4-32

4-32

Belgische Senaat

Handelingen

DONDERDAG 29 MEI 2008 - NAMIDDAGVERGADERING

(Vervolg)

Mondelinge vraag van mevrouw Martine Taelman aan de minister van Buitenlandse Zaken over źde homofobe maatregelen in Gambia╗ (nr. 4-319)

Mevrouw Martine Taelman (Open Vld). - Onlangs bezocht ik in Berlijn Die Topographie des Terrors. Daar heb ik foto's gezien van de naziterreur tegen homoseksuelen. Dat bezoek heeft mijn mondelinge vraag mede ge´nspireerd, omdat de problematiek blijkbaar nog altijd actueel is.

Op vrijdag 23 mei voerden een aantal jongerenorganisaties van diverse politieke partijen en de holebifederatie actie aan de ambassade van Gambia. Aanleiding waren de onlangs aangekondigde homofobe maatregelen van de president van Gambia. De man is trouwens niet aan zijn proefstuk toe. Vorig jaar heeft hij zijn land internationaal voor schut gezet met de aankondiging dat hij een wondermiddel tegen aids had uitgevonden, namelijk een groen zalfje, een bitter geel drankje en twee bananen. Die president heeft de homoseksuelen nu een ultimatum gesteld. Ze dienen binnen 24 uur het land te verlaten, zo niet mogen ze zich aan `onheil' verwachten. Hij noemt homoseksualiteit `zondig en immoreel' en weigert `dergelijke individuen te accepteren in een land dat door de islam wordt gedomineerd'.

Zulke maatregelen en uitspraken zijn onaanvaardbaar. Een en ander is slechts een opwarmertje voor nieuwe antihomowetten. Als het aan president Jammeh ligt, worden die strenger dan in Iran. Intussen hebben eigenaars van woningen en hotels de opdracht gekregen om homoseksuele huurders en gasten eruit te gooien. Indien blijkt dat hotels en verblijven homo's toch onderdak bieden, moeten ze onherroepelijk de deuren sluiten. Een dergelijke flagrante schending van de mensenrechten moet een halt worden toegeroepen.

Veroordeelt de minister de homofobe maatregelen die het regime in Gambia heeft afgekondigd?

Zal de minister de Gambiaanse ambassade uitleg vragen over de praktijken en voornemens van president Jammeh over holebi's?

Zal de minister de president van Gambia erop wijzen dat zijn homofobe beleid niet beantwoordt aan de algemeen erkende rechten van de mens en aandringen om dit homofobe beleid stop te zetten?

Zal de minister de kwestie ter sprake brengen op Europees of internationaal niveau teneinde het regime in Gambia een duidelijke vingerwijzing te geven en aan te dringen om komaf te maken met dergelijk homofoob beleid?

De heer Karel De Gucht, minister van Buitenlandse Zaken. - De strijd tegen discriminatie op basis van seksuele geaardheid behoort integraal tot de prioriteiten van het Belgische beleid inzake mensenrechten. Ik veroordeel dan ook ten stelligste de homofobe uitspraken van de Gambiaanse president Jammeh. Jammer genoeg liggen die verklaringen in het verlengde van zijn vroegere uitspraken en zijn ze vaak een middel om de aandacht af te leiden van de uiterst precaire situatie waarin zijn land zich bevindt.

Ik beschik op dit moment niet over informatie dat de Gambiaanse politie of andere overheidsdiensten stappen hebben gedaan om de aangekondigde maatregelen concreet uit te voeren. Ook werden nog geen nieuwe wetgevende initiatieven ondernomen. Mijn diensten volgen de zaak uiteraard op de voet.

Bovendien verleent BelgiŰ zijn actieve steun aan het initiatief van de Europese partners om de komende dagen bij de Gambiaanse overheid in Banjul een demarche te doen. De Gambiaanse autoriteiten zullen terecht en met nadruk worden gewezen op hun internationale verplichtingen inzake het respect voor de mensenrechten en in het bijzonder het niet discrimineren van bevolkingsgroepen.

Mevrouw Martine Taelman (Open Vld). - Ik dank de minister voor zijn kort, maar zeer duidelijk en zeer correct antwoord en ik hoop dan ook dat dit tot de nodige resultaten zal leiden.