BELGISCHE SENAAT
________
Zitting 2008-2009
________
4 augustus 2009
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 4-3815

de Nahima Lanjri (CD&V)

aan de staatssecretaris voor Armoedebestrijding, toegevoegd aan de minister van Maatschappelijke Integratie, Pensioenen en Grote Steden
________
Noodhulpinitiatieven - Belgisch Interventie- en Restitutiebureau - Strenge controles
________
landbouwoverschot
voedselbehoefte
Keuringsdienst van waren
voedselveiligheid
Belgisch Interventie- en Restitutiebureau
________
4/8/2009 Verzending vraag
25/11/2009 Dossier gesloten
________
Ook gesteld aan : schriftelijke vraag 4-3814
Herkwalificatie van : vraag om uitleg 4-1014
Heringediend als : schriftelijke vraag 4-6219
________
SENAAT Schriftelijke vraag nr. 4-3815 d.d. 4 augustus 2009 : (Vraag gesteld in het Nederlands)

Verschillende Belgische noodhulpinitiatieven, voornamelijk voedselbanken, werden onlangs gecontroleerd door het Belgisch Interventie- en Restitutiebureau (BIRB). Aanleiding voor deze controle zou een aanmaning zijn vanuit de Europese Unie (EU) die stelt dat de Belgische overheid te weinig opvolgt wat er met de voedseloverschotten gebeurt.

Het BIRB voert deze controles zeer grondig uit. Zo werden volgens mijn bronnen al twee noodhulpinitiatieven stopgezet na een controle van het BIRB. Verschillende andere initiatieven kregen een ernstige verwittiging.

De noodhulpinitiatieven die werden gecontroleerd worden dikwijls georganiseerd en beheerd door vrijwilligers. Deze mensen proberen in hun vrije tijd een bijdrage te leveren aan de samenleving en doen dit uiteraard naar best vermogen. Ze worden verplicht allerhande regelgeving betreffende hygiŽne, voedselveiligheid, registratie, administratie, enz., na te leven. Dat er controle nodig is op de kwaliteit en hygiŽne wil ik gerust erkennen, maar de vraag is wat men juist controleert en of alle administratieve beslommeringen echt wel nodig zijn. Zo worden sommige initiatieven louter gesanctioneerd omwille van administratieve formaliteiten. We kunnen echter niet om het feit heen dat we hier te maken hebben met vrijwilligers en niet met professionele medewerkers.

Wanneer een noodhulpinitiatief gesloten wordt zijn uiteraard de mensen die van deze vorm van noodhulp afhankelijk zijn uit, het grootste slachtoffer. Voor hen is dit immers dikwijls een substantiŽle en noodzakelijke ondersteuning.

Daarom had ik graag de volgende vragen gesteld:

1. Klopt het dat de strengere controles van het BIRB er kwamen na een aanmaning vanuit de Europese Unie?

2. Hoeveel noodhulpinitiatieven werden intussen gecontroleerd door het BIRB?

3. Wat waren de resultaten van deze controles?

4. Welke maatregelen zullen genomen worden om de verschillende noodhulpinitiatieven te ondersteunen opdat zij volledig voldoen aan de bestaande normering?