Lallemand, Lizin, Loones, Mahoux, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nelis-Van Liedekerke, Nothomb, Olivier, Pinoie, Poty, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Urbain, Vandenberghe, Vandenbroeke, Van der Wildt, Van Goethem, Vautmans, Vergote, Verhofstadt, Weyts, Willame-Boonen.



Onthouden hebben zich : de leden :

Buelens, Ceder, Raes, Van Hauthem, Verreycken.

- Het wetsontwerp zal aan de Koning ter bekrachtiging worden voorgelegd.





WETSONTWERP TOT UITVOERING EN AANVULLING VAN DE WET VAN 2 MEI 1995 BETREFFENDE DE VERPLICHTING OM EEN LIJST VAN MANDATEN, AMBTEN EN BEROEPEN, ALSMEDE EEN VERMOGENSAANGIFTE IN TE DIENEN


Aangehouden stemmingen


- Met een meerderheid van 43 tegen 21 stemmen wordt het amendement van de heren Daras en Boutmans op artikel 5 niet aangenomen.



Voor hebben gestemd : de leden :

Anciaux, Boutmans, Buelens, Ceder, Coene, Coveliers, Daras, Dardenne, Devolder, Goovaerts, Goris, Jonckheer, Loones, Nelis-Van Liedekerke, Raes, Vandenbroeke, Van Hauthem, Vautmans, Vergote, Verhofstadt, Verreycken.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Bock, Bourgeois, Caluwé, Cantillon, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Cornet d'Elzius, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, Desmedt, Destexhe, D'Hooghe, Erdman, Happart, Hatry, Hazette, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Lallemand, Lizin, Mahoux, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nothomb, Olivier, Pinoie, Poty, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Urbain, Vandenberghe, Van der Wildt, Van Goethem, Weyts, Willame-Boonen.

- Artikel 5 wordt aangenomen.

- Met eenzelfde meerderheid wordt het amendement van de heren Daras en Boutmans op artikel 6 niet aangenomen.

- Artikel 6 wordt aangenomen.

- Met een meerderheid van 38 tegen 11 stemmen, wordt het amendement van de heren Daras en Boutmans op artikel 15 niet aangenomen; 15 leden hebben zich onthouden.



Voor hebben gestemd : de leden :

Anciaux, Bock, Boutmans, Buelens, Ceder, Daras, Dardenne, Jonckheer, Raes, Van Hauthem, Verreycken.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Bourgeois, Caluwé, Cantillon, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, D'Hooghe, Erdman, Happart, Hatry, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Lallemand, Lizin, Mahoux, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nothomb, Olivier, Pinoie, Poty, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Urbain, Vandenberghe, Van der Wildt, Van Goethem, Weyts, Willame-Boonen.



Onthouden hebben zich : de leden :

Coene, Cornet d'Elzius Coveliers, Desmedt, Destexhe, Devolder, Goovaerts, Goris, Hazette, Loones, Nelis-Van Liedekerke, Vandenbroeke, Vautmans, Vergote, Verhofstadt.

De heer Bock (PRL-FDF). - Ik wilde mij onthouden.

- Artikel 15 wordt aangenomen.





NAAMSTEMMING



De Voorzitter. - Wij stemmen nu over het wetsontwerp tot uitvoering en aanvulling van de wet van 2 mei 1995 betreffende de verplichting om een lijst van mandaten, ambten en beroepen alsmede een vermogensaangifte in te dienen.

De heer Van Hauthem (Vlaams Blok). - De tekst die uit de Kamer kwam, werd door de Senaat merkelijk verbeterd. Toch zullen we ons onthouden, omdat we niet begrijpen waarom bestuursleden van autonome overheidsbedrijven buiten de toepassing van de wet van 1995 zouden vallen.

De heer Goris (VLD). - De VLD zal beide ontwerpen niet goedkeuren. Wij zijn voor een maximale transparantie van de politiek. Onze verwondering is dan ook groot omdat een grote categorie uit de wet van 1995 wordt geschrapt, namelijk de bestuurders van overheidsbedrijven en ondernemingen met een meerderheid van de overheid.

De echte politieke besluitvorming heeft steeds meer plaats in deze vennootschappen van publiek recht. Het is dus van het grootste belang dat die bestuurders niet aan belangenvermenging zouden doen. Dat kunnen we maar controleren door hun aan de aangifteverplichting te onderwerpen. In de commissie werden oplossingen aangereikt maar radicaal door de eerste minister afgewezen. Het amendement van de premier werd ingegeven door plat opportunisme. We zullen ons dan ook onthouden. (Applaus bij de VLD.)

De heer Boutmans (Agalev). - Agalev-Ecolo zal met overtuiging tegen dit ontwerp stemmen, dat een flinke stap achteruit is ten opzichte van de wet van 1995. In de eerste plaats wordt de toepassing van de wet uitgesteld tot na de volgende verkiezingen. Voorts worden de bestuurders van de overheidsbedrijven uit de wet gelicht. Precies waar de belangenverstrengeling het meest dreigt, wordt de ondoorzichtigheid daardoor het grootst.

De heer Loones (VU). - Wij zullen ons onthouden omdat het toepassingsgebied van het ontwerp terzelfdertijd te eng en te breed is. Te eng omdat het ontwerp niet van toepassing is op de autonome overheidsbedrijven, de vakbonden en de ziekenfondsen. Te breed omdat het ook de kleinere mandaten, in intercommunales bijvoorbeeld, viseert.

Verder geloven wij niet dat deze regeling het vertrouwen van de bevolking in de politiek zal herstellen.

- Het ontwerp wordt aangenomen met 44 tegen 4 stemmen; 17 leden hebben zich onthouden.



Voor hebben gestemd : de leden :

Bock, Bourgeois, Busquin, Caluwé, Cantillon, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Cornet d'Elzius, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, Desmedt, Destexhe, D'Hooghe, Erdman, Happart, Hatry, Hazette, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Lallemand, Lizin, Mahoux, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nothomb, Olivier, Pinoie, Poty, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Urbain, Vandenberghe, Van der Wildt, Van Goethem, Weyts, Willame-Boonen.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Boutmans, Daras, Dardenne, Jonckheer.



Onthouden hebben zich : de leden :

Anciaux, Buelens, Ceder, Coene, Coveliers, Devolder, Goovaerts, Goris, Loones, Nelis-Van Liedekerke, Raes, Vandenbroeke, Van Hauthem, Vautmans, Vergote, Verhofstadt, Verreycken.

Het geamendeerde ontwerp zal naar de Kamer van volksvertegenwoordigers worden teruggezonden.

De heer Devolder (VLD). - Ik ben afgesproken met mevrouw Thijs.





ONTWERP VAN BIJZONDERE WET TOT UITVOERING EN AANVULLING VAN DE BIJZONDERE WET VAN 2 MEI 1995 BETREFFENDE DE VERPLICHTING OM EEN LIJST VAN MANDATEN, AMBTEN EN BEROEPEN, ALSMEDE EEN VERMOGENSAANGIFTE IN TE DIENEN


Aangehouden stemmingen


- Met een meerderheid van 44 tegen 13 stemmen worden de amendementen nrs. 34 en 35 van de heren Daras en Boutmans niet aangenomen; 8 leden hebben zich onthouden.



Voor hebben gestemd : de leden :

Anciaux, Boutmans, Coene, Coveliers,Daras, Dardenne, Goovaerts, Jonckheer, Goris, Nelis-Van Liedekerke, Vautmans, Vergote, Verhofstadt.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Bock, Bourgeois, Busquin, Caluwé, Cantillon, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Cornet d'Elzius, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, Desmedt, Destexhe, D'Hooghe, Erdman, Happart, Hatry, Hazette, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Lallemand, Lizin, Mahoux, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nothomb, Olivier, Pinoie, Poty, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Urbain, Vandenberghe, Van der Wildt, Van Goethem, Weyts, Willame-Boonen.



