3-1556/2

3-1556/2

Belgische Senaat

ZITTING 2005-2006

21 MAART 2006


Voorstel van resolutie om het statuut van milieuvluchteling in de internationale verdragen te erkennen


VERSLAG

NAMENS DE COMMISSIE VOOR DE BUITENLANDSE BETREKKINGEN EN VOOR DE LANDSVERDEDIGING UITGEBRACHT DOOR

MEVROUW HERMANS


I. INLEIDING

Dit voorstel van resolutie werd ingediend op 3 februari 2006 en besproken door de commissie tijdens haar vergadering van 21 maart 2006.

II. INLEIDENDE UITEENZETTING DOOR DE HEER MAHOUX, INDIENER VAN HET VOORSTEL VAN RESOLUTIE

Spreker verwijst naar de toelichting bij zijn voorstel van resolutie (stuk Senaat, nr. 3-1556/1).

III. BESPREKING

De heer Mahoux stelt voor om het opschrift te wijzigen als volgt : « Voorstel van resolutie om de erkenning van het statuut van milieuvluchteling in de internationale verdragen te bevorderen ». Het gaat hier om een belangrijke nuance, namelijk het opstarten van reflectie op zowel Belgisch als internationaal vlak.

Volgens de heer Wille is dat een fundamentele nuance. Spreker waarschuwt evenwel voor de gevolgen die het omzetten van het statuut van vluchteling tot milieuvluchteling kan hebben. Aangezien de bevolking exponentieel toeneemt, kan het gaan over miljoenen mensen.

Daarnaast is de vraag om dit probleem op de agenda van de JAI te plaatsen eerder vreemd omdat de Europese Ministerraad van 29 april 2004 een richtlijn 2004/83/EG van de Raad heeft aangenomen inzake minimumnormen voor de erkenning van onderdanen van derde landen en staatlozen als vluchteling of als persoon die anderszins internationale bescherming behoeft, en de inhoud van de verleende bescherming. Deze richtlijn moet ten laatste tegen oktober 2006 worden omgezet in het nationale recht van de lidstaten.

Aangezien de subsidiaire bescherming niet weerhouden werd, kan het voorliggende voorstel van resolutie dat hierin wel voorziet, niet aangenomen worden.

De heer Wille meent wel dat meer aandacht moet besteed worden aan de oorzaken van het probleem. Het regeerakkoord bevat een aantal initiatieven inzake ontwikkelingssamenwerking die de grote migratiedruk moeten verlichten, zoals de bestrijding van woestijnvorming. Spreker stelt voor om eerst het advies in te winnen van de commissie voor de Binnenlandse Zaken en de Administratieve Aangelegenheden omdat de problematiek van de vluchtelingen en de migratie daar reeds vaak aan bod kwam.

De heer Nimmegeers merkt op dat ook Belgen in de situatie van milieuvluchteling kunnen komen.

Mevrouw Hermans is van mening dat men aan de oorzaken van de milieuproblemen moeten werken en niet het statuut van vluchteling uitbreiden.

De heer Nimmegeers antwoordt dat men terzelfder tijd aan de milieuproblemen moet werken en het statuut van vluchteling uitbreiden.

Volgens de heer Roelants du Vivier is dit een probleem voor de hele mensheid. Het milieu kan niet alleen achteruitgaan door toedoen van de mens, maar ook door een aantal natuurverschijnselen. Er moet op internationaal niveau een algemene reflectie komen over het begrip milieuvluchteling. De stap die in dit voorstel wordt gezet, is nuttig en verdient de aandacht.

IV. STEMMINGEN

De commissie stemt in met de wijziging van het opschrift zoals voorgesteld door de heer Mahoux.

Het voorstel van resolutie nr. 3-1556/1 in zijn geheel wordt aangenomen met 7 stemmen bij 3 onthoudingen.


Vertrouwen werd geschonken aan de rapporteur voor het opstellen van dit verslag.

De rapporteur, De voorzitter,
Margriet HERMANS. François ROELANTS du VIVIER.

Tekst aangenomen door de commissie (zie stuk Senaat, nr. 3-1556/3)