5-1446/1

5-1446/1

Belgische Senaat

ZITTING 2011-2012

23 JANUARI 2012


Voorstel van resolutie over de « plaasmoorde », het systematisch vermoorden van blanke boeren in Zuid-Afrika

(Ingediend door mevrouw Van dermeersch c.s.)


TOELICHTING


Na de afschaffing van de apartheid en de zogenaamde democratisering van het land worstelt Zuid-Afrika met andere, nieuwe demonen die in brutaliteit de excessen van het oude systeem ver overstijgen. Sinds 1994 wordt dit land immers geconfronteerd met een bijzondere vorm van criminaliteit die zich enkel lijkt te richten tegen blanken en meer bepaald tegen de blanke Afrikaners, de zogenaamde « plaasmoorde ». « Plaas » is een Afrikaans woord voor boerderij. De moorden worden gekenmerkt door het feit dat slachtoffers — mannen, vrouwen, kinderen, baby's en ouderen — eerst op de meest gruwelijke wijze worden gemarteld en dan geëxecuteerd.

Wanneer we deze vorm van geweld vanuit criminologisch oogpunt beschouwen kunnen we niet anders dan besluiten dat het gebruikte geweld expressief is. Het drukt met andere woorden haat en/of woede uit. Dit gegeven is niet onbelangrijk wanneer we het motief dienen te duiden voor deze verschrikkelijke misdrijven.

Genocide Watch, een niet-gouvernementele organisatie die zich tot doel heeft gesteld om volkerenmoord te voorspellen, te voorkomen, te stoppen en te vervolgen, verhoogde op 15 september 2011 het genociderisico voor Zuid-Afrika naar niveau 6. Genocide Watch hanteert een gradatiesysteem met acht niveaus om het risico op genocide te voorspellen. Niveau 8 situeert zich in dit systeem na de eigenlijke genocide en komt neer op pogingen om bewijzen te vernietigen, onderzoek door de internationale gemeenschap te blokkeren en de genocide te ontkennen. Niveau 7 duidt binnen ditzelfde gradatiesysteem op de eigenlijke genocide, dus het doelbewust uitmoorden van een geselecteerde groep.

Niveau 6, zijnde het stadium waarin Zuid-Afrika zich bevindt, wordt de voorbereidende fase genoemd en is met andere woorden de fase waarin zich al bijzonder erge dingen afspelen die de voorbode zijn van nog erger. Ze wordt gekenmerkt door het feit dat de slachtoffers op georganiseerde wijze worden geïdentificeerd en gekozen op basis van hun etnische en/of religieuze identiteit. In deze fase kan een genocide nog worden vermeden, maar dan enkel indien de internationale gemeenschap tijdig kan worden gemobiliseerd, of door een regimewissel.

In 2001 had Genocide Watch Zuid-Afrika reeds op niveau 5 geplaatst omdat de organisatie bijzonder bezorgd was over raciaal geïnspireerde geweldmisdrijven tegen de Boergemeenschap en andere personen van Europese etnische afkomst. Op dat moment was er echter nog geen direct bewijs beschikbaar dat deze moorden werden aangemoedigd door de Zuid-Afrikaanse overheid, of dat ze werden georganiseerd door racistische groeperingen.

Thans heeft Genocide Watch, zoals hierboven reeds aangehaald, het dreigingsniveau voor volkerenmoord verhoogd tot niveau 6 omdat er ontegensprekelijke bewijzen zijn van het georganiseerd opruien tot geweld tegen blanken. Vooral de rol van Julius Malema die in 2008 voorzitter werd van de ANC Youth League (ANCYL) lijkt hierin determinerend te zijn. Onder zijn impuls wordt het racistische lied Dubhula iBhunu (Shoot the Boer) opnieuw gezongen op de bijeenkomsten van de ANCYL.

Bij een bezoek van dezelfde Julius Malema aan Zimbabwe in 2010 riep deze op om blanken te verdrijven van hun boerderijen. Een politiek die door de Zimbabwaanse president Robert Mugabe al sinds 2000 in de praktijk wordt gebracht, maar die volgens Malema dus nog niet ver genoeg is gegaan. Met geweld werden toen in dat land de eigendommen van blanke boeren overgedragen aan Mugabegetrouwen. Één van de doelstellingen van de reis van Malema naar Zimbabwe was net het bestuderen van dergelijke « nationalisaties ».

Julius Malema wordt door de Zuid-Afrikaanse pers « the president in waiting », de toekomstige president genoemd. Zijn ANCYL bezit enorm veel macht binnen het Zuid-Afrikaanse establishment en speelde een cruciale rol in de verkiezing van de huidige Zuid-Afrikaanse president Jacob Zuma in 2009. Forbesmagazine noemde Malema recent één van de tien machtigste mannen in Afrika.

Tot aan zijn oproep om de regering van buurland Botswana omver te werpen kon Malema rekenen op de steun van de regering Zuma. Na deze oproep leek het echter even mis te gaan toen deze zich met vijf medestanders moest verantwoorden voor de tuchtcommissie van het ANC eind augustus dit jaar. Bij de eerste zitting van deze commissie kwam het tot rellen met ANCYL-aanhangers. Malema kreeg ook prompt de steun van verschillende invloedrijke figuren waaronder vice-president Kgalema Motlanthe en Winnie Mandela. Het valt dan ook sterk te betwijfelen of er daadwerkelijk vanuit de regerende ANC zal worden opgetreden tegen Malema. Zelfs Zuma die volgens de ANCYL-leider dient vervangen te worden door vice-president Motlanthe, kan niet anders dan streven naar een verzoening.

