Tweetalige printerversie Eentalige printerversie

Schriftelijke vraag nr. 4-1337

van Jurgen Ceder (Vlaams Belang) d.d. 31 juli 2008

aan de vice-eersteminister en minister van Werk en Gelijke Kansen

Vakverenigingen - Overheid - Controle op de ledentelling

vakbond
ambtenarenvakbond
ambtenaar
vakbondsvrijheid

Chronologie

31/7/2008 Verzending vraag (Einde van de antwoordtermijn: 5/9/2008 )
17/12/2008 Antwoord

Vraag nr. 4-1337 d.d. 31 juli 2008 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Een veel voorkomende klacht van onafhankelijke vakbonden bij de overheid is dat hun leden actief en streng geteld worden, terwijl dit bij ACV, ABVV en ACLVB niet gebeurt.

Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen:

1. Welk is het algemeen comité dat bevoegd is voor het personeel van de federale overheid, zoals bepaald in artikel 4 van de wet van 19 december 1974 tot regeling van de betrekkingen tussen de overheid en de vakbonden van haar personeel?

2. Welke vakbonden worden beschouwd als representatief in de zin van artikel 6 en 7 van deze wet? Meent de minister dat deze wetgeving moet aangepast worden om ook onafhankelijke vakbonden hier toe te laten?

3. Welke sectorcomités zijn bevoegd voor het personeel van de federale overheid?

4. Welke bijzondere comités zijn bevoegd voor het personeel van de federale overheid?

5. Welke is de vakbond die bij de federale overheid ‘het grootste aantal bijdrageplichtige leden telt onder de andere vakorganisaties dan die bedoeld in 1º en die een aantal bijdrageplichtige leden telt dat ten minste 10 pct. vertegenwoordigt van de personeelssterkte van de diensten welke onder het comité ressorteren.’, zoals bepaald in artikel 8 van deze wet?

6. Volgens de wet worden de ledenaantallen van de vakbonden bij de overheid elke zes jaar geteld door een commissie voor representativiteitscontrole. Wanneer voerde deze commissie de laatste keer haar telling uit, wie waren de leden ervan, en hoeveel leden telden de vakorganisaties toen bij de federale overheid?

7. Uit mijn gegevens blijkt dat vakbonden leden driedubbel tellen, en leden blijven handhaven als ‘lid’ ook al betalen zij al jaren geen lidgeld meer. Heeft deze commissie iets meer gedaan dan een ‘verklaring’ te vragen aan de vakbonden? heeft zij effectief bij ACV, ABVV en ACLVB een controle gedaan van de ledenlijsten? Werd hiervan een rapport gemaakt? Zo ja, graag copie.

8. Wanneer zal deze commissie haar eerstvolgende ledentelling uitvoeren? Wie maakt er deel van uit? Meent de minister dat een daadwerkelijke controle bij ACV, ABVV en ACLVB tegen dubbeltellingen en valse leden moet uitgevoerd worden?

9. Hoeveel syndicale premies betaalde de federale overheid uit in het jaar dat de ledentelling door de commissie werd uitgevoerd? Komt dit aantal overeen met het aantal door de commissie vastgestelde vakbondsleden, en zo neen, waarom niet?

Antwoord ontvangen op 17 december 2008 :

Ik heb de eer u mede te delen dat het onderwerp van uw vraag tot de bevoegdheden van mijn collega’s, mijnheer Leterme, Eerste minister en mevrouw Vervotte minister van Ambtenarenzaken behoort.