BELGISCHE SENAAT
________
Zitting 2007-2008
________
28 november 2007
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 4-83

de Nahima Lanjri (CD&V N-VA)

aan de minister van Werk
________
Onderscheid tussen arbeider en bediende - Eenheidsstatuut - Nationale Arbeidsraad - Verslag van de bijzondere commissie
________
werknemer
arbeider
personeelsstatuut
Nationale Arbeidsraad
onderlinge beroepsovereenkomst
arbeidscontract
arbeidsrecht
harmonisatie van de sociale zekerheid
ontslag
________
28/11/2007 Verzending vraag
20/12/2007 Dossier gesloten
________
Herkwalificatie van : vraag om uitleg 4-15
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 4-83 d.d. 28 november 2007 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

In 1993 werd het Grondwettelijk Hof geconfronteerd met de vraag of het onderscheid werkman-bediende inzake opzeggingstermijnen al dan niet strijdig is met de grondwettelijke beginselen van gelijkheid en non-discriminatie. Het Hof oordeelde dat het onderscheid tussen werklieden en bediende bezwaarlijk als objectief en redelijk te verantwoorden kan worden aanzien en onderschreef de stelling dat het onderscheidingscriterium maatschappelijk en grondwettelijk onaanvaardbaar is.

Tijdens de onderhandelingen van het interprofessioneel akkoord 2001-2002 hebben de sociale partners afgesproken de verschillen tussen beide statuten te bestuderen en voor eind 2001 conclusies neer te leggen die een duurzame oplossing zouden mogelijk maken. Omdat er zeer weinig vooruitgang kwam, werd in het interprofessioneel akkoord 2005-2006 bepaald dat een bijzondere commissie binnen de schoot van de Nationale Arbeidsraad conclusies zou formuleren en neerleggen voor eind 2005.

Het tussentijds verslag werd volgens de geachte minister verwacht tegen juli 2007. Is er intussen al een verslag van deze bijzondere commissie? Indien ja, wat zijn de conclusies van dit verslag?