5-63

5-63

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 14 JUNI 2012 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Mondelinge vraag van de heer Ludo Sannen aan de vice-eersteminister en minister van Financiën en Duurzame Ontwikkeling over «de herkapitalisering van de Spaanse banken door de Europese Unie» (nr. 5-599)

Mondelinge vraag van de heer Rik Daems aan de vice-eersteminister en minister van Financiën en Duurzame Ontwikkeling over «de impact van de verlaging van de Spaanse rating» (nr. 5-606)

De voorzitster. - Ik stel voor deze mondelinge vragen samen te voegen. (Instemming)

De heer Ludo Sannen (sp.a). - Dit weekend hebben de Europese leiders aangekondigd 100 miljard euro te willen vrijmaken om de Spaanse bankensector te redden. Dit bedrag gaat in een Spaans fonds ter herstructurering van de bankensector (FROB) en niet rechtstreeks naar de banken. Alle regeringen dachten snel en proactief te hebben gehandeld en toch stuikte het vertrouwen op de obligatiemarkten opnieuw in elkaar. Zelfs belangrijke economen, zoals Geert Noels, tweetten: `We redden niet de banken, maar een corrupt Spaans bankensysteem. De belangenvermenging is zo groot binnen de Spaanse banken dat we ze beter failliet laten gaan. We zijn bezig corrupte banken te redden.'

Karel Lannoo hoopt dan weer dat de hervorming van de bankensector ernstig gebeurt en vindt dat men bepaalde banken failliet moet laten gaan. Een andere pijnlijke titel die in de pers verscheen: `Messi & Co danken je voor de bijdrage aan hun loon.'

Blijkbaar hebben de economen onvoldoende vertrouwen in het Europees reddingsplan. Ik kan dat begrijpen. Het is, om te beginnen, onduidelijk of de middelen uit het Europees Financieel Stabiliteitsfonds (EFSF) dan wel uit het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM) moeten komen. En wat is de verhouding wanneer ze uit beide fondsen komen? Olli Rehn spreekt van een stresstest om de situatie van de banken na te gaan en de voorwaarden te bepalen voor de redding van de banken. Uiteindelijk wordt de verantwoordelijkheid voor de hervorming van de banken bij de Spaanse overheid gelegd, die zelf verweven is met de - volgens sommige economen corrupte - bankensector.

Maar het is ook onduidelijk onder welke voorwaarden Spanje die middelen krijgt. Zullen de bankbeheerders, die zelf de bankensector moeten hervormen, worden gecontroleerd? Vorige week zei de Commissie nog dat het directiecomité van de restbank Dexia zijn werk niet heeft gedaan, ondanks de vele miljarden waarborg van de staat. Hoe zal de EU vat krijgen op een mogelijke hervorming van de Spaanse bankensector? Hoe zal ze dat controleren? Welke waarborgen heeft ze?

Hopelijk brengt de minister vandaag verduidelijking. Welke voorstellen zal hij op Europees niveau verdedigen?

De heer Rik Daems (Open Vld). - In dit hele verhaal komt pijnlijk tot uiting dat het systeem om de euro indirect te ondersteunen vreemde uitwassen kent. Potentieel wordt 100 miljard op tafel gelegd. Een van de partners in deze operatie, Italië, moet echter op de markt gaan lenen tegen 6, bijna 7% om dat geld tegen 3% aan Spanje te geven. Daardoor zal de druk op Italië toenemen. Het zal op jaarbasis bijna 700 miljoen extra op de begroting moeten zetten en krijgt de sneeuwbal die men aan het rollen heeft gebracht, nog een extra duw.

Een tweede pervers effect is dat landen die het goed doen, zoals Duitsland, aan de crisis verdienen. Zelf halen ze op hun markt goedkoop geld op om het dan tegen een hogere intrest te lenen aan een economie die ze eigenlijk mee moeten ondersteunen.

