1-119

1-119

Sénat de Belgique

Belgische Senaat

Annales parlementaires

Parlementaire handelingen

SÉANCES DU JEUDI 19 JUIN 1997

VERGADERINGEN VAN DONDERDAG 19 JUNI 1997

(Vervolg-Suite)

VRAAG OM UITLEG VAN MEVROUW DE BETHUNE AAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID EN PENSIOENEN OVER « DE NADELIGE EFFECTEN VAN HET ZONNEBANKGEBRUIK OP DE VOLKSGEZONDHEID »

DEMANDE D'EXPLICATIONS DE MME DE BETHUNE AU MINISTRE DE LA SANTÉ PUBLIQUE ET DES PENSIONS SUR « LES EFFETS NUISIBLES DES BANCS SOLAIRES SUR LA SANTÉ PUBLIQUE »

De voorzitter. ­ Aan de orde is de vraag om uitleg van mevrouw de Bethune aan de minister van Volksgezondheid en Pensioenen.

Het woord is aan mevrouw de Bethune.

Mevrouw de Bethune (CVP). ­ Mijnheer de voorzitter, de Koninklijke Academie voor Geneeskunde van België trok recentelijk aan de alarmbel en wees op de schadelijke gevolgen van het zonnebankgebruik voor de volksgezondheid. Zij stelde een reeks maatregelen voor om erger te voorkomen.

Ik zal hier geen medische uiteenzetting houden, maar het staat vast dat ultraviolette straling in bepaalde dosissen en in sommige omstandigheden schadelijke effecten kan hebben voor de gezondheid, in het bijzonder voor de huid. Het toenemend aantal huidkankers is uiteraard niet alleen te wijten aan het zonnebankgebruik, maar het houdt er wel verband mee. Bepaalde epidemiologen menen, dat als de huidige trend van het zonnebankgebruik wordt voortgezet, huidkanker in het begin van de volgende eeuw, wel eens de belangrijkste doodsoorzaak zou kunnen worden voor mensen tussen 20 en 40 jaar. Zonnebankgebruik kan bovendien nog andere huidaandoeningen veroorzaken en kan schadelijk zijn voor de ogen. Er schuilen dus heel wat gevaren in overmatig zonnebankgebruik.

De Academie voor Geneeskunde stelt voor de zonnebankgebruiker een soort van verklaring te laten ondertekenen waarin hij of zij bevestigt zich bewust te zijn van de risico's van het zonnebankgebruik. Bovendien wenst zij de zonnebankgebruiker aan te sporen zijn huid jaarlijks te laten controleren.

De dringende behoefte aan reglementering in de sector van de zonnebanken bleek reeds uit een interessante enquête van het tijdschrift Test en Gezondheid van maart 1997. Er werden 63 zonnebankcentra getest en daaruit bleek dat de beroepsernst van de uitbaters van zonnebankcentra veel te wensen overlaat. Het gros van de uitbaters verschaft niet de minste informatie over de gezondheidsaspecten van het zonnebankgebruik. Bovendien houden zij vaak geen rekening met het huidfototype of met andere eigenschappen van de potentiële zonnebankgebruiker, zoals leeftijd, het al dan niet zwanger zijn of het innemen van geneesmiddelen. Vanuit medisch oogpunt kan het gebruik van de zonnebank voor bepaalde personen immers tegenaangewezen zijn.

Volgens Test en Gezondheid is de reden voor dit schrijnend tekort aan beroepsernst te wijten aan het feit dat het openen van een zonnebankcentrum geen enkele opleiding noch diploma vereist. Bovendien ontbreekt elke vorm van normering of controle door de overheid.

Gelet op de evidente gevaren van het zonnebankgebruik, is een wettelijk kader dringend nodig. Ik wil niet, zoals een aantal deskundigen, de drastische maatregel voorstellen om zonnebanken totaal te verbieden. In de huidige situatie lijkt dat niet realistisch. In bepaalde gevallen kan het gebruik van een zonnebank trouwens positieve effecten hebben.

Een wettelijk kader is echter dringend nodig, niet alleen voor de verkoop van zonnelampen, zonnebanken en dergelijke, maar ook voor de zonnebankcentra die niet om medische, maar om louter cosmetische redenen worden gebruikt. De grotere deskundigheid in de sector moet worden geresponsabiliseerd. Ten slotte, is een wettelijk kader ook nodig voor de informatie en de sensibilisatie van het grote publiek, de mogelijke consumenten.

Meer precies wil ik van de minister graag een antwoord op volgende vragen.

Hoe kan en zal de federale overheid optreden om de bevolking te informeren en te sensibiliseren over de nadelige effecten van het intense zonnebankgebruik op de gezondheid, zoals het verhoogd risico op huidkanker, veroudering van de huid, oogletsels en dergelijke meer ?

Wordt er door het departement Volksgezondheid wetenschappelijk onderzoek gedaan naar de schadelijke gevolgen van het zonnebankgebruik voor de volksgezondheid of wordt onderzoek hiernaar gestimuleerd of financieel ondersteund ?

Acht de minister het niet noodzakelijk dat er voor de zonnebanksector een specifieke reglementering wordt uitgevaardigd inzake veiligheid, hygiëne, beroepskennis van de uitbater en het personeel, duur van de bezonning, verplichte informatie aan de consumenten en dergelijke ?

Moet de overheid geen controle uitoefenen op de naleving van deze nog uit te werken reglementering door professionele uitbaters van een centrum, met eventuele bestraffing door een onafhankelijke instantie?

De voorzitter. ­ Het woord is aan minister Colla.

