4-88

4-88

Belgische Senaat

Handelingen

DINSDAG 13 OKTOBER 2009 - OPENINGSVERGADERING

(Vervolg)

Verklaring van de regering over haar algemeen beleid

De heer Herman Van Rompuy, eerste minister. - Ons land en de hele wereld gingen het voorbije jaar door turbulente tijden: financieel, sociaal, economisch. Een `annus horribilis'. We maken de zwaarste crisis mee sinds de Tweede Wereldoorlog. En crisis brengt onzekerheid en angst mee. Economisch en maatschappelijk. Mensen hebben nood aan vertrouwen en aan een perspectief. Het is mede de taak van de overheid dit te bieden. Om stabiliteit en zekerheid te geven en om, degelijk en duurzaam, stap voor stap de bouwstenen van verbetering aan te reiken. Je kan als land alleen de wind niet veranderen, maar wel de stand van de zeilen bijsturen. Het is niet de tijd voor spektakel maar om dag in dag uit, met vastberadenheid, stappen in de goede richting te zetten en de koers aan te houden.

In tijden van crisis blijkt het belang van waarden. Een financieel stelsel kan niet zonder eerlijkheid, de basis van elk vertrouwen.

Samenwerking en solidariteit, nationaal, Europees en internationaal, zijn onontbeerlijk in crisistijd. Niet het conflict, niet de confrontatie, maar dialoog en consensus leiden naar oplossingen. Zowel bij het zoeken naar antwoorden op economische vragen als bij het aanpakken van maatschappelijke problemen.

Het is vanuit die visie dat de regering in de voorbije weken antwoorden heeft uitgewerkt op belangrijke vragen, die ze nu aan u voorlegt.

De regering zal werk maken van duidelijke prioriteiten.

De verdere aanpak van de crisis. Niet enkel de ondersteuning van de koopkracht, het stimuleren van de vraag, het behoud van de concurrentiekracht, het zoveel mogelijk vermijden van jobverlies en het aanmoedigen van aanwervingen herstellen het vertrouwen. Ook het gezond maken van de overheidsfinanciŽn is essentieel om hoop op de toekomst open te houden.

De bevolking heeft recht op goed werkende instellingen, aangepast aan de noden van vandaag. Wij staan voor grote uitdagingen op het vlak van de hervorming van het financieel toezicht dat - ook internationaal - heeft gefaald, de hervorming van het gerecht, de verbetering van de werking van de overheidsdiensten maar ook van een verdere modernisering van de staatsstructuur.

De vergrijzing van onze bevolking is op zich een erg positieve ontwikkeling, maar ook een uitdaging, voor de arbeidsmarkt, de gezondheidszorgen, de pensioenen. De financiŽle en economische crisis heeft de problemen vergroot, maar ons model van welvaartsstaat is ons te dierbaar om niet alles in het werk te stellen om het te behouden. Daarom is het evenwicht in het stelsel van sociale zekerheid zo belangrijk.

Doortastende en verantwoordelijke beslissingen zijn nodig op het vlak van energie en klimaat; de evolutie naar een meer duurzame samenleving. De economie, onze fiscaliteit en onze wijze van leven moeten vergroenen willen wij overleven. Ook hier moeten wij stap voor stap angst omzetten in hoop.

Onze geglobaliseerde wereld stelt ons voor belangrijke maatschappelijke uitdagingen. Maar daarop bestaan antwoorden, die niet liggen in het aanwakkeren van angst, haat of argwaan, maar erop gericht zijn mensen en gemeenschappen dichter bij elkaar te brengen. Gedegen antwoorden: een gericht armoedebeleid, een humanitair en effectief migratie- en asielbeleid, een kordaat veiligheidsbeleid, een blijvende zorg om de armste ontwikkelingslanden.

BelgiŽ zal in de tweede helft van volgend jaar het voorzitterschap van de Europese Unie op zich nemen. We moeten van dit voorzitterschap een beleidsprioriteit maken om ook op het Europese niveau, stap voor stap, vooruitgang te boeken en de crisis aan te pakken. Het voorzitterschap is bovendien een uitmuntende kans voor ons land om zijn traditionele Europese voortrekkersrol te valoriseren. Er is geen toekomst buiten de Europese Unie. Zonder de euro zou de crisis trouwens de afmetingen van de jaren dertig hebben aangenomen.

