2-181

2-181

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 21 FEBRUARI 2002 - OCHTENDVERGADERING

(Vervolg)

Vraag om uitleg van mevrouw Sabine de Bethune aan de vice-eerste minister en minister van Buitenlandse Zaken over źde bekrachtiging van het facultatief protocol inzake kinderprostitutie, -handel en -pornografie bij het Verdrag inzake de rechten van het kind╗ (nr. 2-697)

De voorzitter. - Mevrouw Annemie Neyts-Uyttebroeck, minister toegevoegd aan de minister van Buitenlandse Zaken, belast met Landbouw, antwoordt namens de heer Louis Michel, vice-eerste minister en minister van Buitenlandse Zaken.

Mevrouw Sabine de Bethune (CD&V). - Vorige week was er heel wat te doen rond het feit dat ons land laat is met de ratificering van het VN-protocol inzake de kindsoldaten. Dat protocol treedt in werking en ons land heeft dit wel getekend, maar niet geratificeerd. Wij zijn nog meer te laat inzake de ratificering van het VN-protocol inzake kinderprostitutie, -handel en -pornografie. Dat is reeds in januari in werking getreden. Dat is des te jammer en pijnlijk gezien de voortrekkersrol die ons land terzake speelde gedurende de jongste jaren. Ik verwijs naar de engagementen van minister Verwilghen in Yokohama juist voor nieuwjaar om het protocol snel te ratificeren.

Hoe komt het dat die ratificering er nog steeds niet is? Ik vermoed niet dat er beleidsmatig knelpunten zijn. Kan de minister dit bevestigen? Misschien is er wel een probleem inzake gemengde bevoegdheden. Kan dit een bezwaar zijn om de procedure op federaal niveau af te werken? Ik weet dat de minister bevoegd is om het overleg met de gemeenschappen op gang te trekken. Ik dring er bij haar dan ook op aan het protocol nog te ratificeren vˇˇr de speciale VN-zitting rond de kinderrechten in mei. Ik kijk uit naar de strategie van de regering om dit dossier te bespoedigen.

Mevrouw Annemie Neyts-Uyttebroeck, minister toegevoegd aan de minister van Buitenlandse Zaken, belast met Landbouw. - Dit protocol is inderdaad een juridisch instrument met gemengd karakter, waarvan de bepalingen zowel onder de bevoegdheid van de federale staat, de gemeenschappen en, voor Brussel, de gemeenschappelijke gemeenschapscommissie vallen. De instemming van de parlementen van al deze entiteiten is dus vereist om het protocol te ratificeren. Op federaal niveau moet het ministerie van Justitie de nodige maatregelen treffen voor het opstellen van de memorie van toelichting van het voorontwerp van wet en zorgen voor de vertaling.

De minister zal deze memorie zo snel mogelijk laten uitwerken en wij zullen de spoedprocedure vragen voor alle tussenstadia in de ratificatie, zodat de volledige ratificatie van het protocol nog dit jaar kan worden afgerond. De ervaring leert mij echter dat er voor de instemming van zoveel verschillende parlementen wel een zekere tijd nodig is.

Op dit ogenblik bevinden ligt de verantwoordelijk echter nog volledig bij het federale niveau en wij zullen het nodige doen om de procedure met de gemeenschappen zo vlug mogelijk op te starten.

-Het incident is gesloten.