4-117

4-117

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 25 MAART 2010 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Mondelinge vraag van de heer Pol Van Den Driessche aan de vice-eersteminister en minister van FinanciŽn en Institutionele Hervormingen en aan de minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen over ęde prijsverhoging van de autoverzekeringĽ (nr. 4-1178)

De heer Pol Van Den Driessche (CD&V). - Verscheidene verzekeringsmaatschappijen hebben onlangs hun premies verhoogd of plannen een verhoging voor de autoverzekering. Zo verhoogt Ethias de premies met 2,8 procent, AG met 4,5 procent. Ze doen dat niet omdat de bonus-malusgraad van de verzekerden steeg als gevolg van ongevallen, maar wel - zo zeggen ze zelf - wegens een stijging van het aantal schadeclaims.

Volgens de cijfers van de CBFA, de controleautoriteit, bleven de cijfergegevens met betrekking tot de ongevallen de jongste jaren echter constant. In 2008 waren er niet meer ongevallen dan in 2003, maar toch verhogen die maatschappijen hun premies.

De reden voor de prijsstijging van de verplichte verzekering moet dus niet worden gezocht in het aantal schadeclaims, maar in de beleggingsopbrengsten. De verzekeringsmaatschappijen investeren de premies die ze van hun klanten ontvangen, in beleggingen. In de periode 2003-2007 hebben ze hun beleggingsopbrengsten jaarlijks met vijftien tot twintig procent zien stijgen. Ze hebben dus de jongste jaren een aardige winst opgestreken. In die periode zijn de premies niet gedaald, maar bleven ze stabiel. In 2008 werd een verlies van een half procent opgetekend. Dat verlies willen ze nu afwentelen op hun klanten door de premies te verhogen. Dat moet kunnen in een vrije markteconomie, maar toch is er iets dat niet klopt. De verzekeringsmaatschappijen hebben jarenlang winsten opgestreken en het aantal schadeclaims is niet verhoogd. Nu hun opbrengsten uit beleggingen met 0,5 procent dalen, verhogen ze de premie met 2 tot 5 procent. Dat begrijp ik niet.

Kunnen verzekeringsmaatschappijen op eigen initiatief de premies in die mate verhogen, terwijl objectief kan worden aangetoond dat die verhoging niet correct is?

Kan de overheid de maatschappijen verplichten de prijsverhogingen te motiveren en vooraf te melden?

Gewezen minister van Economie, Marc Verwilghen, heeft in een vorige regeerperiode beloofd dat er een database zou worden uitgewerkt waarmee de consument de prijzen zou kunnen vergelijken. Hoever staat de ontwikkeling van die database?

De heer Didier Reynders, vice-eersteminister en minister van FinanciŽn en Institutionele Hervormingen. - Als gevolg van de belofte van gewezen minister Verwilghen heeft een technische werkgroep binnen de FOD Economie inderdaad bestudeerd of een databank kon worden opgezet waarmee de consumenten de prijzen zou kunnen vergelijken. Om technische redenen en wegens de kostenefficiŽntie bleek het echter niet mogelijk een dergelijke databank te ontwikkelen. Op de website van de FOD Economie staat wel een pagina waarmee de consument contact kan opnemen met de verzekeringsondernemingen die in BelgiŽ de BA-autoverzekering aanbieden.

Wat de prijsevolutie in het algemeen betreft, kan ik een aantal elementen meedelen.

In de loop van de voorbije maanden hebben verschillende verzekeringsondernemingen aangekondigd dat ze tariefwijzigingen zullen doorvoeren. De in de pers vermelde stijgingspercentages zijn het resultaat van contacten met de verzekeringsondernemingen en tussenpersonen. Volgens de door de sector meegedeelde cijfers bereikte de gemiddelde BA-premie auto, namelijk de incassering versus het aantal voertuigen, in 2009 een niveau dat vergelijkbaar was met dat van 2002. Ter vergelijking: in 2006 bedroeg het gemiddelde van de premies, zonder btw, 307 euro, in 2007 303 euro, in 2008 297 euro en in 2009 296 euro. De gemiddelden zijn de jongste jaren dus niet veel veranderd.

De sector wijst er bovendien op dat de ongevallenfrequentie al meerdere jaren stijgt, 7,09 procent in 2009 tegenover 6,67 procent in 2006. Dat geldt ook voor het aantal ongevallen, zonder dat er een vermindering is van de gemiddelde kostprijs van de schadegevallen.

Ik vermeld deze cijfers, die van de sector komen, alleen ter indicatie. Ik heb de FOD Economie een studie gevraagd met objectieve cijfers over de prijsevolutie. De resultaten van de studie worden in mei verwacht. Ik stel voor dat de bevoegde commissies van Kamer en Senaat dan een hoorzitting organiseren met Assuralia en de FOD Economie over de evolutie van de prijzen.

In de Kamer hebben we gediscussieerd over de vervanging van het bonus-malusstelsel, zoals voorgesteld in 2004. Ik pleit niet voor de wederinvoering van een bonus-malusstelsel. De consument vroeg trouwens een ander stelsel. Zonder een echte prijscontrole in te voeren, moet het toch mogelijk zijn een aantal regels op te leggen in verband met de evolutie van de premies.

De heer Pol Van Den Driessche (CD&V). - Ik leer uit het antwoord dat van de belofte van minister Verwilghen niets is terechtgekomen. Een website die aangeeft bij welke verzekeringsmaatschappijen de consumenten terecht kunnen voor hun autoverzekering, is een mager resultaat.

Ik ben vragende partij voor een hoorzitting met de sector. Ik noteer ook dat de minister toch regels wenst op te leggen. Heel veel Belgen hebben een auto en zijn verplicht een verzekering te nemen. De verzekeraars kunnen dus onderling prijsafspraken maken, terwijl de consumenten moeten zwijgen en betalen.