Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat


Bulletin 3-14

ZITTING 2003-2004

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Minister van Ambtenarenzaken, Maatschappelijke Integratie en Grootstedenbeleid (Maatschappelijke Integratie)

Vraag nr. 3-900 van mevrouw de Bethune d.d. 2 april 2004 (N.) :
Armoede. ≠ Regeringsbeleid. ≠ Participatie van de armen aan het beleid.

Zaterdag 27 maart 2004 is het ę De Dag van de Vierde Wereld Ľ, de dag waarop speciale aandacht wordt geschonken aan de armen in onze samenleving.

In het regeerakkoord en alle beleidsnota's wordt er gepleit voor een horizontaal armoedebeleid. De effectieve participatie aan het beleid van de mensen die in armoede leven neemt hierin een belangrijke plaats in.

Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen :

≠ Wat zijn uw prioriteiten inzake de deelname van de armen aan het beleid ?

≠ Kan u de huidige stand van zaken betreffende de participatie van de armen aan het beleid binnen uw beleidsbevoegdheid geven ?

≠ In welke mate en op welke wijze stimuleert u de participatie van armen aan het beleid bij uw collega's ministers ?

≠ Welke initiatieven stelt u in het vooruitzicht ?

≠ Welke initiatieven stelt u op dit punt in het vooruitzicht in Europees en internationaal verband ?

≠ Welke initiatieven stelt u in het vooruitzicht inzake de toegankelijkheid en betaalbaarheid van de rechtspleging en inzake rechtszekerheid ?

≠ Welke initiatieven stelt u specifiek in het vooruitzicht ten aanzien van de mensen die in armoede leven op het vlak van de begroting en op het vlak van (positieve discriminatie ?) tewerkstelling binnen de overheidsbedrijven en de overheid zelf ?

≠ Welke initiatieven stelt u specifiek in het vooruitzicht betreffende hun arbeidsparticipatie en waardig ouder worden ?

≠ Welke initiatieven stelt u specifiek in het vooruitzicht betreffende de toegankelijkheid tot een loopbaan in het leger voor deze mensen ?

≠ Welke initiatieven stelt u in het vooruitzicht inzake een realistische inschakeling van de armen in de sociale economie ?

≠ Hoe gaat u hun beperkingen, andere dan de financiŽle, inzake mobiliteit wegwerken ?

≠ Welke initiatieven stelt u in het vooruitzicht inzake een realistische inschakeling van de armen in het geheel van het economische gebeuren ?

≠ Welke initiatieven stelt u in het vooruitzicht inzake een realistische deelname van de armen aan het maatschappelijke gebeuren, als volwaardige consumenten ? We denken hierbij aan de bankkosten, haalbare en leefbare minimale levering inzake nutsvoorzieningen, enz. ?

Antwoord : Het verhogen van de participatie van mensen die in armoede leven is een rode draad doorheen mijn beleid. U weet dat BelgiŽ wat de structurele betrokkenheid betreft, bij de koplopers in Europa behoort.

Basis is het samenwerkingsakkoord tussen de federale Staat, de gemeenschappen en de gewesten betreffende de bestendiging van het armoedebeleid (1998). Dat vertrekt vanuit de vaststelling dat armoede een netwerk is van sociale uitsluitingen op diverse levensdomeinen en dat armoedebestrijding een geÔntegreerde aanpak met betrokkenheid van alle regeringen.

Het Steunpunt tot bestrijding van armoede, bestaansonzekerheid en sociale uitsluiting dat binnen dit samenwerkingsakkoord is opgericht, fungeert als overlegplatform tussen de verenigingen waar de armen het woord nemen enerzijds, en de beleidsverantwoordelijken, de ambtenaren en de onderzoekers, anderzijds. Daardoor is overleg en dialoog structureel verankerd. In de Begeleidingscommissie zetelen overigens vier afgevaardigden van de verenigingen waar armen het woord nemen. Het samenwerkingsakkoord voorziet dat tweejaarlijks een rapport wordt gemaakt dat thema's uit het armoedebeleid aankaart en aanbevelingen formuleert.

In het recente verleden kreeg de dialoog vorm in diverse dialooggroepen, rond onder andere het recht op bescherming van de gezondheid, armoede-indicatoren, de evaluatie van de wetgeving betreffende de OCMW's en het recht op behoorlijke huisvesting.

In het tweede tweejaarlijks rapport ę In dialoog Ľ dat in februari 2004 door de interministeriŽle conferentie Maatschappelijke Integratie en Sociale Economie is aanvaard, is een hoofdstuk opgenomen over de toepassing, moeilijkheden en de meerwaarde van de dialoogmethode. Wederzijds respect, informatie en aandacht voor een aangepast tempo zijn basisvoorwaarden voor een kwaliteitsvolle dialoog. De bespreking van het tweejaarlijks rapport is wettelijk voorzien. Ik hoop dan ook tot een actieve uitwisseling van ideeŽn en voorstellen te zullen komen.