Onthouden hebben zich : de leden :

Buelens, Ceder, Devolder, Loones, Raes, Vandenbroeke, Van Hauthem, Verreycken.

- De artikelen 5 en 6 worden aangenomen.

- Met een meerderheid van 42 tegen 5 stemmen wordt het amendement nr. 36 van de heren Daras en Boutmans op artikel 15 niet aangenomen; 18 leden hebben zich onthouden.



Voor hebben gestemd : de leden :

Anciaux, Boutmans, Daras, Dardenne, Jonckheer.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Bock, Bourgeois, Busquin, Caluwé, Cantillon, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, Desmedt, D'Hooghe, Erdman, Happart, Hatry, Hazette, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Lallemand, Lizin, Mahoux, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nothomb, Olivier, Pinoie, Poty, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Urbain, Vandenberghe, Van der Wildt, Van Goethem, Weyts, Willame-Boonen.



Onthouden hebben zich : de leden :

Buelens, Ceder, Coene, Cornet d'Elzius, Destexhe, Coveliers, Devolder, Goovaerts, Goris, Loones, Nelis-Van Liedekerke , Raes, Vandenbroeke, Van Hauthem, Vautmans, Vergote, Verhofstadt, Verreycken.

- Artikel 15 wordt aangenomen.





NAAMSTEMMINGEN



De Voorzitter. - We stemmen nu over het ontwerp van bijzondere wet tot uitvoering en aanvulling van de bijzondere wet van 2 mei 1995 betreffende de verplichting om een lijst van mandaten, ambten en beroepen, alsmede een vermogensaangifte in te dienen.

- Ziehier de uitslag van de stemming voor de Nederlandse taalgroep : 20 leden hebben ja gestemd; 6 leden hebben neen gestemd; 12 leden hebben zich onthouden. De meerderheid van de leden van deze taalgroep is aanwezig en de gewone meerderheid is bereikt.



Voor hebben gestemd : de leden :

Bourgeois, Caluwé, Cantillon, de Bethune, Delcroix, D'Hooghe, Erdman, Hostekint, Maximus, Merchiers, Moens, Olivier, Pinoie, Sémer, Staes, Swaelen, Vandenberghe, Van der Wildt, Van Goethem, Weyts.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Boutmans, Buelens, Ceder, Raes, Van Hauthem, Verreycken.



Onthouden hebben zich : de leden :

Anciaux, Coene, Coveliers, Devolder, Goovaerts, Goris, Loones, Nelis-Van Liedekerke, Vandenbroeke, Vautmans, Vergote, Verhofstadt.

- Ziehier de uitslag van de stemming voor de Franse taalgroep : 24 leden hebben ja gestemd; 3 leden hebben neen gestemd. De meerderheid van de leden van deze taalgroep is aanwezig en de gewone meerderheid is bereikt.



Voor hebben gestemd : de leden :

Bock, Busquin, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Cornet d'Elzius, Delcourt-Pêtre, Desmedt, Destexhe, Happart, Hatry, Hazette, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Lallemand, Lizin, Mahoux, Milquet, Nothomb, Poty, Santkin, Urbain, Willame-Boonen.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Daras, Dardenne, Jonckheer.

- In het totaal hebben 44 leden ja gestemd; 9 leden hebben neen gestemd; 12 leden hebben zich onthouden. De tweederde meerderheid is bereikt. Bijgevolg zal het geamendeerde ontwerp naar de Kamer van volksvertegenwoordigers worden teruggezonden.



Voor hebben gestemd : de leden :

Bock, Bourgeois, Busquin, Caluwé, Cantillon, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Cornet d'Elzius, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, Desmedt, Destexhe, D'Hooghe, Erdman, Happart, Hatry, Hazette, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Lallemand, Lizin, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nothomb, Olivier, Pinoie, Poty, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Urbain, Vandenberghe, Van der Wildt, Van Goethem, Weyts, Willame-Boonen.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Boutmans, Buelens, Ceder, Daras, Dardenne, Jonckheer, Raes, Van Hauthem, Verreycken.



Onthouden hebben zich : de leden :

Anciaux, Coene, Coveliers, Devolder, Goovaerts, Goris, Loones, Nelis-Van Liedekerke, Vandenbroeke, Vautmans, Vergote, Verhofstadt.

We stemmen nu over het ontwerp tot herziening van artikel 103 van de Grondwet.

De heer Van Hauthem (Vlaams Blok). - Wij kunnen de voorgestelde herziening van de artikelen 103 en 125 niet goedkeuren. Nochtans betekenen zij een stap in de goede richting.

Wij vinden evenwel dat men het systeem had moeten omkeren : de minister zou dan bescherming kunnen vragen aan de Kamer wanneer hij politiek misbruik vermoedt.

Een belangrijke lacune is dat de burgerrechtelijke aansprakelijkheid nog niet is geregeld.

Tenslotte vinden wij in verband met artikel 125, dat zowel de strafrechtelijke als de burgerrechtelijke aansprakelijkheid een bevoegdheid is van de deelstaten.

- Het ontwerp tot herziening van artikel 103 van de Grondwet wordt aangenomen met 48 tegen 16 stemmen; 1 lid heeft zich onthouden.



Voor hebben gestemd : de leden :

Bock, Bourgeois, Boutmans, Busquin, Caluwé, Cantillon, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Cornet d'Elzius, Daras, Dardenne, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, Desmedt, Destexhe, D'Hooghe, Erdman, Happart, Hatry, Hazette, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Jonckheer, Lallemand, Lizin, Mahoux, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nothomb, Olivier, Pinoie, Poty, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Urbain, Vandenberghe, Van der Wildt, Van Goethem, Weyts, Willame-Boonen.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Anciaux, Buelens, Ceder, Coene, Coveliers, Goovaerts, Goris, Loones, Nelis-Van Liedekerke, Raes, Vandenbroeke, Van Hauthem, Vautmans, Vergote, Verhofstadt, Verreycken.



Onthouden hebben zich : de leden :

Devolder.

- Het quorum en de meerderheid vereist door artikel 195, laatste alinea van de Grondwet, zijn bereikt.

De Voorzitter. - We stemmen nu over het voorstel tot herziening van artikel 125 van de Grondwet.

- Het voorstel wordt aangenomen met 48 tegen 16 stemmen; 1 lid heeft zich onthouden.



Voor hebben gestemd : de leden :

Bock, Bourgeois, Boutmans, Busquin, Caluwé, Cantillon, Chantraine, G. Charlier, Ph. Charlier, Cornet d'Elzius, Daras, Dardenne, de Bethune, Delcourt-Pêtre, Delcroix, Desmedt, Destexhe, D'Hooghe, Erdman, Happart, Hatry, Hazette, Hostekint, Hotyat, Istasse, Jeanmoye, Jonckheer, Lallemand, Lizin, Mahoux, Maximus, Merchiers, Milquet, Moens, Nothomb, Olivier, Pinoie, Poty, Santkin, Sémer, Staes, Swaelen, Urbain, Vandenberghe, Van der Wildt, Van Goethem, Weyts, Willame-Boonen.



Tegen hebben gestemd : de leden :

Anciaux, Buelens, Ceder, Coene, Coveliers, Goovaerts, Goris, Loones, Nelis-Van Liedekerke, Raes, Vandenbroeke, Van Hauthem, Vautmans, Vergote, Verhofstadt, Verreycken.



Onthouden hebben zich : de leden :

Devolder.

- Het quorum en de meerderheid vereist door artikel 195, laatste alinea van de Grondwet, zijn bereikt.

- Ingevolge deze stemming vervalt het voorstel tot herziening van artikel 125 van de Grondwet van de heer Loones.





