5-90

5-90

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 31 JANUARI 2013 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Mondelinge vraag van de heer Johan Verstreken aan de vice-eersteminister en minister van Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Europese Zaken over ęde omstreden Russische wet die homoseksuele propaganda verbiedtĽ (nr. 5-821)

De heer Johan Verstreken (CD&V). - Vorige week heeft de Russische Doema een omstreden wet aangenomen die het verbiedt om minderjarigen van informatie te voorzien, die wordt omschreven als homoseksuele propaganda. Dat verbod legt LGBT-organisaties aan banden en maakt het bijzonder moeilijk antidiscriminatie campagnes, hiv-preventie campagnes of gelijk welk debat over de rechten van holebi's en transgenders in het openbaar te voeren. Uiteraard vormt dat een schending van de mensenrechten in een land waar homofoob geweld al vrij groot is.

Voortaan mogen in Rusland mensen van hetzelfde geslacht niet meer hand in hand lopen of elkaar kussen op straat. Overigens vraag ik me af hoe dat land daarop zal toezien. Als kleine jongen zag ik immers op televisie Russische prominenten zoals Brezjnev andere mannen kussen. Zullen ook op dat soort gedrag straffen staan in Rusland?

BelgiŽ wil discriminatie door overheden op grond van seksuele geaardheid tegengaan en een einde maken aan de strafbaarstelling van homoseksualiteit. Bovendien heeft de Senaat onlangs in een resolutie de Jogjakartaprincipes erkend. Daarin wordt de regering opgeroepen om die principes formeel te onderschrijven en ze te verdedigen waar nodig.

Tijdens zijn officiŽle bezoek aan Rusland afgelopen week sprak de minister lovende woorden over president Poetin. Ik hoop dat hij daar ook over de mensenrechten heeft gesproken.

Heeft de minister Rusland gewezen op de contradictie tussen de nieuwe wet en het internationale mensenrechtenbeleid inzake seksuele geaardheid? Zal BelgiŽ die wet officieel veroordelen? Zal de minister het probleem op Europees niveau aankaarten? Heeft ons land intussen formeel de Jogjakartaprincipes onderschreven als leidraad voor het internationaal beleid op het gebied van LGBT?

Onze ambassades hebben een belangrijke rol te vervullen als het erom gaat de mensenrechten van homoseksuelen te doen aanvaarden en beschermen waar ook ter wereld. Beschikken onze ambassades net als die van Nederland over een handleiding waarmee ze het Belgische beleid op dat vlak kunnen uitdragen en uitvoeren?

De heer Didier Reynders, vice-eersteminister en minister van Buitenlandse Zaken, Buitenlandse Handel en Europese Zaken. - Zoals de heer Verstreken heeft benadrukt, verzet ons land zich sterk tegen elke vorm van discriminatie. Dat geldt ook voor discriminatie op grond van seksuele oriŽntatie of genderidentiteit. BelgiŽ is niet alleen lid van de LGBT-kerngroep binnen de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties, maar houdt ook binnen de Europese Unie actief toezicht op die werkgroep.

Gisteren heeft mevrouw Catherine Ashton, de hoge vertegenwoordiger voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid van de EU, uiting gegeven aan de bezorgdheid van de Europese Unie over de nieuwe Russische wet. Volgens haar kan die wet de discriminatie van holebi's en van hun sympathisanten in de hand werken. Daarom heeft ze Rusland ertoe opgeroepen zijn nationale en internationale verplichtingen na te leven en het land herinnerd aan zijn lidmaatschap van de Raad van Europa. Uiteraard onderschrijf ikzelf volledig de verklaring van mevrouw Ashton. Zoals bekend, hecht ik inderdaad een groot belang aan een gemeenschappelijk buitenlands beleid van de Europese Unie.

Evenwel ben ik van mening dat een aparte Belgische verklaring niet opportuun is. Die zou immers het standpunt dat mevrouw Ashton namens de Europese Unie duidelijk heeft gemaakt, niet versterken.

Tijdens mijn gesprek met mijn ambtgenoot Sergej Lavrov vorige maandag heb ik uiteraard de naleving van de mensenrechten in Rusland aangekaart. Het moet me van het hart dat zo'n gesprek niet gemakkelijk is, want in dat soort dossier zijn de antwoorden van de tegenpartij meestal heel kort.

Hoe dan ook zetten we onze inspanningen voort. Momenteel werkt de Europese Unie aan nieuwe richtlijnen voor holebi's en die zullen tegen juni ter goedkeuring worden voorgelegd aan alle lidstaten. De richtlijnen zullen verwijzen naar de Jogjakartaprincipes en een bruikbare basis vormen voor niet alleen de Belgische, maar voor alle Europese ambassades.

In 2010 heeft BelgiŽ al een LGBT-handleiding verspreid en gepromoot bij zijn diplomatieke posten in de andere lidstaten van de Europese Unie. Die handleiding vormt juist een instrument waarmee ze discriminatie op grond van seksuele oriŽntatie en gender kunnen aanpakken.

Het Belgische mensenrechtenbeleid blijft prioritair gericht op het tegengaan van de discriminatie van holebi's. Daarom zal onze ambassade in Moskou tijdens de komende dagen en weken de evolutie binnen de Doema nauwgezet volgen. Hopelijk levert die aandacht resultaten op.

De heer Johan Verstreken (CD&V). - Het is positief dat de minister de discriminatie van holebi's ter sprake brengt waar het ook mogelijk is en dat ook mevrouw Ashton hamert op het thema.

Volgens mij is het evenzeer van belang nog andere ambassades aan te spreken. Buiten Rusland zijn er inderdaad andere landen waar homoseksualiteit strafbaar is en waar de mensenrechten geschonden worden. Ik ben alvast erkentelijk namens de velen die het moeilijk hebben hun stem te laten horen.