Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat


Bulletin 2-38

ZITTING 2000-2001

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Vice-eerste minister en minister van Werkgelegenheid

Vraag nr. 1305 van mevrouw de Bethune d.d. 25 mei 2001 (N.) :
InterministeriŽle Conferentie voor vrouwenrechten. ≠ Werkzaamheden in 1999, 2000 en 2001.

In uw beleidsnota voor gelijke kansen, zoals u die voorstelde in de Senaat in november 1999, nam u het engagement een interministeriŽle conferentie voor vrouwenrechten samen te roepen.

Dit was trouwens ťťn van de eisen van de CVP-werkgroep Vrouw en Maatschappij, die in haar actieplan voor de wetgevende verkiezingen (1999) onder het motto ę De Toekomst is vrouwelijk Ľ, opkomt voor de versterking van het specifieke gelijkekansenbeleid (eis 20.2, blz. 136-137) en onder andere stelt dat via een interministeriŽle conferentie voor gelijke kansen, op systematische wijze overlegd moet worden tussen het federale en het Vlaamse niveau.

Graag had ik vernomen hoe deze interministeriŽle conferentie thans functioneert. Ik richt dan ook volgende vragen tot de geachte minister :

1. Welke leden van de federale regering maken deel uit van de interministeriŽle conferentie en welke leden van de deelstaatregeringen ?

2. Wie moet het initiatief nemen om ze bijeen te roepen ?

3. Wat zijn de concrete werkzaamheden en de agenda van de conferentie geweest gedurende het jaar 1999 ?

4. Wat zijn de concrete werkzaamheden en de agenda van de conferentie geweest gedurende het jaar 2000 ?

5. Wat zijn de concrete werkzaamheden en de agenda van de conferentie geweest gedurende het jaar 2001 ?

6. Heeft de interministeriŽle conferentie een actieplan gemaakt voor deze legislatuur en zo ja, wat zijn de krachtlijnen ervan ?

Antwoord : 1. De ministers die aan de interministeriŽle conferentie deelnemen zijn de minister belast met gelijkheid van kansen op de verschillende overheidsniveaus, namelijk de ministers Onkelinx, voor de federale regering, Vogels, voor de Vlaamse Gemeenschap, Hasquin, voor de Franse Gemeenschap. De regeringen van het Waals Gewest en van de Duitstalige Gemeenschap hebben respectievelijk de ministers Arena en Niessen aangeduid om aan de conferentie deel te nemen. Volgens de thema's worden andere ministers opgeroepen om aan het debat deel te nemen. Dat was het geval voor het dossier van de onthaalmoeders waarbij de ministers Vandenbroucke en Nollet aan de discussies deelgenomen hebben of ook in het dossier ę gelijke toegang van vrouwen tot de informatie- en communicatietechnologieŽn Ľ waarvoor alle betrokken ministers (werkgelegenheid, vorming, opleiding, ...) vertegenwoordigd zijn.

2. De conferentie komt bijeen op verzoek van de federale Staat. Elk lid van de conferentie kan de vergadering samenroepen.

3. De conferentie heeft in 1999 niet vergaderd.

4. De interministeriŽle conferentie werd op 14 november 2000 opgericht. De grote actielijnen werden bij deze gelegenheid bepaald (zie punt 6). Interkabinetten- en interadministratiewerkgroepen werden daarna opgericht met het oog op de voorbereiding van de werken voor de conferentie over de verschillende thema's.

5. In 2001 vergaderde de interministeriŽle conferentie op 22 mei met het statuut van de onthaalmoeders als agenda.

Verschillende werkgroepen zijn respectievelijk samengekomen :

≠ op 26 januari, 9 februari, 6 maart, 30 maart, 19 april, 21 mei en 14 juni voor de werkgroep ę vrouwen en nieuwe technologieŽn Ľ. Het ondertekenen van een samenwerkingsakkoord tussen de verschillende entiteiten wordt voor 4 juli 2001 voorzien;

≠ op 16 januari, 14 februari, 21 maart en 17 mei voor de werkgroep ę geweld Ľ;

≠ op 25 januari, 7 mei, 15 mei en 25 juni voor de werkgroep ę beslissingsneming Ľ.

De volgende vergaderingen van de interministeriŽle conferentie zullen op 4 juli 2001 en in september plaatsvinden.

6. Ter gelegenheid van de oprichting van de interministeriŽle conferentie hebben zich de verschillende ministers voor Gelijke Kansen ertoe verbonden om op basis van een programma met grote lijnen te werken :

≠ beslissingsneming (met als eerste dossier de overeenstemming van de stelsels over de evenwichtige aanwezigheid van mannen en vrouwen binnen raadgevende organen);

≠ de bestrijding van het geweld tegenover vrouwen (met het doel om een gemeenschappelijk actieplan ter bestrijding van het geweld aan te nemen);

≠ de participatie van vrouwen tot de nieuwe technologieŽn (met het oog op de uitwerking van een actieve samenwerking tussen de verschillende entiteiten ter bevordering van het ontspringen van een gunstig gebied voor de verwezenlijking van de gelijke toegang van vrouwen tot de nieuwe technologieŽn);

≠ de verzoening van het beroeps- en privť-leven (met als eerste dossier de vraag van het statuut van onthaalmoeders).