Naarmate de macht van Malema groeit neemt ook de opruiing tegen de 800 000 blanke Zuid-Afrikaner toe. Zij worden openlijk gedemoniseerd en geïdentificeerd als vijandige bevolkingsgroep. Terzelfder tijd ontvangen 8 000 leden van het ANCYL een militaire training van het geregelde Zuid-Afrikaanse leger, zonder dat de Zuid-Afrikaanse regering een verklaring geeft waarom het verstrekken van een militaire opleiding en het bewapenen van deze jongerenafdeling van het ANC noodzakelijk is.

Ondertussen nemen de aanvallen op de Boeren sterk toe en worden ook andere blanke Zuid-Afrikaner steeds vaker het doelwit van racistisch geïnspireerd geweld. De ANC-regering laat begaan en doet de systematische moordpartijen en andere gewelddaden af als louter criminele incidenten.

Alle beschaafde landen zijn partij bij het VN-verdrag inzake de bestraffing en voorkoming van genocide. De verdragspartijen beschouwen volkerenmoord zowel wanneer deze plaatsvindt in vredestijd als in oorlogstijd als internationaal misdrijf dat zij zullen trachten te voorkomen en bestraffen. Onder genocide verstaat het verdrag onder meer het doden en/of toebrengen van schade aan leden van een nationale, etnisch, raciale of religieuze groep met als doel het geheel of gedeeltelijk vernietigen van deze groep. Het blootstellen van deze groep aan levensomstandigheden die erop gericht zijn de gehele of gedeeltelijke vernietiging teweeg te brengen wordt eveneens beschouwd als genocide door het internationaal recht. De verdragspartijen verbinden zich ertoe inspanningen te ondernemen om zulke handelingen te voorkomen en te bestraffen.

Als partij bij het verdrag dient België de bovenbeschreven handelingen tegen de blanke bevolking van Zuid-Afrika sterk te veroordelen en al het mogelijke te doen om deze handelingen te verhinderen en/of te doen ophouden.

Een eerste stap die in dit opzicht dient genomen te worden is de veroordeling van de racistische opruiingen door de jongerenafdeling van de regeringspartij ANC en vooraanstaande figuren uit het Zuid-Afrikaanse establishment.

Verder moet de nodige politieke druk worden gebruikt om de Zuid-Afrikaanse overheid de noodzakelijke inspanningen te laten leveren om de aanvallen en moorden op de blanke bevolking te verhinderen en te bestraffen.

Tot slot kan een extra impuls worden gegeven door de bezorgdheid van België over de situatie van de blanke bevolking in Zuid-Afrika kenbaar te maken bij de internationale gemeenschap.

Anke VAN DERMEERSCH.
Bart LAEREMANS.
Yves BUYSSE.
Filip DEWINTER.

VOORSTEL VAN RESOLUTIE


De Senaat,

A. overwegende dat de aanvallen en moorden in Zuid-Afrika op blanke boeren in het bijzonder en de blanke bevolking in het algemeen systematisch zijn toegenomen sedert 1994;

B. overwegende dat deze moorden op een wijze worden voltrokken dat zij binnen de criminologie worden beschouwd als een vorm van expressief geweld en dus met andere woorden worden gepleegd uit woede of haat;

C. overwegende dat vanuit het Zuid-Afrikaanse establishment, en in het bijzonder via de leider van de ANC Youth League, Julius Malema, en regeringsleden die hem steunen, openlijk wordt opgeroepen om met geweld blanken van hun boerderijen te verdrijven waarbij blanken worden gedemoniseerd en geïdentificeerd als vijandige bevolkingsgroep;

D. overwegende dat Genocide Watch op 11 september 2011 het genociderisico voor Zuid-Afrika verhoogde naar 6 op een schaal van 8, wat overeenkomt met het voorbereiden van de eigenlijke volkerenmoord op de blanke bevolking;

E. overwegende dat het de verplichting is van iedere beschaafde staat om volkerenmoord te voorkomen, te doen ophouden en te bestraffen;

F. veroordeelt de opruiing tegenover de blanke bevolking van Zuid-Afrika vanuit de ANC Youth League en andere delen van het Zuid-Afrikaanse establishment,

Vraagt de regering om :

1) de opruiing tegenover de blanke Zuid-Afrikaanse bevolking te veroordelen;

2) de systematische aanvallen en moorden op blanken te veroordelen;

3) de nodige druk uit te oefenen op de Zuid-Afrikaanse regering om deze ertoe te brengen de opruiende, racistische taal ten aanzien van de blanken en het systematische geweld tegenover de blanke Zuid-Afrikaanse bevolking te doen ophouden en te bestraffen;

4) op alle internationale fora en via de internationale vertegenwoordiging de bezorgdheid uit te drukken in verband met de situatie van de blanke bevolking in Zuid-Afrika.

13 januari 2012.

Anke VAN DERMEERSCH.
Bart LAEREMANS.
Yves BUYSSE.
Filip DEWINTER.