(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans
Een grootschalig Europees onderzoek raamt de sociale en economische kostprijs van depressies in België op 1,03 miljard euro. De kans dat iemand een depressie doormaakt in zijn leven bedraagt 15 % — bij vrouwen is dat zelfs 20 %. 20 tot 30 % hervalt binnen de drie jaar en 10 tot 30 % wordt chronisch depressief.
Volgens de onderzoekers mogen de gevolgen van een depressie niet worden onderschat omdat wie depressief is per jaar gemiddeld 40 dagen werkonbekwaam is en niet langer sociaal kan functioneren.
Graag had ik van de geachte minister een antwoord gekregen op de volgende vragen :
1. Hoeveel meer plaatsen in psychiatrische centra zijn er nodig om depressieve patiënten op te vangen ?
2. Voorziet hij in informatiecampagnes om het publiek en de huisartsen te sensibiliseren en welk bedrag wilt hij daarvoor uittrekken ?
3. Welke andere structurele maatregelen overweegt hij om het aantal depressies terug te dringen ?
4. Hoe wilt hij de inspanningen op federaal niveau met die van de deelstaten coördineren ?
Antwoord : Ik heb de eer het geachte lid als volgt te antwoorden.
1. Wat betreft depressie beschikken we over volgende nationale gegevens, namelijk :
— in de nationale registratie MPG (Minimale Psychiatrische Gegevens), die wordt uitgevoerd in de residentiële psychiatrische voorzieningen in ons land (psychiatrische ziekenhuizen, psychiatrische afdelingen in algemene ziekenhuizen, psychiatrische verzorgingstehuizen en initiatieven voor beschut wonen), beschikken we over gegevens vanaf 1997. Daarin kunnen we per jaar nagaan in hoeveel verblijven er bij de patiënt een diagnose « depressie » gesteld wordt. Voor de jaren 1997 tot 2003 steeg het aantal psychiatrische verblijven waarin de diagnose « depressie » werd gesteld in absolute termen van 23 335 naar 25 801 (+10,6 %). Relatief ten opzichte van het totaal aantal verblijven valt er echter geen stijging waar te nemen, maar eerder een lichte daling (van 24,65 % naar 24,01 %). Wat betreft de algemene bevolking beschikken wij — in tegenstelling tot de psychiatrische populatie — niet over cijfers met betrekking tot de parameter depressie. Gezien het aantal psychiatrische verblijven waarin de diagnose « depressie » werd gesteld is gestegen kan men hieruit onrechtstreeks afleiden dat de residentiële voorzieningen deze patiënten kunnen opvangen;
— uit cijfers verkregen uit de Gezondheidsenquête 2001 bleek dat in 2001 in België 9 % van de bevolking van 15 jaar of ouder depressieve klachten rapporteerde op de subschaal Depressie van de Symptom Checklist-90. Daarnaast gaf 6 % van de bevolking van 15 jaar of meer aan een depressieve periode doorgemaakt te hebben in het afgelopen jaar. Een hospitalisering is niet nodig voor al deze patiënten die depressie rapporteren. Het aantal plaatsen die nodig zijn in psychiatrische centra om depressieve patiënten op te vangen is moeilijk te berekenen daar dit ook afhankelijk is van de opvangcapaciteit binnen de centra voor geestelijke gezondheidszorg.
2. In dit verband wens ik er op wijzen dat preventie en promotie geestelijke gezondheidszorg ressorteert onder de bevoegdheid van de gemeenschappen/gewesten. Ik steun weliswaar een pilootproject « EOLE » dat als opdracht heeft een dynamiek te creëren tussen de beroepsmensen van eerstelijnsgezondheidszorg en de beroepsmensen van geestelijke gezondheid. Door middel van dit netwerk zouden de huisartsen beter geïnformeerd en opgeleid moeten zijn voor de opsporing en meest geschikte diagnostiek voor depressie. Anderzijds wordt momenteel een plan ter zelfmoordbestrijding geëvalueerd binnen mijn kabinet. Dit handelt niet specifiek over depressie maar meer over een globale aanpak.
3. Voor het antwoord op deze vraag verwijs ik naar het feit dat primaire preventie ressorteert onder de bevoegdheid van de gemeenschappen/gewesten.
4. In functie van de maatregelen die zullen voorzien zijn in het plan dat ik momenteel opstel, overweeg ik bij de Interministeriële Conferentie een nieuwe werkgroep op te nemen met als taak het opstellen van een protocol betreffende strategieën inzake preventie en reductie van zelfmoord in België.