Bij de opmaak van de begroting voor 2009 rekende men nog op een economische groei van 1,2%. Het werd een terugval van 3%. En dan presteerde BelgiŽ nog beter dan andere landen.

Een omslag zonder voorgaande. Dit jaar gingen 35 000 banen verloren en zonder maatregelen loopt het jobverlies volgend jaar op tot bijna 60 000.

De drastische en gecoŲrdineerde overheidsinterventies hebben wel hun vruchten afgeworpen. We vermeden de implosie van ons financieel systeem. Er werd kordaat opgetreden. Het tijdige en gerichte, bescheiden relancebeleid heeft vruchten afgeworpen. Het consumenten- en ondernemersvertrouwen verbetert weer sedert zes maanden. Volgend jaar wordt een economische groei voorspeld van 0,4% en in 2011 van 1,9%, al zal deze voorzichtige kentering zich nog niet onmiddellijk in werkgelegenheid vertalen. Het herstel is nog pril. Het is in deze fase van de crisis van belang om het ontluikende vertrouwen niet te fnuiken en de fundamenten te leggen voor een duurzaam herstel.

Een jaar geleden daverde het internationale financiŽle stelsel op zijn grondvesten. De wereldeconomie werd gedompeld in de zwaarste financiŽle crisis van deze eeuw. Wat men er ook van zegt, de overheid - in binnen- en buitenland - heeft de rol gespeeld die ze moest opnemen. Haar snel en krachtig ingrijpen heeft het financieel stelsel gestabiliseerd.

Geen enkele spaarder bleef in de kou. De regering zal verder haar verantwoordelijkheid opnemen. Ze doet de financiŽle instellingen bijdragen tot het financieren van een nieuw waarborgstelsel voor de spaarders, dat volledig door de overheid wordt georganiseerd.

De voornaamste veranderingen in de werking van het wereldwijd financieel stelsel moeten uiteraard van de financiŽle instellingen zelf komen. Die moeten zich weer op hun basisactiviteiten concentreren en daarbij meer aandacht schenken aan het risicobeheer en de transparantie van hun producten.

De vorige regering gaf een groep van experts de opdracht een blauwdruk voor een nieuw Belgisch financieel toezicht te ontwerpen. Hun rapport kwam tot klare aanbevelingen. Ondertussen had ook de Bijzondere Parlementaire Commissie belast met het onderzoek naar de financiŽle en bankencrisis in april 2009 aanbevelingen geformuleerd tot verbetering van het financiŽle toezicht.

De werkzaamheden hebben zich geconcentreerd op drie fundamentele kwesties: de invoering van een zogenaamde `crisiswet', de hervorming van de toezichtstructuur en, tot slot, een betere consumentenbescherming.

Wat de `crisiswet' betreft, moeten we de bevoegdheden van de overheden vergroten ingeval de problemen van een kredietinstelling of verzekeringsmaatschappij de financiŽle stabiliteit bedreigen. Soms beschikt de overheid immers maar over enkele uren om de nodige beschermingsmaatregelen te treffen, wil ze het faillissement van een instelling van systeemkritische omvang vermijden.

Inzake het prudentiŽle toezicht op de financiŽle instellingen is de regering het eens geworden over de grote lijnen van een voorontwerp van wet dat voorziet in een snelle oprichting van een Comitť voor systeemrisico's.

De overgangsfase zal zo snel als redelijkerwijs mogelijk is, worden gevolgd door een integratie in de Nationale Bank van het geheel van de bevoegdheden inzake prudentiŽle controle, en dit volgens het zogenaamde `Twin-Peaksmodel'.

De crisis heeft ten slotte, soms op dramatische wijze, aangetoond dat er een behoefte bestaat aan een betere bescherming en voorlichting van de consument.

