4-112

4-112

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 11 FEBRUARI 2010 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Mondelinge vraag van mevrouw Fatma Pehlivan aan de staatsecretaris voor Maatschappelijke Integratie en Armoedebestrijding over ęde opvang van asielzoekersĽ (nr. 4-1094)

De voorzitter. - De heer Michel Daerden, minister van Pensioenen en Grote Steden, antwoordt.

Mevrouw Fatma Pehlivan (sp.a). - Het gebrek aan financiŽle middelen van de OCMW's voor een adequate opvang van asielzoekers blijft de pers halen, zowel in het noorden als in het zuiden van het land. Door een schrijnend gebrek aan reguliere opvangplaatsen worden asielzoekers ondergebracht in hotels, sportzalen en zelfs kerken.

Ik citeer de woordvoerster van de Vlaamse Vereniging van Steden en Gemeenten: `In de herkomstlanden klinkt het woord "hotels" erg goed en het is er goed bekend dat je in BelgiŽ als asielzoeker financiŽle steun krijgt. Pas wanneer de asielzoekers die hotels verlaten hebben, zal de instroom verminderen.' Einde citaat.

FinanciŽle steun verhoogt de toestroom van asielzoekers. Wij hebben voor dat resultaat al vaak gewaarschuwd.

Het is ver gekomen als zelfs het grote OCMW van Antwerpen meent te moeten overgaan tot het integraal schrappen van het budget voor de opvang van asielzoekers. Ik kan begrip opbrengen voor de maatregel omdat het OCMW ook geconfronteerd wordt met een stijgend aantal mensen dat een beroep doet op het leefloon.

De stad Gent heeft het budget van het OCMW met 22 miljoen moeten verhogen. Niet alle steden kunnen zo een verhoging aan.

In De Standaard van 10 februari lees ik dat de OCMW-voorzitters van Antwerpen, Brussel, Luik, Gent en Charleroi vorige week overlegd hebben met de staatssecretaris.

Welke concrete afspraken zijn gemaakt met de OCMW's van genoemde steden?

Worden er op korte termijn meer middelen vrijgemaakt om de OCMW's in staat te stellen asielzoekers in menswaardige omstandigheden op te vangen en de andere tegemoetkomingen te verzekeren?

Komt er op korte termijn een nieuw spreidingsplan?

De heer Michel Daerden, minister van Pensioenen en Grote Steden. - Ik lees het antwoord van de staatssecretaris.

De staatssecretaris heeft op 2 februari inderdaad de vertegenwoordigers van de vijf genoemde OCMW's ontvangen. Ze hebben hem een lijst bezorgd met de grootste knelpunten, waaronder de opvang van asielzoekers. De staatssecretaris heeft zijn inspanningen toegelicht om het aantal opvangplaatsen op te drijven. Er zijn dertienhonderd plaatsen bijgekomen. In overleg met de regering worden de inspanningen voortgezet.

De heer Courard heeft onderstreept dat hij de opvang organiseert, maar dat het probleem steeds groter wordt. Steeds meer mensen komen immers ons land binnen.

De minister en staatssecretaris bevoegd voor Binnenlandse Zaken en voor Migratie- en Asielbeleid zijn dus, elk binnen hun respectieve bevoegdheden, nauw bij de problematiek betrokken. Ze kunnen ook een deel van de oplossing aanbrengen.

De staatssecretaris werkt aan voorstellen die de druk op de OCMW's moeten verminderen of op zijn minst beter spreiden. Zo komt niet alles op de rug van de steden.

Binnen het budget 2010 zijn er bijvoorbeeld met socialemaribelmiddelen zeshonderdvijftig nieuwe voltijdse betrekkingen binnen de OCMW's gecreŽerd.

De staatssecretaris herhaalt dat er momenteel geen spreidingsplan actief is. Er worden geen asielzoekers meer doorgestuurd naar de OCMW's.

In de wet diverse bepalingen van december 2009 is een bepaling opgenomen die eventueel kan worden gebruikt als basis voor een nieuwe spreiding. De regering moet nu evalueren of ze daar in de toekomst nog gebruik van wil maken.

Mevrouw Fatma Pehlivan (sp.a). - Ik noteer dat er dertienhonderd opvangplaatsen bijkomen en dat de regering een evaluatie plant over een eventuele nieuwe spreiding. Als het zo ver komt, zal de sp.a-fractie haar mening geven. Vandaag al wil ik de staatssecretaris waarschuwen dat de toestroom niet zal stoppen, zolang de financiŽle tegemoetkoming blijft bestaan.