De heer Colla, minister van Volksgezondheid en Pensioenen. ­ Mijnheer de voorzitter, hoewel ik de naam heb dat ik vrij vlug tot regelgeving overga, stel ik hier toch de vraag waar de limieten liggen. Vandaag praten wij over zonnebanken, morgen over fitness-centra. Het is niet eenvoudig te bepalen hoe ver men mag gaan in het beschermen van de mensen malgré les gens .

Wij hebben hier bovendien te maken met modetrends en met esthetische normen die voor een niet-gering aantal mensen zeer belangrijk zijn.

Toch wil ik mevrouw de Bethune niet tegenspreken: er zijn inderdaad heel wat gevaren verbonden aan zonnebankcentra. Zo zijn er al gevallen van verbranding tot in de derde graad vastgesteld. Het aantal huidkankers stijgt. Misschien is niet alles toe te schrijven aan de zonnebankcentra, maar moet dit worden gekaderd in de ruimere context van een cultuur van zonnebaden.

Ik wil mevrouw de Bethune niet met een kluitje in het riet sturen, maar preventie valt nu eenmaal niet onder mijn bevoegdheid, maar onder die van de gemeenschappen. Toch vind ik dat ik als minister van Volksgezondheid initiatieven kan nemen inzake de informatie. Zo overweeg ik bijvoorbeeld de uitbaters van zonnebankcentra een omzendbrief te bezorgen, die de cliënten wijst op de mogelijke gevaren en die hen een aantal tips verstrekt. In de huidige stand van de wetgeving kunnen wij er natuurlijk enkel op rekenen dat de uitbaters die op vrijwillige basis uithangen of aan hun cliënten bezorgen.

Meer algemeen kunnen wij iedereen sensibiliseren en erop wijzen dat het, bijvoorbeeld, na een heel jaar in de Senaat te hebben verbleven, gevaarlijk is zich plots aan de Costa Brava aan de volle zon bloot te stellen.

De samenwerking met Inbel voor de verspreiding van informatiefolders in postkantoren en campagnes in kranten, bleek nogal efficiënt. Vooral in de vakantieperiode zijn campagnes belangrijk, want het is hoofdzakelijk dan dat de zonnebankrage toeslaat.

Mijn kabinet legde al contact met het kabinet van Economische Zaken omdat instructies inzake materiaal en zonnebanken van hen moeten uitgaan. Er zal een discussie met hen komen.

Wat het wetenschappelijk onderzoek betreft, zijn de resultaten niet zo denderend. De kankerregistratie helpt ons inzicht te verwerven in het ontstaan van huidkanker, waarvan het zonnebankbezoek één van de oorzaken blijkt te zijn. De Academie voor Geneeskunde deed een litteratuuronderzoek, dat belangrijke resultaten opleverde en ons een beter inzicht in de ontwikkeling van huidkanker verschafte.

Wat de reglementering betreft, wijs ik erop dat er voor de straling Europese normen zijn opgelegd. Het departement van Economische Zaken reglementeerde ook op zijn beurt het gebruik van UV-stralen. Ik ben bereid over het probleem van de reglementering inzake vestiging met mijn collega van de Kleine en Middelgrote Ondernemingen te onderhandelen, aangezien hij de noodzaak aan vorming en opleiding bij het openen van een middenstandszaak reeds aankaartte. Er is nu geen beroepsopleiding voor uitbaters van zonnebankcentra. De vraag is in hoeverre hiervoor een reglementering moet worden uitgewerkt. Men zou een zeker druk kunnen uitoefenen op de uitbaters om een opleiding te volgen of zelf de nodige kennis te verwerven over het gebruik van de zonnebank en de gevaren die hieraan verbonden zijn.

Het departement van Volksgezondheid zou, eventueel in samenwerking met de artsen, guidelines voor de bevolking kunnen uitwerken. De bevolking kan wel niet worden verplicht deze guidelines na te leven; wij kunnen er enkel mee waarschuwen voor risicogedrag. Het departement zou ook informatie kunnen verstrekken aan de huisartsen. Dermatologen stelden immers reeds vaker vast dat huisartsen de eerste symptomen van huidkanker niet altijd kunnen identificeren.

Sancties moeten worden uitgevaardigd door degenen die de regelgeving opstellen. Voor de apparatuur is dit het departement van Economische Zaken. Het opleggen van ­ minimale ­ uitbatingsvoorwaarden, onder andere inzake opleiding, en het verbinden van sancties hieraan, behoort dan weer tot de bevoegdheid van de minister van de Kleine en Middelgrote Ondernemingen.

De voorzitter. ­ Het woord is aan mevrouw de Bethune.

Mevrouw de Bethune (CVP). ­ Mijnheer de voorzitter, ik dank de minister voor zijn antwoord. Hij beaamt een aantal elementen die ik benadrukte. Hij lijkt bereid maatregelen te treffen en spreekt van een omzendbrief en mogelijke contacten met ministers-collega's. Dit alles lijkt mij interessant. Ik betreur het echter dat hij niet gedetermineerder is en geen stap verder wil doen. Ik meen dat men verder zou moeten gaan, en een volwaardig wettelijk kader zou moeten uitbouwen. Ook in andere landen worden maatregelen in die richting getroffen. Frankrijk reglementeerde kort geleden de uitbating van zonnecentra evenals de verkoop van de apparaten. In Frankrijk wordt er ook informatie verstrekt.

Ik denk dat ook wij in dezelfde richting moeten gaan. Wij zullen deze discussie dringend moeten uitdiepen op basis van concrete wetsvoorstellen, weze het op initiatief van de regering of op basis van een parlementair initiatief terzake. Persoonlijk zal ik mij alleszins voor een wettelijke regeling terzake engageren.

De voorzitter. ­ Het incident is gesloten.

L'incident est clos.