4-828/3

4-828/3

Belgische Senaat

ZITTING 2007-2008

8 JULI 2008


Voorstel van resolutie betreffende de invoering van een verbeterd elektronisch stemsysteem

Voorstel van resolutie betreffende de terugkeer naar een stemsysteem met papieren stembiljetten bij de verkiezingen van juni 2009


VERSLAG

NAMENS DE COMMISSIE VOOR DE BINNENLANDSE ZAKEN EN VOOR DE ADMINISTRATIEVE AANGELEGENHEDEN UITGEBRACHT DOOR

DE HEER CLAES


I. INLEIDING

België heeft een lange ervaring met het systeem van de geautomatiseerde stemming. Na een eerste test van de geautomatiseerde stemming in twee kieskantons bij de wetgevende en provinciale verkiezingen van 24 november 1991 werd het systeem van de geautomatiseerde stemming ingevoerd bij wet van 11 april 1994 die de kiesdistricten, kieskantons of gemeenten de mogelijkheid biedt bij de organisatie van de verkiezingen geautomatiseerde stemsystemen te gebruiken.

Het huidige systeem van geautomatiseerd stemmen dient evenwel vernieuwd te worden. De regering heeft er op gewezen dat het onderhouds- en bijstandscontract met de leveranciers moet verlengd worden vóór 1 juli 2008 zodat de nodige schikkingen kunnen getroffen worden om deze apparatuur ook in te zetten bij de volgende regionale en Europese verkiezingen van 2009.

Door het consortium van universiteiten werden diverse voorstellen gedaan voor een vernieuwing van het geautomatiseerde stemmen waarbij het « verbeterd papieren stemsysteem » uiteindelijk werd aanbevolen.

Om dergelijk systeem ook in de praktijk ingang te laten vinden, heeft de federale regering er op gewezen dat ook hiervoor snel een beslissing dient genomen te worden, zodat bij de volgende verkiezingen reeds een pilootproject zou kunnen georganiseerd worden. De regering heeft in een belangrijke materie als het stemrecht, die fundamenteel is voor het functioneren van een democratie, gevraagd dat het parlement hierover een beslissing zou nemen.

Daarom hebben de Senaat en de Kamer van Volkvertegenwoordigers gezamenlijk hoorzittingen georganiseerd. De weerslag van deze hoorzittingen en de debatten vindt men terug in het verslag 4-765/1 dat door beide assemblees gezamenlijk wordt gepubliceerd.

Senaat en Kamer hebben dan afzonderlijk vergaderd om een beslissing te nemen. Deze beslissing is genomen op grond van twee resoluties :

1º het voorstel van resolutie betreffende de invoering van een verbeterd electronisch stemsysteem (4-828/1);

2º het voorstel van resolutie betreffende de terugkeer naar een stemsysteem met papieren stembiljetten bij de verkiezingen van juni 2009 (4-843/1).

De commissie heeft deze voorstellen besproken tijdens haar vergadering van 8 juli 2008.

II. INLEIDENDE UITEENZETTING DOOR DE HEER DIRK CLAES, HOOFDINDIENER VAN HET VOORSTEL VAN RESOLUTIE BETREFFENDE DE INVOERING VAN EEN VERBETERD ELEKTRONISCH STEMSYSTEEM (4-828/1)

In de resolutie wordt gevraagd wordt gevraagd dat de regering, in het kader van het subsidiariteitsprincipe, de nodige maatregelen zou nemen om de gemeenten die bij de federale verkiezingen in 2007 het systeem van de geautomatiseerde stemming hebben toegepast dit opnieuw te laten doen bij de regionale en Europese verkiezingen in 2009 indien de stemapparatuur aan de technische voorwaarden voldoet. De gemeenten die beslissen om met potlood en papier te stemmen moeten dit kunnen doen.

