4-38

4-38

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 10 JULI 2008 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Vraag om uitleg van mevrouw Nahima Lanjri aan de minister van Migratie- en Asielbeleid over źde asielaanvragen van het jaar 2007╗ (nr. 4-416)

De voorzitter. - De heer Carl Devlies, staatssecretaris voor de Co÷rdinatie van de Fraudebestrijding, toegevoegd aan de eerste minister, en staatssecretaris, toegevoegd aan de minister van Justitie, antwoordt.

Mevrouw Nahima Lanjri (CD&V-N-VA). - Verschillende kranten publiceren deze week de cijfers van het aantal asielaanvragen uit het jaarrapport van Fedasil. Het totaal aantal asielaanvragen is in 2007 gedaald tot 11 115, een daling van ongeveer 4% tegenover 2006. De kranten maken ook melding van een tekort aan plaatsen in het opvangnetwerk. Eind 2007 werd onderdak verleend aan 13 847 personen, wat neerkomt op een bezettingsgraad van 89%. Intussen is de bezettingsgraad zelfs opgelopen tot 94%.

Enkele maanden geleden heb ik dat probleem al aangekaart in de bevoegde Senaatscommissie. Ik heb er minister Dupont toen op gewezen dat zonder ingrijpen dat probleem alleen maar groter kon worden. Helaas gebeurde er niets. De steeds stijgende bezettingsgraad is volgens Fedasil voornamelijk het gevolg van het dalend aantal vertrekken. Een andere verklaring is de achterstand in de behandeling van asieldossiers.

Van de minister had ik graag vernomen hoe lang de nieuwe asielprocedure gemiddeld duurt. Er werd immers beloofd dat de nieuwe procedure veel korter zou zijn; ik hoor vaak dat ze nu gemiddeld 8 maanden aansleept.

Men kan echter ook verdrinken in een rivier met een gemiddelde diepte van 30 centimeter, want op sommige plaatsen is het water 2 meter diep en op andere maar 10 centimeter.

Relevant is te weten hoeveel dossiers niet binnen de vooropgestelde termijn van ÚÚn jaar worden behandeld. Ik vernam dus graag hoeveel dossiers er binnen een termijn van 1 tot 2 jaar, respectievelijk binnen een termijn van 2 tot 3 jaar en van 3 tot 4 jaar worden behandeld.

Hoe verklaart de minister de achterstanden? Hoeveel mensen komen in aanmerking voor een regularisatie op basis van het criterium langdurige procedure? Het regeerakkoord heeft dat criterium uitgebreid tot afgewezen asielaanvragers die zich tot de Raad van State richten, en tot uitgeprocedeerden die zich beroepen op artikel 9, 3║ of 9bis om humanitaire redenen of op een combinatie van beide procedures.

Hoeveel personen komen op grond van de bewuste paragraaf in het regeerakkoord voor regularisatie in aanmerking? Ik bedoel hiermee niet de duurzame verankering die hopelijk zeer binnenkort wordt gedefinieerd in een rondzendbrief waarop we inmiddels al veel te lang wachten.

De heer Carl Devlies, staatssecretaris voor de Co÷rdinatie van de Fraudebestrijding, toegevoegd aan de eerste minister, en staatssecretaris, toegevoegd aan de minister van Justitie. - Ik lees het antwoord van minister Turtelboom.

Het aantal asielaanvragen is in 2007 effectief nog gedaald in vergelijking met de vorige jaren. Na de hervorming kon een relatief groot aantal asielaanvragen binnen een korte periode worden behandeld.

Na de inwerkingtreding van de nieuwe asielprocedure bedraagt de gemiddelde duur van de behandeling van een asielaanvraag door het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen 140 dagen, inclusief de procedure voor de Dienst Vreemdelingenzaken, en 112 dagen exclusief de procedure voor die dienst.

Ik heb nog enkele bijkomende cijfers. Na het overhandigen van het dossier door de Dienst Vreemdelingenzaken aan het CGVS werd 51% van de beslissingen binnen de 3 maanden genomen en 79% van de beslissingen binnen de 6 maanden.

Sinds januari 2008 duurt de procedure voor de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RVV) gemiddeld 82 dagen. De hele asielprocedure duurt nu gemiddeld 222 dagen.

