Vragen en Antwoorden

BELGISCHE SENAAT


Bulletin 3-55

ZITTING 2005-2006

Vragen van de Senatoren en antwoorden van de Ministers

(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans


Minister van Ontwikkelingssamenwerking

Vraag nr. 3-3846 van mevrouw de Bethune d.d. 25 november 2005 (N.) :
Vrouwen, vrede en veiligheid. — Uitvoering van de resolutie van de Senaat 3-902.

De Senaat keurde op 17 februari 2005 de resolutie goed over vrouwen, vrede en veiligheid (stuk Senaat 3-902/4). Deze resolutie geeft de opdracht aan de Belgische regering om een nationaal actieplan op te stellen over de uitvoering door BelgiŽ van resolutie 1325 van de VN-Veiligheidsraad.

De resolutie wil de rol van vrouwen versterken bij conflictpreventie, conflictoplossing en naoorlogse wederopbouw. Dit is niet alleen belangrijk vanuit een democratisch principe, maar evenzeer omdat de vredesoperaties meer aandacht moeten hebben voor de wensen en noden van vrouwen. In ons land ontbreken elke richtlijnen en onderzoek hierrond.

Graag kreeg ik een antwoord op de volgende vragen :

1. Is de geachte minister betrokken bij het opstellen van een nationaal actieplan over de uitvoering door BelgiŽ van resolutie 1325 van de VN-Veiligheidsraad ? Is er reeds overleg geweest met andere departementen ?

2. Hoe zal hij de conclusies van deze resolutie implementeren in een coherent vredes- en conflictpreventiebeleid ?

Antwoord : 1. Resolutie 1325 nodigt alle lidstaten van de Verenigde Naties uit om een strategisch actieplan op stellen ter bevordering van de deelname van vrouwen aan de preventie van conflicten en aan de consolidatie van de vrede. De regering heeft dit actieplan nog niet opgesteld, waarvan het belang en de pertinentie nog werden herhaald tijdens de Resolutie van de Senaat van 17 februari 2005. Zodra de interdepartementale werkgroep hierover zal gevormd zijn, zal mijn administratie het zeker niet nalaten om hieraan deel te nemen.

Resolutie 1325 van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties ligt inderdaad volledig in de lijn van ťťn van de drie prioritaire hoofdlijnen van het Belgische Ontwikkelingssamenwerkingsbeleid, het is te zeggen, de participatie van vrouwen aan de consolidatie van de vrede en de strijd tegen seksueel geweld. Deze problematiek is in het bijzonder aanwezig in de politieke dialoog die wij voeren met onze partnerlanden en de ontwikkelingssamenwerkingsorganisaties die partner zijn van BelgiŽ, alsook in de programmering van onze buitenlandse acties.

Deze bezorgdheid weerspiegelt zich in de acties die wij voeren in Afghanistan en in de regio van de Grote Meren.

In Afghanistan, vormt de bevordering van de Afghaanse vrouw en haar rechten de rode draad van onze samenwerking met dit land.

BelgiŽ is de verbintenis aangegaan, tijdens de Conferentie van Tokio over de heropbouw van Afghanistan, (januari 2002) om zijn hulp te centreren op de steun aan democratische structuren en op de verbetering van de levensomstandigheden van de Afghaanse vrouwen zodat ze kunnen, op voet van gelijkheid met de mannen, bijdragen aan de nationale verzoening, aan een duurzame vrede en aan de heropbouw van hun land. BelgiŽ besteedt 5 miljoen euro per jaar aan deze hulp tijdens de periode 2004-2006 via het UNDP en het UNIFEM.

Sinds 2002 steunt de Belgische samenwerking, via het UNIFEM, de institutionele versterking van het ministerie van Vrouwenzaken en de decentralisering van zijn dienstverlening ten voordele van de vrouwen in de provincies door de oprichting van communautaire ontwikkelingscentra (Women Development Centers genoemd). De inrichting van deze centra is een sleutelelement van het beleid van het ministerie van Vrouwenzaken om deze vrouwen in landbouwgebieden te bereiken. De centra zijn plaatsen waar de vrouwen elkaar ontmoeten en zich verenigen. Ze maken het hun mogelijk om diensten te leveren (juridische, in verband met gezondheid, psychosociale hulp, een opleiding, alfabetisering) hun te informeren over hun rechten, activiteiten te ontwikkelen die een inkomen voortbrengen en netwerken op te richten.

In juni 2004 werd een tweede fase van dit project goedgekeurd voor een bedrag van 500 000 euro per jaar.

In de regio van de Grote Meren werken we met gespecialiseerde organisaties zoals het UNIFEM om de rol van de vrouwen te versterken bij de oprichting van de vrede, maar ook met NGO's. Inzake bilaterale steun zijn er twee hoofdlijnen : de bijzondere aandacht voor vrouwen die het slachtoffer zijn van conflicten, en de belangrijke steun voor vrouwen, voor hun organisaties en netwerken als actoren van de heropbouw, de ontwikkeling en de democratisering. Er wordt met name rekening gehouden met de genre-kwestie in de nationale programma's van demobilisatie en wederopneming in de samenleving. BelgiŽ steunt deze programma's actief die acties omvatten betreffende de bijzondere status van de strijdende of begeleidende vrouwen, en vooral wat betreft de jonge meisjes.