Tevens wordt de regering gevraagd om maximale inspanningen te leveren in het kader van de openbare aanbestedingen om een experiment voor een verbeterd elektronisch stemsysteem, waarbij de kiezer een papieren afdruk ter controle van zijn stem ontvangt zodat hij kan controleren voor wie hij gestemd heeft. Indien dit niet tijdig door de regering kan worden georganiseerd wordt gevraagd om zeker een ander experiment van geautomatiseerde stemming te organiseren.

Ten slotte wordt gevraagd dat de regering rekening houdt met de bevindingen van dit experiment zodat een verbeterd elektronisch stemsysteem of een ander geautomatiseerd systeem kan toegepast worden bij de verkiezingen die volgen op de regionale en Europese verkiezingen van 2009 in de gemeenten die hiervoor opteren. De overige gemeenten zullen met potlood en papier stemmen.

III. INLEIDENDE UITEENZETTING DOOR MEVROUW ZRIHEN, MEDE-INDIENER VAN HET VOORSTEL VAN RESOLUTIE BETREFFENDE DE TERUGKEER NAAR EEN STEMSYSTEEM MET PAPIEREN STEMBILJETTEN BIJ DE VERKIEZINGEN VAN JUNI 2009 (stuk Senaat 4-843/1)

Naar aanleiding van de hoorzittingen van de voorbije weken tijdens de gezamenlijke vergaderingen met onze collega's van de Kamer, denkt fractie dat het een risico zou zijn het huidige elektronisch stemsysteem te behouden bij de volgende regionale en Europese verkiezingen.

De 9 sprekers voerden niet veel overtuigende argumenten aan voor de elektronische stemming.

Hiervan onthouden wij de volgende voordelen : resultaten die bijna meteen bekend zijn (als er geen incidenten zijn, ...), de afschaffing van papier (maar de herinvoering ervan met het nieuwe systeem be-voting), minder infrastructuur en bijzitters en natuurlijk de wil om nieuwe technologieën te gebruiken.

Na 15 jaar experimenteren, menen wij echter dat de beginargumenten (zie hierboven), niet bewaarheid zijn :

Dat geldt ten eerste voor de snellere en efficiëntere telling. Tijdens de proefperiode kwamen meerdere mankementen naar boven. In Luik waren de resultaten in 2006 maar heel laat bekend, veel later zelfs dan in de kantons waar op papier werd gestemd. In Schaarbeek in 2003 was er een vergissing van 4096 voorkeurstemmen voor een kandidaat. Dan hebben we het nog niet gehad over de talrijke technische problemen zoals defecte optische pennen, stroomonderbrekingen, geblokkeerde magnetische kaarten enz. met vaak lange wachtrijen voor de stemlokalen tot gevolg.

Als we dan spreken over een vermindering van het aantal bijzitters, dan kunnen we ons toch afvragen of dit een lovenswaardige doelstelling is in een democratie. Door de aanwezigheid van bijzitters in de telbureaus, is een efficiënte democratische controle op de betrouwbaarheid van de resultaten mogelijk, in tegenstelling tot de elektronische stemming waarbij de telling helemaal niet kan worden gecontroleerd door de burgers-kiezers. Hoewel het klopt dat er minder bijzitters nodig zijn bij een elektronische stemming, worden ze wel langer ingeschakeld omdat de stembureaus in Brussel geopend zijn tot 15 of 16u. Hierbij wordt dan nog geen rekening gehouden met incidenten of vertragingen die ontstaan door de technische handelingen die de kiezer moet uitvoeren waardoor bepaalde bureaus soms pas na 19u de deuren sluiten (Molenbeek, enzovoort).

Voor de kosten, slechts één vaststelling : elektronisch stemmen is duur. Cijfers van het ministerie van Binnenlandse Zaken tonen aan dat het huidige elektronische stemmen 4,5 euro per kiezer kost terwijl stemmen met papieren stembiljetten slechts 1,5 euro per kiezer kost (het presentiegeld in de stembureaus en in de telbureaus meegerekend). Het komt er dus op neer dat de huidige elektronische stemming drie keer meer kost dan het traditionele stemsysteem met potlood en papier. En dan spreken we nog niet over het systeem van be-voting, zoals voorgesteld door het universitair consortium, dat volgens deskundigen zelfs 11 keer duurder zou zijn dan het stemmen op papier !

Bovendien hebben de experts erop gewezen dat er heel wat vragen zijn rond de toegankelijkheid van de elektronische stemming voor bepaalde categorieën kiezers (ouderen, lager opgeleiden).

De allerbelangrijkste kritiek is wel dat elektronisch stemmen niet transparant is voor de kiezer, want het invoeren van een machine in het stemproces veronderstelt een immaterieel element dat tussen de kiezer en zijn wilsuitdrukking wordt geplaatst.

Hoewel het college van deskundigen dat belast is met het toezicht op de geautomatiseerde stemsystemen en dat enkele weken geleden gehoord werd, vandaag verbazend genoeg vrij optimistisch is, zei datzelfde college enkele jaren geleden het volgende over het elektronisch stemmen : « het [zal] door de technische aard van de informatica, nooit voor eenieder mogelijk [...] zijn de stemsystemen tot in de details te controleren, hoezeer men ook de controleprocedure verbetert. »

Met andere woorden, de garantie dat het elektronisch stemmen betrouwbaar is, steunt op het absolute vertrouwen van de bevolking in een handvol deskundigen (of privéfirma's) aan wie ze definitief haar controlebevoegdheid geeft.

Als we de gevaren voor de democratie en de voordelen op louter logistiek vlak (enkele uren winnen om de resultaten te kennen) afwegen, dan lijdt het voor ons geen twijfel dat de bescherming van de democratie moet primeren op het gebruik van geavanceerde maar risicovolle technologie.

Nederland heeft dat goed begrepen en besloot opnieuw traditioneel met potlood en papier te stemmen bij de volgende verkiezingen van 2009.

Alleen België wil koste wat het kost het elektronisch stemmen op grote schaal behouden ondanks de waarschuwingen van deskundigen en ondanks het feit dat het universitair consortium stelt dat het bestaande Belgische systeem van elektronisch stemmen niet volledig beantwoordt aan de vereisten van de Raad van Europa in verband met elektronisch stemmen, meer bepaald omdat er geen hertellingsprocedure mogelijk is wanneer er over de integriteit van het elektronisch stemmen twijfel bestaat en omdat de burgers de verkiezingen niet kunnen waarnemen.

Bijgevolg vragen wij de regering om bij de volgende verkiezingen van juni 2009 papieren stembiljetten met manuele telling te gebruiken in de kieskantons en te voorzien in een opwaardering van het presentiegeld voor de bijzitters van de stem- en telbureaus (zij krijgen momenteel 15 euro, een bedrag dat al jaren niet meer werd bijgesteld);

In verband met de keuze voor een stemsysteem na 2009 : een echte onafhankelijke vergelijkende studie van de gebruikte stemsystemen : stemming op papier, de elektronische stemming en de stemming op papier gecombineerd met een telling door middel van een optische lezing.

Alvorens er een beslissing wordt genomen, vragen wij een raming te maken van de kosten van een eventuele veralgemening van het verbeterd elektronisch stemmen met behulp van een papieren drager zoals voorgesteld door het universitair consortium.

Ongeacht de beslissing, vragen wij dat er geen bijkomende financiële lasten zijn voor de gemeenten.

IV. ALGEMENE BESPREKING

De heer Delpérée maakt een opmerking over de hoorzittingen die in het kader van het debat over de geautomatiseerde stemming zijn gehouden. Het aantal personen dat gehoord werd, lijkt hem heel beperkt aangezien dit onderwerp in de organisatie van een democratische maatschappij toch wel erg belangrijk is.

