3-20

3-20

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 13 NOVEMBER 2003 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Mondelinge vraag van de heer Joris Van Hauthem aan de vice-eerste minister en minister van Begroting en Overheidsbedrijven over «de juiste interpretatie van artikel 63 van de bijzondere wet van 16 juli 1993 tot vervollediging van de federale staatsstructuur, betreffende de constitutieve autonomie» (nr. 3-57)

De heer Joris Van Hauthem (VL. BLOK). - Eind vorige week stelde premier Verhofstadt in het VRT-programma `Villa Politica' dat, indien het voorstel van decreet over het invoeren van provinciale kieskringen voor de verkiezingen van het Vlaams Parlement, in dit Parlement niet de vereiste tweederde meerderheid haalt, deze zaak alsnog op federaal niveau kan worden beslecht met een gewone meerderheid. De premier verwees daarbij naar artikel 63 van de bijzondere wet van 16 juli 1993 tot vervollediging van de staatsstructuur. Dat artikel stelt dat zolang de deelparlementen hun constitutieve autonomie inzake het bepalen van de kieskringen niet hebben gebruikt, de federale wetgever bevoegd blijft.

De interpretatie van de premier strookt echter niet met de interpretatie van de voorzitter van het Vlaams Parlement. Die stelde gisteren dat, indien het Vlaams Parlement stemt over een voorstel tot herinrichting van de kieskringen, het Vlaams Parlement zijn constitutieve autonomie heeft gebruikt. In dat geval zou de federale bevoegdheid vervallen, wat ook de uitslag is van de stemming.

Ten behoeve van het debat over een hervorming van de verkiezingen van het Vlaams Parlement, is bijgevolg duidelijkheid gewenst.

Vandaar de volgende vragen. Heeft het Vlaams Parlement zijn constitutieve autonomie inzake het bepalen van de kieskringen gebruikt wanneer het in de plenaire vergadering over een voorstel van decreet stemt, ongeacht de uitslag van de stemming, of heeft het Vlaams Parlement zijn constitutieve autonomie pas gebruikt indien een voorstel tot herinrichting van de kieskringen daadwerkelijk is goedgekeurd? Wanneer heeft een deelstaatparlement zijn constitutieve autonomie `geconsumeerd'?

De heer Johan Vande Lanotte, vice-eerste minister en minister van Begroting en Overheidsbedrijven. - Ik ben bijzonder blij dat ik hier een juridisch antwoord mag geven.

De constitutieve autonomie is een bevoegdheid die aan de gewesten wordt verleend inzake de inrichting en de werking van hun eigen organen. Net zoals bij elke andere bevoegdheid die de Grondwet aan gewesten of gemeenschappen toekent, oefent het betrokken parlement deze bevoegdheid uit, of om het met de woorden van de heer Van Hauthem te zeggen, `consumeert' het deze bevoegdheid door het aannemen van decreten of door het goedkeuren van uitvoeringsbesluiten als het om een uitvoerende bevoegdheid gaat. Het enige verschil tussen de gewone bevoegdheid en de constitutieve autonomie is dat hier een tweederde meerderheid vereist is.

Ondanks de constitutieve autonomie van de gewesten inzake de verkiezingen, stelt de wet dat de federale overheid vooralsnog bevoegd is om de kieskringen te wijzigen, aangezien het Vlaams noch het Waals Parlement gebruik hebben gemaakt van hun bevoegdheid terzake. Een aantal prominente juristen steunen deze zienswijze.

De basis van het antwoord is artikel 63 van de bijzondere wet. Dat bepaalt dat, in afwijking van artikel 26, §1 van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen, de federale wet de kieskringen vaststelt voor de eerste verkiezingen van de Vlaamse Raad en de Waalse Gewestraad. Dan volgt een belangrijke toevoeging, die luidt: "voor zover de Vlaamse Raad en de Waalse Gewestraad met toepassing van artikel 26 §1, geen decreet aannemen voor hun volgende verkiezingen".

Juridisch gezien kan niet worden gezegd dat bij een negatieve beslissing de constitutieve bevoegdheid is `geconsumeerd' en de federale bevoegdheid is vervallen. Politiek gezien kunnen andere afwegingen worden gemaakt.

De heer Joris Van Hauthem (VL. BLOK). - Ik dank de vice-eerste minister voor de duidelijkheid die hij met dit antwoordt brengt. Hij beslecht daarmee de discussies over de interpretatie van de wet: zolang er geen decreet over de kieskringen is goedgekeurd, is de constitutieve autonomie niet `geconsumeerd'. Dat wil concreet zeggen dat, als het Vlaams Parlement er niet in slaagt met een tweederde meerderheid de kieskringen te veranderen, de federale overheid bevoegd blijft om artikel 63 van de bijzondere wet toe te passen.