VRAAG OM UITLEG VAN DE HEER VAN GOETHEM TOT DE MINISTER VAN TEWERKSTELLING EN ARBEID,
over « de werking van de dienst collectieve arbeidsbetrekkingen »


De heer Van Goethem (SP). - Een firma vroeg eind 1997 de overgang van het paritair comité houtbewerking en stoffering (nr. 126) naar het paritair comité voor de transportsector. Dientengevolge werd de voorzitter van het paritair comité nr. 126 op 19 december 1997 verzocht het verzoeningsbureau dringend samen te roepen. Sommige voorzitters van een paritair comité blijken niet te beschikken over een voltijds secretaris of administratief medewerker, wat tot vertraging leidt. Op de vergadering van 28 januari 1998 besliste het verzoeningsbureau van het paritair comité nr. 126 te wachten op het verslag van de sociale inspectie. De sociaal bemiddelaar heeft de partijen nog steeds niet opnieuw samengeroepen.

Meent de minister niet dat dergelijke toestanden tot een onaanvaardbare onzekerheid leiden bij de werknemers ? Hoeveel paritaire comités hebben geen secretaris ? Wat wordt gedaan om deze problemen te verhelpen ?

Mevrouw Smet, minister van tewerkstelling en arbeid, belast met het beleid van gelijke kansen voor mannen en vrouwen. - De vraag gaat over de NV Gevetra, te Beersel, die zorgt voor het vervoer en plaatsen van meubelen voor het moederbedrijf Vastiau Godeau. De RSZ vroeg aan de dienst van de collectieve arbeidsbetrekkingen een advies over de vraag welk paritair comité bevoegd is. Mede op verzoek van de Christelijke Centrale der Houtbewerkers en Bouwvakarbeiders voerde de Inspectie der sociale wetten een onderzoek ter plaatse uit.

Op 2 april 1998 werd aan de werkgever medegedeeld dat het paritair comité nr. 140 bevoegd is, omdat de onderneming goederen vervoert. Op 2 juni 1998 heeft de dienst van de collectieve arbeidsbetrekkingen zijn standpunt meegedeeld aan de Christelijke Centrale der Houtbewerkers en Bouwvakarbeiders. Het paritair comité nr. 126 heeft de dienst van de collectieve arbeidsbetrekkingen nooit geraadpleegd over deze zaak.

Het is juist dat het secretariaat van de paritaire comités onderbemand is wegens budgettaire beperkingen of wegens de uitbreiding van de activiteiten van de paritaire comités. Contractuele personeelsleden blijven dikwijls niet lang genoeg in dienst om voldoende ervaring op te doenen om de taak van secretaris efficiënt te kunnen waarnemen.



Voorzitter : de heer Mahoux


De vaste toewijzing van een griffier aan het secretariaat van een paritair comité moet worden doorbroken om elke vergadering de logistieke ondersteuning te kunnen geven. Ik heb gevraagd om de personeelsformatie uit te breiden met twaalf statutaire griffiers en acht statutair adjunct-adviseurs. Ik wacht op het akkoord van de ministers van ambtenarenzaken en begroting.

- Het incident is gesloten.





VRAAG OM UITLEG VAN DE HEER Ph. CHARLIER AAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN,
over « de evolutie van de toestand in Burundi »


De heer Ph. Charlier (PSC) (in het Frans). - Is vrede mogelijk in Burundi ? In 1993 en 1994 heeft het land drie presidenten gehad die allen vermoord zijn. In 1996 heeft het leger de macht overgenomen en majoor Buyoya heeft met geweld het ambt van president heroverd die hij bij de verkiezingen van 1993 had verloren. Vandaag zijn alle vragen nog open. De beste manier om er een antwoord op te formuleren met een minimum aan objectiviteit is zich ter plaatse te begeven. Dat heeft een missie gedaan die in februari jl. werd samengesteld door de internationale instanties van de Francophonie. Die hebben altijd al veel belangstelling gehad voor de evolutie van de toestand in de regio van de Grote Meren.

Ik heb verschillende keren Renier Nyskens ontmoet, onze ambassadeur in Kenya sedert 1994 en de eerste Belgische bijzondere gezant voor de regio van de Grote Meren sedert 1996. Hij onderhoudt nauwe contacten met de verschillende actoren van de crisis, de Afrikaanse leiders, onze partners en de verschillende bijzondere gezanten van de Europese Unie, de Verenigde Staten en de VN. In 1996 heeft hij mij geïnformeerd over de talrijke problemen die in de regio moeten worden opgelost. Zijn inschatting van de toestand is des te interessanter daar hij tot begin deze maand de geaccrediteerde Belgische ambassadeur was in Oeganda, wat hem in de mogelijkheid stelde om vaak president Museveni te ontmoeten, die zoals bekend een grote invloed heeft in deze subregio.

Ikzelf heb een ontmoeting gehad met de ambassadeur van Frankrijk, de Canadese zaakgelastigde voor de subregio en de verantwoordelijke van het Nairobi Peace Initiative, een vereniging die tot doel heeft de contacten tussen de partijen in de conflicten te bevorderen.

Mijnheer de minister, vóór deze missie hebt u mij het standpunt van uw departement medegedeeld. Wat doet België voor het ogenblik om het geweld te doen ophouden en onderhandelingen te bevorderen ? In het domein van zijn bilaterale betrekkingen lijkt ons land concrete vooruitgang in de onderhandelingen en de ontmanteling van de vluchtelingenkampen na te streven alsvorens een ambassadeur naar Bujumbura te sturen. Hoe staat het daarmee ?

Wij kunnen de Sabenavluchten pas opnieuw in Bujumbura een tussenlanding laten maken wanneer het door de buurlanden afgekondigde embargo tegen de luchtverbindingen wordt opgeheven. Is het Belgische standpunt nog steeds dat Sabena de gevolgen van dat embargo gewoon ondergaat ?

Hoewel de internationale gemeenschap de sancties wil aanpassen, hebben de landen van de subregio enkele dagen na de machtsovername door majoor Buyoya beslist een totaal en brutaal embargo op te leggen. Dat is iets wat men nooit eerder in Afrika had gezien. In feite zou het om een « straf » gaan die de heer Nyerere majoor Buyoya oplegt omdat die het gewaagd heeft Malawi te provoceren. Bovendien hebben de staatshoofden uit de subregio het niet begrepen op dat kleine Franstalige land aangezien de heer Nyerere ervan droomt het hoofd te worden van een Engelstalige subregio. Wat denkt u nu over die sancties ?

De meningen zijn verdeeld : Frankrijk is tegen, Duitsland is voor. België heeft ervoor gepleit dt de sancties rekening houden met het internationaal humanitair recht en dat ze worden aangepast om de partijen tot onderhandelen aan te zetten. België wenst nu dat die sancties opnieuw worden bekeken.

Het klopt dat het embargo wordt omzeild. De uitzonderingen die om humanitaire redenen worden toegestaan, hebben echter geen effect omdat het transport zeer duur is. Kortom, door het embargo worden de zwaksten gestraft en de rijksten versterkt.

Zal België dat embargo opnieuw bekijken ? De Verenigde Naties, van hun kant, vragen een mandaat voor een interventie in dat land. Hoe staat België daartegenover ?

De 350 Belgen die nog in Burundi verblijven, zijn vooral zakenlieden die daar reeds jaren wonen. Volgens hen moet men een onderscheid maken tussen de rebellie en het banditisme dat het gevolg is van de sociaal-economische toestand die grotendeels aan het embargo te wijten is. Zij wensen dat België duidelijke gebaren stelt.

Volgens hen moet ons land een duidelijk standpunt innemen. België steunt het embargo doordat het zich er niet tegen verzet of doordat het dat embargo mogelijk maakt. Zodoende straft het de bevolking, dat wil zeggen de zwaksten. Zou men onze zaakgelastigde niet de titel van ambassadeur moeten geven ? Is het juist dat Burundese extremisten in ons land verblijven en hier een platform vinden voor hun ideeën ?

