Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 5-1148

van Guido De Padt (Open Vld) d.d. 2 februari 2011

aan de staatssecretaris voor Maatschappelijke Integratie en Armoedebestrijding, toegevoegd aan de Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, belast met Maatschappelijke Integratie

Digitale kloof - Opleiding van gebruikers - Computerparken

digitale kloof
sociale ongelijkheid
internet
sociale uitsluiting
informatiemaatschappij
OCMW

Chronologie

2/2/2011 Verzending vraag
20/4/2011 Antwoord

Verwijzing naar een vorige vraag : schriftelijke vraag 5-128

Vraag nr. 5-1148 d.d. 2 februari 2011 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Hoewel de verspreiding van informatie- en communicatietechnologie een centrale positie in ons leven inneemt, verloopt de verspreiding van deze innovatie niet voor alle bevolkingsgroepen gelijkmatig. Er ontstaat een (digitale) kloof tussen de personen die dagelijks gebruik maken van internet en andere informatietoepassingen en diegenen die er weinig of geen toegang toe hebben. Vooral kansarmen hebben veelal moeilijker toegang tot internetdiensten. Dat kan de basis vormen van verdere sociale uitsluiting.

1,9 miljoen Belgen hebben nog nooit een computer gebruikt en 2,6 miljoen Belgen hebben nog nooit op het internet gesurft. De digitale kloof treft vooral de inactieve personen: veertig procent van de werklozen heeft nog nooit het internet gebruikt.

De federale regering erkent dit probleem en poogt hierop een antwoord te bieden in de vorm van het nationaal actieplan (NAP) ter bestrijding van de digitale kloof. Dit plan stelt drie hefbomen voorop:

- sensibilisering;

- opleiding;

- toegang.

Hierbij is het de doelstelling om de kloof op vijf jaar tijd met een derde te verkleinen.

Op basis van dit plan werden 2 acties ondernomen:

De maatregelen inzake de « e-inclusie » werden in aanmerking genomen voor de subsidies die de OCMW's krijgen voor culturele en sportieve participatie;

Met Oxfam Solidariteit werd een overeenkomst gesloten om een experiment voor de duur van een jaar te financieren met het oog op de terbeschikkingstelling van tien computerparken in tien OCMW's. Deze laatste moeten partnerschappen sluiten met operatoren zoals rusthuizen, sociale woningen, wijkhuizen, ... om het doelpubliek, de personen voor wie de technologie het minst beschikbaar is, te bereiken Deze computerparken worden uitgerust met gerecycleerd materiaal en geconfigureerd in open source. Dat project heet easy-e-space.

Het voorstel van resolutie betreffende de bevordering van de toegang tot de informatie- en communicatietechnologie en de ontwikkeling van een internet voor de burger in het kader van de bestrijding van armoede en uitsluiting (Stuk Senaat, nr. 4/926/1) voorziet onder andere in de volgende maatregelen:

- de invoering van een pakket « internet voor iedereen », dat vanaf april 2006 in de winkels wordt aangeboden. Dit pakket, bestaande uit een computer, een internetaansluiting voor een jaar en een opleidingsbrochure, zou 200 000 gezinnen in staat moeten stellen zich uit te rusten met en zich in te werken in de nieuwe technologie tegen een zeer lage prijs dankzij, enerzijds, de consequente financiële inspanning van de privésector en, anderzijds, de toekenning van een belastingkrediet voor een bedrag dat gelijk is aan de BTW (20 %) op de aankoopsom van het pakket (dus tussen 145 en 175 euro) door de federale Staat. Die maatregel bevat ook een sociaal gedeelte, waarbij een mechanisme in het leven wordt geroepen om een rechtstreekse financiële tegemoetkoming, evenredig met het belastingkrediet, toe te kennen aan bepaalde doelgroepen (leefloontrekkers) die geen belastingaangifte invullen;

- de oprichting of de uitbreiding van de « openbare computerruimten » over heel België via een projectoproep, in juli 2006, tot alle instellingen, vzw's of ondernemingen met een sociaal oogmerk, die een gratis en gemakkelijke internetaansluiting en een kennismaking met de nieuwe technologie zouden willen aanbieden aan personen die getroffen worden door de digitale kloof;

- de oprichting van een fonds om de strijd aan te gaan tegen de digitale kloof bij de ouderen.

Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen:

1) Er werden een aantal maatregelen genomen om de fysieke kloof met betrekking tot de toegang tot computers te verkleinen. Het bezit alleen is echter geen garantie, aangezien vooral het gebruik en de vaardigheden een wezenlijk verschil maken. Bent u hiervan op de hoogte? Worden er maatregelen genomen om de nieuwe kloof tussen ervaren gebruikers en gebruikers met zeer beperkte kennis te verkleinen?

2) Hoe wordt de terbeschikkingstelling van computerparken in OCMW's geëvalueerd?

Antwoord ontvangen op 20 april 2011 :

In antwoord op zijn vragen, heb ik de eer het geachte lid volgende inlichtingen te verstrekken:

U refereert naar de digitale kloof van de tweede graad, met name de sociale ongelijkheden die kunnen voortvloeien uit het verschil in gebruik van ICT, en meer bepaald internet, eens de toegangsdrempel is overwonnen. De Programmatorische Overheidsdienst Maatschappelijke Integratie(POD MI) bestelde hierrond een studie, die in juni 2008 gepubliceerd werd: “Ontwikkeling van digitale vaardigheden en verkleining van ongelijkheden. Een verkenning van de digitale kloof van de tweede graad.” door de Fondation Travail-Université (FTU Namur). Deze studie is te raadplegen op de website van de POD MI, http://www.mi-is.be. In opvolging van deze studie lanceerde de POD MI eveneens een projectoproep voor initiatie- en vormingsinitiatieven bij zowel openbare instellingen (Openbaar Centrum voor maatschappelijk welzijn (OCMW), gemeentes, bibliotheken) als vzw’s. Een dertigtal projecten werden gesubsidieerd om specifiek bij doelgroepen in armoede aan de slag te gaan om de digitale kloof van de tweede graad te dichten en hierrond innovatieve technieken en methodologieën te ontwikkelen. De digitale kloof van de tweede graag blijft ook in het verdere beleid een aandachtspunt en zal blijven terugkeren in maatregelen.

Daarnaast blijven we echter vaststellen dat ook de fysieke toegang tot een computer een aandachtspunt moet blijven. De hoge prijs van het internet, de snelle veroudering van computermateriaal, het gebrek aan technische ondersteuning, blijven problemen waar zowel burgers als organisaties mee kampen. We streven dus naar een én-én beleid, niet naar een of-of beweging.

“Het eindrapport voor de voorbereiding van de tweede fase van het nationaal actieplan ter bestrijding van de digitale kloof 2011-2015” door de FTU Namur en de KHKempen (eveneens beschikbaar op onze website) beschrijft het initiatief.

De Openbare Computerruimtes van de OCMW’s werden georganiseerd in het kader van een samenwerkingsovereenkomst tussen de POD Maatschappelijke Integratie en Oxfam Solidariteit van 2005 tot 2008. Dit pakket, dat de naam Easy-(e)-Space droeg, moest de OCMW’s en vzw’s voor kwetsbare doelgroepen aanmoedigen om de digitale kloof te bestrijden door hun gebruikers een jaar lang een informaticapark van minstens vijf gerecycleerde computers ter beschikking te stellen, samen met een internetaansluiting en vrije software zoals de bureauticatool OpenOffice of de browser FireFox. Oxfam was de operator die zich een jaar lang bezighield met de installatie en technische opvolging van de parken. Daarna werd het informaticapark eigendom van het OCMW, dat de kosten voor de internetaansluiting en die van de technische opvolging van het materiaal voortaan voor zijn rekening moest nemen. In vier jaar tijd werden 160 voorzieningen financieel gesteund.

In vier jaar tijd kreeg België 165 “Easy-(e)-Spaces”, waarvan 79 in Vlaanderen, 72 in Wallonië en 14 in Brussel.

Uit het eindrapport voor de evaluatie van het project (2009) blijkt dat de eindigheid van de subsidies hier en daar voor overgangsproblemen zorgde. OCMW’s waren immers verplicht zelf een oplossing te zoeken.