Laten we elkaar niet verkeerd begrijpen: ik wil niet terugkomen op de gemaakte afspraken. Toch wil ik van de minister nog eens duidelijk horen wat de potentiële of reële kost voor België is. Ik weet dat de minister zal antwoorden dat het ons op zich niets kost of zou mogen kosten. Ik wil het echter nog eens bevestigd hebben, omdat er een klein beetje onduidelijkheid blijft bestaan.

Vindt de minister niet dat we met de zeventien eurolanden moeten nagaan of we niet eerder de richting van de Verenigde Staten moeten uitgaan, met monetaire financiering, namelijk het drukken van geld, en een centrale bank die de obligaties opkoopt? Door de perverse effecten werkt het huidige systeem niet positief en ondersteunend voor de sterkere economieën en maakt het voor de zwakkere, die moeten lenen om andere zwakken te helpen, de sneeuwbal alleen maar groter.

Ik blijf erbij dat we te weinig nagaan hoe we de speculatie in brede zin aan banden kunnen leggen. Speculanten, die de verschillen in marges en rentevoeten zien, maken daar gebruik van om hun geld te laten renderen, wat de crisis nog verergert. Is er in de Europese context geen taskforce die speculatie kan aanpakken? Als een aandeel op de beurs in de problemen komt, wordt het geschorst. Misschien kan een soortgelijke techniek ook in deze context worden gebruikt?

De heer Steven Vanackere, vice-eersteminister en minister van Financiën en Duurzame Ontwikkeling, belast met Ambtenarenzaken. - De eurozone heeft lering getrokken uit haar vorige interventies, die dikwijls als too little, too late werden bekritiseerd. De beslissing van afgelopen zaterdag om Spanje honderd miljard euro toe te kennen om de eigen banksector te redden, heb ik gesteund. Ik ben dus voorstander van het beschikbaar stellen van fondsen van de Europese Faciliteit voor Financiële Stabiliteit (EFSF) en het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM).

Het definitieve bedrag, de voorwaarden voor de steun en de verdeling tussen EFSF en ESM moeten nog worden afgesproken met Spanje en zullen bevestigd worden in een Memorandum of Understanding. Spanje moet zijn vraag om steun zelfs nog formeel indienen.

Vorig weekend heeft Spanje enkel een politiek statement gemaakt met de aankondiging dat het snel steun zou vragen, waarop de andere eurozonelanden positief hebben gereageerd. De officiële aanvraag wordt verwacht tegen de Ecofinraad van 21 en 22 juni. De onderhandelingen met, onder andere de Europese Commissie, zullen daarna van start gaan.

Van een blanco cheque is geen sprake. De hulp zal pas beschikbaar worden gesteld op voorwaarde dat het Spaanse bankwezen grondig wordt hervormd. In de eerste plaats moet er duidelijkheid komen over de exacte kapitaalbehoefte van de Spaanse banken. Hiervoor zijn onafhankelijke audits aan de gang. Het IMF schat de noden van de Spaanse banken om hun kapitaalbasis te versterken op minstens 40 miljard euro. Door 100 miljard te vragen, wil men duidelijk maken dat men al wat nodig is, zal voorzien.

Naast de herstructureringsplannen van de Spaanse banken, moet ook het toezicht op de sector worden versterkt. Het is moeilijk om vergelijkingen te maken met Ierland, Griekenland en Portugal omdat de sixpack, de twopack en de procedure voor macro-economische onevenwichten toen nog niet bestonden. Europa beschikt intussen over een ander instrumentarium.

Toen Ierland werd geholpen, was de EFSF nog niet eens opgericht. Het is wel zo dat Spanje dezelfde rentevoorwaarden zal krijgen als Ierland. De Europese Commissie en de Europese Centrale Bank zullen er op toezien dat de voorwaarden worden nageleefd. Ook het Internationaal Monetair Fonds zal worden geconsulteerd.

