BELGISCHE SENAAT
________
Zitting 2011-2012
________
23 december 2011
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 5-4109

de Cécile Thibaut (Ecolo)

aan de vice-eersteminister en minister van Binnenlandse Zaken
________
De samenwerking met de Franse nucleaire veiligheidsautoriteit
________
kerncentrale
nucleaire veiligheid
Frankrijk
nucleaire beveiliging
________
23/12/2011 Verzending vraag
14/5/2012 Antwoord
________
Herindiening van : schriftelijke vraag 5-3862
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 5-4109 d.d. 23 december 2011 : (Vraag gesteld in het Frans)

De Autorité de sûreté nucléaire française (ASN), de Franse nucleaire veiligheidsautoriteit, heeft onlangs aanvullende evaluaties van de veiligheid van de kerninstallaties gepubliceerd. Dat rapport preciseert dat van juni tot oktober 2011 38 inspecties van kerninstallaties gepland zijn.

Aangezien bepaalde Franse kernreactoren vlakbij de grens zijn gelegen, heeft de ASN ook de inspecteurs van de Duitse, de Zwitserse, de Belgische en de Luxemburgse veiligheidsautoriteiten uitgenodigd om een aantal gerichte inspecties bij te wonen.

Kunt u preciseren bij welke inspectierondes het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle (FANC) is uitgenodigd?

Welke conclusies heeft het FANC uit die inspecties getrokken? Heeft het zijn opmerkingen aan de Franse nucleaire veiligheidsautoriteit overgezonden met het oog op de publicatie van het eindrapport over de stresstests?

Op 26 april 2011 heb ik u ondervraagd over de contacten tussen België en de Franse autoriteiten met betrekking tot de veiligheid in de omgeving van de kerncentrale van Cattenom. In onze gedachtewisseling hebben we ter sprake gebracht dat de bilaterale samenwerking tussen de ASN en het FANC niet van toepassing is op de centrale van Cattenom. Zijn er stappen gedaan om de bilaterale samenwerking tot de centrale van Cattenom uit te breiden? Als dat niet het geval is, bent u dan voornemens stappen in die richting te doen?

Antwoord ontvangen op 14 mei 2012 :

Er bestaan verschillende samenwerkingsakkoorden tussen de Belgische en Franse veiligheidsautoriteiten in het kader waarvan een regelmatige informatie-uitwisseling voorzien is. Bovendien hebben de Belgische autoriteiten de wens geuit om betrokken te worden bij de evaluatie, door de Franse veiligheidsautoriteit (ASN), van de resultaten van de stresstests van de kerncentrales van Chooz en Gravelines. Frankrijk heeft gunstig geantwoord op dit verzoek en heeft zijn nationale evaluatie opengesteld voor de Belgische deskundigen.

In het kader van de stresstests werd het FANC – de Belgische veiligheidsautoriteit – uitgenodigd om als observator aan alle inspecties i.v.m. de stresstest op deze beide sites deel te nemen. Rekening gehouden met de werklast en de beschikbaarheid van onze deskundigen, heeft het FANC effectief aan 7 hiervan kunnen deelnemen: 3 in Chooz en 4 in Gravelines.

Naast deze inspecties heeft de ASN de Belgische veiligheidsautoriteit uitgenodigd voor de vergadering van 6 juli van de permanente groep “reactoren” met betrekking tot de methodologie en voor dezelfde permanente groep die op 8, 9 en 10 november plaatshad en betrekking had op de resultaten van de stresstests. De ASN heeft tevens de verslagen van EDF over Chooz en Gravelines, alsook de ondersteunende evaluatieverslagen voor de twee permanente groepen aan het FANC overgemaakt. Daarenboven werd er op 19 oktober, in Rijsel, een specifieke vergadering georganiseerd waar EDF de resultaten van de stresstests van Chooz en Gravelines heeft voorgesteld.

Tijdens deze vergadering heeft de Belgische veiligheidsautoriteit de kans gehad om alle vragen die ze wilde stellen rechtstreeks aan de exploitant te stellen, die niet alleen door de directeurs van de site, maar ook door de technische deskundigen werd vertegenwoordigd. In de loop van deze vergadering heeft de ASN kennis kunnen nemen van de vragen die gerezen waren bij lezing van de verslagen van EDF over de twee centrales in kwestie.

Met betrekking tot de conclusies, en dit zowel voor de inspecties als het algemeen onderzoek van de dossiers door de ASN en haar technische ondersteuning IRSN, heeft het FANC kunnen vaststellen met welke ernst en middelen zijn Franse collega’s bij de evaluatie van de stresstests te werk zijn gegaan. Het spreekt voor zich dat zij de dossiers van de exploitant veel grondiger kunnen onderzoeken dan wij, rekening gehouden met de kennis die ze hebben van de installaties. Zolang de ASN haar eigen evaluatie niet heeft afgerond, is het voorbarig om nu reeds conclusies te trekken.

De keuze van Chooz en Gravelines was deze van de nucleaire sites die expliciet vermeld werden in het Frans-Belgisch akkoord van 8 september 1998 over nucleaire informatie-uitwisseling. De kerncentrales van Cattenom, die niet expliciet in het akkoord werden vermeld, liggen op een afstand van 35 km van de Belgische grens, terwijl Gravelines op 30 km ligt. Het feit dat men vroeger voor Gravelines en Chooz heeft geopteerd, kan waarschijnlijk verklaard worden door de specifieke ligging van de sites. Gravelines ligt nabij de Noordzee, de sites van Chooz en Cattenom liggen allebei langs onze zuidergrens. Het is dus niet nodig dit bilateraal kader uit te breiden om informatie te verkrijgen over de centrale van Cattenom. De goede relaties tussen het FANC en de ASN vormen de garantie op een efficiënte uitwisseling van de door elk van beide partijen gewenste informatie.

We mogen daarenboven niet vergeten dat het nationaal evaluatieproces van de stresstests gevolgd wordt door een evaluatieproces op Europees niveau waarbij alle Lidstaten opnieuw zullen worden betrokken.