4-13

4-13

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 17 JANUARI 2008 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Vraag om uitleg van mevrouw Nahima Lanjri aan de minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid en aan de minister van Economie, Zelfstandigen en Landbouw over «de innovatiepremie» (nr. 4-41)

De voorzitter. - Mevrouw Inge Vervotte, minister van Ambtenarenzaken en Overheidsbedrijven, antwoordt.

Mevrouw Nahima Lanjri (CD&V-N-VA). - Het systeem van de innovatiepremies werd ingevoerd in 2006. Elke werknemer kan, ongeacht zijn functie, opleiding of hiërarchische positie, via innoverende voorstellen bijdragen tot de competitiviteit van zijn onderneming. Hij hoeft daarvoor niet per se een onderzoeker te zijn. Om de innovatiecultuur in het bedrijfsleven te stimuleren moedigt de overheid de toekenning aan van een innovatiepremie door de werkgever aan creatieve werknemers. Sinds 1 januari 2006 wordt de premie vrijgesteld van belastingen en socialezekerheidsbijdragen. In het verleden heb ik, via een wetsvoorstel in de Kamer, ook een bijdrage geleverd tot dit systeem van vrijstelling. Na evaluatie werd de maatregel verlengd tot 31 december 2008, in uitvoering van het interprofessioneel akkoord 2007-2008.

Een bedrijf dat een innovatiepremie wil toekennen, moet dat duidelijk aan zijn werknemers meedelen. Om misbruik te voorkomen moet een project ter beoordeling worden voorgelegd aan de federale overheidsdienst Economie. De premies worden niet als loon beschouwd indien ze aan de volgende voorwaarden voldoen.

De premie vervangt in geen enkel opzicht het loon.

Ze wordt enkel toegekend aan werknemers die aangeworven zijn in het kader van een arbeidsovereenkomst.

Het bedrag per werknemer overschrijdt zijn brutomaandloon niet.

Het totale bedrag van de uitbetaalde premies is niet groter dan 1% van de loonmassa van de onderneming.

De premie wordt toegekend aan maximum tien werknemers per innovatieproject en is van toepassing op maximum 10% van de werknemers. Ik moet toegeven dat ik die twee voorwaarden heel jammer vind en ik heb dan ook op dit punt eerder al kritiek geuit. Maar goed, het is al een begin.

Uit vragen die ik de minister in maart 2007 en op het einde van het jaar stelde, bleek dat tussen 1 januari 2006 en 25 januari 2007 bij de FOD Economie in het totaal 1.143 dossiers werden ingediend, waarvan 97%, werd goedgekeurd. Daar waren in het totaal 243 ondernemingen bij betrokken. Ik heb toen al opgemerkt dat dat heel weinig was in verhouding tot het totale aantal ondernemingen in België. Blijkbaar is het systeem onvoldoende bekend. Dat heb ik trouwens ook zelf vastgesteld in mijn gesprekken met ondernemers. Vaak zijn ze niet op de hoogte van de vrijstelling die de premies genieten.

Vandaar mijn vragen aan de minister.

Hoeveel werknemers ontvingen in 2007 een vrijstelling van socialezekerheidsbijdragen en belastingen naar aanleiding van zo een innovatiepremie?

Hoeveel bedrijven waren daarbij betrokken?

Wat is het totaalbedrag van de innovatiepremies?

Welke sectoren maken vooral van de innovatiepremie gebruik en bij welke bedrijven of sectoren is het systeem dus nog te weinig bekend?

Wat heeft de overheid het afgelopen jaar gedaan om het systeem bij veel meer ondernemingen bekend te maken, nadat was vastgesteld dat het in 2006 geen overweldigend succes was? Worden inspanningen gedaan om ook de kleinere ondernemingen te bereiken?

Is de overheid van plan om in de toekomst nog campagnes te lanceren om de bekendheid van de maatregel te vergroten, uiteraard in overleg met de sociale partners? Het initiatief moet zeker door de sociale partners worden gedragen, maar ook de overheid heeft een belangrijke rol te spelen in het bekendmaken van de maatregel.

Wat was de uitkomst van de evaluatie van de sociale partners naar aanleiding van het interprofessioneel akkoord voor de periode 2007-2008? Vragen ze bijsturingen op bepaalde vlakken?

