3-106

3-106

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 14 APRIL 2005 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Vraag om uitleg van mevrouw Sabine de Bethune aan de minister van Buitenlandse Zaken over ęde situatie in Darfur en het mogelijk optreden van BelgiŽ en de EUĽ (nr. 3-742)

De voorzitter. - de heer Armand De Decker, minister van Ontwikkelingssamenwerking, antwoordt namens de heer Karel De Gucht, minister van Buitenlandse Zaken.

Mevrouw Sabine de Bethune (CD&V). - Volgens een recent onderzoek van de Britse parlementaire commissie voor internationale ontwikkeling heeft het aanslepende conflict in de Soedanese regio Darfur al zeker aan 300.000 mensen het leven gekost. Darfur wordt al twee jaar geteisterd door geweld tussen rebellen en het regeringsleger, dat het vuile werk laat opknappen door Arabische Janjaweed-milities en hen logistiek steunt.

Bijna twee miljoen mensen zijn in hun eigen land of in het buurland Tsjaad op de vlucht. Volgens de VN vielen al 170 00 doden.

Op 11 en 12 april vond in Oslo een donorconferentie plaats voor Soedan. Op 9 januari werd een vredesakkoord ondertekend dat een einde maakt aan de 21-jarige burgeroorlog in Zuid-Soedan. De deelnemers aan deze conferentie hebben 4,5 miljard dollar beloofd voor de periode 2005-2007 om het zuiden van Soedan er bovenop te helpen. De Verenigde Staten stellen wel voorwaarden: het beloofde bedrag zal enkel worden vrijgemaakt indien het regime in Khartoem ook het bloedige conflict in Darfur beŽindigt. Het zal ook afhangen van de opstelling van Soedan tegenover de vredesakkoorden van januari tussen het regime en de opstandelingen in het zuiden. De Europese Commissie zegde 765 miljoen euro toe. Volgens mijn informatie draagt BelgiŽ 1 miljoen euro bij. BelgiŽ is partij bij het Statuut van Rome inzake het Internationaal Strafhof en dient op basis van dit statuut en krachtens VN-Veiligheidsraadresolutie 1593 van maart 2005 zijn medewerking te verlenen aan het optimaal functioneren van het Internationaal Strafhof. Dit houdt in dat BelgiŽ moet bijdragen in de financiŽle kosten en het verdachten moet overdragen.

VN-Veiligheidsraadresolutie 1556 van 2004 bepaalt dat geen enkel land mag toelaten dat wapens worden geleverd aan de strijdende partijen in Soedan.

VN-Veiligheidsraadresolutie 1590 van 2005 voorziet in de oprichting van UNMIS, United Nations Mission in the Sudan, met een mandaat dat vooral gericht is op het zuiden van Soedan, maar dat ook een rol zal spelen in de situatie in Darfur. De missie zal bestaan uit maximaal 10.000 militairen en 715 politieagenten. Kan BelgiŽ deze missie logistiek, financieel en eventueel met personeel bijstaan?

VN-Veiligheidsraadresolutie 1591 van 2005 voorziet in sancties tegen individuen die zich schuldig hebben gemaakt aan schendingen van de mensenrechten. Deze sancties bestaan in het ontzeggen van de toegang tot een ander land en het bevriezen van fondsen. BelgiŽ kan naast deze sancties ook andere vreedzame maatregelen nemen tegen Soedan, aangezien de misdaden die daar worden begaan kunnen worden gekwalificeerd als schendingen van normen van de internationale gemeenschap.

De EU is als dusdanig geen partij bij het Statuut van Rome inzake het Internationaal Strafhof, en draagt niet bij in de kosten van het Hof. De EU kan wel de vervolging van misdadigers uit Darfur financieel steunen door vrijwillige donaties. De EU kan tevens militair, politioneel, financieel of logistiek bijdragen aan UNMIS, in vergelijking met operatie Artemis in de DRC. Ook kan de EU de reeds bestaande missie van de Afrikaanse Unie in Soedan mee ondersteunen. Deze missie van de Afrikaanse Unie is essentieel en in zekere zin ook hoopgevend, maar heeft een grote nood aan versterking en steun vanuit de internationale gemeenschap.

