Vragen en Antwoorden

BELGISCHE SENAAT


Bulletin 3-59

ZITTING 2005-2006

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers (Art. 70 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans


Staatssecretaris voor Duurzame Ontwikkeling en Sociale Economie toegevoegd aan de minister van Begroting en Consumentenzaken (Duurzame Ontwikkeling)

Vraag nr. 3-3428 van mevrouw de Bethune d.d. 29 september 2005 (N.) :
Genderstatistieken. — Versterking van de bestaande statistische apparatuur. — Co÷rdinatie. — Werkjaar 2004.

Volgens de algemene conclusies van het verslag over het beleid gevoerd overeenkomstig de doelstellingen van de vierde wereldvrouwenconferentie die in september 1995 te Beijing heeft plaatsgehad, jaar 2002-2003 (blz. 106) hebben de ministers en staatssecretarissen vastgesteld dat het nodig is om te beschikken over betrouwbare en recente statistieken die het mogelijk maken om de eventuele verschillende impact op mannen en vrouwen van het voorziene beleid te analyseren, het gevoerde beleid op een doeltreffende wijze op te volgen en corrigerende maatregelen door te voeren om het evenwicht te herstellen. Ze hebben dan ook, elk in hun eigen bevoegdheidsdomein, gewaakt over de versterking van het bestaande statistische apparaat. De inspanningen moesten bij de publicatie van het verslag nog geco÷rdineerd worden en er moest nog gewerkt worden aan de veralgemening van ź good practices ╗.

Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen :

1. Welke maatregelen werden in 2004 binnen uw departement genomen om het bestaande statistisch apparaat verder te versterken met het oog op genderstatistieken ?

2. Welke inspanningen leverde uw departement in 2004 binnen het kader van de co÷rdinatie van de genderstatistieken ?

Antwoord : In antwoord op haar vragen heb ik de eer het geachte lid het volgende mee te delen.

Net zoals het gelijkekansenbeleid voor mannen en vrouwen is duurzame ontwikkeling een transversaal beleidsdomein. Wat duurzame ontwikkeling betreft, heb ik derhalve geen specifieke maatregelen genomen om het bestaande statistische apparaat te versterken met het oog op genderstatistieken.

Wat sociale economie betreft, verwijs ik naar het antwoord gegeven door mijn collega de minister van Maatschappelijke Integratie, de heer Dupont (antwoord op vraag 3-3421, Vragen en Antwoorden, nr. 3-54, blz. 4787).