De speciale gezanten voor de regio van de Grote Meren hebben aan de heer Nyerere gevraagd om de sancties te verlichten, om een gezant naar Bujumbura te sturen teneinde inlichtingen vanuit het binnenland te krijgen en om de voorwaarden voor een hervatting van de onderhandelingen te versoepelen. Tot eind 1997 is Nyerere niet op die vragen ingegaan. President Buyoya heeft een intern nationaal debat aangekondigd, terwijl Nyerere alleen oplossingen van buitenaf overwoog.

Naar aanleiding van de weigering van Nyerere hebben de speciale gezanten Museveni opgezocht die een open oor had voor wat zij voorstelden.

Eind december hebben daden van rebellie tot de dood van vele Hutu's geleid. De aanslag op de luchthaven heeft de Burundese regering doen wankelen aangezien zij steeds verkondigde dat de rebellie onder controle was.

Die twee gegevens hebben de situatie doen omslaan en president Buyoya heeft medio januari aangekondigd dat hij een echte dialoog wenste. Door die ommekeer wordt een nationaal debat met vertegenwoordigers van de burgermaatschappij opnieuw mogelijk. De VS tonen belangstelling en Buyoya scoort punten door Nyerere te isoleren die door zijn koppigheid voorlopig aan de kant moet blijven. Wat is uw opinie terzake ? Welk kader en welke richtsnoeren hebt u voor onze diplomatie ter plaatse opgesteld ?

De heer Derycke, minister van buitenlandse zaken (in het Frans). - Ik feliciteer mijn collega met zijn goede analyse van de situatie.

Onze diplomatie sluit aan bij het algemeen kader van ons Afrika-beleid dat in 1995 is uitgestippeld. De politieke en militaire instabiliteit in de regio van de Grote Meren brengt er ons toe een preventieve diplomatie te voeren. België verwerpt een militaire oplossing en vindt dat alleen een politieke oplossing tot stabilisatie kan leiden. De beheersing van de conflicten in de regio wordt meer en meer een zaak van de Afrikanen zelf en vooral van de staatshoofden uit de regio. Onze taak moet er dan ook in bestaan de lopende bemiddelingspogingen te steunen en contacten te onderhouden. Daarom heeft onze ambassadeur Nijskens vaak een onderhoud met president Museveni.

In de crisis van de Grote Meren spelen Oeganda en het Oegandese staatshoofd een zeer belangrijke rol wegens de politieke stabiliteit van het land en de perspectieven die het inzake economische ontwikkeling en bilaterale samenwerking biedt.

Een nieuwe ambassadeur, de heer Labouverie, zal in Kampala worden benoemd.

Op Europees niveau heb ik gepleit voor samenhang tussen de interne en de externe dialoog. België steunt het voorstel voor Europese steun aan het bureau van de heer Nyerere in Bujumbura en is voorstander van bijstand voor de « facilitator » bij de onderhandelingen. Op initiatief van België heeft de Europese Unie beslist steun te verlenen aan de nationale assemblee.

Er is vooruitgang merkbaar in de verwezenlijking van de beloften van Buyoya betreffende de bewegingsvrijheid van de drie voorzitters en in de concretisering van de interne dialoog, maar dat is niet voldoende voor een duurzame pacificatie.

Ondanks het verzet van de extremisten in beide kampen bestaat er een mogelijkheid, omdat er een intern akkoord bestaat en omdat de protagonisten bereid zijn naar Arusha te gaan. De onderhandelingen zouden op 15 juni e.k. opnieuw moeten starten. België steunt deze evolutie en ik zal de regering voorstellen 1 miljoen te storten voor de financiering van de vergadering van Arusha.

Wat de regionale veiligheid betreft, heb ik ervoor gepleit dat het probleem van de aanwezigheid van wapens op internationaal niveau wordt behandeld. Ik ben tevreden over resolutie 1161 van de Veiligheidsraad die de onderzoekscommissie voor de wapenhandel in de streek nieuw leven inblaast.

Wat onze bilaterale betrekkingen met Burundi betreft, is België bereid tot samenwerking als het Arushaproces wordt hervat.

België heeft altijd gepleit voor een modulering van het embargo naargelang van de humanitaire noden van de bevolking. Het is evident dat het embargo omzeild wordt, maar dat gebeurt niet ten bate van de Burundese bevolking. Het zijn de Staatshoofden van de regio die de politieke opportuniteit moeten evalueren van de opheffing van de sancties naarmate het regime opener wordt. De Verenigde Naties zijn betrokken aangezien de secretaris-generaal een bijzondere vertegenwoordiger heeft afgevaardigd voor de Burundese crisis. Er is geen debat geweest in de Veiligheidsraad over een interventiemandaat.

Wegens het vliegverbod boven de landen die aan Burundi grenzen heeft Sabena geen toegang meer tot Bujumbura. Als het verbod wordt opgeheven kan Sabena deze stopplaats opnieuw openen in de mate dat de veiligheidsvoorwaarden daarvoor vervuld zijn.

De onzekerheid in de regio is gedeeltelijk te wijten aan banditisme en aan terroristische acties die met politieke bedoelingen worden gevoerd. De gewapende oppositie lijkt momenteel weinig actief wegens de interne politieke evolutie. Ofschoon die gunstig is, is die evolutie toch broos omdat extremistische bewegingen zich tegen de akkoorden verzetten. De aanbevelingen tot voorzichtigheid en de veiligheidsvoorschriften ten aanzien van onze medeburgers blijven van toepassing.

Jérome Ndiho, een actieve militant van de CNDD heeft politiek asiel gevraagd in België. Dit wordt momenteel onderzocht. Het gaat om een gerechtelijke procedure waarop de regering geen vat heeft.

Zijn status geeft hem een zekere vrijheid van menigsuiting voorzover hij de Belgische openbare orde niet verstoort of de Belgische belangen niet schaadt.

De heer Ph. Charlier (PSC) (in het Frans). - Ik dank de minister voor zijn antwoord. De verkiezingen komen dichterbij en juni 1998 is de uiterste datum voor een akkoord. De ondertekening van een tekst komt net op tijd. Ik ben blij dat de betrekkingen tussen de Burundese regering en de aangrenzende landen verbeteren. De onderhandelingen zouden moeten leiden tot een akkoord. Het doel van de majoor is de kiezers naar de stembus te roepen. Rekening houdend met de uitslag hiervan zal hij zich bevestigd voelen of zich terugtrekken.

- Het incident is gesloten.





MONDELINGE VRAAG

Installatie van een opslagplaats voor radioactief afval


Mevrouw Dardenne (Ecolo) (in het Frans). - De gemeente Beauraing organiseert op 28 juni een referendum over de aanvaarding van een opslagplaats voor radioactief afval op het terrein van Baronville. Kunt u mij zeggen welke soort garanties aan de bevolking geboden wordt ? Welke beleidsniveaus zetten zich daarvoor in en welke bedragen worden daarvoor uitgetrokken ?

Aangezien u federaal bevoegd bent, verwacht ik een precies antwoord. Ofschoon de andere niveaus aan uw controle ontsnappen moet u toch over de nodige inlichtingen beschikken aangezien het project in zijn geheel door de NIRAS wordt geleid.

De heer Di Rupo, vice-eerste minister en minister van economie en telecommunicatie (in het Frans). - Het beheer op langere termijn van laagradioactief afval met een korte levensduur op een nieuwe plaats zal in opeenvolgende etappes worden gerealiseerd.

