4-25

4-25

Sénat de Belgique

Annales

JEUDI 17 AVRIL 2008 - SÉANCE DE L'APRÈS-MIDI

(Suite)

Demande d'explications de M. Dirk Claes au vice-premier ministre et ministre de l'Intérieur sur «la sécurité dans les stades de football belges» (nº 4-222)

M. le président. - M. Melchior Wathelet, secrétaire d'État au Budget, adjoint au premier ministre, et secrétaire d'État à la Politique des familles, adjoint à la ministre de l'Emploi, répondra.

De heer Dirk Claes (CD&V-N-VA). - Volgens een recent UEFA-rapport bevinden de Belgische voetbalstadions zich in een lamentabele toestand. Nu reeds staat vast dat geen enkel stadion eerste klasse aan de strengere voorwaarden van de UEFA voor 2008-2009 voldoet. Vanaf volgend jaar kunnen Standard, Brugge, Anderlecht en geen enkele Belgische club in geval van Europese overwintering hun thuiswedstrijden nog in eigen stadion afwerken. Ook de staatssecretaris zal dat niet aangenaam vinden.

De heer Melchior Wathelet, staatssecretaris voor Begroting, toegevoegd aan de eerste minister, en staatssecretaris voor Gezinsbeleid, toegevoegd aan de minister van Werk. - Zondag mag ik toch nog gaan kijken?

De heer Dirk Claes (CD&V-N-VA). - Zondag kan dat nog! Gelukkig.

Ik neem aan dat de criteria van de UEFA rationeel zijn afgetoetst. Ze zijn wellicht een goede graadmeter voor de toestand waarin onze voetbalstadions momenteel verkeren. Los van de sportieve implicaties gaat mijn aandacht uit naar de veiligheid van de gebouwen voor toeschouwers, spelers en talrijke medewerkers. Minstens even belangrijk zijn goede voorzieningen voor de ordehandhavers en een maximale capaciteit om in geval van crisis op een snelle en doortastende manier te kunnen optreden. De infrastructuur van het gebouw is daarbij dus cruciaal.

Naar aanleiding van de Belgische kandidatuur voor het WK 2018 staan bovendien diverse projecten op stapel om in ons land nieuwe stadions te bouwen. Ik wijs er echter op dat het aspect veiligheid een essentieel criterium is bij nieuwbouw of verbouwingswerken. Zelfs in de tijdsdruk die kan ontstaan in de aanloop naar de gestelde datum mag het veiligheidsaspect niet worden verwaarloosd.

Beschikt de vice-eersteminister al over de resultaten van de UEFA-doorlichting van de Belgische voetbalstadons en welke conclusies trekt hij daaruit? Hoe staat het met de veiligheid van de Belgische sport- en vooral voetbalstadions? Wat is zijn globale visie op de veiligheid in sport- en voetbalstadions en grote sportmanifestaties in het algemeen? Is hij van plan om van de veiligheid een prioriteit te maken bij de nieuwbouw en verbouwingswerken van de Belgische stadions en welke middelen zal hij daarvoor inzetten?

De heer Melchior Wathelet, staatssecretaris voor Begroting, toegevoegd aan de eerste minister, en staatssecretaris voor Gezinsbeleid, toegevoegd aan de minister van Werk. - Ik lees het antwoord van de vice-eersteminister.

Ik zou er eerst willen op wijzen dat de UEFA geen doorlichting gemaakt heeft van de Belgische stadions en zeker niet van de veiligheid ervan. Het beoogde `rapport' betreft de nieuwe regels van de UEFA voor de stadioninfrastructuur voor alle competities die onder haar verantwoordelijkheid gespeeld worden. De UEFA voorziet in vier categorieën van stadions, namelijk 1, 2, 3 en Elite, vastgesteld op basis van sportief-technische aangelegenheden als speelveld, kleedkamers en verlichting, en criteria die te maken hebben met de media zoals de perstribune, de perszaal en studio's, en tenslotte criteria die te maken hebben met toeschouwerscapaciteit, voorzieningen voor toeschouwers enzovoort. De finales van de UEFA Cup en de Champions League kunnen enkel worden gespeeld in een elitestadion, terwijl voor de meeste andere wedstrijden een stadion categorie 3 vereist is. In België behoort momenteel geen enkel stadion tot de categorie Elite.

Wat betreft de veiligheid, wat mijn bevoegdheid is, moeten de Belgische voetbalstadions voldoen aan de regels van de voetbalwet en het koninklijk besluit infrastructuur. De politie en de Voetbalcel controleren de naleving ervan. De eindverantwoordelijkheid berust bij de burgemeester, op basis van een jaarlijkse stabiliteits- en brandweercontrole.

Ik ben van mening dat de situatie inzake veiligheid in onze stadions de afgelopen jaren enorm verbeterd is, maar ik ben er mij wel van bewust dat in sommige stadions, zeker in de lagere afdelingen, nog ruimte is voor verbetering.

Mijn visie op veiligheid steunt op drie grote pijlers. Het evenement moet namelijk plaats kunnen hebben in veilige omstandigheden, in omstandigheden die aangenaam zijn voor iedereen en op basis van een proportioneel evenwicht tussen de inspanningen van de publieke en de privésector voor de financiële middelen en het personeel.

Het spreekt vanzelf dat het veiligheidsaspect daarbij primeert op het commercieel belang van de clubs. De veiligheid van de toeschouwers mag op geen enkel ogenblik in gevaar komen.

Bij de huidige plannen voor nieuwe stadions en tribunes werk ik in twee richtingen. Ik heb, ten eerste, onlangs een omvangrijke wijziging aan het koninklijk besluit infrastructuur voor de voetbalstadions goedgekeurd, gebaseerd op de nieuwe Europese regelgeving, op binnen- en buitenlandse ervaringen en op de bestaande plannen voor de multifunctionele stadions. Het ontwerp wordt nu voor advies gestuurd naar de verschillende bevoegde instanties, waaronder de Europese Commissie.

Mijn diensten verstrekken, ten tweede, advies bij de bouw van nieuwe stadions of tribunes, vanaf de planningsfase. Als een club niet zelf om advies verzoekt, schrijven mijn diensten de verantwoordelijken aan met een vraag om overleg zodat elk veiligheidsrisico op voorhand kan worden geëlimineerd.

De heer Dirk Claes (CD&V-N-VA). - Ik stel vast dat de minister begaan is met de veiligheid van de voetbalstadions en dat is zeker positief. Anderzijds zou het jammer zijn dat Standard niet in eigen stadion zou kunnen spelen, mochten ze volgend jaar de finale van de Champions League halen.