SÉNAT DE BELGIQUE BELGISCHE SENAAT
________________
Session 2007-2008 Zitting 2007-2008
________________
24 janvier 2008 24 januari 2008
________________
Question écrite n° 4-234 Schriftelijke vraag nr. 4-234

de Karim Van Overmeire (Vlaams Belang)

van Karim Van Overmeire (Vlaams Belang)

au ministre de la Défense

aan de minister van Landsverdediging
________________
Musée royal de l’armée et d’histoire militaire -Politique du personnel - Dépassement du personnel autorisé Koninklijk Museum van het Leger en de Krijgsgeschiedenis - Personeelsbeleid - Overschrijding toegelaten personeel 
________________
musée
établissements scientifiques et culturels fédéraux
personnel
Cour des comptes (Belgique)
armée
museum
federale wetenschappelijke en culturele instellingen
personeel
Rekenhof (België)
krijgsmacht
________ ________
24/1/2008 Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 28/2/2008 )
3/3/2008 Antwoord
24/1/2008 Verzending vraag
(Einde van de antwoordtermijn: 28/2/2008 )
3/3/2008 Antwoord
________ ________
Question n° 4-234 du 24 janvier 2008 : (Question posée en néerlandais) Vraag nr. 4-234 d.d. 24 januari 2008 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Lors de la préparation de la publication du 163e Cahier de la Cour des comptes, cette dernière a examiné la politique du personnel du Musée royal de l’armée. Au moment de cet audit, le cadre du personnel comptait 48 unités. Mais l’effectif réel se composait de 22 agents statutaires, 33 agents contractuels et 105 militaires. Cela constitue un total de 160 unités, soit plus de trois fois le cadre du personnel.

Comment le ministre explique-t-il ce dépassement flagrant du cadre du personnel ?

 

Bij de voorbereiding van de publicatie van het 163ste Boek van het Rekenhof onderzocht het Rekenhof het personeelsbeleid bij van het Koninklijk Legermuseum. Op het moment van dit onderzoek bedroeg de personeelsformatie 48 eenheden. Maar de effectieve personeelsbezetting bestond uit 22 statutaire personeelsleden, 33 contractuele werknemers en 105 militairen. Dit komt neer op een totaal van 160 eenheden of meer dan driemaal de personeelsformatie.

Hoe verklaart de geachte minister deze flagrante overschrijding van de personeelsformatie?

 
Réponse reçue le 3 mars 2008 : Antwoord ontvangen op 3 maart 2008 :

L'honorable membre est prié de trouver ci-après la réponse à ses questions.

1. Le Musée royal de l'armée et d'histoire militaire est une institution scientifique de l'État, qui dépend du ministre de la Défense et qui possède le statut de service de l'État à gestion séparée.

2. L'arrêté royal du 2 août 2002 fixant le cadre organique du Musée royal de l'armée et d'histoire militaire (MRA) prévoit 48 fonctions. À l'évidence, ce cadre ne couvre pas tous les besoins en personnel nécessaire au bon fonctionnement d'une institution comme le MRA. Aussi, le MRA bénéficie-t-il du renfort de militaires actifs pour des fonctions non prévues au cadre organique évoqué ci-avant. Il s'agit de personnel de gardiennage de jour et de nuit, de personnel destiné à l'entretien et la rénovation du matériel militaire dans les collections, de personnel destiné à l'entretien des installations. Dans le même temps, le MRA bénéficie également de personnel civil contractuel en remplacement d'agents absents, pour des tâches d'entretien, pour des projets divers de durée limitée. Toutes ces fonctions ne sont pas, elles non plus, reprises au cadre organique mais sont autorisées par d'autres dispositifs réglementaires.

Het geachte lid gelieve hierna het antwoord te willen vinden op de door hem gestelde vragen.

1. Het Koninklijk Museum van het leger en de krijgsgeschiedenis is een wetenschappelijke instelling van de Staat die afhankelijk is van de minister van Landsverdediging en die het statuut van Staatsdienst met afzonderlijk beheer bezit.

2. Het koninklijk besluit van 2 augustus 2002 tot vaststelling van de personeelsformatie van het Koninklijk Museum van het leger en de krijgsgeschiedenis (KLM) voorziet 48 functies. Deze personeelsformatie is ontoereikend om de volledige behoefte in personeel in te vullen die nodig is om de goede werking van een instelling zoals het KLM te garanderen. Zodoende, geniet het KLM van de versterking van actieve militairen voor functies die niet worden voorzien in de bovenvernoemde personeelsformatie. Het gaat hier om dagen nachtwakers, personeel belast met het onderhoud en de renovatie van militair materiaal van de collecties en personeel bestemd voor het onderhoud van de installaties. Tegelijkertijd, beschikt het KLM eveneens over contractueel burgerpersoneel dat afwezige personeelsleden vervangt. Zij staan in voor onderhoudstaken en voor verschillende projecten van bepaalde duur. Deze functies, worden evenmin hernomen in de personeelsformatie maar worden toegelaten op basis van andere reglementaire bepalingen.