Mevrouw Inge Vervotte, minister van Ambtenarenzaken en Overheidsbedrijven. - Ik lees het antwoord van de minister.

De administratie beschikt niet over dit soort gegevens. Er wordt immers geen informatie over de begunstigden gevraagd in het standaardformulier, opgelegd via het ministerieel besluit van 3 oktober 2005 betreffende de mededeling door de werkgever van de informatie over de eenmalige innovatiepremies. Die informatie, medegedeeld door de werkgever aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid, valt onder de bevoegdheid van de collega belast met Sociale Zaken.

Tot op 31 december 2007 hebben 165 ondernemingen voor een of meerdere aanvragen voor innovatiepremies van dat jaar een gunstige evaluatie gekregen.

Wat de derde vraag betreft, beschikt de administratie niet over de gevraagde gegevens. Het bedrag van de innovatiepremies wordt niet gevraagd in het hoger vermelde standaardformulier. Die informatie, medegedeeld door de werkgever aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid, valt onder de bevoegdheid van de collega Sociale Zaken.

De sectoren die gebruik maken van de maatregel, zijn meestal verbonden met de chemische nijverheid; de vervaardiging van machines en uitrusting, activiteiten inzake vastgoed, verhuur en diensten aan bedrijven; de metaalnijverheid en de vervaardiging van elektrische en elektronische uitrustingen.

In 2007 waren er verschillende acties om de bekendheid van de maatregel te vergroten: de bestaande webpagina's werden aangepast en nog gebruiksvriendelijker gemaakt. De verklarende brochure werd herwerkt om ze voor de ondernemingen gebruiksvriendelijker te maken, in het bijzonder voor de KMO's, en opnieuw uitgegeven met illustraties van concrete uitgewerkte voorbeelden. De nieuwe brochure werd verdeeld via contacten met diverse organismen en op talrijke beurzen. De administratie neemt graag deel aan elk gebeuren dat de eenmalige innovatiepremie promoot. Als belangrijke doelgroep wordt ervoor gezorgd dat de KMO's betrokken worden bij al die genoemde promotiemaatregelen. Zoals uit de statistieken van de aanvragen blijkt behoort 51,2%, dus meer dan de helft van de ondernemingen die in 2007 een aanvraag indienden, tot de categorie KMO's.

De maatregel kon door de ondernemingen slechts daadwerkelijk gebruikt worden gedurende een periode van ongeveer zes maanden. De publicatie in het Belgisch Staatsblad van de wet van 17 mei 2007, houdende de uitvoering van het interprofessioneel akkoord voor de periode 2007-2008, gebeurde immers pas op 19 juni 2007. In die omstandigheden vertegenwoordigen meer dan 900 ingediende aanvragen voor het tweede semester van 2007, een meer dan bevredigend resultaat in vergelijking met de meer dan 1100 aanvragen voor het hele jaar 2006.

De FOD Economie, KMO, Middenstand en Energie zal de inspanningen opvoeren om de bekendheid van de maatregel te verhogen. Naast het voortzetten van voornoemde acties, wordt een persbericht verspreid naar de persagentschappen, én ook naar de beroepsfederaties om hun aandacht te vestigen op het grote belang van het systeem van de eenmalige innovatiepremies voor het concurrentievermogen van de ondernemingen.

De positieve evaluatie van de sociale partners was de aanleiding om de eenmalige innovatiepremie te verlengen voor de periode 2007-2008.

Mevrouw Nahima Lanjri (CD&V-N-VA). - Ik begrijp dat de minister niet meteen een concreet cijfer kan meedelen voor sommige vragen. Voor een aantal punten zal ik dan ook een schriftelijke vraag stellen aan de minister van Sociale Zaken.

Gelet op het geringe succes in 2006, had ik bij de minister aangedrongen op een grotere promotiecampagne. Blijkbaar met resultaat, want tussen mei 2007 en eind 2007 zijn er 900 aanvragen; bijna evenveel als het hele jaar voordien. Voor de toekomst dring ik aan op een nog grote bekendmaking van de maatregel en ook op een tijdige beslissing van de verlenging.

Ik hoop ook dat de maatregel na overleg met de sociale partners structureel wordt, eventueel na een evaluatie van de drempels van 10% van de werknemers en maximaal 10 werknemers per project.