Het comitť van experts en de Bijzondere Parlementaire Commissie hebben aanbevolen de wettelijke basis te verstevigen die de toezichthouder de mogelijkheid geeft in te grijpen inzake consumentenbescherming.

De regering zal zo vlug mogelijk wetsontwerpen in die zin voorleggen aan het Parlement om de bespreking ervan binnen de kortst mogelijke termijn en zeker voor het einde van het jaar te kunnen aanvatten.

Deze financiŽle crisis mag zich nooit meer herhalen.

In de nasleep van de financiŽle crisis is pijnlijk duidelijk geworden welke schaamteloos hoge gouden handdrukken sommigen uitgekeerd kregen, soms zonder medeweten van de aandeelhouders. De regering zal dit aanpakken. Beursgenoteerde bedrijven moeten zich voortaan schikken naar de Corporate Governance Code. Die laat een vertrekvergoeding toe van 12 maanden. Dezelfde beperking zal ook gelden voor de overheidsbedrijven. Als een Belgisch beursgenoteerd bedrijf aan een uitvoerend bestuurder, een lid van het directiecomitť of een dagelijks bestuurder toch een hogere vertrekvergoeding wil uitkeren, zal het daarvoor de instemming van de aandeelhouders moeten vragen. Een dergelijk verzoek tot afwijking van de Code moet bovendien vooraf worden meegedeeld aan de ondernemingsraad die hierover ook een advies kan uitbrengen.

De rode draad door de nieuwe regeling is de responsabilisering van de aandeelhouders en transparantie inzake het verloningsbeleid.

Rekening houdend met de aanbevelingen van de Europese Commissie van 30 april 2009 wordt door de regering in strenge regels voorzien voor de variabele verloning of bonussen. Er worden ook specifieke regels voor de financiŽle sector uitgewerkt.

Bij het begin van deze beleidsverklaring had ik het al over eerlijkheid en ethiek. Internationaal wordt dit ethische deficit sterk aangepakt. Dat betekent ook inzetten op de bestrijding van alle soorten van fraude. Omdat illegale ontwijking van belastingen en sociale lasten nadelig is voor de staatskas, maar ook en vooral omdat de fraudeur diegenen die eerlijk en correct werken op een oneerlijke wijze benadeelt. Fraudebestrijding is niet zomaar een algemene lijn op het einde van een begrotingstabel, geen sluitpost om een begrotingsoperatie af te ronden. Wij doen een pakket concrete voorstellen. Met een becijferde opbrengst. Wij nemen trouwens de besluiten van de Kamercommissie inzake fraudebestrijding erg ter harte.

De wereldwijde crisis weegt loodzwaar op de overheidsfinanciŽn. Alle Europese landen zagen in 2009 hun deficit toenemen. Ook onze buurlanden kenden dezelfde evolutie. Voor heel de Europese Unie zou het tekort groeien tot 6% van het bbp in 2010.

BelgiŽ stevent dit jaar - voor alle overheden samen - af op een lager tekort, met name van 5,4% van het bbp. Zonder ingrepen zou dit oplopen tot 6,7% tegen het einde van deze federale legislatuur. Dit tekort is het resultaat van de economische crisis en van de maatregelen ter bestrijding van die crisis. Wij hebben in Europa niet de fout begaan van de jaren '30 waarin men budgettair en monetair de teugels zo strak aanhaalde dat de economie en de werkgelegenheid erin verstikten.

Alle landen in de Europese Unie hebben in 2009 dus prioriteit gegeven aan het ondersteunen van de economie en het herstel. Ook BelgiŽ heeft dit gedaan.

De vraag is wanneer men overschakelt van een relancebeleid naar een politiek van terugkeer naar het budgettair evenwicht.

BelgiŽ heeft ervoor gekozen, vroeger dan andere landen, de weg in te slaan naar begrotingsevenwicht, maar rekening houdend met de nog broze economische toestand in 2010 en 2011.

Het komt er dus op aan om het juiste evenwicht te vinden tussen het ondersteunen van de economie en de noodzaak de begrotingssituatie niet uit de hand te laten lopen. Het is een subtiel evenwicht, ver van de slogans over begrotingsbeleid die her en der verspreid worden.

Daarom heeft de regering er bewust voor gekozen om toch al in 2010 een begrotingsinspanning van 0.5% van het bruto binnenlands product te leveren voor alle overheden en om deze inspanning dan te versterken tot 1% vanaf 2011 om zo in 2015 een evenwicht te bereiken voor de gezamenlijke overheid. Dat is ook het schema van de Hoge Raad van FinanciŽn. Wij nemen in 2010 en 2011 zelfs voorsprong op het stabiliteitsprogramma dat wij bij de Europese Commissie indienden. Zonder vergrijzinguitgaven - de pensioenen van de ambtenaren - krimpen de finale primaire uitgaven van de federale overheid reŽel tussen 2009 en 2011. Het is goed eraan te herinneren dat het overheidsverbruik bij de federale overheid de laatste jaren afnam. Ook hier liefst geen slogans.

Ook de gemeenschappen en gewesten leveren hun bijdrage tot de terugkeer naar het begrotingsevenwicht beschreven in het stabiliteitsprogramma dat de regering in september indiende bij de EU-Commissie. Met de Gewesten en Gemeenschappen zullen wij een concreet samenwerkingsakkoord afsluiten tegen het einde van het jaar.

Wij stellen u een begroting voor met structurele maatregelen, zowel voor 2010 als voor 2011, wat haast nooit eerder gebeurde. Een structureel pakket dat oploopt tot 1% van het bbp over de komende twee jaren en dat later effect zal sorteren.

Deze begroting kadert in een ruimer, duurzaam beleid dat oog heeft voor rechtvaardigheid en het leefmilieu. Er is geen blinde saneringsoperatie. Integendeel: lastenverhogingen op arbeid werden vermeden en in het algemeen werd de koopkracht van de bevolking op peil gehouden. Zo blijft het reŽel beschikbaar inkomen van de gezinnen stijgen, zowel in 2010 als in 2011. Aldus wordt het groeipotentieel van ons land niet afgeremd en de werkgelegenheid zoveel mogelijk ondersteund.

De werkingskosten van het overheidsapparaat worden beperkt, onder meer door niet alle ambtenaren die de komende jaren met pensioen vertrekken te vervangen, maar ook door de efficiŽntie te verhogen, bijvoorbeeld door diensten die tot hiertoe versnipperd waren over verschillende departementen, samen te brengen in de FOD Personeel en Organisatie.

Wij voorzien in maatregelen om de uitgaven te beperken in alle departementen en in alle sectoren. De uitgaven voor gezondheidszorg groeien voldoende om ons stelsel optimaal te laten werken en de gezondheid van de mensen zo goed mogelijk te verzekeren, maar er wordt ook een belangrijk bedrag gereserveerd in het Toekomstfonds voor de gezondheidszorg.

De sociale zekerheid zal in 2013 in evenwicht zijn. Intussen wordt voor een aangepaste financiering gezorgd.

Qua ontvangsten kiest de regering niet voor maatregelen die een bijkomende last leggen op de werkende burgers, maar vooral voor gedragswijzigende fiscaliteit ten bate van het leefmilieu en maatregelen voor een meer billijke fiscaliteit. De budgettaire kosten bij het stelsel van de notionele interestaftrek zullen beperkt worden zonder dat de wet hiertoe wezenlijk moet worden aangepast.

Deze budgettaire ingrepen sparen vanzelfsprekend ook de zwakken in onze samenleving. Mensen zonder inkomen, invaliden, mensen met een leefloon, gepensioneerden en gehandicapten blijven niet alleen buiten schot; in 2010 komen immers ook heel wat maatregelen - welvaartsaanpassingen of bijkomende verhogingen - op kruissnelheid.

Zelfs in budgettair bijzonder moeilijke omstandigheden laat de regering de strijd tegen de armoede niet los. Zij zal de uitvoering van het armoedeplan voortzetten en bovendien in dit budget nieuwe specifieke maatregelen nemen voor bijzonder zwakke groepen.

