1-252/1

1-252/1

Belgische Senaat

ZITTING 1995-1996

8 FEBRUARI 1996


Wetsvoorstel tot wijziging van artikel 26 van de wet van 22 december 1986 op de intercommunales (1)

(Ingediend door de heer Goris)


TOELICHTING


De wet van 22 december 1986 bepaalt in artikel 26 dat een intercommunale vrijgesteld wordt van alle belastingen. Dit fiscaal voordeel voor de intercommunales is gegrond op hun bijzonder statuut, als publiekrechtelijk persoon, die een doel van openbaar nut nastreeft en het algemeen belang dient.

We stellen vast dat vele intercommunales thans dezelfde werkingssfeer als privé-ondernemingen kennen, zoals de uitbating van stortterreinen, ophaling van huisvuil, ontwerpbureaus en dies meer.

Het is duidelijk dat de intercommunale in deze gevallen diensten aanbiedt die niet louter van openbaar nut zijn of het algemeen belang nastreven, tenzij wat betreft hun doelgroep of « cliënteel ».

Ook privé-ondernemingen laten zich met dergelijke activiteiten in : de studiekantoren, architectenbureaus, immobiliënkantoren, bedrijvencentra, privé uitgebate storten en de privé-huisvuilophaaldiensten.

Wanneer we beide ondernemingsvormen in ogenschouw nemen, merken we een duidelijk verschil wat de fiscale behandeling betreft. De intercommunale wordt wettelijk vrijgesteld van elke vorm van belasting. De privé-onderneming daarentegen is onderworpen aan elke toepasselijke belasting op de bedrijfsactiviteit (vennootschapsbelasting, milieuheffingen, opcentiemen, ...)

De relatie van een intercommunale met haar klanten, de gemeenten, in deze contracten is nochtans in de meeste gevallen een « handelsovereenkomst » (huisvuilophaling, uitbating containerparken, stortplaatsen) en is dit niet te beschouwen als een overdracht van bevoegdheden van de gemeenten naar de intercommunale ?

De vraag rijst op grond waarvan het onderscheid tussen deze gevallen blijft bestaan. In de praktijk tekent zich een duidelijke discriminatie tussen beide bedrijfsvormen af : de intercommunale betaalt geen belasting, de privé-onderneming wel.

Derhalve is een privé-onderneming, wat het concurrentieel voordeel betreft, nagenoeg altijd in de mindere positie, daar waar zij in de meeste gevallen beschikt over eenzelfde infrastructuur, bedrijfsstructuur en dienstenpakket. De impact van een dergelijke achterstand is niet te veronachtzamen. Privé-bedrijven zijn bijgevolg gewoon duurder. De vrije concurrentie speelt hierin niet meer mee. Het is om deze redenen dat wij ervoor opteren artikel 26 van de wet van 22 december 1986 te wijzigen.

Stef GORIS.

WETSVOORSTEL


Artikel 1

Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.

Art. 2

Artikel 26 van de wet van 22 december 1986 op de intercommunales wordt vervangen als volgt :

« Artikel 26. ­ Onverminderd de bestaande wetsbepalingen zijn de intercommunales vrijgesteld van alle belastingen ten gunste van de Staat, evenals van alle belastingen ingevoerd door de provincies, de gemeenten of enig andere publiekrechtelijke persoon in die domeinen waar zij een doel van openbaar nut nastreven of het algemeen belang dienen, en waar zij met geen enkele privaatrechtelijke persoon in het geding kunnen komen. »

Stef GORIS.

(1) Dit wetsvoorstel werd in de Senaat reeds ingediend op 10 februari 1994, onder het nummer 985-1 (1993-1994).