De heer Buysse wenst enige verduidelijking over het A) van de resolutie van de heer Claes. Het A) bevat de volgende bepaling : « De gemeenten die beslissen om met potlood en papier te stemmen worden in de mogelijkheid gesteld dit te doen. » Tot nog toe kon een individuele gemeente geen afwijkende beslissing nemen tegenover de rest van het kieskanton. Betekent dit dat in de toekomst de gemeenten in een kieskanton op verschillende manieren zullen kunnen stemmen ? Zal dit geen problemen veroorzaken bij de verwerking van de gegevens ?

De heer Claes antwoordt dat de FOD Binnenlandse Zaken hem heeft verzekerd dat het geen enkel probleem vormt om binnen een kieskanton verschillend te stemmen. Het is wenselijk dat het op dezelfde manier gebeurt om snel tot een totalisatie te kunnen komen maar het is perfect mogelijk.

De heer Moureaux meent dat dit heel relatief is. Het is technisch inderdaad mogelijk, maar het heeft gevolgen : als in een kanton met 4 of 5 gemeenten één op papier stemt en de andere elektronisch, heeft de gemeente die op papier stemt, onvermijdelijk de touwtjes in handen wat het tijdspad betreft. De oplossing die de heer Claes voorstelt, zet ook het beginsel dat de verkiezingsuitslag niet per gemeente gekend is, op losse schroeven.

De heer Daras behoort tot de personen die van mening zijn veranderd.

Het debat binnen de Ecolo-fractie is zeer levendig geweest : van bij het begin waren er voor- en tegenstanders van de elektronische stemming. Spreker was eerst voorstander, maar is tot het besef gekomen dat er vele nadelen aan zijn verbonden : men wint geen tijd en de technische problemen zijn een feit. In zijn gemeente bijvoorbeeld, heeft men nooit een perfect resultaat kunnen bereiken met de elektronische stemming.

Als men een balans opmaakt van de voor- en nadelen, merkt men dat de voordelen heel gering zijn : behalve een lichte, heel relatieve tijdswinst, ziet hij niets dan nadelen. Het systeem is duur, is in handen van een privébedrijf, is niet geschikt voor ouderen en gehandicapten. Het argument dat het modern is, vindt hij totaal onaanvaardbaar. Moderniteit betekent juist dat men nieuwe technologieën met een kritische blik beoordeelt en evalueert. Om al deze redenen meent spreker dat de stemming op papier een goede oplossing is.

Hij heeft evenwel grote twijfels bij het idee dat men op verschillende wijzen zou stemmen naar gelang van de gemeente en dat men bijkomende proeven zou doen met printers die een afschrift van de stemming zouden drukken. Niets waarborgt dat wat op het blad gedrukt staat, overeenstemt met wat elektronisch ingevoerd werd. Woody Allen verklaarde terecht dat een licht paranoïde houding in deze tijd een teken van mentale gezondheid is.

De kloof tussen Noord en Zuid doet hem het ergste vrezen. Daarom verkiest hij een terugkeer tot de papieren stemming, en vooral één systeem voor heel het land. Het is ondenkbaar dat men in één kanton twee verschillende manieren van stemmen toepast. De wijsheid gebiedt ons te erkennen dat de elektronische stemming uiteindelijk niet voldoet en dat zij bovendien erg duur is. De toekomst zal ons zeggen of een andere nieuwe technologie niet beter geschikt is.

De heer Patrick Dewael, minister van Binnenlandse Zaken, benadrukt dat de regering besloten heeft om het Parlement te laten beslissen over het al dan niet behouden van de elektronische stemming. Hij had de regering een samenwerkingsakkoord voorgesteld tussen de federale regering en de gemeenschappen en gewesten op grond van een nieuw systeem. De Ministerraad heeft hem daarop gevraagd om het parlementaire debat op gang te brengen op grond van de hoorzittingen.

Het is belangrijk in dit dossier om het subsidiariteitsprincipe toe te passen waarbij de gemeenten zelf beslissen over de eigen opties. Als gemeenten terug willen naar de stemming op papier dan zullen zij dat kunnen. Als gemeenten willen verdergaan met het electronisch stemmen dan zullen zij daarin worden gesteund.