Wij moeten er ons goed van bewust zijn dat een louter budgettaire strategie niet volstaat. Om onze welvaartsstaat voor de volgende generaties te verzekeren, moeten wij de economische slagkracht van ons land duurzaam verhogen. Het kader daarvoor is de Europese Lissabonstrategie. Alle overheden in het land dragen daartoe bij: innovatie stimuleren, investeren in opleiding en vorming, meer mensen aan het werk brengen en de omslag maken naar een meer duurzame economie.

De werkloosheid stijgt bij ons trager dan elders. Onze economie zakte minder weg dan in de buurlanden. Vormen van tijdelijke werkloosheid hebben een sociaal drama vermeden.

In het kader van het tweejaarlijks overleg over de loonmarge hebben de sociale partners afgelopen jaar een loonakkoord afgesloten dat de concurrentiekracht van de ondernemingen verzoent met een lichte stijging van de koopkracht. Het is de eerste keer dat de partners in crisistijd een akkoord over inkomensontwikkeling sluiten. De federale regering heeft daar lastenverlagingen tegenover gezet die vanaf volgend jaar op kruissnelheid komen. Ik twijfel er niet aan dat ook in de toekomst de sociale partners met een nieuw interprofessioneel akkoord een prioriteit zullen maken van de versterking van de concurrentiekracht en de werkgelegenheid. Al ga ik ervan uit dat ook zij beseffen dat een nieuwe budgettaire inspanning van de regering van dezelfde omvang niet meer mogelijk zal zijn.

Inzake werkgelegenheid zullen de bestaande crisismaatregelen, onder meer vormen van tijdelijke werkloosheid bij bedienden, na overleg met de sociale partners kunnen worden verlengd.

De regering zal, zoals afgesproken met de sociale partners, de vereenvoudiging van de banenplannen doorzetten. Daarnaast zullen maatregelen ter bestrijding van de jeugdwerkloosheid worden genomen. Ook in de welzijnssector zal de mogelijkheid tot het scheppen van banen worden verhoogd. Binnen de federale bevoegdheden wordt ook ingezet op vorming en bedrijfsstages.

De wereldwijde crisis woog bijzonder zwaar op de internationale voedselprijzen. Onze landbouwers maken dan ook de zwaarste crisis door sedert decennia. De federale regering zal daarom met de gewestregeringen haar inspanningen voortzetten, om gezamenlijk de belangen van de boeren in ons land op Europees niveau te verdedigen en zal de bestaande steunmaatregelen op Europees en nationaal vlak voor de landbouw verder optimaliseren. Deze regering besliste gisteren tot specifieke maatregelen ter ondersteuning van de boeren.

KMO's zijn het kloppende hart van onze economie. De federale regering zal verder werk maken van de uitvoering van haar KMO-plan: de oprichting van ondernemingen aanmoedigen, de arbeidsmarkt verder aanpassen aan de KMO's en het sociaal statuut van de zelfstandigen opwaarderen onder meer door een bijzondere aandacht voor de gefailleerden.

De regering zal de btw-verlaging voor de woningbouw onder aangepaste vorm verlengen voor de bouwaanvragen ingediend voor eind maart 2010. Ook hier zal een belangrijke toename van de werkgelegenheid uit voortvloeien.

De btw voor de horecasector zal voor maaltijden gebracht worden op 12%. Dit zal gepaard gaan met waarborgen voor een efficiŽnte bestrijding van fraude in de sector en van inspanningen inzake werkgelegenheid.

De regering heeft beslist de eerste fase van de kernuitstap met 10 jaar uit te stellen om de bevoorrading inzake elektriciteit van ons land veilig te stellen, alle vereisten inzake veiligheid in acht nemend. Een opvolgingscomitť zal onder meer erover waken dat de prijzen bij ons in geen geval hoger liggen dan in de buurlanden.

Eind vorig jaar werd het Europese kader voor het klimaatbeleid tegen 2020 uitgetekend. Wij moeten dit kader vertalen naar nationaal beleid. Wij zullen in nauw overleg met de gewesten beslissen hoe wij de uitdagingen inzake hernieuwbare energie en het terugdringen van de uitstoot concreet invullen.