De aanleg van het terrein zal inderdaad worden gevolgd door het instellen van een milieucontrole, vooral wat de radioactieve aspecten betreft. De bestaande bunkers worden aangepast voor een voorlopige opslag, als het terrein van Baronville wordt gekozen. Het terrein wordt onderverdeeld in verschillende zones. Een ervan is bestemd voor het beheer van de afvalstoffen en de andere dienen voor diverse doeleinden. De lokale en regionale actoren bepalen gezamenlijk het economisch beheer van de ongebruikte zones. Die eerste ontwikkeling duurt vijf jaar en zal een vijftigtal rechtstreekse betrekkingen met zich meebrengen. De investering bedraagt ongeveer een half miljard, gefinancierd door de NIRAS-programma's. De oorspronkelijke investeringen kunnen aanleiding geven tot een aantal onrechtstreekse betrekkingen, ongeveer evenveel als de rechtstreekse.

Er zullen nieuwe economische activiteiten ontstaan, zoals de terbeschikkingstelling van een geïntegreerde infrastructuur voor de KMO's, de oprichting van een centrum voor geavanceerde nieuwe technologieën en de aanleg van onderzoeks- en ontwikkelingsinfrastructuur. In een tweede fase kan de werkgelegenheid van de eerste fase worden verdubbeld. Voor de lokale economie betekent dit een inbreng van 1,2 miljard frank.

Mevrouw Dardenne (Ecolo) (in het Frans). - Uw informatie is positief, maar niet concreet. Ik ben verbaasd over uw antwoord, dat mij geen voldoening geeft. U hebt niet geantwoord op mijn vraag betreffende de waarborgen voor de bevolking in verband met dit project.

De heer Di Rupo, vice-eerste minister en minister van economie en telecommunicatie (in het Frans). - Ik hoop dat ik u niet beledig, maar ik heb genoeg van de mensen die de bevolking bang maken. Alle veiligheids- en beschermingsmaatregelen zijn genomen. De nationale en internationale reglementen voor het beheer van dit soort activiteiten worden gevolgd. Wij willen doorzichtigheid onder controle van verantwoordelijke personen ter plaatse en van deskundigen.

Dit soort afval heeft een zeer korte levensduur. Het zal worden behandeld onder de beste veiligheidsvoorwaarden.

Mevrouw Dardenne (Ecolo) (in het Frans). - Sta mij toe mijn werk van parlementslid te doen. Het gaat niet om veiligheid maar om garanties met betrekking tot de gehele economische ontwikkeling van de regio.

De heer Di Rupo, vice-eerste minister en minister van economie en telecommunicatie (in het Frans). - Mijn verklaringen worden vaak door de pers vervormd. Ik wil dus duidelijk zijn. Het uitgetrokken bedrag ligt tussen 0,5 en 1,2 miljard. Het moet tevens dienen voor de sanering van het terrein en voor de economische ontwikkeling van de regio. Een bedrag van 1,2 miljard, dat lijkt mij zeer concreet.





VRAAG OM UITLEG VAN MEVROUW LIZIN AAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN,
over « het verergeren van de situatie in Kosovo en de rol die België kan spelen »


Mevrouw Lizin (PS) (in het Frans). - Het is duidelijk dat er stilaan een oorlogssituatie ontstaat in Kosovo. De bloedbaden van Dreniza doen denken aan het begin van de oorlog in Bosnië. Gisteren hebben de Serviërs raketlanceerders geïnstalleerd. Europa mag zich niet tevreden stellen met een rol als passieve waarnemer van de Amerikaanse inspanningen. Er werd gesproken over de bevriezing van de Servische tegoeden in België. Waarover gaat het precies ? De Verenigde Staten hebben lessen getrokken uit de gebeurtenissen in Bosnië. Europa moet een duidelijk standpunt innemen.

Waarom blijft men de toestand in Kosovo politiek verkeerd beoordelen ? Het bevrijdingsleger van Kosovo bestaat niet uit terroristen. De vrijheidsstrijders beschermen dorpen zonder verweer. Men kan hen niet vragen te verzaken aan de bevrijding van een gebied waar ze thuis zijn en hun eigen dorpen verdedigen. Het is onaanvaardbaar de gedragingen van de Servische milities over dezelfde kam te scheren. Geen enkele ernstige dreiging met aanslagen weegt op ons land. Het gaat niet om het soort van laaghartige acties die door de GIA worden gepleegd. Het gaat hier om een bevrijdingsleger.

Sedert twee dagen is de toon voor het eerst anders omdat de Verenigde Staten de NAVO hebben ingelicht. Het is jammer dat wij achterop hinken.

Wat is het Belgische standpunt in verband met de dreiging met luchtaanvallen en vooral de uitvoering ervan ? Er is een Europese deelname op het terrein nodig.

België heeft altijd belangstelling gehad voor de toestand in Kosovo. Het zou goed zijn indien er naast de militaire actie echte onderhandelingen zouden gevoerd worden, anders dan de pseudo-onderhandelingen van Belgrado. Moeten die onderhandelingen per se ergens in de Verenigde Staten worden gevoerd ? Volgens mij zouden ze ook ergens in België kunnen plaatsvinden. Hoe staat het met de contactgroep ? Men moet zich geen illusies maken : de bevrijding van Kosovo zal leiden tot de aansluiting bij Albanië. Een militair ingrijpen zonder duidelijk beleid zal moeten worden overgedaan. De Verenigde Staten, van hun kant, aarzelen niet langer.

Er moet worden onderhandeld over de terugtrekking van de Serviërs en men moet hen verzekeren dat de rechten van de minderheden zullen worden nageleefd.

Eergisteren heeft het Belgische Rode Kruis de heer Moreels noodhulp gevraagd, maar het heeft geen antwoord gekregen. Die hulp is nodig voor 10 tot 15 000 personen. Er moet dringend een antwoord komen.

Vandaag heeft het Nederlands parlement een resolutie aangenomen die ertoe strekt dat de Nederlandse voetbalploeg zou weigeren te spelen als ze tegen Joegoslavië moet spelen. Wij verzekeren een symbolische aanwezigheid tijdens de match Duitsland-Joegoslavië. Het voetbal mag niet in stilte voorbij gaan. Het is mogelijk om bij de FIFA aan te dringen op de terugtrekking van de Joegoslavische ploeg.

De heer William Cohen had het over een onderhandelde oplossing. Hoever staat het nu ? Gisteren heeft het Joegoslavisch staatshoofd Macedonië bedreigd omdat een Albanese minister aan het hoofd liep van een manifestatie. Ik duld zo'n gedrag niet langer. Het woord « onafhankelijkheid » moet eindelijk worden uitgesproken.

De heer Jonckheer (Ecolo) (in het Frans). - In Europa is een oorlog losgebarsten en dat is voor ons geen verrassing. De preventiemechanismen hebben niet gewerkt. Terwijl we onderhandelen met president Milosevic, hebben we de ogen gesloten voor Kosovo. Op datzelfde ogenblik vroeg Kosovo het herstel van een autonoom statuut. Gelet op de evolutie van de situatie is zijn standpunt verhard.

Ik zou graag de oriëntatie kennen van de besprekingen binnen de Veiligheidsraad voor de formulering van een eventueel internationaal VN-mandaat in Kosovo. Over welk mandaat discussieert het Verenigd Koninkrijk, dat thans voorzitter is van de Europese Unie ? Als de onderhandelingen gebeuren op basis van hoofdstuk VII, kan men toch geen militaire interventiemacht van de VN sturen naar de federale republiek Joegoslavië als de Servische overheid dat niet wenst. Op welke juridische basis kan men dan steunen ?

De heer Derycke, minister van buitenlandse zaken (in het Frans). - Gisteren hebben wij een korte bespreking gehad tijdens de voorbereiding van de Europese Raad waarop waarschijnlijk ook Kosovo ter sprake komt. Er is thans een vergadering van de ministers van defensie van de NAVO-landen aan de gang; vanavond weten we misschien meer over de technische aspecten.

