SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2009-2010 Zitting 2009-2010
________________
13 avril 2010 13 april 2010
________________
Question écrite n° 4-7526 Schriftelijke vraag nr. 4-7526

de Joris Van Hauthem (Vlaams Belang)

van Joris Van Hauthem (Vlaams Belang)

à la vice-première ministre et ministre de l'Emploi et de l'Égalité des chances, chargée de la Politique de migration et d'asile

aan de vice-eersteminister en minister van Werk en Gelijke Kansen, belast met het Migratie- en asielbeleid
________________
Office national de l'emploi - Chercheurs d'emploi en Flandre - Sanctions contre le refus d'apprendre une langue nationale Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening - Werkzoekenden in Vlaanderen - Sancties wegens weigering aanleren landstaal 
________________
Office national de l'emploi
demande d'emploi
chômeur
enseignement des langues
statistique officielle
Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening
zoeken naar een baan
werkloze
taalonderwijs
officiële statistiek
________ ________
13/4/2010 Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 14/5/2010 )
6/5/2010 Einde zittingsperiode
13/4/2010 Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 14/5/2010 )
6/5/2010 Einde zittingsperiode
________ ________
Question n° 4-7526 du 13 avril 2010 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 4-7526 d.d. 13 april 2010 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

La ministre peut-elle me communiquer les informations suivantes pour les cinq dernières années et ce, sur une base annuelle:

1. Combien de dossiers de chercheurs d'emploi domiciliés en Région flamande ont-ils été transmis par le VDAB à l'ONEm au motif que les intéressés ont refusé de suivre un cours de néerlandais afin d'augmenter leurs chances de trouver un emploi ?

2. Quelle suite a-t-elle été donnée par l'ONEm à ces dossiers et quelle était la motivation ?

 

Kan de minister mij het volgende meedelen voor de laatste vijf jaar, en dit op jaarbasis:

1. Hoeveel dossiers van werkzoekenden woonachtig in het Vlaams gewest werden door de VDAB naar de RVA doorgezonden met als reden dat de betrokkenen weigerden een cursus Nederlands te volgen om zo hun tewerkstellingskansen te verhogen?

2. Welk gevolg werd door de RVA aan deze dossiers gegeven en wat was de motivering daarvan?