Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat


Bulletin 3-3

ZITTING 2003-2004

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Eerste minister

Vraag nr. 3-266 van de heer Vanhecke d.d. 19 september 2003 (N.) :
Exportlicenties voor wapens. Overheveling naar de gewesten. Gevolgen voor het personeel in de organisatie van de diensten.

Op 12 augustus 2003 werd in allerijl een bijzondere wet gestemd tot wijziging van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen met als doel de toekenning van de wapenexportlicenties naar de gewesten over te hevelen.

Deze operatie was noch juridisch noch administratief voorbereid, zodat als spoedig verhalen te horen waren van protocollen die nog moesten worden afgesloten, ambtenaren die werkloos en zonder dienst waren, dossiers die in gangen waren gezet waar geen mens meer naar omkeek enz.

1. a) Hoeveel federale ambtenaren, per taalkader en per rang, zijn betrokken bij de defederalisering van deze bevoegdheid ?

b) Welke regeling werd/wordt er getroffen voor de overheveling van deze ambtenaren naar de gewesten ?

c) Bestond/bestaat er een vacum voor een aantal betrokken ambtenaren ?

d) Welke criteria werden/worden er gebruikt om te bepalen welke ambtenaren naar welke gewestelijke diensten worden overgeheveld ? Bestonden/bestaan er dienaangaande meningsverschillen en welke ?

e) Hoeveel van deze ambtenaren, opgedeeld per taalrol en per rang, gaan over naar welke gewestelijke administraties ?

f) In hoeverre werd/wordt r daarbij rekening gehouden met de wensen van de betrokken ambtenaren inzake hun overheveling naar de gewestelijke diensten ?

g) In hoeverre behouden de betrokken ambtenaren bij hun overheveling hetzelfde of (minstens) een gelijkwaardig statuut aan datgene wat ze voor de overheveling van deze bevoegdheid hadden ?

2. a) Welke archieven en hoeveel dossiers dien(d)en te worden overgedragen aan de gewestelijke diensten ?

b) Welke criteria werden/worden daartoe gebruikt ?

c) Is de overdracht van deze archieven en dossiers vlot verlopen ? Wanneer gebeurde dit ?

d) Hoeveel dossiers waren in behandeling op het ogenblik van de overdracht van de bevoegdheid, en wat gebeurde er met deze dossiers ? Werden/worden zij zonder onderbreking of zonder enige vertraging in de dienstverlening normaal verder afgehandeld ? Hoeveel ervan werden/worden overgeheveld naar welke gewestelijke dienst ?

3. a) Werden de federale ministers reeds gecontacteerd door hun gewestelijke collega's teneinde een protocol af te sluiten voor het terbeschikkingstellen van de nodige kennis inzake de bevoegdheid van de wapenuitvoer ?

b) Is de federale regering bereid op deze wens van de gewesten in te gaan, en zo ja, op welke wijze en onder welke voorwaarden ?

c) Hoever staan de onderhandelingen daarover ?

d) Wanneer wordt verwacht dat dit protocol kan worden afgesloten ?

4. a) Werden de federale ministers reeds gecontacteerd door hun gewestelijke collega's teneinde een protocol af te sluiten voor het terbeschikkingstellen van de zesmaandelijkse rapporten van de Belgische ambassadeurs over de politieke situatie in het land waar zij hun diplomatieke missie vervullen ?

b) Is de federale regering bereid op deze wens van de gewesten in te gaan, op welke wijze en onder welke voorwaarden ?

c) Hoever staan de onderhandelingen daarover ?

d) Wanneer wordt verwacht dat dit protocol kan worden afgesloten ?

5. Hebben de deelstaten nog andere verzoeken tot de federale overheid gericht in het kader van de overheveling van deze bevoegdheid ? Welke ?

6. Worden er nog andere schikkingen of regelingen getroffen in het kader van de overheveling van deze bevoegdheid ? Welke ?

Worden er extra financile middelen voorzien voor de deelstaten, nu zij er een bevoegdheid, met bijhorende werklast, ambtenaren enz. bij hebben gekregen ? Welke ?

Antwoord : Het geachte lid vindt hierna het antwoord dat gezamenlijk met de minister van Buitenlandse Zaken en de minister van Economie en Buitenlandse Handel werd opgesteld.

1. De overdracht van een beperkt aantal personeelsleden van de federale overheidsdienst Economie, KMO, Middenstand en Energie wordt voorzien. Deze overheveling wordt op dit ogenblik nog met de gewestregeringen besproken. Zij worden verzocht hun advies te geven over een ontwerp van koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 25 juli 1989 tot vaststelling van de wijze waarop personeelsleden van de federale ministeries overgaan naar de gemeenschaps- en gewestregeringen en naar het Verenigd College van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie. Het antwoord op de vragen a) en e) is op dit ogenblik dus voorbarig. Wat de andere punten betreft, zullen de voorwaarden en criteria die zijn bepaald in voormeld koninklijk besluit strikt worden nageleefd, in het bijzonder wat de waarborgen op het vlak van het behoud van het geldelijk en administratief statuut betreft.

2 tot 6. Wat de federale overheidsdienst Economie, KMO, Middenstand en Energie (FOD Economie) betreft, kunnen de volgende elementen worden medegedeeld.

Op dit ogenblik wordt er met de gewestregeringen onderhandeld over een protocol om deze zaken te regelen. In de praktijk zijn er reeds schikkingen genomen opdat de gewesten de betrokken dossiers zouden kunnen behandelen.