De Belgische en Europese houding is solide en werd snel en nagenoeg eenparig geformuleerd. Wij veroordelen geweld voor politieke doeleinden. Toch moet worden nagegaan wat het verschijnsel van het bevrijdingsleger van Kosovo werkelijk betekent, want enerzijds verzekert het de bescherming van de steden, maar anderzijds speelt het een gevaarlijke rol door de politieke ambities van de heer Berisha te steunen.

Volgens België en de Unie is internationale samenwerking noodzakelijk. Volgens mij biedt politieke druk de enige echte oplossing, aangezien Servië over een groot leger beschikt dat op eigen terrein moeilijk te bestrijden zal zijn.

Voorts blijven wij de eerbiediging van de mensenrechten en van de rechten van de gemeenschappen bepleiten. Nu gaat men in de richting van de toekenning van een speciaal statuut aan Kosovo. Het gaat niet om onafhankelijkheid, aangezien men in dat geval ook aan Montenegro en Voïvodina onafhankelijkheid zou moeten beloven, terwijl zij dat niet vragen.

Wij hebben ons altijd bij het beleid van de Unie aangesloten. België heeft trouwens geen andere keuze. Wij hebben echter veel tijd verloren. Op 19 maart is een eerste reeks maatregelen afgekondigd. Wij dachten toen dat Milosevic niet zou kiezen voor de weg die hij nu volgt. Vorige maandag hebben wij beslist de Servische tegoeden in het buitenland te bevriezen. In Servië bevinden zich weinig Belgische bedrijven maar België zal de beslissingen uit solidariteit toepassen. Als Duitsland de maatregelen toepast, zal dat Servië echter veel pijn doen.

De OVSE heeft de optie-Gonzales gevraagd en de Europese Unie heeft zich daarbij aangesloten. Joegoslavië heeft die optie echter geweigerd en wij zullen dat land die optie niet kunnen opdringen. Tenslotte hebben de VS een bocht van 180 graden, gemaakt, aangezien zij nu ook voorstander zijn van de toekenning van een speciaal statuut. Ook inzake militaire actie hebben zij het voortouw genomen. Naast de maatregelen die de VN reeds vragen, denken wij er thans aan Kosovo te isoleren en militaire en semi-militaire acties voor te bereiden.

Het is de Europese Unie en niet de contactgroep zelf die oplossingen voor Kosovo moet voorstellen om de vergadering van de contactgroep voor te bereiden. Voorts hebben wij gevraagd dat de verenigde Naties een mandaat volgens hoofstuk VII voorbereiden. De Russen zouden bereid zijn zulks te aanvaarden, terwijl de Chinezen opmerkingen zouden maken maar uiteindelijk zouden instemmen.

Men mag dus hopen dat er een mandaat volgens hoofdstuk VII komt.

Als dat niet het geval is, kan men terugvallen op het oude mandaat voor ex-Joegoslavië of teruggrijpen naar artikel 51 van het Handvest betreffende de humanitaire acties, hoewel dat artikel beperkt is.

Wat het voetbal betreft, heeft het feit of men al dan niet speelt, niets uit te staan met de politieke realiteit.

Daardoor zullen wij niet van aanpak veranderen. Waar het op aankomt, zijn de maatregelen, de uitvoering van die maatregelen en de humanitaire problemen.

Mijn ministerie heeft besloten een C-130 naar Sarajevo en Banja Luka te sturen om naar Tirana en naar de vluchtelingenkampen voedsel en materiaal te brengen. Samen met de Verenigde Naties zullen tien vluchten worden georganiseerd. De kostprijs van die operatie bedraagt drie miljoen, die ik op mijn eigen begroting zal moeten aanrekenen.

Mevrouw Lizin (PS) (in het Frans). - Ik dank de minister voor zijn degelijk antwoord. Het gaat nochtans om een lang gruwelverhaal dat nog niet ten einde is. Een enkel element wordt onderschat, en dat is de wil van de mensen. Het zijn Albanezen en niets dan dat. Zij willen onafhankelijk zijn en wij zullen daarvoor oorlog voeren.

Het Joegoslavische staatshoofd zal u daarin meeslepen. Ik vind dat men gewoon aan de mensen moet vragen wat ze willen, want dat is democratie.

Ik ben het niet eens met uw mening over het voetbal. Het voetbalveld is de plaats waar de eerste Palestijnse veldslag werd geleverd. Voetbal is politiek. Denken wij maar eens aan Zuid-Afrika. Zwijgen zou een schande zijn.

Ik zou ook willen wijzen op het feit dat wij zeer slecht vertegenwoordigd zijn in Albanië. Ik stel voor dat u het als prioritair beschouwt dat wij iets voor dit land doen.

- Het incident is gesloten.





VRAAG OM UITLEG VAN MEVR. LIZIN AAN DE MINISTER VAN BUITENLANDSE ZAKEN,
over « het embargo tegen Irak ».


Mevrouw Lizin (PS) (in het Frans). - Zoals u weet, hebben wij onlangs de heer Tarek Aziz ontvangen.

Welke sancties denkt u de komende maanden te ondernemen tegenover Irak ? Zal men in de Verenigde Naties een resolutie voorbereiden om het embargo in september op te heffen ? Zal er terzake een Europese coördinatie zijn ? Tenslotte, zullen wij opnieuw een ambassade openen in Irak ?

De heer Derycke, minister van buitenlandse zaken (in het Frans). - Uw vraag geeft mij de kans om de stand van zaken toe te lichten. Het is juist dat men voorwaarden aan Bagdad heeft opgelegd. Vooreerst zal ik de resultaten van de missies toelichten en vervolgens het Belgische standpunt en de Europese coördinatie.

Wat de massavernietigingswapens betreft, moet u weten dat, met betrekking tot het nucleaire aspect, de Veiligheidsraad op 14 mei jongsteleden een verklaring van de voorzitter heeft aangenomen waarin wordt bevestigd dat dankzij de werkzaamheden van het internationaal agentschap voor atoomenergie het mogelijk is geworden om gegevens op te stellen met betrekking tot de wapens in Irak. Het agentschap zal inspanningen leveren voor de lange termijn en verwacht wordt dat de resolutie zal worden toegepast tegen eind juli. De Iraakse regering heeft een decreet aangenomen over het verzaken aan nucleaire wapens.

Wat de toegang tot de terreinen betreft, werd vooruitgang geboekt maar de toestand is nog niet bevredigend voor de raketten, de chemische en de biologische wapens. De Veiligheidsraad heeft voorzitter Butler van de bijzondere commissie belast met de ontwapening van Irak, hierover gehoord. Als gevolg daarvan heeft de Veiligheidsraad een document goedgekeurd waarin een lijst van acties is opgenomen die de Iraakse regering zal moeten ondernemen vooraleer de sancties worden opgeheven.

Het gaat om drie soorten acties. De Veiligheidsraad heeft vervolgens beslist voorzitter Butler naar Bagdad te sturen om er het document voor te stellen met de lijst van voorwaarden en vragen. Ik hoop dat Irak zal meewerken, en zo goed mogelijk zal antwoorden op de voorwaarden en vragen.

Als u vraagt of België bij de Algemene Vergadering van de VN in september een resolutie mag inleiden over de opheffing van het embargo, zeg ik u neen. Gewoon omdat de Veiligheidsraad zich bezighoudt met de kwestie Irak en de Algemene Vergadering, krachtens artikel 12, § 1, van het Handvest van de Verenigde Naties, niet gemachtigd is om dit dossier te behandelen.

Wat de coördinatie van de Europese standpunten betreft, die België zou kunnen vragen, dient u te weten dat ons land altijd een vredelievende oplossing heeft voorgestaan. Ook al hadden bepaalde leden van de Europese Unie andere standpunten dan wij, er was altijd eenparigheid over de uiteindelijke doelstelling, namelijk het oplossen van de crisis. U moet ook weten dat wij altijd bezorgd waren voor de Iraakse bevolking en voor de humanitaire problemen in het bijzonder. In 1991 en 1992 pleitte ons land bij de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties al in het voordeel van de Iraakse bevolking. Dat heeft trouwens al geleid tot een eerste programma « oil for food », dat vervolgens niet kon worden gerealiseerd. In 1996 heeft de Veiligheidsraad via resolutie 986 een nieuw programma uitgewerkt.

