Vragen en Antwoorden

BELGISCHE SENAAT


Bulletin 3-68

ZITTING 2005-2006

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers (Art. 70 van het reglement van de Senaat)

(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans


Minister van Werk

Vraag nr. 3-4636 van de heer Beke d.d. 10 maart 2006 (N.) :
Plaatselijke Werkgelegenheidsagentschappen (PWA's). — Verdere rol in het kader van de dienstencheques.

In het verleden waren de Plaatselijke Werkgelegenheidsagentschappen (PWA's) ook bedoeld als een systeem dat een oplossing moest trachten te vinden voor een initieel economisch probleem van de korte atypische tewerkstelling.

Denken we bijvoorbeeld aan het systeem van de gemachtigde opzichters. Gedurende een korte periode van bijvoorbeeld één uur 's morgens en één uur 's middags zijn meerdere mensen per gemeente actief om de schoolkinderen veilig naar school te helpen. Door de korte periode waarin verschillende mensen tegelijkertijd nodig zijn, kan dit niet ingevuld worden via de reguliere arbeidsmarkt.

Dezelfde situatie doet zich voor in de land- en tuinbouwsector. Op piekmomenten zoals het plukseizoen worden ook hier PWA- werknemers ingeschakeld. De belangstelling voor deze manier van werken groeit bij heel wat land- en tuinbouwers : op korte termijn kunnen zij meerdere extra krachten inzetten. Daarbij kunnen de PWA- werknemers zich inwerken in een job, wat tot een vaste tewerkstelling kan leiden.

Hoe zullen dergelijke initiatieven worden opgelost als het systeem van het PWA stilaan uitdroogt omdat men zowel de PWA'ers als de PWA-beambten massaal overhevelt naar het dienstenchequegebeuren ?

Is de geachte minister bereid het dienstenchequegebeuren ook voor dit soort activiteiten open te stellen ? Of voorziet de geachte minister nog een belangrijke rol voor het PWA hierin ? Welke beleidslijn wil de geachte minister hier volgen ?

Antwoord : Het uitbreiden van de regeling dienstencheques tot andere activiteiten dan die welke voorzien zijn in artikel 1, eerste lid, 2º, van het koninklijk besluit van 12 december 2001 betreffende de dienstencheques, stuit op budgettaire moeilijkheden. Onder andere om die reden ben ik op dit ogenblik niet van plan om het aantal activiteiten dat met dienstencheques kan betaald worden uit te breiden.

Het toezicht bij de uitgang van de scholen is een taak van de stadswachten, bedoeld in artikel 79ter van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering. Het koninklijk besluit van 19 maart 2003 tot wijziging van het koninklijk besluit van 19 december 2001 tot bevordering van de tewerkstelling van langdurig werkzoekenden, ter ondersteuning van extra-aanwervingen door de gemeenten voor het lokaal veiligheidsbeleid, voorziet in de geleidelijke omvorming van de stadswachten met een PWA-arbeidsovereenkomst in stadswachten met een gewone arbeidsovereenkomst in de activaregeling. De regering besliste onlangs om nog eens 90 extra activa-stadswachten toe te voegen aan het bestaande contingent. Deze kunnen ingezet worden in steden en gemeenten met een preventie- en veiligheidscontract.

De tuinbouwsector kan nog steeds een beroep doen op PWA-werknemers voor activiteiten uitgeoefend binnen het paritair comité voor het tuinbouwbedrijf, met uitsluiting van de champignonteelt en het aanplanten en onderhouden van parken en tuinen. De landbouwsector kan nog een beroep doen op PWA-werknemers voor seizoensgebonden activiteiten die overeenstemmen met arbeidspieken bij het planten en het oogsten en voor andere tijdelijke activiteiten. De PWA-werknemer mag in de land- en tuinbouwsector zelfs 150 activiteitsuren per maand verrichten, maar hij mag evenwel in totaal niet meer dan 630 uren per kalenderjaar presteren.