Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat


Bulletin 2-34

ZITTING 2000-2001

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Minister van Sociale Zaken en Pensioenen

Vraag nr. 1020 van mevrouw de Bethune d.d. 12 december 2000 (N.) :
Raad van de gelijke kansen voor mannen en vrouwen. Samenwerking in 2000.

De Raad van de gelijke kansen voor mannen en vrouwen, opgericht bij koninklijk besluit van 15 februari 1993 op initiatief van de minister belast met het Gelijke Kansenbeleid, is een beleidsinstrument om de feitelijke gelijkheid van mannen en vrouwen te realiseren en de directe en indirecte discriminaties ten aanzien van vrouwen en mannen weg te werken.

Overeenkomstig artikel 2 van het koninklijk besluit kan de Raad op eigen initiatief of op verzoek van de leden van de regering rapporten opstellen, onderzoekingen verrichten, wettelijke of verordeningsmaatregelen voorstellen, voorlichting en informatie verschaffen en verspreiden.

Graag kreeg ik van de geachte minister een antwoord op volgende vragen :

1. Heeft hij in 2000 een advies gevraagd of een (andere) opdracht gegeven aan de Raad van de gelijke kansen voor mannen en vrouwen ?

Zo ja, welke en waarom ?

Zo neen, waarom niet ?

2. Is er in de loop van het jaar 2000 enige vorm van samenwerking of overleg geweest tussen zijn diensten en de Raad van de gelijke kansen voor mannen en vrouwen ?

Zo ja, welke ?

3. In hoeverre heeft hij in zijn beleid lopende het jaar 2000 rekening gehouden met de in het verleden door de raad geformuleerde adviezen en aanbevelingen ?

Zo ja, met welke adviezen en/of aanbevelingen en op welke wijze ?

Antwoord : Het geachte lid gelieve hierna het antwoord op haar vraag te vinden wat betreft de instellingen van openbaar nut die onder mijn bevoegdheid staan.

Fonds voor arbeidsongevallen

1. Het Fonds voor arbeidsongevallen heeft nog geen advies gevraagd of opdracht gegeven aan de Raad van de gelijke kansen voor mannen en vrouwen.

2. Via de Dienst gelijke kansen van het ministerie van Tewerkstelling en Arbeid werd het fonds op de hoogte gehouden van de adviezen van de Raad van de gelijke kansen voor mannen en vrouwen.

3. Gedurende het jaar 2000 werd onder meer rekening gehouden met het advies nr. 1 van 27 juni 1994 van de raad, betreffende de verdeling van de zorgtaken tussen mannen en vrouwen binnen het gezin en binnen de maatschappij. Rekening houdend met dit advies wordt zo soepel mogelijk ingegaan op vragen voor deeltijdse prestaties en verlof zonder wedde om familiale redenen voor mannen en vrouwen.

Fonds voor de beroepsziekten

1. Er is geen bijzonder probleem geweest en er werd bijgevolg geen aanvraag in die zin gedaan.

2. Er is tussen de diensten van het fonds en de Raad van de gelijke kansen voor mannen en vrouwen geen samenwerking en geen bijzonder overleg geweest.

3. a) Over het algemeen en in de mate van het mogelijke worden de adviezen en de aanbevelingen van de Raad tot bevordering van de evenwichtige aanwezigheid van mannen en vrouwen in de organen met adviserende bevoegdheid gevolgd. Gelet evenwel op de specificiteit van de betrekkingen en dit is inherent aan onze opdrachten werd dit evenwicht niet altijd bereikt of gehandhaafd. Sedert het ontslag in onze Technische Raad van twee vrouwelijke leden die de Universiteit van Antwerpen vertegenwoordigen, zijn, gelet op de onmogelijkheid nieuwe vrouwelijke experten te vinden, de bepalingen van artikel 2bis van de wet van 20 juli 1990 jammer genoeg niet meer nageleefd.

b) Naar aanleiding van ons voorstel met betrekking tot de benoeming van de assessoren en de griffiers-verslaggevers van de kamer van beroep voor de instellingen van openbaar nut afhangend van het ministerie van Sociale Zaken, dat hun op 14 februari 2000 medegedeeld werd, hebben de diensten van het departement van Sociale Zaken, Volksgezondheid en Leefmilieu ons op 6 november 2000 doen opmerken dat deze voorstellen niet volledig waren omdat zij geen rekening hielden met de bepalingen van de wet van 20 juli 1990. Het bestuur heeft bijgevolg voorgesteld twee bijkomende assessoren voor te dragen conform de bepalingen van bovenvermelde wet.

