5-138

5-138

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 30 JANUARI 2014 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Mondelinge vragen

Mondelinge vraag van de heer Jurgen Ceder aan de vice-eersteminister en minister van Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Europese Zaken over ęde Belgische handelsmissie en de vrouwenrechtensituatie in Saoedi-ArabiŽĽ (nr. 5-1277)

De heer Jurgen Ceder (Onafhankelijke). - In het rapport van 2013 over de mensenrechtensituatie in Saoedi-ArabiŽ legt Human Rights Watch de nadruk op de discriminatie van vrouwen in dat koninkrijk. Vrouwen mogen niet reizen zonder begeleiding, niet trouwen zonder toestemming van een mannelijke voogd, niet aan sport doen, niet met een wagen rijden, ze worden benadeeld in juridische procedures, worden gebannen uit sommige beroepen, enzovoort. Ook Amnesty International vestigde de aandacht op de minderwaardige positie van vrouwen op het Arabische schiereiland. Eťn van de incidenten die in het rapport van Human Rights Watch werden opgenomen, betrof de arrestatie van vrouwen die hun lange gewaad hadden afgelegd in een winkelcentrum. In Saoedi-ArabiŽ is het dragen van de "abaya", de Saoedische versie van de boerka, inderdaad verplicht voor vrouwen. Dat maakt dit kledingstuk niet alleen tot een onderdeel, maar ook tot een symbool van de discriminatie van vrouwen in dit land.

Vorige week dinsdag meldde La DerniŤre Heure dat prinses Astrid in maart een handelsmissie naar bevel Saoedi-ArabiŽ zal leiden. De krant legde er de nadruk op dat alle vrouwelijke deelnemers op verzoek van de gaststaat de Saoedische boerka en een sluier zullen moeten dragen. De enige die dat niet moet doen is de prinses. Aan de mannelijke deelnemers worden geen verplichtingen opgelegd.

Vindt de minister het aanvaardbaar en verenigbaar met het Belgische beleid inzake vrouwenrechten dat de deelnemers verplicht worden om het symbool van vrouwelijke discriminatie en achteruitstelling te dragen? Zal Buitenlandse Zaken de deelnemers een advies of dienaangaande geven? Zal de prinses deelnemen aan een missie waarvan de deelnemers op deze wijze behandeld worden? Waarom wordt voor haar een uitzondering gemaakt?

De heer Didier Reynders, vice-eersteminister en minister van Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Europese Zaken. - Om misverstanden te vermijden, wil ik kort ingaan op het verschil tussen een boerka en een abaya, zoals deze respectievelijk in Afghanistan en Saoedi-ArabiŽ gedragen worden. Een boerka bedekt het volledige bovenlichaam en het hoofd van de vrouw, met een gaas voor het gezicht. Een abaya daarentegen is een lange mantel of overkleed dat het hoofd volledig vrij laat.

Uiteraard is er in Saoedi-ArabiŽ, zoals in andere landen, ruimte voor verbetering op het vlak van mensenrechten, in het bijzonder vrouwenrechten. De bevordering en bescherming van de mensenrechten neemt een prioritaire plaats in binnen het Belgische buitenlands beleid. In het kader van het universeel periodiek onderzoek (UPR) van Saoedi-ArabiŽ voor de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties, op 21 oktober 2013, formuleerde BelgiŽ aanbevelingen ter bevordering van de vrouwenrechten. Ik verwijs naar de Belgische interventie ter zake.

Mensenrechtenorganisaties als Human Rights Watch bevestigen in hun rapporten tevens dat mensenrechtenkwesties in Saoedi-ArabiŽ weinig gebaat zijn bij een confrontatiegerichte aanpak.

Zelf ben ik van mening dat een confronterende aanpak niet de beste manier is om de vrouwenrechten in Saoedi-ArabiŽ te bevorderen. In die zin kan men deze handelsdelegatie, geleid door de prinses en waaraan tientallen zakenvrouwen deelnemen, beschouwen als een positieve actie. Dat de handelsmissie van ons land in Saoedi-ArabiŽ wordt geleid door een vrouw is immers een zeer belangrijk signaal.

Bovendien komt deze handelsmissie er in samenspraak met de bevoegde regionale en federale entiteiten om tegemoet te komen aan een reŽle vraag van het bedrijfsleven. Dat ziet in Saoedi-ArabiŽ opportuniteiten die kunnen bijdragen tot het versterken van de Belgische economie en werkgelegenheid.

De prinses zal deze delegatie leiden, en treedt in die hoedanigheid op als vertegenwoordiger van de Koning. De voorbereidingen voor deze missie zijn volop aan de gang. Ook de vestimentaire etiquette wordt uitgeklaard en zal te gepasten tijde aan alle deelnemers worden gecommuniceerd. Het dragen van een hoofddoek zal in ieder geval niet nodig zijn.

De heer Jurgen Ceder (Onafhankelijke). - Het dragen van een hoofddoek zal niet verplicht worden, maar het dragen van een abaya wel. Dat wordt evenwel ook in het rapport van Human Rights Watch aangemerkt als een element en een symbool van de discriminatie van vrouwen in Saoedi-ArabiŽ.

De minister zegt dat het niet helpt om een confrontatiepolitiek te voeren. Ik ben het daarmee eens: men kan niet van elke handelsmissie ook een mensenrechtenmissie maken. Maar ik vind wel dat er een verschil is tussen bijvoorbeeld naar China op handelsmissie gaan en daar de mensenrechten niet ter sprake te brengen, wat ik kan begrijpen, en naar China gaan en de deelnemers van de missie verplichten het speldje van de communistische partij te dragen, wat toch nog iets anders is. Hetzelfde geldt voor de komende Winterspelen. Ik kan begrijpen dat men naar Sotsji kan gaan zonder daar grote demonstraties over mensenrechten of de rechten van homoseksuelen te houden, maar het zou verregaand zijn om homoseksuelen ook nog te verplichten een button met een afbeelding van Poetin op te spelden. Dat is nochtans wat hier gebeurt: aan de vrouwen wordt niet alleen gevraagd om hun mond te houden en de onevenwichtige situatie niet ter sprake te brengen, maar ze worden ook nog verplicht om op die handelsmissie in Saoedi-ArabiŽ het symbool van de vrouwelijke achteruitstelling te dragen.

Vorig jaar hebben wij in de Senaat een resolutie aangenomen waarin we vragen om bijvoorbeeld inzake ontwikkelingssamenwerking rekening te houden met de genderdimensie en met de rechten van vrouwen. We moeten ons niet veel illusies maken over wat daar in de praktijk van zal terechtkomen, als we zien hoe daar op handelsmissies mee wordt omgegaan in manifest discriminerende landen als Saoedi-ArabiŽ.