Dat zal ook kunnen in het kader van het maatschappelijk debat dat naar aanleiding van het tienjarig bestaan van het Algemene Verslag over de armoede zal worden georganiseerd in de tweede helft van 2004, zoals afgesproken in het regeerakkoord.

Binnen mijn bevoegdheden wil ik de rechtstreekse betrokkenheid en inbreng vergroten. Zo komen er in de Federale Adviescommissie maatschappelijk welzijn ook drie vertegenwoordigers van de verenigingen waar armen het woord nemen te zetelen. Dat is een nieuw gegeven waarvan ik hoop dat het ook in andere advies- en overlegorganen navolging zal krijgen.

De Ministerraad van Oostende besliste op voorstel van minister Anciaux en mezelf om binnen het kader van de interministeriŽle conferentie het werken met ervaringsdeskundigen verder te bestuderen. Bij wijze van pilootproject zal de mogelijkheid bekeken worden om ervaringsdeskundigen in te zetten in federale administraties. Later moet bekeken worden om dat ook bij andere overheden en private organisaties te doen.

Ook op Europees niveau zal ik blijven pleiten voor meer directe dialoog. Op 28 en 29 mei 2004 gaat de Vierde Ontmoeting van mensen die in armoede leven door Brussel. Ditmaal organiseert het Ierse voorzitterschap van de Europese Unie, samen met de Europese Commissie maar wel in Brussel, in het Egmontpaleis. Als minister van Maatschappelijke Integratie ben ik logistiek en inhoudelijk betrokken.

Als coŲrdinerend minister voor armoedebeleid wil ik erop toezien dat de toegankelijkheid voor betrokkenheid van mensen die in armoede leven op alle beleidsterreinen verbetert. De interministeriŽle conferentie Sociale Integratie en Sociale Economie is de plaats bij uitstek voor overleg daaromtrent.

Integrerende factor is daarbij ook het nationaal actieplan sociale insluiting. In september van vorig jaar werd het tweede plan door de federale regering aangenomen. Het is opgehangen aan de tien rechten zoals zij in het algemeen verslag werden verwoord : het recht op een gezinsleven, maatschappelijke dienstverlening, rechtsbedeling, een menswaardig inkomen en een menswaardige behandeling in geval van financiŽle moeilijkheden, arbeid, gezondheid, wonen, cultuur en vrijetijdsbesteding, participatie en onderwijs.

In het kader van het vergroten van de toegankelijkheid zijn onder andere volgende federale initiatieven opgenomen :

≠ participatie : versterking van het Steunpunt armoedebestrijding en het maatschappelijk debat naar aanleiding van tien jaar Algemeen Verslag;

≠ maatschappelijke dienstverlening : meer efficiŽnte werking OCMW's door onder andere aansluiting bij de Kruispuntbank, het verbeteren van het statuut en in overleg met de gemeenschappen en gewesten van de opvang van daklozen;

≠ gezin : de organisatie van een staten-generaal in overleg met alle actoren;

≠ justitie : de uitbreiding van de juridische bijstand;

≠ cultuur, sport en vrijetijdsbesteding : verlenging van de subsidies aan de OCMW's om de sociale en culturele en sportieve participatie en ontplooiing van hun cliŽnten te bevorderen;

≠ menswaardig inkomen : geleidelijke optrekking van de laagste uitkeringen;

≠ onderwijs : tegengaan van functioneel analfabetisme;

≠ werkgelegenheid : de organisatie van een werkgelegenheidsconferentie, verbeteren van de toegang tot de arbeidsmarkt via onder andere opleiding en de uitbouw van de sociale economie;

≠ huisvesting : evaluatie van de huurwet met het oog op een nieuw evenwicht tussen huurders en verhuurders zoeken inzake rechten en verplichtingen, renovatie van bestaande woningen bevorderen en de toegang tot het eigen woningbezit stimuleren, vooral dan bij mensen met een laag inkomen en bij jongeren;

≠ gezondheid : uitbreiden van de maximumfactuur.

Deze maatregelen zijn nu reeds in uitvoering. Het moge duidelijk zijn : de regering maakt werk van de participatie van armen.

Het is jammer genoeg onmogelijk om u het gehele federale beleid in alle materies toe te lichten. De plaats waar participatie van mensen die in armoede leven het best is beschreven is het nationaal actieplan sociale insluiting.

Iedere minister is bezig dit plan uit te voeren binnen zijn bevoegdheden. Een tussentijdse rapport is in ieder geval voorzien. Op dit moment kan ik u een algemene stand van zaken geven.

Als u nu reeds meer informatie wenst, moet ik u verwijzen naar de verschillende bevoegde ministers.