Rijksdienst voor kinderbijslag voor werknemers

1 en 2. Inzake kinderbijslag

Op 14 januari 2000 heeft de Raad van de gelijke kansen voor mannen en vrouwen een inventaris opgemaakt van de wettelijke en bestuurlijke bepalingen die een ongelijke behandeling van de beide ouders inhouden op het stuk van de kinderbijslag.

Die inventaris heeft als basis gediend voor de besprekingen in een interkabinettenwerkgroep waarin ik vertegenwoordigd was.

Inzake intern beleid

Met betrekking tot uw vraag dient te worden opgemerkt dat de rijksdienst in 2000 door omstandigheden nog over geen nieuwe positieve-actie-ambtenaar beschikte en derhalve geen adviezen gevraagd heeft of opdrachten gegeven heeft aan de Raad van de gelijke kansen voor mannen en vrouwen.

De moeilijkheden ondervonden bij de invulling van de nieuwe personeelsformatie, gepaard aan een voortdurend groeiend takenpakket, hebben hem niet toegelaten deze kwestie vooralsnog te regelen zonder de stipte uitvoering van de basisopdrachten in het gedrang te brengen.

3. Inzake kinderbijslag

De wet van 12 augustus 2000 houdende sociale, budgettaire en diverse bepalingen heeft de samengeordende wetten betreffende de kinderbijslag voor loonarbeiders grondig hervormd in die zin dat de erin vervatte discriminaties gebaseerd op het geslacht van de personen die een kind opvoeden, geschrapt zijn.

De genoemde wet heeft meer bepaald de gelijke behandeling van de verschillende vormen van samenleven ingesteld, door het begrip feitelijk gezin in te voeren.

Die hervorming is het resultaat van een voorstel dat oorspronkelijk door de RKW is gedaan. Ze heeft een einde gemaakt aan de discriminaties en is aldus tegemoet gekomen aan heel wat kritiek op de betrokken regelgeving vervat in de inventaris opgemaakt door de Raad van de gelijke kansen voor mannen en vrouwen, op 14 januari 2000.

Inzake intern beleid

Bepaalde acties, zoals onder meer rond vorming, worden onverminderd ingericht door de hiervoor verantwoordelijke diensten en personen. Ook werden de personeelsleden er over ingelicht dat een nieuwe vertrouwenspersoon in de Nederlandse taalrol werd aangeduid en dat dit eerlang ook zal gebeuren in de Franse taalrol. Terloops zij vermeld dat er tot op heden geen klachten in verband met ongewenst seksueel gedrag werden genoteerd.

Wat betreft de Rijksdienst voor jaarlijkse vakantie, het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering, de Rijksdienst voor sociale zekerheid, de Hulpkas voor ziekte- en invaliditeitsverzekering, de Rijksdienst voor sociale zekerheid van de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten, de Rijksdienst voor pensioenen, de Hulp- en Voorzorgskas voor zeevarenden, de Dienst voor de overzeese sociale zekerheid, de Controledienst voor ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen, de Kruispuntbank van de sociale zekerheid en het Instituut voor veterinaire keuring, zij hebben in 2000 geen advies gevraagd aan de Raad van de gelijke kansen voor mannen en vrouwen. Er is evenmin een samenwerking of overleg geweest.

Wel trachten deze instellingen, in hun beleid, het respect voor de gelijkheid tussen mannen en vrouwen te bevorderen, in de geest van de diverse wettelijke en reglementaire bepalingen terzake.