Wat is het huidige bedrag dat de minister jaarlijks inschrijft voor het Internationaal Strafhof sedert zijn oprichting op 1 juli 2002? Op welke begrotingspost wordt dat bedrag ingeschreven? Heeft de minister al een zicht op de extra kosten die het aanhangig maken bij het Internationaal Strafhof van de zaak in Soedan met zich zal meebrengen? Hoe zal BelgiŽ gevolg geven aan resolutie 1556? Hoe zal BelgiŽ gevolg geven aan resolutie 1590? Zal BelgiŽ bijdragen aan UNMIS? Steunt de minister dit voorstel? Zal BelgiŽ andere maatregelen nemen tegen Soedan? Ik denk bijvoorbeeld aan sancties die ons land kan nemen ten gevolge van de schendingen van de mensenrechten.

De heer Armand De Decker, minister van Ontwikkelingssamenwerking. - De minister van Buitenlandse Zaken geeft het volgende overzicht van de bijdragen waarin BelgiŽ sinds de oprichting van het Internationaal Strafhof jaarlijks voorziet: voor 2002: 180.326 euro; voor 2003: 518.650 euro; voor 2004: 1.229.759 euro; voor 2005: 1.504.133 euro. Die bedragen zijn ingeschreven op budgetlijn 11350749.

De eventuele meerkost die het aanhangig maken bij het Internationaal Strafhof met zich zou brengen, is voorlopig niet in te schatten, omdat het onderzoek naar de ontvankelijkheid ervan nog loopt.

De EU vaardigde reeds in 1994 een wapenembargo uit tegen Soedan en op 9 januari 2004 werd dat embargo zelfs nog versterkt. Een nieuwe aanpassing van het bestaande EU-wapenembargo tegen Soedan bleek niet nodig, nadat de VN-Veiligheidsraad op 30 juli 2004 resolutie 1556 had aangenomen. BelgiŽ zal uiteraard zijn internationale verplichtingen in dit verband strikt naleven.

Ons land heeft de goedkeuring van resolutie 1590 in verband met de oprichting van UNMIS toegejuicht. Over de vraag of BelgiŽ zal bijdragen tot UNMIS dient eerst te worden overlegd met defensieminister Flahaut, maar het valt niet bij voorbaat uit te sluiten dat een beperkt aantal militaire waarnemers hieraan zullen deelnemen. BelgiŽ heeft ingestemd met een bijdrage van 500.000 Euro voor logistieke ondersteuning van AMIS II in Darfur.

BelgiŽ steunt VN-Veiligheidsraadresolutie 1591 met betrekking tot sancties tegen individuen ten volle.

Over de vraag of er nog andere maatregelen tegen Soedan moeten worden genomen, wordt op regelmatige basis met de EU-partners overleg gepleegd. Het standpunt van de Belgische regering is inderdaad dat wie zich aan misdaden schuldig heeft gemaakt, voor zijn verantwoordelijkheid moet worden geplaatst.

Ons land is er principieel voorstander van dat de EU in de toekomst financieel kan bijdragen tot het Internationaal Strafhof. In de EU kwam deze mogelijkheid reeds aan bod, maar een beslissing hieromtrent is nog niet in zicht. Daarnaast kan de EU inderdaad haar steun verlenen aan vredesmissies in Soedan. Ik wijs er overigens op dat de EU sedert de zomer van vorig jaar de Afrikaanse Unie in Soedan effectief steunt en inmiddels onder andere via het mechanisme van de Afrikaanse Vredesfaciliteit een bedrag van 92 miljoen euro heeft bijgedragen. De EU zal zeker ook op gepaste wijze inspelen op de oprichting van UNMIS, maar het is nog te vroeg om hierover concrete uitspraken te doen. De minister kan alvast garanderen dat sinds zijn aantreden als minister van Buitenlandse Zaken de kwestie Soedan iedere keer prominent op de agenda van de Raad Algemene Zaken en Externe Betrekkingen werd geplaatst en dat er bij die gelegenheid telkens conclusies van de Raad werden aangenomen.