5-89COM

5-89COM

Commission des Relations extérieures et de la Défense

Annales

MARDI 5 JUILLET 2011 - SÉANCE DE L'APRÈS-MIDI

(Suite)

Demande d'explications de M. Rik Daems au ministre de la Coopération au développement, chargé des Affaires européennes sur «le fonctionnement de la Société belge d'investissement pour les pays en développement (BIO)» (nº 5-645)

De heer Rik Daems (Open Vld). - Gezien de politieke evolutie veronderstel ik dat het niet gemakkelijk is voor de minister om mijn drie volgende vragen te beantwoorden. Sommige punten waarover ik vragen stel zullen in de komende dagen en weken immers worden besproken. Mijn vragen zijn echter al een tijdje geleden ingediend en ze zijn vrij algemeen, dus is het toch relevant ze te stellen.

Mijn eerste vraag gaat over BIO. BIO is een maatschappij die is opgericht vanuit de redenering dat investeren in ontwikkelingssamenwerking een goede zaak is - ik heb trouwens de eer gehad die maatschappij samen met collega Boutmans op te richten. Met investeren wordt bedoeld een rendement behalen. Het gaat dus niet om een vrijblijvende donatie.

Een bijzonder groot volume aan werkingsmiddelen van BIO wordt echter niet benut. Nochtans hebben de mensen die er werken, van wie ik er een aantal ken, voortreffelijke kwaliteiten.

Er zijn twee mogelijkheden: ofwel zijn er onvoldoende projecten die voldoen aan de criteria waar BIO zich moet aan houden. In dat geval moet het actieterrein worden verbreed, hetzij geografisch, hetzij op het vlak van de sectoren. Ofwel is er een probleem op het vlak van de werking van BIO.

Wat is de benuttingsgraad van de beschikbare middelen en de totale omvang van de middelen van BIO in haar diverse activiteitsterreinen?

Waarom is de benuttingsgraad zo laag? Hoe denkt de minister een impuls te geven aan BIO zodat de benuttingsgraad toeneemt? Het is immers te gek dat er een groot potentieel van middelen ter beschikking is, dat niet gebruikt wordt. Die middelen worden wel bij de 0,7%-norm geteld, maar het rendement is gelijk aan nul. Dat is jammer.

De heer Olivier Chastel, minister van Ontwikkelingssamenwerking, belast met Europese Zaken. - Microfinanciering is een kernactiviteit van BIO sinds de oprichting van deze maatschappij. Ongeveer 25% van de financiële enveloppe van BIO wordt gebruikt voor microfinanciering. Dat is meer dan in andere Europese financiële ontwikkelingsinstellingen, waar het gemiddelde 14% bedraagt. Vanuit de idee om haar expertise in deze sector te versterken, heeft BIO in 2010 een nieuwe medewerker in dienst genomen die zich exclusief met micofinanciering zal bezighouden. In 2011 heeft de raad van bestuur van BIO ook een specifieke BIO-strategie voor microfinanciering goedgekeurd.

Deze strategie steunt op vier hoofdassen: financiële leefbaarheid, aanvulling op de privéactoren, proactieve aanmoediging van de internationale standaarden die eigen zijn aan microfinanciering, zoals principes ter bescherming van de klant of sociale performantie, en financiële inclusie, wat betekent dat de toegang tot de financiële diensten wordt vergroot tot personen die nu geen toegang hebben. Voor de komende jaren zijn de groeivooruitzichten voor de sector bemoedigend. De vraag van de micro-ondernemers naar microfinanciering heeft sinds enkele maanden opvallend hersteld. Het herstel van de economische situatie in het algemeen is ook een positief signaal voor de sector van de microfinanciering.

De heer Rik Daems (Open Vld). - Ik dank de minister voor zijn partiële antwoord. Blijkbaar is er wat misgelopen, ofwel in de formulering van mijn vraag, ofwel in de interpretatie ervan. Microfinanciering is immers één van de activiteiten van BIO, zij het een belangrijke, die inderdaad sterker ontwikkeld is dan elders. Enkele maanden geleden zijn in India evenwel ernstige problemen gerezen met een microfinancieringsbank. Dat doet evenwel geen afbreuk aan het instrument microfinanciering, want deze techniek is bijzonder doeltreffend om zeer kleine financieringen te gunnen aan mensen die anders nooit uit de armoede zouden raken. Er zijn dus heel wat succesverhalen, maar ook een paar andere verhalen.

Ik heb begrepen dat mijn vraag misschien iets specifieker had moeten zijn. Ik dank de minister alvast voor dit antwoord en ik zal later nog een meer gedetailleerde vraag stellen om de andere activiteiten van BIO toe te lichten.