Vragen en Antwoorden

Belgische Senaat


Bulletin 1-67

ZITTING 1997-1998

Vragen waarop niet werd geantwoord binnen de tijd bepaald door het reglement
(Art. 66 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in 't Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in 't Frans


Minister van Landsverdediging

Vraag nr. 775 van de heer Foret d.d. 13 januari 1998 (Fr.) :
African Crisis Response Initiative (ACRI).

1. Sedert enkele maanden zijn de Verenigde Staten bezig met de oprichting van de African Crisis Response Initiative (ACRI), een programma dat tot doel heeft Afrikaanse troepen op te leiden met het oog op vredesmissies.

Zo zouden de Afrikanen, (heel) kort samengevat, hun eigen politiemacht kunnen inschakelen voor conflicten in Afrika.

Dit Amerikaans initiatief is ontstaan als gevolg van de aarzeling van de internationale gemeenschap om een buffermacht in te stellen die de vluchtelingen zou helpen tijdens de oorlog in Oost-ZaÔre verleden jaar.

De Verenigde Staten zouden reeds verschillende landen uitgekozen hebben om aan dit initiatief mee te werken : Senegal, Ghana, Uganda, Malawi, EthiopiŽ.

2. Volgens verschillende bronnen zou BelgiŽ aan ACRI deelnemen.

Er zijn reeds verkenningsmissies geweest van het Belgisch leger naar Senegal en Ghana.

Voor BelgiŽ zou het erop neerkomen dat er een vorm van technisch-militaire samenwerking tot stand komt die gericht is op peacekeeping.

Kan de geachte minister mij bevestigen :

≠ dat BelgiŽ bereid is om deel te nemen aan ACRI, zoals het momenteel door de Verenigde Staten wordt uitgewerkt;

≠ dat er reeds verkenningsmissies geweest zijn naar sommige landen, zoals Senegal en Ghana ?

3. Zo ja, kan de geachte minister mij inlichten omtrent de volgende vragen :

a) Wat waren de resultaten van die verkenningsmissies en welke aanbevelingen werden als gevolg daarvan geformuleerd ?

b) Welke landen zou BelgiŽ willen helpen in het kader van het ACRI-programma ? Welke criteria zullen daarbij worden gehanteerd (met name in verband met de vraag of de betrokken strijdkrachten in voldoende mate operationeel zijn en of de machthebbers van die landen de mensenrechten en de democratische principes in acht nemen) ?

c) Wie zal het commando voeren over de Belgische militairen die hiervoor worden ingezet ? Zullen zij onder Amerikaans bevel staan ?

d) Welke steun zal BelgiŽ verlenen : cursussen in verband met mensenrechten en oorlogsrecht, medische dienst, enz. ?

e) Welk budget zal hiervoor worden uitgetrokken ?