De situatie is in volle ontwikkeling. Nu hopen wij dat de inspanningen om de Iraakse crisis op te lossen, de situatie van de bevolking verlichten.

In verband met onze ambassade kan ik u zeggen dat in het land thans 15 Belgen verblijven, waaronder tien de dubbele nationaliteit hebben. De heropening van de ambassade hangt af van de internationale situatie, onze belangen en de beschikbare middelen. De regering pleegt daarover overleg met de andere landen.

- Het incident is gesloten.





VRAAG OM UITLEG VAN DE HEER HOSTEKINT AAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN,
betreffende « de resultaten van de interdepartementele werkgroep voor de beschutte werkplaatsen »


De heer Hostekint (SP). - Op 30 juni aanstaande loopt de CAO 43ter van 28 juni 1996 ten einde. Op die dag wordt de CAO 43, die alle mindervalide werknemers in de beschutte werkplaatsen een gemiddeld gewaarborgd minimuminkomen verzekert, integraal en onmiddellijk van toepassing. De pricipiële beslissing hiertoe was al genomen voor de Ronde-Tafelconferentie van 29 april 1993, maar de uitvoering werd uitgesteld. Onder druk van de vakbonden en de werknemers werd twee jaar geleden een tussentijds akkoord opgesteld om voorlopig 80 % van het minimuminkomen uit te betalen, met dien verstande dat vanaf 1 juli 1998 iedereen de volle 100 % moest krijgen.

In maart jongstleden heeft de sector betoogd, omdat men ongerust was over de concrete invulling van de CAO 43. Men vroeg zich af of de 80 % zou worden aangevuld met loon of met bijkomende vergoedingen. Om hierop een antwoord te vinden, werd een interdepartementele werkgroep opgericht die, in samenwerking met de Kruispuntbank, de weerslag van het verhoogde loon op de fiscale situatie van de werknemers moest nagaan. De minister heeft mij toen verzekerd dat zowel in de werkgroep als in het paritair comité 327 de vaste wil bestond om het probleem tijdig op te lossen. Er was zelfs al een akkoord om de budgettaire last van de loonsverhoging billijk te verdelen tussen federale en regionale overheid.

Toch is de interdepartementele werkgroep de voorbije weken nog een aantal keren bijeengekomen. Dat inspireert mij tot mijn vragen : zijn er onverwachte moeilijkheden opgedoken of is er eindelijk een definitief akkoord ? Wat zijn de precieze resultaten van de vergadering ? hoe zal het minimumloon van 100 % worden uitgekeerd ?

Mevrouw De Galan, minister van sociale zaken. - Binnen de interdepartementele werkgroep en het paritair comité 327 bestaat wel degelijk een consensus om alle mindervalide werknemers vanaf 1 juli 1998 een arbeidsinkomen te waarborgen dat minstens 100 % van het gemiddelde gewaarborgde maandelijkse minimumloon bedraagt. Het gaat om 273,69 frank per uur. Het paritair comité bereidt een CAO in die zin voor, die tegen eind juni moet zijn ondertekend.

De werkgroep van zijn kant legt de laatste hand aan het verslag dat aan de federale regering moet worden bezorgd. Dat verslag bevat de details voor het optrekken van de laagste lonen naar 100 % van het minimumloon. Een eerste loonsverhoging met 6 tot 8 frank per uur heeft plaats op 1 juli 1998. Deze verhoging is klein, maar dat heeft te maken met de nieuwe manier om het uurloon te berekenen. Een volgende loonsverhoging moet plaatshebben op 1 oktober 1998 en zal gepaard gaan met een herindeling van de beroepscategorieën. Vanaf die datum zullen er zes beroeps- en loonscategorieën komen.

Ik wijs erop dat het hier om minimumloondrempels gaat en dat de werkelijke gemiddelde lonen hoger liggen. Het voorstel van het paritair comité wil in de beschutte werkplaatsen een reële loonspanning herstellen door de lonen van de 15 400 werknemers van de categorieën 3 tot 6 te verhogen. Aan de 12 100 werknemers van wie het loon beneden de 100 % blijft, zal het Fonds voor Bestaanszekerheid een looncomplement uitkeren.

Werknemers hebben vanaf 1 juli recht op die bijkomende premie. Om technische redenen zullen de premies van juli, augustus en september 1998 ten laatste op 1 april 1999 worden uitbetaald. Daarna zullen de werknemers ze elke maand ontvangen. Ten laatste op 1 april 2000 zou de achterstand tussen het loon en de premie van dezelfde maand zijn weggewerkt.

Het akkoord wil de volledige operatie financieren : de loonsverhogingen, de premies en de sociale zekerheidsrechten op het volledige loon.

De federale regering zal zich vóór het einde van deze maand over dit akkoord en over de financieringsmiddelen moeten uitspreken op basis van een voorstel van de werkgroep en het paritair comité. Dit voorstel wil de operatie financieren via een rechtstreekse en onrechtstreekse verlaging van de arbeidskosten voor mindervalide werknemers.

Het voorstel beveelt de federale regering aan de bestaande systemen voor de activering van de werkloosheids- en invaliditeitsuitkeringen van mindervaliden bij te sturen om ze aantrekkelijker te maken. Het vraagt de regering ook het activeringssysteem uit te breiden tot de mindervaliden die op 1 januari 1999 voldoen aan de voorwaarden om aanspaak te maken op een inkomensvervangende uitkering. Het voorstel wil dus de integratie van mindervaliden via tewerkstelling bevorderen.

De interdepartementele werkgroep is het erover eens dat de gewestsubsidies aan de sector niet worden verlaagd. Dat principe zal in het protocolakkoord tussen alle betrokken ministers worden opgenomen.

De heer Hostekint (SP). - Ik dank de minister voor haar inspanningen voor de zwakste werknemers. De oplossing die nu uit de bus gekomen is, is duidelijk de beste. We moeten erkennen dat het dank zij de acties van de mindervaliden zelf is dat het akkoord tot stand is kunnen komen.

Is het de bedoeling in de toekomst de premies te handhaven ?

Gaan de Gewesten akkoord om hun subsidies niet te verminderen ?

Mevrouw De Galan, minister van sociale zaken. - We zullen na het jaar 2000 moeten nagaan of het loon verder aangevuld moet worden met premies of niet.

Het is natuurlijk de bedoeling dat de Gewesten hun subsidies niet verminderen. Een gelijkaardige regeling is trouwens getroffen in verband met de sociale Maribel.

- Het incident is gesloten.





INOVERWEGINGNEMING

In overweging te nemen voorstellen


A. Wetsvoorstellen :

Artikel 77 :

Wetsvoorstel ter bevordering van gelijke kansen voor vrouwen en mannen bij de verkiezingen, van mevrouw Dua (Gedr. St. 1-959/1).

Artikel 81 :

Wetsvoorstel tot aanvulling van het Wetboek van strafvordering met bepalingen inzake DNA-onderzoek voor algemene identificatie in strafzaken en tot oprichting van een commissie voor de evaluatie van de wet betreffende het DNA-onderzoek, van de heer Coveliers (Gedr. St. 1-940/1).

Wetsvoorstel tot wijziging van de wet van 18 september 1986 tot instelling van het politiek verlof voor de personeelsleden van de overheidsdiensten, van de heren D'Hooghe en Daras (Gedr. St. 1-956/1).

Wetsvoorstel houdende instelling van een emancipatie-effectrapportage, van mevrouw de Bethune en mevrouw Dua (Gedr. St. 1-961/1).