De fiscale wetgeving wordt verder vergroend. Daarom zal het belastingregime van bedrijfswagens zowel voor de kostenaftrek bij de onderneming als de belasting op het voordeel bij de werknemer en bedrijfsleider, klimaatvriendelijker worden gemaakt. Het verbruik van vervuilende brandstoffen wordt ontmoedigd.

Voor elektrische wagens komt er een specifieke ondersteuning.

De elektriciteitsproducenten hebben zich verbonden tot een groot programma van investeringen van 500 miljoen euro in hernieuwbare energie en ter beperking van het energieverbruik.

De unipolaire wereld behoort definitief tot het verleden. De wereld heeft het voorbije jaar een enorme stap gezet naar een mondiaal bestuur. Er wordt nu steeds meer globaal gedacht en gehandeld.

Op Europees vlak stel het Verdrag van Lissabon ons meteen voor een uiterst boeiende uitdaging. Als voorzitter van de Europese Unie in de tweede helft van 2010 wacht ons land de zware taak om een precedent te scheppen dat de Unie in staat moet stellen haar interne en externe werking drastisch te verbeteren.

BelgiŽ zal haar omvangrijke militaire en civiele inspanningen in Afghanistan in elk geval voortzetten tot eind 2010, overeenkomstig een beslissing van de regering van april jongstleden. Onze militairen, waar ook ter wereld, verdienen onze steun en respect voor de zware taak die zij dag na dag vervullen.

In Afghanistan kunnen onze inspanningen slechts duurzame resultaten afwerpen als er voldoende Afghaanse veiligheidskrachten worden opgeleid, er een afdoende betrouwbaar staatsapparaat is en er zich een stabilisering van de Afghaans-Pakistaanse regio aftekent.

Ook in Centraal-Afrika kunnen en moeten wij een waardevolle rol spelen. Wij willen, in het belang van de Congolese bevolking en ter ondersteuning van onze eigen ontwikkelingssamenwerking, een evenwichtige verhouding met de Congolese autoriteiten onderhouden. De voortgezette normalisering van de Belgisch-Congolese betrekkingen die begin dit jaar tot stand werd gebracht is in dit opzicht een cruciale stap gebleken.

De federale regering zal haar inspanningen inzake ontwikkelingssamenwerking aanhouden en vraagt van de andere overheden hetzelfde. In 2010 zullen wij de doelstelling van 0,7% van het bbp voor ontwikkelingssamenwerking bereiken en op die manier onze bijdrage leveren tot de millenniumdoelstellingen.

De hervorming van Justitie is een van de grote uitdagingen voor de komende maanden. De goede werking van de gerechtelijke instellingen moet ťťn van de pijlers van de rechtsstaat zijn. Niemand zal ontkennen dat in de voorbije jaren vele inspanningen tot modernisering zijn geleverd. Maar wij kunnen ook niet ontkennen dat deze inspanningen nog niet tot het beoogde resultaat hebben geleid en dat wij onze gerechtelijke instellingen moeten aanpassen aan de noden van de tijd en de terechte verwachtingen van onze samenleving. Dit is niet alleen een taak van de overheid, maar van alle actoren in het gerechtelijk landschap. Er moet een echte mentaliteitsverandering tot stand komen en op een aantal plaatsen een nieuw ethisch besef. Ook hier zijn waarden belangrijk.

We moeten van onze kant de hervorming dus versnellen en versterken op vier terreinen: het gerechtelijk landschap, het tuchtrecht, de strafuitvoering en de informatisering.

Wat het gerechtelijke landschap en het tuchtrecht betreft, ben ik verheugd dat vier partijen uit de oppositie hebben aangeboden om samen met vertegenwoordigers van de meerderheidspartijen doelgerichte besprekingen te starten. Wij zullen graag op dit aanbod ingaan en nog deze maand het overleg opstarten. Ik dank deze partijen alleszins voor deze bereidwilligheid en verwacht dat hun constructieve bijdrage meer kracht en draagvlak zal geven aan onze opzet.

