Vragen en Antwoorden

BELGISCHE SENAAT


Bulletin 3-80

ZITTING 2006-2007

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers (Art. 70 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans


Minister van Ambtenarenzaken, Maatschappelijke Integratie, Grootstedenbeleid en Gelijke Kansen

Vraag nr. 3-6128 van mevrouw de Bethune d.d. 25 oktober 2006 (N.) :
Europese Unie. — Fins Voorzitterschap. — Gelijke kansen voor mannen en vrouwen. — Aandacht.

Op 1 juli 2006 nam Finland het Europees voorzitterschap over van Oostenrijk. Gelijkheid tussen mannen en vrouwen vormt steeds een aandachtspunt in de agenda van het Europees voorzitterschap.

Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen :

1. Welke prioriteiten en aandachtspunten zijn met betrekking tot de gelijke kansen voor vrouwen en mannen opgenomen in de agenda van het Fins Europees voorzitterschap ?

2. Voor welke van deze aandachtspunten, doelstellingen of strategieŽn engageert BelgiŽ zich in het bijzonder tijdens het Finse Europees voorzitterschap ?

3. Welke aandachtspunten met betrekking tot de gelijke kansen voor vrouwen en mannen heeft BelgiŽ mee op de agenda geplaatst ?

Antwoord : Hierbij elementen van antwoord aan het geachte lid met betrekking tot de prioriteiten van de agenda van het Finse voorzitterschap van de Raad van de Europese Unie in het domein van de gelijkheid mannen-vrouwen en tot de Belgische engagementen in deze dossiers :

1. Oprichting van een Instituut voor de gelijkheid van mannen en vrouwen op Europees niveau

Teneinde de standpunten van de Raad van de EU en het Europees Parlement over de samenstelling van de raad van bestuur (een vertegenwoordiger per lidstaat of een beperkter aantal met een snelle beurtrol) en over de modaliteiten voor de aanstelling van de directeur/trice van het Instituut te verzoenen, stelt het Finse voorzitterschap een globaal compromis voor met het oog op het bereiken van een akkoord bij de 2e lezing van het voorstel van beslissing en zo de start van het Instituut in 2007 mogelijk te maken.

BelgiŽ steunt het door het Finse voorzitterschap voorgestelde compromis dat voorziet in een beperkte raad van bestuur met een snel beurtrolsysteem, de oprichting van een forum van deskundigen en de aanstelling van de directeur/trice door de raad van bestuur op basis van een lijst van (m/v) kandidaten die geslaagd zijn voor een examen dat open staat voor iedereen.

2. Voorstel van beslissing tot bepaling van het nieuwe programma DAPHNE III met het oog op de striid tegen het geweld op vrouwen en kinderen

BelgiŽ verwelkomt de door de Europese Commissie voorgestelde verhoging van het budget voor de periode 2007-2013 en heeft zich uitgesproken voor een betere zichtbaarheid van de doelstelling van de strijd tegen alle vormen van geweld op vrouwen.

De voornaamste kwestie die omstreden blijft, is het feit dat het Europees Parlement een automatische jaarlijkse werkingstoelage wenst toe te kennen aan twee organisaties die actief zijn in de strijd tegen het geweld op kinderen, te weten ENOC (European Network of Ombudspeople for Children) en de ę Federation for Missing and Sexually Exploited Children Ľ (momenteel gefinancierd door Child Focus).

Bij wijze van compromis stelt het Finse voorzitterschap, gesteund door de Europese Commissie, voor dat enkel de organisatie ENOC zo'n subsidie zou genieten. Voor BelgiŽ net als voor andere Europese lidstaten is het wenselijk dat er elk jaar een oproep om voorstellen wordt gelanceerd waardoor alle organisaties op voet van gelijkheid worden geplaatst veeleer dan bepaalde organisaties te bevoordelen.