In verband met de verlaging van de Spaanse rating is het vreemd dat de aankondiging van steun onder voorwaarden die gunstiger zijn dan die van de financiële markten, als een probleem wordt beschouwd. Het is wel zo dat die steun de schuldenlast van Spanje zal verhogen. De hulp zal via een fonds worden verstrekt, maar de verantwoordelijkheid tot terugbetaling zal op de Spaanse overheid en belastingbetaler blijven wegen. Daarom is België er voorstander van dat de Europese noodfondsen rechtstreeks geld kunnen lenen aan banken in nood. Dat kan de vicieuze cirkel tussen bankproblemen en schuldproblemen gedeeltelijk doorbreken. Ik verwacht niet dat de ratingverlaging een wezenlijke invloed zal uitoefenen op het bedrag of de voorwaarden van de steun aan Spanje. Evenmin verwacht ik gevolgen voor de Belgische overheidsfinanciën. Onze rating wordt hoofdzakelijk beïnvloed door onze eigen prestaties op het gebied van begrotingsdiscipline en schuldbeheersing.

De vraag naar de kostprijs voor België hebt u zelf al beantwoord. Aangezien het om een lening gaat, zijn er geen nettokosten wanneer de bedragen worden terugbetaald. We kunnen daarentegen rekenen op een vergoeding voor de lening.

Het bedrag van een miljard euro vloeit voort uit een eenvoudige rekensom. België staat in voor 4% van de totale inspanning van honderd miljard euro. Dat bedrag moet worden verdeeld tussen de EFSF en het ESM. In de veronderstelling dat een vierde van de steun via de EFSF loopt, komen we aan een impact op de Belgische schuld van een miljard euro. Het kapitaal voor het ESM hebben we immers al gestort. We kunnen met andere woorden deze proviandkamer van steun onmiddellijk aanspreken.

Andere verhoudingen voor de verdeling tussen EFSF en ESM zijn evenwel mogelijk. Heel veel landen die te hulp snellen, hebben duidelijk gemaakt dat ze liefst het ESM gebruiken, wat een lagere impact heeft op hun schuldpositie.

De heer Ludo Sannen (sp.a). - Ik ondersteun dit laatste standpunt van de minister en ik denk trouwens ook dat het beter is voor Spanje.

De minister zegt dat Spanje tot nog toe alleen een politiek statement heeft gemaakt en dat de voorwaarden voor de steun nog moeten worden vastgelegd. Ik hoop dat die voorwaarden afdwingbaar zullen zijn en dat de minister er binnen de EU zal op toezien dat er fundamentele hervormingen komen. Het is toch merkwaardig dat ons land vorige week nog van de Commissie te horen kreeg dat het directiecomité van Dexia zijn werk niet gedaan heeft.

Als we mogen geloven wat de economisten zeggen over het Spaanse banksysteem, zal het toezicht en de opvolging zeer van nabij moeten gebeuren om het beoogde resultaat te bereiken, namelijk een totaal hervormde bankensector.

De heer Rik Daems (Open Vld). - Ik had uiteraard liever gehoord dat er aan deze operatie in geen geval nettokosten zouden verbonden zijn voor de Belgische Schatkist.

Ik wil echter nu vooral op een ander punt ingaan. De EU engageert zich om indien nodig 100 miljard ter beschikking te stellen, ook al is er volgens een berekening van het agentschap Fitch ten hoogste 70 miljard nodig. Toch wordt de rating van Spanje verlaagd. Daarvoor is maar één verklaring: de rating heeft niets met vertrouwen te maken, maar alles met speculatie van privéinvesteerders.

Er spelen twee elementen. Ten eerste, is er het verschil in rentevoeten van ontleners en leners. Op die spreads kan men speculeren.

Ten tweede, omdat de leningen van het ESM prioritaire terugbetalingsleningen zijn, is er een run-out. Als het om een achtergestelde lening zou gaan, zou men een omgekeerd effect krijgen. Het zal echter geen sinecure zijn om mevrouw Merkel van dat laatste te overtuigen.

Ik zal de komende weken op deze kwestie terugkomen. Ik steun de regering, laat daar geen twijfel over bestaan. Maar deze situatie kan ontsporen vóór we het beseffen, waardoor we allen riskeren een hoge prijs te moeten betalen.