Met toelating van « de kern », heeft de minister de bestaande computersystemen laten reviseren zodat ze in de volgende verkiezingen van 2009 kunnen worden gebruikt door de gemeenten die er beroep op doen.

De diensten van de FOD Binnenlandse Zaken zullen dus contact opnemen met de steden en gemeenten om te horen wat zij bij de komende verkiezingen zullen doen. Er zullen dan contracten worden opgesteld om het bestaande elektronische stemsysteem te herzien in de gemeenten die elektronisch willen stemmen.

Sommige wensen het nieuwe systeem, dat werd voorgesteld door het consortium van universiteiten, reeds uit te testen in een aantal pilootgemeenten. De minister heeft hier geen bezwaar tegen maar wil geen enkel risico lopen. Als het nieuwe systeem niet kan worden getest zonder risico's, is het veiliger er niet te snel aan te beginnen.

Het is nog nooit voorgevallen dat een gemeente zonder haar instemming terechtkwam op de lijst van gemeenten waar elektronisch wordt gestemd. Het subsidiariteitsbeginsel is altijd nageleefd.

Er moet een bepaalde vrijheid worden gelaten aan de gemeenten zonder hier een communautaire tegenstelling achter te zoeken Ook in Vlaanderen zijn er gemeenten die nog steeds niet hebben gekozen voor het electronisch stemrecht.

De heer Moureaux stelt vast dat de kostprijs erg belangrijk is indien men zou beslissen om het elektronisch stemsysteem te behouden. Naast het onderhoud, zullen de machines van de gemeenten die als eerste in dat systeem zijn ingestapt, waarschijnlijk moeten worden vervangen. Wat is het standpunt van de regering hierover ?

De minister antwoordt dat de federale overheid altijd 20 % bijdraagt in dergelijke investeringen van de gemeenten. Bovendien mogen de gewesten van hun kant de gemeenten helpen bij de financiering van het materiaal. Zo heeft het Vlaams Gewest al aangekondigd dat het het saldo van de investeringen voor zijn rekening zal nemen.

De heer Delpérée meent dat het advies van de minister paradoxaal is, zo niet tegenstrijdig. Enerzijds wordt de zorg om de algemene regels vast te stellen aan het Parlement overgelaten. In 2009 zullen er regionale en Europese verkiezingen zijn. Anderzijds richt de overheid zich rechtstreeks tot de steden en gemeenten en vraagt hun zelf een keuze te maken.

De minister verduidelijkt dat hij politiek aansprakelijk is voor de organisatie van de verkiezingen. Het huidige elektronische systeem moet gebruiksklaar zijn voor 2009, zo niet is hij hiervoor aansprakelijk. Het is dus voor de toekomst dat het subsidiariteitsbeginsel zou moeten worden toegepast.

V. BESPREKING EN STEMMING VAN HET VOORSTEL VAN RESOLUTIE BETREFFENDE DE TERUGKEER NAAR EEN STEMSYSTEEM MET PAPIEREN STEMBILJETTEN BIJ DE VERKIEZINGEN VAN JUNI 2009 (stuk Senaat 4-843/1)

Het voorstel van resolutie wordt verworpen met 6 tegen 2 stemmen bij 2 onthoudingen.

VI. BESPREKING EN STEMMING VAN HET VOORSTEL VAN RESOLUTIE BETREFFENDE DE INVOERING VAN EEN VERBETERD ELECTRONISCH STEMSYSTEEM (4-828/1)

Punt A van het dispositief

Punt A) van het voorstel van resolutie geeft geen aanleiding tot opmerkingen.

Punt B van het dispositief

De heer Delpérée dient over punt B) een amendement in (amendement nr. 1, stuk Senaat 4-828/2). De heer Delpérée verduidelijkt dat dit amendement gebaseerd is op het feit dat de experimenten met elektronisch stemmen niet helemaal bevredigend waren aangezien er bepaalde tekorten zijn vastgesteld. Het amendement strekt ertoe de kantons die dat wensen, opnieuw te laten experimenteren met de elektronische stemming. Die experimenten kunnen dan op financieel vlak worden geëvalueerd zodat de kosten-batenverhouding kan worden nagegaan.

