5-83

5-83

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 13 DECEMBER 2012 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Mondelinge vraag van de heer Filip Dewinter aan de staatssecretaris voor Asiel en Migratie, Maatschappelijke Integratie en Armoedebestrijding over «het centrum voor criminele illegalen in Vottem» (nr. 5-753)

De heer Filip Dewinter (VB). - Na de laag-bij-de-grondse aanval van de burgemeester van Gent, die nota bene lid is van coalitiepartner sp.a, heeft de staatssecretaris vandaag gerepliceerd dat er wel degelijk een centrum voor criminele illegalen komt.

In eerste instantie was ik heel enthousiast over die mededeling, maar toen ik de kleine lettertjes las, bleek de aankondiging een stuk minder spectaculair dan de krantentitels lieten vermoeden. Vooreerst zal het centrum pas eind juni 2013 zijn deuren openen. Er moet nog overleg met de vakbonden en andere instanties worden opgestart. Het centrum zal in Vottem worden gevestigd. Dat is een gemeente nabij Luik, aan de andere kant van de taalgrens, wat slecht nieuws is voor Vlaanderen. De opvangcapaciteit zal zich bovendien tot dertig illegale criminelen beperken. Gezien het aantal illegale criminelen in ons land, is het centrum niets meer dan een druppel op een hete plaat. Ik heb de indruk dat de aankondiging van het centrum niet meer is dan een mediastunt, een symbolische actie die de gemoederen moet sussen. In de praktijk stelt het allemaal niet veel voor. Ons voorstel daarentegen is intussen bekend: een gevangenisboot in de Antwerpse haven.

Kan de staatssecretaris mij uitleggen hoe ze de oprichting van dat centrum in de praktijk ziet? Wat is de timing? In welke mate zal het centrum met zijn beperkte capaciteit aan de massale vraag van onder andere de parketten tegemoetkomen? Of is de maatregel inderdaad niets meer dan een mediastunt?

Mevrouw Maggie De Block, staatssecretaris voor Asiel en Migratie, Maatschappelijke Integratie en Armoedebestrijding. - In het regeerakkoord staat duidelijk dat er moet worden ingezet op de verwijdering van illegalen die de openbare orde verstoren. Dat principe volg ik sinds de eerste dag van mijn aantreden.

Het is evenwel belangrijk om de begrippen goed af te bakenen en een onderscheid te maken tussen criminelen, delinquenten, overlastplegers en veelplegers. Een overlastpleger die tijdens een lokale politieactie wordt opgepakt, is niet noodzakelijk een crimineel of een illegaal. Zij of hij is ook niet noodzakelijk veroordeeld en wordt evenmin systematisch door het parket vervolgd. Het spreekt voor zich dat de Dienst Vreemdelingenzaken en de politie in dat verband goed moeten kunnen samenwerken. Daarvoor werd al veel moeite gedaan, wat steeds betere resultaten oplevert.

Het uitwijzingsbeleid en de gesloten opvangcentra mogen geen alternatieven zijn voor gevangenissen. Wie zware feiten pleegt, wordt vervolgd en veroordeeld, moet in de gevangenis worden opgesloten in afwachting van de verwijdering van het grondgebied.

Het plan om een vleugel van een gesloten centrum uit te rusten voor een specifieke doelgroep, met name criminele illegalen, is niet nieuw. Van bij het begin van mijn aanstelling heb ik samen met de Dienst Vreemdelingenzaken nagegaan hoe we op korte termijn iets konden doen. Een van de voorstellen was om in Vottem in een speciale vleugel te voorzien. Het is haalbaar en het kan op korte termijn worden gerealiseerd. In mei heb ik een budget voor dat project aangevraagd. De komende maanden wordt deze vleugel geopend. Hoe vlugger, hoe beter. Het gebouw is er, er moet alleen nog personeel worden in dienst genomen. Dat zal gebeuren in overleg met de vakbonden. Het personeel moet immers een aangepaste opleiding hebben. De veiligheid van het personeel is te belangrijk om er licht over te gaan. De veiligheid van de andere mensen die in de gesloten inrichting zitten is eveneens belangrijk.

Ik zal binnen mijn budget werken. Ik zal dus een compensatie zoeken voor deze uitgave binnen mijn budget.

Daarnaast zijn er nog andere elementen voor een betere terugkeer. De samenwerkingsakkoorden zijn belangrijk. Er zijn bilaterale akkoorden tussen België en andere landen, daarnaast zijn er Beneluxakkoorden en Europese readmissieakkoorden. Tussen de mediaheisa door proberen we aan die punten te werken. Het terugsturen naar het land van oorsprong is een belangrijke pijler van het beleid.

Tot slot, ik sta niet bekend om mediastunts, maar wel om mijn step-by-stepbenadering. Een gesloten centrum voor illegale criminelen werd al sinds 2008 door Patrick Janssens gevraagd. Nu zal het er komen.

De heer Filip Dewinter (VB). - Ik ontken niet dat het een stap in de goede richting is, maar ik blijf erbij dat de capaciteit bescheiden is. Hopelijk komt er ook een dergelijk centrum in Vlaanderen, want de vraag is of criminelen vanuit Vlaanderen in een centrum in Luik zullen kunnen worden ondergebracht.

Graag kreeg ik van de staatssecretaris een schriftelijk antwoord over de doelgroep als dusdanig. Wie hoort specifiek thuis in dat gesloten centrum? De criminelen die zware feiten hebben gepleegd en illegaal op ons grondgebied verblijven, moeten in de gevangenis. De overlastplegers kunnen er evenmin terecht. Wie hoort er thuis en op bevel van wie zullen ze erin terechtkomen? Op bevel van de procureur, van de Dienst Vreemdelingenzaken? Wat is de precieze procedure om dat soort mensen naar dit centrum te verwijzen? Welke doelgroep zal er terecht kunnen?