4-1211/2

4-1211/2

Belgische Senaat

ZITTING 2009-2010

20 JANUARI 2010


Wetsvoorstel tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek, betreffende het sluiten der deuren in familiezaken


AMENDEMENTEN


Nr. 1 VAN MEVROUW DEFRAIGNE C.S.

Art. 2

Dit artikel vervangen als volgt :

 Artikel 2. Artikel 757 van het Gerechtelijk Wetboek, waarvan de huidige tekst 1 wordt, wordt aangevuld met de paragrafen 2, 3 en 4, luidende :

 Onverminderd de bijzondere bepalingen waarnaar deze paragraaf in afwijking van paragraaf 1 verwijst, verlopen de volgende procedures voor de raadkamer, zowel in eerste aanleg als in beroep, wat de pleidooien en verslagen betreft :

1 de gerechtelijke procedures inzake afstamming bedoeld in de artikelen 318, 329bis, 330, 332quinquies en 338 van het Burgerlijk Wetboek;

2 de gerechtelijke procedures inzake het ouderlijk gezag bedoeld in de artikelen 373, 374, 375bis, 387bis en 387ter van het Burgerlijk Wetboek;

3 de gerechtelijke procedures inzake de wettelijke samenwoning bedoeld in artikel 1479 van het Burgerlijk Wetboek;

4 de gerechtelijke procedures inzake adoptie bedoeld in het vierde deel, boek IV, hoofdstuk VIIIbis van het Gerechtelijk Wetboek;

5 de gerechtelijke procedures inzake voogdij bedoeld in het vierde deel, boek IV, hoofdstuk IX van het Gerechtelijk Wetboek;

6 de gerechtelijke procedures inzake onbekwaamverklaring bedoeld in het vierde deel, boek IV, hoofdstuk X van het Gerechtelijk Wetboek;

7 de gerechtelijke bemiddelingsprocedures inzake vorderingen van echtgenoten betreffende hun wederzijdse rechten en verplichtingen en hun huwelijksvermogenstelsel bedoeld in artikel 1253quater van het Gerechtelijk Wetboek;

8 de gerechtelijke procedures betreffende de echtscheiding bedoeld in de artikelen 1255 en 1256 van het Gerechtelijk Wetboek en deze betreffende de scheiding van tafel en bed bedoeld in artikel 1305 van hetzelfde Wetboek;

9 de procedures betreffende de voorlopige maatregelen bedoeld in artikel 1280 van het Gerechtelijk Wetboek.

 3. Geschillen over materies, die niet bedoeld worden in  2, maar die daarmee samenhangen, worden voor de raadkamer behandeld.

 4. De rechter kan in elke stand van het geding, naargelang de omstandigheden, de openbaarheid van de debatten bevelen, hetzij ambtshalve, hetzij op vraag van het openbaar ministerie of van een partij in het geding. .

Verantwoording

In dit amendement wordt voorgesteld de lijst met materies die in het voorstel worden opgesomd, te wijzigen. Het voorgestelde artikel 757,  2, schrapt bepaalde materies, beperkt soms de gesloten deuren tot specifieke bepalingen van hoofdstukken terwijl het voorstel van toepassing is op het gehele hoofdstuk en voegt materies toe die vergeten waren. Zo worden de verschillende gevallen op coherentere wijze behandeld en sluiten zij beter aan bij een van de wettelijke uitzonderingen. De gesloten deuren worden de algemene regel voor alle zaken die tot de persoonlijke levenssfeer van een gezin horen en meer bepaald de  intiemere  aspecten en dan voornamelijk die materies die met het kind te maken hebben. Aangezien zaken met betrekking tot goederen of hun beheer toch wel openbaarheid ten aanzien van derden vergen — behoudens bij bemiddelingen daaromtrent — wordt de verschijning voor de raadkamer daar niet toegepast.

Voor het overige behoudt het amendement de uitspraak in een openbare zitting, om zo de nodige garanties voor transparante en billijke rechtspraak te bieden.

In het amendement wordt ervoor geopteerd de bepalingen die voorzien in het sluiten der deuren in hun huidige formulering te behouden. Zij houden soms specifieke regelingen in of beperken de verschijning voor de raadkamer tot bepaalde fases in de gerechtelijke procedure (met name inzake voogdij, waar de gesloten deuren enkel gelden voor het horen van de minderjarige of zijn verwanten); daarbij rekening houdend met de bijzonderheden van de procedure of de beoogde doelstellingen (horen van de minderjarige zonder dat zijn ouders aanwezig zijn), wat tot tegenstrijdigheden kan leiden tussen artikel 757 dat het principe veralgemeent voor de hele gerechtelijke procedure en de diverse specifieke artikelen die de verschijning voor de raadkamer verbinden aan bepaalde voorwaarden. Volgens sommigen zou het wellicht de rechter moeten zijn die bepaalt welke aspecten achter gesloten deuren worden behandeld. De bevoegdheid van de rechter mag evenwel niet te ruim zijn en dient te worden afgebakend. Er wordt dan ook een verwijzing ingevoegd naar de beperkingen inzake gesloten deuren, vastgesteld in de specifieke bepalingen in  2.

Als antwoord op de kritiek van de Raad van State (advies nr. 44.203, Stuk Senaat, nr. 4-295/2, blz 6), waarborgt 4 de mogelijkheid van een terugkeer naar de openbaarheid van de debatten. Daarvoor hoeft geen reden te worden gegeven, precies omdat dit past binnen het algemene kader van de openbaarheid van de debatten.

Nr. 2 VAN MEVROUW DEFRAIGNE C.S.

Art. 3 tot 8

Deze artikelen doen vervallen.

Christine DEFRAIGNE.
Philippe MAHOUX.
Christophe COLLIGNON.