Bovendien heb ik beslist om in de Democratische Republiek Kongo een uitgebreid programma te steunen, samen met UNFPA, UNICEF en het OHCHR, getiteld : ę de preventie en het antwoord op seksueel geweld ten aanzien van vrouwen, jongeren en kinderen Ľ om het seksueel geweld dat vrouwen, jongeren en kinderen wordt aangedaan, te voorkomen en erop te reageren. De Belgische bijdrage aan dit programma bedraagt 7 820 000 euro voor de periode 2004-2007.

Het doel van dit programma is te handelen op verschillende niveaus, zowel inzake preventie en verzorging, als inzake rechtvaardigheid en de wederopneming van de slachtoffers, om zodoende de preventie en de zorg van gevallen van seksueel geweld te verbeteren. Onze steun loopt tot 2007, maar reeds vandaag wens ik mijn tevredenheid te uiten met de lancering van de operationele activiteiten die net heeft plaatsgevonden.

2. Zoals ik in de Senaat van 5 oktober benadrukte ter gelegenheid van een seminarie gewijd aan de tiende verjaardag van de aanneming van de Pekingverklaring, heeft de Millenniumtop +5 van New York in september jongstleden belangrijke vooruitgangen mogelijk gemaakt in het domein van de mensenrechten en het zo belangrijke domein van het behoud en de consolidatie van de vrede. De beslissing om een Commissie voor de Consolidatie van de Vrede op te richten, is genomen. Onderhandelingen zijn momenteel bezig te New York om het exacte mandaat van deze commissie, haar werkingsmodaliteiten, haar plaats binnen de architectuur van de Verenigde Naties te bepalen. De instructies die mijn collega minister Karel De Gucht en ikzelf hebben gegeven aan onze vertegenwoordigers te New York preciseren dat tijdens de discussies over het mandaat en de werkingswijze van de commissie, het van belang is om een belangrijk accent te plaatsen op de articulatie van de toekomstige werken van de commissie met de aanbevelingen van Resolutie 1325, om op die manier aan te dringen op de rol van de vrouwen in de conflictpreventie, de oprichting en de consolidatie van de vrede.

Bovendien heeft het Britse voorzitterschap van de Verenigde Naties op 27 oktober jongstleden in de Veiligheidsraad, tijdens een speciale sessie voorgezeten door RoemeniŽ en gewijd aan de uitwerking van Resolutie 1325, uit naam van de Unie en dus BelgiŽ, in het bijzonder het accent gelegd op de verschillende actiedomeinen (conflictpreventie, instelling van de vrede, humanitaire acties, ... — waarbij een expliciete referentie naar de rol van vrouwen zou moeten zijn voorzien. De Europese Unie heeft bovendien de aandacht gevestigd op de noodzaak om richtlijnen en strikte disciplinaire procedures te voorzien voor alle categorieŽn van het personeel van de Verenigde Naties en voor de leden van hun families die hen vergezellen om het seksueel misbruik en de seksuele uitbuiting te verhinderen. Het departement Vredesoperaties van het Algemeen Secretariaat van de Verenigde Naties heeft dit tot haar verplichtingen gemaakt.

Het volstaat om deze ę gender mainstreaming Ľ doelstelling actief verder te zetten wanneer BelgiŽ zal worden aangeroepen om te zetelen in de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties in 2007-2009.

De instelling door de Millenniumtop +5 van een Mensenrechtenraad zal eveneens de gelegenheid zijn om te waken over een groter respect voor de mensenrechten, en bijzondere aandacht voor de schendingen ervan, mensenrechten die, conform Resolutie 1325, zullen proberen deel te nemen aan de preventie van conflicten en de oprichting of de consolidatie van de vrede.

Ik zal ten slotte het belang benadrukken van de uitwerking van Resolutie 1325 in de oefening van het Vrede en Veiligheidsbeleid van de Europese Unie. Alzo heeft het Britse voorzitterschap van de Europese Unie de noodzaak onderstreept om :

— vrouwen te informeren over kandidaturen voor internationale posten, in het bijzonder functies van Speciale Vertegenwoordigers van de Europese Unie, en hen aan te moedigen zich kandidaat te stellen.

— de rol van vrouwen te bevorderen in het proces van de nationale heropbouw, met name door hen een deelname te verzekeren aan de vredesonderhandelingen en de mechanismen ter reconciliatie en transitie.

— een groter overleg aan te moedigen met de lokale en internationale vrouwenverenigingen.

— de vrouwen en jonge meisjes te beschermen in gewapende conflicten.

BelgiŽ deelt deze ambitie van het Britse voorzitterschap van de Europese Unie.