Een relatief groot aantal asieldossiers wordt dus binnen het jaar afgehandeld. Vooral voor de dossiers die dateren van vˇˇr de inwerkingtreding van de nieuwe asielprocedure zijn langere termijnen van toepassing. Het CGVS moet immers nog een achterstand van 2000 dossiers wegwerken en de RVV kampt nog met de achterstand van de Vaste Beroepscommissie voor de Vluchtelingen. De Commissaris-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen heeft mij verzekerd dat hij die achterstand tegen het einde van het jaar helemaal zal wegwerken. Op dat ogenblik zullen de meeste asielaanvragen, tot 80%, binnen een termijn van drie maanden een beslissing van het CGVS krijgen. Dat is dus snel. De RVV werkt ook aan het inhalen van de achterstand.

De hoge bezettingsgraad in de open centra is zeker niet te wijten aan de achterstand in de behandeling van de asieldossiers, want daarbij gaat het om asielzoekers die niet in een open centrum verblijven. Uit de cijfers van Fedasil van april 2008 blijkt trouwens dat de opvangcentra slechts voor 44% bezet zijn door asielzoekers die bij de asielinstanties een procedure lopen hebben. Zelfs na het wegwerken van de huidige achterstand bij het CGVS, zal de bezettingsgraad in de open centra bij een ongewijzigd aantal asielaanvragen nooit veel lager zijn dan nu.

Het is niet mogelijk een overzicht te geven van het exacte aantal behandelde dossiers binnen de termijnen die mevrouw Lanjri vermeldt. Dat is onmogelijk door de manier waarop de cijfers worden bijgehouden.

De achterstand in de behandeling van de oude asielaanvragen kan worden verklaard door de specifieke personeelssituatie in het Commissariaat-generaal van de afgelopen jaren: hoge rotatie, nieuwe indienstnemingen, evolutie van contractuele naar statutaire basis, enzovoort.

Ik heb weinig zicht op de omvang van de contentieux in asielzaken bij de Raad van State omdat de contentieux betrekking heeft op alle procedures met betrekking tot de wet van 1980. Het aantal personen dat in aanmerking komt voor een regularisatie op basis van het criterium langdurige procedure, zoals bepaald in het regeerakkoord, zal bovendien afhankelijk zijn van de nauwkeurige invulling die er in de rondzendbrief aan wordt gegeven. Ik kan wel meedelen hoeveel asielzoekers in het verleden geregulariseerd werden wegens een lange asielprocedure van vier of drie jaar - bijvoorbeeld families met schoolgaande kinderen - bij de asielinstanties. In 2005 ging het om ongeveer 9000 asielzoekers, in 2006 om 7000 en in 2007 om 5500.

Mevrouw Nahima Lanjri (CD&V-N-VA). - De minister haalt een aantal gegevens inzake achterstand aan, onder meer bij het Commissariaat-generaal. Ze vermeldt echter niet de achterstand bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. Het verbaast me nog meer dat er geen antwoord komt op de vraag hoeveel dossiers een achterstand hebben van een, twee, drie of vier jaar, temeer omdat deze cijfers wel werden gegeven door haar voorganger.

Een ander opmerkelijk feit is dat de asielcentra van Fedasil slechts voor 43% met asielzoekers bezet zijn. Dat betekent dat daar heel wat mensen zitten die daar in principe niet moeten zitten. Ik hoop dat voor bepaalde mensen dus andere oplossingen kunnen worden gevonden. Ze kunnen bijvoorbeeld doorstromen naar een woning wanneer ze geregulariseerd zijn, of naar een gemeente waar ze wensen te verblijven wanneer ze asiel hebben gekregen. Wanneer ze zijn uitgeprocedeerd kan een terugkeerbeleid worden opgestart. Wanneer ze niet kunnen terugkeren, kan worden gestreefd naar een regularisatie.

Het regeerakkoord heeft het over een mogelijke verfijning van de criteria inzake duurzame verankering, maar over de criteria inzake langdurige procedure is het regeerakkoord helemaal duidelijk: het betreft mensen die asiel hebben gevraagd en nadien naar de Raad van State zijn getrokken of artikel 9 hebben ingeroepen, of beide. Het betreft een bredere groep dan tot nu toe werd gehanteerd. Ik ben dan ook teleurgesteld dat de minister hierop niet heeft geantwoord. Ik zal deze vragen dus later opnieuw stellen.

De voorzitter. - De agenda van deze vergadering is afgewerkt.

De volgende vergadering vindt plaats op maandag 14 juli om 15 uur.

(De vergadering wordt gesloten om 20.25 uur.)