Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat

ZITTING 1995-1996


Bulletin 1-7

27 DECEMBER 1995

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands ≠ (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Minister van Wetenschapsbeleid

Vraag nr. 2 van mevrouw de Bethune d.d. 30 oktober 1995 (N.) :
Vertegenwoordiging van vrouwen en mannen in het kabinet van de geachte minister.

De paritaire democratie, die een gelijke deelname van vrouwen en mannen aan de besluitvorming in het algemeen en de politiek in het bijzonder vooropstelt als een voorwaarde van democratie, is een belangrijk streefdoel waar dringend en concreet werk moet van gemaakt worden. Deze evenwichtige vertegenwoordiging is nodig op alle domeinen en dit zowel stroomopwaarts ≠ waar de beleidsbeslissingen worden uitgedacht ≠ als stroomafwaarts ≠ waar de beleidsbeslissingen worden uitgevoerd.

In haar programma heeft de regering er zich uitdrukkelijk toe verbonden om resoluut verder te werken om een evenwichtige aanwezigheid van vrouwen en mannen in de verschillende maatschappelijke domeinen en in het politiek leven in het bijzonder te bevorderen. Daarbij zal een initiatief genomen worden om de aanwezigheid van vrouwen in publieke advies- en beheersorganen te stimuleren.

Tijdens de vierde UNO-Wereldconferentie over vrouwen (Bejing ≠ september 1995) werd uitdrukkelijk bevestigd dat de gelijke vertegenwoordiging van mannen en vrouwen in het besluitvormingsproces tegelijk een voorwaarde ťn een garantie is voor een goede werking van de democratie. De platformtekst voor actie van de vierde UNO-Wereldconferentie over vrouwen somt een aantal maatregelen op die door de nationale regeringen dienen te worden genomen teneinde de gelijke vertegenwoordiging van vrouwen en mannen in het besluitvormingsproces te realiseren. Hierop aansluitend wil de regering een globaal actieprogramma opstellen uitgaande van de strategieŽn van de vierde UNO-Wereldconferentie over vrouwen te Bejing.

Het kan aanzien worden als een beginsel van goed bestuur dat de beleidsverantwoordelijken de prioriteiten van het regeringsbeleid uitdragen door ze eerst zelf toe te passen en het voorbeeld te tonen.

In het licht hiervan had ik graag van de geachte minister vernomen :

1. Wat de verhouding is van de vrouwelijke en mannelijke kabinetsmedewerkers, in globo en per niveau, binnen zijn eigen kabinet;

2. Wat zijn beleidsvisie is over een evenwichtige aanwezigheid van vrouwen en mannen in de ministeriŽle kabinetten.


Antwoord : Het geachte lid gelieve hierna het antwoord op haar vraag te vinden.

1. Op mijn kabinet werden zevenenveertig personen benoemd : tien leden van niveau 1, waaronder drie vrouwen, negenentwintig uitvoeringsambtenaren, waaronder negentien vrouwen, en tenslotte acht leden die deel uitmaken van het hulp- en onderhoudspersoneel, waaronder drie vrouwen.

2. Zoals u ongetwijfeld zal begrepen hebben uit de hierboven aangehaalde cijfers, is mijn benadering van die problematiek doordrongen van billijkheid en maatschappelijke rechtvaardigheid.

In die logica en overeenkomstig de regeringsverklaring, zal mijn actie bijdragen tot een harmonisatie van de werkomstandigheden van de vrouwen en de mannen en zal ze zich inspireren op de krachtlijnen van de vierde Wereldconferentie over vrouwen die doorging te Peking van 4 tot 14 september 1995.

Met andere woorden, wat de vertegenwoordiging en de verdeling van de taken betreft, vind ik het primordiaal om te blijven streven naar een evenwicht tussen mannen en vrouwen in de verschillende domeinen van het maatschappelijke, economische en politieke leven.