De minister van Justitie heeft een open basistekst voorgelegd. Deze zal de basis vormen van het overleg. Het moet mogelijk zijn om nog voor het einde van dit kalenderjaar een basisakkoord over de hervorming te bereiken. Wij zullen de kalender van de werkzaamheden binnen enkele dagen vastleggen met het oog op deze tijdshorizon om daarna de resultaten van dit overleg in 2010 te vertalen in wetgevende initiatieven.

Het overleg zal ook slaan op nieuwe voorstellen inzake tuchtrecht.

Een even diepgaande actie is nodig voor het strafuitvoeringsbeleid. Hoe acuut ook de noden zijn, we mogen het debat niet vernauwen tot cellencapaciteit. Maar dat belet natuurlijk niet dat we ter overbrugging ook dringende maatregelen moeten nemen.

Migratie is een van de grote thema's van de eenentwintigste eeuw. Voor alle westerse landen stelt het migratievraagstuk zich meer dan ooit op het scherp van de snee met moeilijke keuzen tussen menselijkheid en draagkracht.

Ons land stelt, evenals de ons omringende landen, een stijging vast van het aantal asielaanvragen. De algemene economische toestand in de wereld en de veiligheidssituatie in sommige regio's is daar uiteraard niet vreemd aan. Wij moeten dan ook maatregelen nemen om de crisis inzake de opvang van asielzoekers het hoofd te bieden. Wij doen dat door opvang te organiseren, maar ook door misbruiken, zoals het indienen van meervoudige asielaanvragen, tegen te gaan.

Deze zomer en in de voorbije weken heeft de regering in dit dossier moeilijke knopen doorgehakt en evenwichtige afspraken gemaakt in uitvoering van het regeerakkoord van maart 2008.

Inzake regularisaties verschaffen we duidelijkheid aan wie hier al is, daarbij een opening makend voor bepaalde prangende humanitaire situaties die in de loop van de jaren zijn gegroeid. Het gaat om mensen die de taal spreken en hier sociale banden hebben ontwikkeld, die hier officieel werk verwerven of een onredelijk lange procedure doorliepen. Maar duidelijkheid betekent ook dat er voor anderen geen toekomst is in ons land.

Dit regularisatiebeleid is een deel van een breder akkoord. Met een globale visie op dit beleid voor de komende jaren.

In die context worden de voorwaarden om de Belgische nationaliteit te verkrijgen gewijzigd. Voortaan zullen vreemdelingen die de Belgische nationaliteit willen aanvragen, moeten beschikken over een verblijfsrecht van onbeperkte duur. De voorwaarden bij de naturalisatieprocedure voor de Kamer worden eveneens aangepast. Het zal bovendien mogelijk worden de Belgische nationaliteit af te nemen bij een veroordeling voor bepaalde ernstige misdaden.

Voor de gezinshereniging zal in de toekomst een inkomenseis gesteld worden aan de persoon wiens partner naar BelgiŽ komt. Er zal ook strenger worden opgetreden tegen schijnhuwelijken, onder meer via de oprichting van een federale gegevensbank.

Mijnheer de voorzitter, dames en heren, ik heb u een aantal krachtlijnen van het beleid van deze regering voor de komende twee jaar aangegeven. Wij hebben een zeer moeilijk jaar achter de rug. De economische toestand is onvergelijkbaar met de situatie van twee jaar geleden en de maatschappelijke uitdagingen zijn er niet minder zwaar op geworden. Maar daar kunnen wij de vaste wil tegenover zetten om een vastberaden antwoord op de problemen te geven.

Vanzelfsprekend vergen het wegwerken van een begrotingstekort en het realiseren van hervormingen van onze economie tijd. Maar we kunnen wel al een strategie uittekenen. Een traject met concrete en structurele maatregelen om op al die domeinen dag na dag, stap voor stap vooruitgang te boeken met de zekerheid dat we inderdaad antwoorden geven op de uitdagingen waarvoor wij staan.

Het belangrijkste is de richting aan te houden. Dat geeft ook stabiliteit en houvast, zo nodig in tijden van crisis, van onzekerheid en angst. Die rustige vastheid wil de regering bieden. Wij willen daarom onze taak voortzetten tot het einde van de legislatuur in 2011.