De heer Claes merkt op dat dit amendement niet veel verschilt van de voorgestelde tekst. Men vraagt om nieuwe experimenten te organiseren maar met waarborgen voor de democratische controle en met oog voor de kosten. De voorgestelde tekst bevat die twee laatste elementen niet. Wel wordt in de oorspronkeleijke tekst niet aangedrongen om te experimenteren met het nieuw voorgestelde systeem omdat de minister niet kan garanderen dat dit tegen de verkiezingen van 2009 al ver genoeg ontwikkeld is om getest te worden tijdens verkiezingen. Indien dit niet mogelijk blijkt, wordt er wel op aangedrongen om andere experimenten met nieuwe systemen uit te testen. Hij meent dat de oorspronkelijke tekst en het amendement elkaar niet tegenspreken. Hij stelt dan ook voor om een compromis uit te werken.

De heer Antheunis sluit zich aan bij deze opmerkingen.

Amendement nr. 1 wordt ingetrokken en vervangen door amendement nr. 3 (stuk Senaat 4-828/2) dat ertoe strekt punt B van het dispositief te vervangen als volgt : « Vraagt de regering tevens in de kantons en de gemeenten die dat wensen een experiment te organiseren met een verbeterd elektronisch stemsysteem, waarbij de kiezer een afschrift op papier ontvangt ter controle van zijn stem, of een ander experiment waarbij geautomatiseerd wordt gestemd, met als doel de democratische controle beter te waarborgen, terwijl de totale kostprijs onder controle wordt gehouden. ».

Dit amendement wordt aangenomen met 10 tegen 2 stemmen bij 1 onthouding.

Punt C van het dispositief

De heer Delpérée dient amendement nr. 2 in (stuk Senaat 4-828/2) dat ertoe strekt punt C van het dispositief van de resolutie te vervangen als volgt : « Vraagt de regering die experimenten te evalueren om, tegen de verkiezingen die volgen op die van 2009, een beslissing te nemen over het vanuit democratisch oogpunt veiligste en goedkoopste systeem, waarbij rekening moet worden gehouden met de terugkeer naar het stemmen op papier, wat a priori de meeste waarborgen biedt en het goedkoopst is. ».

Dit tweede amendement strekt ertoe de mogelijkheid te behouden om, indien nodig, terug te keren naar het veralgemeend stemsysteem met papieren stembiljetten op het volledige grondgebied en in alle kieskantons.

Bij dit amendement, waarin de mogelijkheid wordt voorgesteld om volledig terug te gaan naar een stemming op papier, heeft de heer Claes een aantal bezwaren. Vooral over het argument dat de papieren stemming goedkoper is bestaat geen eensgezindheid. In het voorstel van de heer Mahoux c.s. wordt voorgesteld om het presentiegeld te verhogen voor de bijzitters in de stem- en de stemopnemingsbureaus. Als men die bedragen gaat optrekken dan zal het kostenplaatje er ook totaal anders uitzien. Hij meent dat een beslissing over het papieren of elektronisch stemmen niet alleen van de kostprijs mag afhangen maar er ook moet worden rekening gehouden worden met de voor- en nadelen van beide systemen. Ook vroeger, met de stemming op papier, bestonden er heel wat problemen.

Dit amendement wordt verworpen met 8 tegen 3 stemmen bij 3 onthoudingen.

Het aldus geamendeerde voorstel van resolutie in zijn geheel wordt aangenomen met 8 tegen 3 stemmen bij 3 onthoudingen.

Vertrouwen wordt geschonken aan de rapporteur voor het opstellen van dit verslag.

De rapporteur, De voorzitter,
Dirk CLAES. Philippe MOUREAUX.