Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-9993

van Philippe Mahoux (PS) d.d. 4 oktober 2013

aan de vice-eersteminister en minister van Pensioenen

Wet van 5 maart 1954 betreffende de herstelpensioenen voor de burgerlijke slachtoffers van de oorlog - Herziening - Verzoek van de Vereniging van Afkomstigen uit BelgiŽ in IsraŽl (OBI) - Resolutie - Gevolg

vergoedingspensioen
slachtoffer onder burgerbevolking
Tweede Wereldoorlog
IsraŽl
jood

Chronologie

4/10/2013 Verzending vraag
8/10/2013 Antwoord

Vraag nr. 5-9993 d.d. 4 oktober 2013 : (Vraag gesteld in het Frans)

De Vereniging van Afkomstigen uit BelgiŽ in IsraŽl (OBI) is sedert 2011 de opvolger van de Belgische Vereniging Het Ondergedoken Kind en heeft in haar statuten de verdediging van de slachtoffers van de Shoah opgenomen.

Op de algemene vergadering van OBI, die plaatsvond op 2 juni 2013, werd een resolutie aangenomen waarin gepleit wordt voor een herziening van de wet van maart 1954 betreffende de herstelpensioenen voor de burgerlijke slachtoffers van de oorlog.

De resolutie eist de afschaffing van de voorwaarde dat de rechthebbenden op 1 januari 1960 de Belgische nationaliteit moesten bezitten en zonder onderbreking hun gewone verblijfplaats in BelgiŽ hebben gehad sedert het einde van de vervolging.

Bovendien strekt ze ertoe om in de invaliditeitscommissie de aanwezigheid te waarborgen van een vertegenwoordiger van de verenigingen van joodse slachtoffers van raciale vervolging gedurende het nazi-regime, naast de vertegenwoordiger van de vaderlandslievende verenigingen.

Werd er gevolg gegeven aan de genoemde resolutie?

Antwoord ontvangen op 8 oktober 2013 :

In antwoord op zijn vragen kan ik het volgende antwoorden.

Deze vraag behoort tot de bevoegdheid van de vice-eerste minister en minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid.