3-43

3-43

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 12 FEBRUARI 2004 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Vraag om uitleg van mevrouw Sabine de Bethune aan de minister van Ambtenarenzaken, Maatschappelijke Integratie, Grootstedenbeleid en Gelijke Kansen over ęde aandacht voor de gelijke kansen voor mannen en vrouwen op de agenda van het Iers Europees VoorzitterschapĽ (nr. 3-134)

Mevrouw Sabine de Bethune (CD&V). - De regering benadrukt het belang van de gender mainstreaming. Om te komen tot gelijke kansen voor mannen en vrouwen in de feiten moet dat aspect op elk beleidsdomein opgevolgd worden. De Europese agenda is dienaangaande cruciaal en zelfs toonaangevend, omdat Europa op dat vlak een motorfunctie heeft.

Graag kreeg ik van de minister een antwoord op volgende vragen.

Welke prioriteiten en aandachtspunten met betrekking tot de gelijke kansen voor vrouwen en mannen zijn opgenomen in de agenda van het Iers Europees voorzitterschap?

Voor welke van die aandachtspunten, doelstellingen of strategieŽn engageert BelgiŽ zich in het bijzonder tijdens het Iers Europees voorzitterschap. Zal ons land bijvoorbeeld eigen activiteiten opzetten, delegaties sturen, het parlement op een of andere manier laten participeren en ook de vrouwenorganisaties?

Op welke aandachtspunten met betrekking tot de gelijke kansen voor vrouwen en mannen wil BelgiŽ de klemtoon leggen?

Mevrouw Marie Arena, minister van Ambtenarenzaken, Maatschappelijke Integratie, Grootstedenbeleid en Gelijke Kansen. - Ziehier de prioriteiten inzake gelijkheid tussen vrouwen en mannen die vermeld staan op de agenda van het Ierse EU-voorzitterschap.

1. De follow-up van het voorstel van richtlijn van de Raad van Europese Ministers tot uitvoering van het beginsel van de gelijke behandeling van mannen en vrouwen bij de toegang tot en de levering van goederen en diensten die wordt voorgesteld door de Europese Commissie. Ik verwijs daarvoor naar artikel 13 van de richtlijn.

2. De follow-up van het voorstel tot herziening van de richtlijnen op het vlak van de gelijke behandeling van mannen en vrouwen. Het gaat in feite om een uniformering die tegenstrijdigheden wegwerkt en dit gelijkheidsrecht verduidelijkt zodat interpretatieproblemen vermeden worden. De doelstelling bestaat er dus in te vereenvoudigen, te moderniseren en te verbeteren.

3. Voor het eerst zal er een verslag over de gender mainstreaming op EU-niveau worden voorgelegd aan de Europese Raad van 25 en 26 maart. De Commissie zal dit in principe over twee weken goedkeuren.

4. De follow-up van het actieprogramma van Peking. Ierland en Nederland hebben het ongewenst seksueel gedrag op het werk als thema gekozen. De voorbereidende vragenlijst werd uitgedeeld aan de lidstaten. Bedoeling is indicatoren uit te werken die tijdens het Nederlandse voorzitterschap moeten worden goedgekeurd.

5. De follow-up van twee projecten in samenwerking met het Europees Parlement, meer bepaald het Daphne II-programma tegen het geweld tegenover vrouwen en kinderen en het voorstel tot financiering van de organen die betrokken zijn bij het realiseren van gelijkheid tussen mannen en vrouwen op Europees niveau.

Een vergadering van ministers van Gelijke kansen is gepland op 7 mei te Limerick. Ze zal volgen op de conferentie "Nieuwe perspectieven voor de gelijkheid van de geslachten" van 6 en 7 mei.

In antwoord op de tweede vraag van mevrouw de Bethune kan ik volgende bijzondere acties van BelgiŽ vermelden.

1. BelgiŽ staat positief tegenover het voorstel van richtlijn, artikel 13, en steunt het actief door hier en daar verbeteringen voor te stellen. BelgiŽ pleit ervoor dat de opvoeding, de inhoud van de media en de reclame worden opgenomen in het toepassingsveld van de richtlijn, wat niet het geval is in het oorspronkelijke voorstel van de Commissie. Ons land vraagt ook dat de bescherming van het moederschap wordt overwogen als een voorwaarde voor de realisatie van de gelijke behandeling.

2. BelgiŽ zal erop letten dat de reglementering beschermd wordt tegen elke vorm van regressie naar aanleiding van de vrij technische oefening van de herziening van de richtlijnen Gelijkheid mannen/vrouwen en Werkgelegenheid. Wat de inhoud betreft, wenst BelgiŽ dat alle teksten inzake de gelijkheid tussen vrouwelijke en mannelijke werknemers op een eenvoudige en coherente wijze worden opgenomen. Bovendien zal ons land erop toezien dat de vaste jurisprudentie ter zake in de teksten opgenomen wordt.

3. Wat het Daphne II-programma tegen het geweld tegenover vrouwen en kinderen betreft, heeft BelgiŽ het voorstel van de Commissie gesteund om het budget te verhogen tot een bedrag van 50 miljoen euro. De gewelddaden komen immers steeds meer voor of worden in ieder geval steeds meer vastgesteld en de aanvragen zullen stijgen omwille van de uitbreiding.

4. Wat tenslotte het voorstel tot financiering betreft voor de organen die betrokken zijn bij de gelijkheid tussen mannen en vrouwen op Europees vlak, heeft BelgiŽ een positieve bijdrage geleverd, meer bepaald met betrekking tot de acties die moeten worden gesteund, het aangepast financieel kader en de veralgemening van de selectiecriteria voor alle organisaties.

Wat de derde vraag betreft, steunt BelgiŽ de agenda van het Ierse voorzitterschap en de actiepunten die de Commissie zal ontwikkelen gedurende de zes maanden van het voorzitterschap. BelgiŽ zal, naast de agendapunten van het Ierse voorzitterschap, er ook in het bijzonder op letten dat er in het kader van de Europese werkgelegenheidsstrategie voldoende steun is om de verschillen in de werkgelegenheidspercentages en de loonverschillen te verkleinen om de deelname van de vrouwen aan de arbeidsmarkt te verhogen. Daarenboven zal BelgiŽ er ook voor zorgen dat meer aandacht wordt geschonken aan de genderdimensie in het Europees proces van sociale insluiting.