5-34

5-34

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 10 NOVEMBER 2011 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Mondelinge vraag van mevrouw Marleen Temmerman aan de vice-eersteminister en minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid over «de vergoeding voor LEIF-artsen» (nr. 5-274)

De voorzitster. - De heer Jean-Marc Delizée, staatssecretaris voor Sociale Zaken, belast met Personen met een handicap, antwoordt.

Mevrouw Marleen Temmerman (sp.a). - Mijn vraag gaat over levenseinde en euthanasie.

Sinds 2002 bestaan er in België drie belangrijke wetten in verband met het levenseinde: de wet op de patiëntenrechten, de wet inzake palliatieve zorg en de euthanasiewet. Aangezien een doorsnee-arts jaarlijks maar vijf ernstige, ongeneeslijke ziekten behandelt, kan hij geen expertise opbouwen in deze materie. Vandaar het fundamenteel belang van onder andere de palliatieve teams, die samen een expertise opbouwen.

Hetzelfde probleem duikt op wanneer artsen gevraagd wordt een wettelijk verplicht advies te geven bij een vraag naar euthanasie. Daarom worden in België al sinds begin 2003 artsen opgeleid die deskundig advies kunnen geven bij een euthanasieverzoek of andere beslissingen in verband met het levenseinde. Het gaat om de artsen van het Levenseinde Informatieforum (LEIF). In Nederland bestaat een gelijkaardige opleiding voor de artsen van Steun en Consultatie Euthanasie Nederland (SCEN). De SCEN-artsen ontvangen voor hun advies ongeveer 330 euro, terwijl de SCEN-organisatie jaarlijks ongeveer een miljoen euro van de overheid krijgt voor de opleiding, follow-up en uitbetaling van de consultaties.

In België krijgt LEIF geen gestructureerde overheidssteun en voor de consults van de LEIF-arts is er nog steeds geen vergoeding. Deze toestand is niet langer houdbaar. Nochtans keurde het RIZIV in 2009 al een budget goed voor de consults uitgevoerd door artsen met deze bijkomende opleiding. In totaal werd ongeveer 191 000 euro per jaar uitgetrokken.

Wanneer kunnen de vergoedingen voor LEIF-artsen eindelijk worden uitgekeerd?

Wanneer wordt het koninklijk besluit ter zake gepubliceerd?

De heer Jean-Marc Delizée, staatssecretaris voor Sociale Zaken, belast met Personen met een handicap. - Ik lees het antwoord van mevrouw Onkelinx.

De Nationale Commissie geneesheren-ziekenfondsen vermeldde in het akkoord van 20 september 2007 inderdaad dat er een aangepaste vergoeding moest komen voor de artsen die in het kader van euthanasie als tweede arts of geraadpleegde arts optreden. Er werden in het verleden verschillende voorstellen gedaan om de kwestie te regelen. Er kwam evenwel geen oplossing uit de bus waarover de Nationale Commissie geneesheren-ziekenfondsen en de andere externe partners overeenstemming konden bereiken. Onlangs werd na langdurig overleg eensgezindheid over een nieuw voorstel bereikt. Het voorgestelde financieringsmodel valt buiten het gebruikelijke kader van de nomenclatuur van geneeskundige verstrekkingen en is gebaseerd op artikel 56 betreffende de wet betreffende de verplicht verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen.

Deze wet zou de anonimiteit van de patiënten en het naleven van de voorzorgregels die in een dergelijke context gelden, moeten waarborgen, rekening houdend met de inhoud van de wet op de euthanasie en de wet op de patiëntenrechten.

Dit voorstel werd op 18 juli jongstleden aan het verzekeringscomité van het RIZIV voorgelegd en goedgekeurd. Het zal nu de verschillende etappes van de administratieve en budgettaire controle doorlopen, waarna het besluit zal kunnen worden gepubliceerd.

Mevrouw Marleen Temmerman (sp.a). - Ik dank de minister, en de staatssecretaris, voor het positieve en hoopvolle antwoord. Tegen wanneer mogen we de publicatie van het besluit verwachten?

De heer Jean-Marc Delizée, staatssecretaris voor Sociale Zaken, belast met Personen met een handicap. - Zoals voor de vorming van de regering, hoop ik dat het er zo spoedig mogelijk komt.