3. Opvolging van het Actieplatform van Peking : bepaling van indicatoren over de institutionele mechanismen

Het Finse voorzitterschap stelt voor om drie indicatoren aan te nemen met het oog op het meten van de werking van de institutionele mechanismen die werden opgericht voor de bevordering van de gelijkheid van mannen en vrouwen in de lidstaten, te weten :

1. het bestaan van een administratie die belast is met de bevordering van de gelijkheid;

2. a) voldoende personeel in de administratie;

b) voldoende personeel in het krachtens de richtlijn 2002/73 opgerichte orgaan voor de bevordering van de gelijkheid;

3. een proces van gender mainstreaming waarbij de regering zich verbindt tot het uitwerken van een zekere structuur en werkingsmethodiek.

BelgiŽ heeft erop gewezen dat, om vergelijkbaar te kunnen zijn, de indicatoren rekening moeten houden met het federale karakter van de Belgische staat en men dus het personeel in de met gendergelijkheid belaste administraties in alle deelstaten samen moet rekenen. Daarnaast is er reden om een andere bijzonderheid in overweging te nemen volgens welke het personeel van het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen tegelijkertijd deel uitmaakt van de administratie ťn van het orgaan voor de bevordering van de gelijkheid naargelang het type van de uitgevoerde taken.

Voor de volgende jaren stemt BelgiŽ in met het perspectief van de ontwikkeling van specifieke indicatoren in het domein van het onderwijs en de beroepsopleiding en in het domein van de armoede.

4. Conclusies over de rol van mannen bij de verwezenlijking van gendergelijkheid (na de Conferentie van het Finse voorzitterschap te Helsinki op 5 en 6 oktober 2006)

BelgiŽ heeft actief gewerkt aan de inhoud van de conclusies die op de Raad van 1 december 2006 ter goedkeuring zullen worden voorgelegd opdat twee kernboodschappen aanwezig zouden zijn, te weten enerzijds, de noodzaak aan een groter engagement van mannen met het oog op de realisatie van de doelstelling van de gelijkheid van mannen en vrouwen, in het bijzonder door middel van een betere verdeling van de huiselijke taken, de gezinsverantwoordelijkheden en de verantwoordelijke functies in de politieke en economische sfeer en een combinatie van preventieve maatregelen en sancties ten aanzien van daders van partnergeweld, enz.

De tweede boodschap benadrukt het belang van de systematische integratie van de dimensie van de gelijkheid mannen/vrouwen in alle beleidslijnen om zo rekening te houden met de specifieke belangen van mannen en vrouwen in het voordeel van de beide geslachten en dus van de gehele samenleving.

Er weze aan herinnerd dat er tijdens het eerste semester van 2006 twee conferenties rond de specifieke rol van mannen werden georganiseerd in BelgiŽ (een in maart op mijn initiatief die heeft geleid tot de ondertekening van een charter en een tweede over partnergeweld vanuit het standpunt van de mannen, georganiseerd door het IGVM).

Daarnaast werd op mijn initiatief een ambitieus wetsvoorstel met het oog op de versterking van het Platform van Peking en de structurele integratie van het gender mainstreamingproces in het geheel van de federale beleidslijnen door de regering goedgekeurd tijdens het eerste semester van 2006 en unaniem aangenomen door de Kamer op 16 november 2006.

5. Eerste Euromedconferentie over de bevordering van de rechten van vrouwen

Het Finse voorzitterschap heeft de eerste Conferentie van de Euromediterrane landen over de promotie van de rechten van vrouwen op 14 en 15 november 2006 in Istanbul voorgezeten. Tijdens deze conferentie werden een verklaring en een vijfjarenactieplan aangenomen met het oog op de verbetering van de participatie van vrouwen in de domeinen van de politiek en de economie en de bestrijding van de stereotypen in de opvoeding en in de media.

BelgiŽ, op politiek niveau vertegenwoordigd door mevrouw M. Arena, Minister-President van de Franse Gemeenschap, legde de nadruk op de belangrijkheid van de strijd tegen alle vormen van geweld tegen vrouwen en een mechanisme voor de opvolging van de gemaakte verbintenissen.