3-92

3-92

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 13 JANUARI 2005 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Vraag om uitleg van mevrouw Sabine de Bethune aan de vice-eerste minister en minister van Financiën over «de onevenwichtige vertegenwoordiging van vrouwen en mannen in de Studiecommissie voor vergrijzing van de Hoge Raad van Financiën» (nr. 3-516)

De voorzitter. - De heer Hervé Jamar, staatssecretaris voor Modernisering van de Financiën en de Strijd tegen de fiscale fraude, toegevoegd aan de minister van Financiën, antwoordt namens de heer Didier Reynders, vice-eerste minister en minister van Financiën.

Mevrouw Sabine de Bethune (CD&V). - Binnen de Hoge Raad van Financiën bestaat een studiecommissie voor de vergrijzing, die ook jaarlijks een verslag uitbrengt. Die commissie is samengesteld uit afgevaardigden van diverse ministers en departementen, onder meer de departementen van Sociale Zaken en van Financiën, van het Federaal Planbureau en de Nationale Bank van België. Als ik goed ben ingelicht, maakt geen enkele vrouw deel uit van die studiecommissie. Dat is in strijd met het beginsel van goed bestuur, dat inhoudt dat in alle raden en commissies gestreefd wordt naar een evenwichtige vertegenwoordiging van mannen en vrouwen. Dat is ook niet verantwoord aangezien de vergrijzingsproblematiek een duidelijke genderdimensie heeft en het aandeel van ouder wordende vrouwen ook zeer groot is.

Wettelijk gezien mag hoogstens twee derde van de leden van een adviesraad van hetzelfde geslacht zijn. Die regel is ook overgenomen door de deelstaten; in Vlaanderen geldt hij eveneens voor de besluitorganen. We kunnen de juridische discussie voeren over de vraag of de regels die van kracht zijn voor adviesorganen, ook gelden voor de commissies van die organen. Voor mij hoeft de regel niet te gelden voor alle mogelijke werkgroepen binnen de adviesorganen. De voormelde studiecommissie is echter zeer belangrijk en ze behandelt een cruciaal maatschappelijk thema. Los van de wettelijke verplichtingen zou het van goed bestuur getuigen om ook bij de samenstelling van deze studiecommissie oog te hebben voor het genderevenwicht.

Welke maatregelen zal de minister nemen om ervoor te zorgen dat de studiecommissie voor de vergrijzing van de Hoge Raad van Financiën evenwichtig samengesteld wordt?

De heer Hervé Jamar, staatssecretaris voor Modernisering van de Financiën en de Strijd tegen de fiscale fraude, toegevoegd aan de minister van Financiën. - De studiecommissie voor de vergrijzing in de Hoge Raad van Financiën werd opgericht door de wet van 5 september 2001 tot waarborging van een voortdurende vermindering van de overheidsschuld en tot oprichting van een Zilverfonds.

Bij de samenstelling van de Hoge Raad van Financiën en van zijn afdelingen wordt de regel van een evenwichtige vertegenwoordiging van mannen en vrouwen nageleefd.

De samenstelling van de studiecommissie voor de vergrijzing is duidelijk vastgelegd in artikel 10 van de wet. De grote techniciteit van de onderwerpen die door de commissie worden behandeld, het kleine aantal leden en de zorg voor een evenwichtige vertegenwoordiging van de gemeenschappen, beperken bijkomend de keuzemogelijkheden. Gelet op die beperkingen hebben de organismen die een lid moesten aanwijzen, logischerwijze de voorkeur gegeven aan deskundigheid en hebben ze die mensen afgevaardigd die het meest geschikt zijn om hen te vertegenwoordigen.

Vanzelfsprekend besteedt de commissie in haar werkzaamheden een bijzondere aandacht aan de rol van de vrouwen in de problematiek van de vergrijzing, zowel op economisch vlak - bijvoorbeeld de activiteitsgraad - als op sociaal vlak - aard en hoogte van de ontvangen uitkeringen, problematiek van de armoede, enzovoort.

De minister van Financiën is van mening dat het streven naar evenwicht een belangrijke doelstelling is waaraan aandacht moet worden geschonken bij de hernieuwing van de mandaten, rekening houdend met de beschikbare technische bevoegdheden in het kader van de bestaande regels inzake samenstelling.

Mevrouw Sabine de Bethune (CD&V). - Dit geval toont duidelijk aan dat wettelijke maatregelen nog altijd noodzakelijk zijn. Vrijwillig worden de gelijkheidsregels immers niet gerespecteerd, hoewel iedereen het erover eens is dat ze van belang zijn. Het illustreert dus de nood aan dwang.

De argumentatie van minister Reynders vind ik ongelukkig. Hij zegt dat voorrang werd gegeven aan bekwaamheid en deskundigheid. Aangezien er in die commissie geen enkele vrouw werd benoemd, wordt de schijn gewekt dat geen enkele vrouw daarvoor de nodige deskundigheid of expertise heeft. Dat is natuurlijk niet waar. Ik vind dat als redenering totaal onaanvaardbaar.

Tot slot neem ik er nota van dat bij de hernieuwing van de mandaten wel zal worden gestreefd naar een evenwicht. Wanneer dat precies zal gebeuren, heb ik echter niet gehoord.

M. Hervé Jamar, secrétaire d'État à la Modernisation des finances et à la Lutte contre la fraude fiscale, adjoint au ministre des Finances. - le mandat est de cinq ans, suivant l'article 10 de la loi. Je n'ai pas en mémoire la date de la composition de cette commission mais après un délai de cinq ans, le problème que vous évoquez sera pris en considération.

Mevrouw Sabine de Bethune (CD&V). - De commissie werd in 2001 opgericht.

Wij zullen in elk geval een wetsvoorstel indienen om de wet van 5 september 2001 aan te passen en daarin misschien de pariteitsregel opnemen. Dan hebben we meteen een fifty-fifty-samenstelling. Misschien is dat een goed experiment.

M. Hervé Jamar, secrétaire d'État à la Modernisation des finances et à la Lutte contre la fraude fiscale, adjoint au ministre des Finances. - Si vous lisez bien la loi, vous constaterez que des membres faisant partie d'autres comités sont imposés de droit. Il s'agit de sept membres. Nous sommes donc en présence de réglementations qui imposent à la fois des membres émanant d'autres commissions et des membres provenant des différentes régions du pays. Par ailleurs, il convient d'être particulièrement attentif au problème que vous soulevez.

Compte tenu des différentes réglementations à prendre en considération, il est toutefois pratiquement impossible d'assurer la parité souhaitable. Le ministre fera tout ce qu'il peut pour mettre toutes les règles en concordance lors du prochain renouvellement, dans le souci légitime qui est le vôtre.

De voorzitter. - Als voorzitter reken ik er ook op dat we tot een evenwichtige samenstelling komen.

De heer Hervé Jamar, staatssecretaris voor Modernisering van de Financiën en de Strijd tegen de fiscale fraude, toegevoegd aan de minister van Financiën. - Ik ben het met u eens.