Wetsvoorstel tot wijziging van artikel 53, 8°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, van de heren Goovaerts en Vautmans (Gedr. St. 1-1005/1).

B. Voorstel van resolutie :

Voorstel van resolutie betreffende de Conventie van de Raad van Europa inzake de rechten van de mens en de biogeneeskunde, van de heer Buelens (Gedr. St. 1-1003/1).

- De voorstellen worden in overweging genomen.





INDIENEN VAN WETSONTWERPEN



De Voorzitter. - De regering heeft volgende wetsontwerpen ingediend :

Wetsontwerp houdende :

1° instemming met en uitvoering van het Protocol van 1992 tot wijziging van het Internationaal Verdrag inzake de burgerlijke aansprakelijkheid voor schade door verontreiniging door olie, 1969 en Bijlage, gedaan te Londen op 27 november 1992;

2° wijziging van de wet van 20 juli 1976 houdende goedkeuring en uitvoering van het Internationaal Verdrag inzake de burgerlijke aansprakelijkheid voor schade door verontreiniging door olie, en van de Bijlage, opgemaakt te Brussel op 29 november 1969 (Gedr. St. 1-1015/1).

Het wetsontwerp werd verzonden naar de commissie voor de buitenlandse aangelegenheden.

Wetsontwerp houdende :

1° instemming met het Protocol van 1992 tot wijziging van het Internationaal Verdrag van 1971 ter oprichting van een Internationaal Fonds voor vergoeding van schade door verontreiniging door olie, gedaan te Londen op 27 november 1992;

2° wijziging van de wet van 6 augustus 1993 houdende goedkeuring en uitvoering van het Internationaal Verdrag ter oprichting van een Internationaal Fonds voor vergoeding van schade door verontreiniging door olie, opgemaakt te Brussel op 18 december 1971 en van het Protocol bij dit Verdrag, opgemaakt te Londen op 19 november 1976 (Gedr. St. 1-1016/1).

Het wetsontwerp werd verzonden naar de commissie voor de buitenlandse aangelegenheden.

Wetsvoorstel houdende instemming met het Protocol van overeenkomst tussen het Koningkrijk België en de Internationale Douaneraad betreffende het behoud van de zetel van de Wereld Douane Organisatie in Brussel, ondertekend te Brussel op 7 februari 1997 (Gedr. St. 1-1017/1).

Het wetsontwerp werd verzonden naar de commissie voor de buitenlandse aangelegenheden.





INDIENING VAN VOORSTELLEN



De Voorzitter. - De volgende voorstellen werden ingediend :

A. Wetsvoorstel :

Artikel 81 :

Wetsvoorstel tot wijziging van artikel 517 van het Gerechtelijk Wetboek houdende het verbod van deficitaire tenuitvoerleggingen (van Mevr. Lydia Maximus cs.; Gedr. St. 1-1021/1).

B. Voorstel van bijzondere wet :

Artikel 77 :

Voorstel van bijzondere wet tot wijziging van de bijzondere wet tot hervorming van de instellingen van 8 augustus 1980 (van de heer Ludwig Caluwé cs.; Gedr. St. 1-1020/1).

C. Voorstel van resolutie :

Voorstel van resolutie betreffende een beroep bij het Arbitragehof (van de heren Michel Foret en Pierre Jonckheer, Gedr. St. 1-1018/1).





VERZOEKSCHRIFTEN



De Voorzitter. - Bij verzoekschrift uit Jette heeft de burgemeester van deze gemeente aan de Senaat een motie overgezonden betreffende de taalfaciliteiten, aangenomen door de gemeenteraad op 29 april 1998.

Bij verzoekschrift uit Doornik heeft de heer Paulet opmerkingen geformuleerd met betrekking tot de wet van 10 februari 1998 tot wijziging van de wet van 1 juli 1964 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en de gewoontemisdadigers teneinde de advocaat van de geïnterneerde het recht toe te kennen beroep in te stellen tegen de beslissing van de commissie tot bescherming van de maatschappij die een verzoek om invrijheidstelling afwijst.





ARBITRAGEHOF



De Voorzitter. - Met toepassing van artikel 76 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof, heeft de griffier van het Arbitragehof aan de voorzitter van de Senaat kennis gegeven van :

het beroep tot vernietiging van artikel 175 van het decreet van de Franse Gemeenschap van 24 juli 1997 dat het statuut bepaalt van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de hogescholen ingericht of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap, ingesteld door de Bond der Bedienden, Technici en Kaders van België (rolnummer 1334).

Met toepassing van artikel 77 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof, heeft de griffier van het Arbitragehof aan de voorzitter van de Senaat eveneens kennis gegeven van :

de prejudiciële vraag betreffende artikel 57, § 2, van de organieke wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, zoals gewijzigd bij artikel 65 van de wet van 15 juli 1996, gesteld door de arbeidsrechtbank te Gent (rolnummer 1330);

de prejudiciële vraag over artikel 2, eerste lid, van het decreet van het Vlaamse Gewest van 21 december 1994 « houdende bekrachtiging van het besluit van de Vlaamse regering van 16 november 1994 betreffende de definitieve aanwijzing van de beschermde duingebieden en van de voor het duingebied belangrijke landbouwgebieden, en houdende wijziging van de wet van 12 juli 1973 op het natuurbehoud », artikel 14 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State en artikel 26, § 1, van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof, gesteld door de Raad van State (rolnummer 1335);

de prejudiciële vraag betreffende de artikelen 127, 128 en 148, § 3, van de wet op de landverzekeringsovereenkomst van 25 juni 1992, gesteld door de vrederechter van het tweede kanton te Namen (rolnummer 1333);

de prejudiciële vraag over de artikelen 20, § 1, 31, § 2, en 40, § 4, van het decreet van de Vlaamse Gemeenschap van 27 maart 1991 betreffende de rechtspositie van sommige personeelsleden van het gesubsidieerd onderwijs en de gesubsidieerde psycho-medisch-sociale centra, gesteld door de Raad van State (rolnummer 1336).

Tenslotte, met toepassing van artikel 113 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het Arbitragehof, heeft de griffier van het Arbitragehof kennis gegeven aan de voorzitter van de Senaat van :

het arrest nr. 61/98, uitgesproken op 4 juni 1998, inzake de prejudiciële vraag betreffende artikel 34 van de wet van 1 augustus 1985 houdende fiscale en andere bepalingen, gesteld door de Commissies voor hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden (rolnummer 1019);

het arrest nr. 62/98, uitgesproken op 4 juni 1998, inzake de vordering tot schorsing van artikel 27 van het programmadecreet van de Franse Gemeenschap van 24 juli 1997 met betrekking tot diverse dringende maatregelen in verband met het onderwijs, in zoverre het de artikelen 7 en 10 invoegt in het decreet van 5 augustus 1995 houdende diverse maatregelen inzake hoger onderwijs, ingesteld door Maria Navarro Diego en anderen (rolnummer 1305).

- De vergadering wordt om 19.25 uur gesloten.

- Donderdag, 18 juni 1998, om 9 en 14.30 uur, openbare vergadering.





BERICHTEN VAN VERHINDERING



Mevrouw Dua, wegens beroepsplichten; mevrouw Thijs, mevrouw Leduc en de heer Ceder, om familiale redenen; mevrouw Mayence-Goossens, wegens andere plichten, en de heer De Decker, met opdracht in het buitenland.





ERRATUM



In het Beknopt Verslag nr. 1-191 van woensdag 3 juni 1998 dient in de inhoudsopgave bij het eerste agendapunt (Gebruik der talen in gerechtszaken - Belangenconflict) de naam van de heer Loones te worden toegevoegd.





Het Beknopt Verslag geeft een samenvatting van de debatten


Het volledig verslag verschijnt in de Parlementaire Handelingen