SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2009-2010 Zitting 2009-2010
________________
7 décembre 2009 7 december 2009
________________
Question écrite n° 4-5944 Schriftelijke vraag nr. 4-5944

de Joris Van Hauthem (Vlaams Belang)

van Joris Van Hauthem (Vlaams Belang)

à la ministre de l'Intérieur

aan de minister van Binnenlandse Zaken
________________
Police fédérale - Cadres linguistiques - Déséquilibres - Mesures Federale politie - Taalkaders - Scheeftrekkingen - Maatregelen 
________________
police
emploi des langues
Commission permanente de contrôle linguistique
disparité régionale
politie
taalgebruik
Vaste Commissie voor Taaltoezicht
regionale verschillen
________ ________
7/12/2009 Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 8/1/2010 )
6/5/2010 Einde zittingsperiode
7/12/2009 Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 8/1/2010 )
6/5/2010 Einde zittingsperiode
________ ________
Herindiening van : schriftelijke vraag 4-3199 Herindiening van : schriftelijke vraag 4-3199
________ ________
Question n° 4-5944 du 7 décembre 2009 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 4-5944 d.d. 7 december 2009 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Le rapport annuel de la Commission permanente de contrôle linguistique de l'année 2007 montre qu'il existe un très grand déséquilibre dans les services centraux de la police fédérale au désavantage du cadre néerlandophone. Pour l'ensemble des degrés inférieurs, il y a 2248 néerlandophones contre 2289 francophones. Cela représente une proportion de 49,55 néerlandophones pour 50,45 francophones. Ces chiffres sont fort éloignés des cadres linguistiques prévus, à savoir 52,94 néerlandophones pour 47,06 francophones.

Quelles mesures la ministre a-t-elle déjà prises pour redresser ce déséquilibre?

 

Uit het jaarverslag van de Vaste Commissie voor taaltoezicht voor het 2007 blijkt dat zich bij de centrale diensten van de federale politie een zeer grote evenwichtsverstoring ten nadele van het Nederlandstalige kader voordoet. Voor alle lagere trappen samen zijn er 2 248 Nederlandstaligen tegenover 2 289 Franstaligen. Dat is een verhouding van 49,55 Nederlandstaligen tot 50,45 Franstaligen. Dat wijkt beduidend af van de taalkaders 52,94 Nederlandstaligen tot 47,06 Franstaligen.

Welke maatregelen heeft de geachte minister reeds genomen om dit onevenwicht recht te trekken ?