2. a) Zo hebben de gewesten toegang tot de archieven en de dossiers van de FOD Economie die verband houden met de overgehevelde bevoegdheden, en voor zover de dossiers het desbetreffende Gewest betreffen. De archieven blijven bij de FOD Economie. De federale ambtenaren van de FOD Economie bereiden samen met personeelsleden van de Gewesten de dossiers voor die ter ondertekening aan de Gewestministers moeten worden voorgelegd.

2. b), c) en d) De verdeling van dossiers tussen de gewesten gebeurt op basis van de plaats waar de vragende onderneming is gevestigd. Indien onder dossiers begrepen kan worden de aanvragen voor in-, uit- en doorvoervergunningen, dan werden al deze dossiers sinds de inwerkingtreding van de bijzondere wet van 12 augustus 2003 systematisch toegezonden naar de bevoegde gewesten : 506 aan het Waalse Gewest, 310 aan het Vlaamse Gewest en 42 aan het Brusselse Gewest. Deze overdracht is vlot verlopen.

3. a) Ja. De minister van Economie en Buitenlandse Handel werd door de gewesten benaderd voor het afsluiten van een protocol dat de uitvoering van de bijzondere wet van 12 augustus 2003 regelt, met name de specifieke activiteiten en handelingen in deze materie van de FOD Economie.

Dit werd vervolgens besproken tijdens een vergadering tussen vertegenwoordigers van de betrokken federale en gewestelijke departementen.

b) Ja. De FOD Economie zal personeelsleden van de respectievelijke gewesten opleiden tijdens een overgangsperiode. De federale ambtenaren bereiden reeds de documenten voor in naam van het desbetreffende gewest. Bovendien wordt de overheveling van personeelsleden overwogen.

c) Dit protocol zou in de komende dagen moeten ondertekend worden.

d) Zie punt c) hierboven.

5 en 6. Wat andere verzoeken en schikkingen betreft, werd de FOD Economie niet benaderd.

Wat de federale overheidsdienst Buitenlandse Zaken, Ontwikkelingssamenwerking en Buitenlandse Handel (FOD Buitenlandse Zaken) betreft, kunnen de volgende elementen worden medegedeeld.

2. a) De FOD Buitenlandse Zaken behoudt zijn archieven, omwille van administratieve redenen. Wat de FOD Buitenlandse Zaken betreft, werden een veertigtal lopende dossiers aan de gewesten overgedragen. De FOD Buitenlandse Zaken heeft ook de volgende referentiedocumentatie naar elk gewest gestuurd :

de geldende Belgische wetgeving;

de Europese Gedragscode inzake wapenuitvoer;

de gemeenschappelijke lijst van militaire uitrustingen die door de Europese Gedragscode geviseerd wordt, zoals door de Europese Raad aangenomen;

de lijst van de geldende internationale embargo's;

de uitvoerweigeringen die door Europese partners in het kader van de Europese Gedragscode werden bekendgemaakt, voor de laatste drie jaren.

b) De verdeling tussen de gewesten is gebeurd op basis van de plaats waar de vragende onderneming is gevestigd.

c) Ja, op het einde van augustus.

d) Een veertigtal, wat betreft de FOD Buitenlandse Zaken, waarvan sommige reeds lang hangend waren (onvolledige dossiers, dossiers voor dewelke een aanvraag voor verduidelijking onbeantwoord is gebleven). De gewesten verlenen al sedert enkele weken vergunningen voor sommige van deze dossiers.

3. a) Ja. De vraag werd tijdens een vergadering tussen vertegenwoordigers van de betrokken federale en gewestministers besproken. Wat de FOD Buitenlandse Zaken betreft, werd er over een protocol onderhandeld over de uitvoering van de bijzondere wet van 12 augustus 2003, die de toegangsmodaliteiten voor de gewesten regelt tot de specifieke beschikbare capaciteiten binnen de FOD Buitenlandse Zaken.

b) Ja. Er werd een contactpunt in de FOD Buitenlandse Zaken aangewezen tot wie de gewesten zich kunnen richten in geval zij gedetailleerde informatie over een bepaald land wensen te bekomen.

c) en d) Het Protocol vermeld in punt a) zou in de komende dagen moeten ondertekend worden.

4. a) en b) Ja. Het protocol afgesloten tussen de FOD Buitenlandse Zaken en de gewesten bepaalt dat zij kopien zullen ontvangen van de landenfiches die door de Belgische ambassades regelmatig worden opgesteld over de landen van hun rechtsgebied.

c) Het protocol is goedgekeurd door de vertegenwoordigers van de FOD Buitenlandse Zaken en van de gewesten en zou binnenkort ondertekend moeten worden. De bepalingen van dit protocol worden reeds in de praktijk gevolgd.

5. Op vraag van de gewesten werden er meerdere informatiesessies georganiseerd door de FOD Buitenlandse Zaken om informatie te verschaffen over de manier waarop zij de wapendossiers en de militaire uitrustingsdossiers vr de regionalisering van de bevoegdheden behandelde en om technische vragen van de gewesten te beantwoorden.

6. De FOD Buitenlandse Zaken stelt de gewesten de federale diplomatieke tas ter beschikking voor de transmissie van documenten van de ambassades naar de gewesten en omgekeerd.

7. Neen.