(N.): Vraag gesteld in het Nederlands - (Fr.): Vraag gesteld in het Frans
Ambtenaren die slechts op latere leeftijd in de ambtenarij terechtkomen omdat zij eerst gedurende x aantal jaren in de private sector hebben gewerkt, kunnen nooit dezelfde anciënniteit verwerven als ambtenaren die sinds het begin van hun loopbaan in de ambtenarij werken. Momenteel heeft dit een negatieve weerslag op de wedde die zij ontvangen. Nochtans hebben de meeste van deze ambtenaren tijdens hun beroepsloopbaan in de private sector heel wat ervaring opgedaan die naderhand ten dienste van de ambtenarij komt.
1. Houdt dit geen onaanvaardbare discriminatie in voor de betrokkenen ?
2. Overweegt u daaraan iets te veranderen ?
Antwoord : Ik mag het geachte lid erop wijzen dat de toestand niet helemaal is zoals die welke hij beschrijft.
Inderdaad, bepaalt het artikel 14, § 3, van het koninklijk besluit van 29 juni 1973 houdende bezoldigingsregeling van het personeel van de federale overheidsdiensten dat de diensten die in de privé-sector of als zelfstandige verricht zijn eveneens voor de toekenning van de verhogingen in weddenschaal in aanmerking kunnen worden genomen voorzover het bericht tot aankondiging van de selectieprocedure uitdrukkelijk het bezit van een nuttige vroegere ervaring vereist en de kandidaten de nuttige vroegere ervaring met elk rechtsmiddel kunnen bewijzen.
Bovendien werd bij koninklijk besluit van 4 augustus 2004 een nieuwe bepaling toegevoegd die voorziet dat voor de ambtenaren in het kader van en eerste werving in de eerste klasse van de betrokken vakrichting, in klasse A2 in de gevallen bedoeld in artikel 20, derde lid, van het koninklijk besluit van 2 oktober 1937 houdende het statuut van het Rijkspersoneel, of in klasse A3 of A4, de diensten die in de privé-sector of als zelfstandige verricht zijn, eveneens voor de toekenning van de verhogingen in weddenschaal in aanmerking kunnen worden genomen, wanneer deze diensten, met het akkoord van de minister tot wiens bevoegdheid ambtenarenzaken behoort, een nuttige ervaring vormen voor de uitoefening van de functie in kwestie.
Ik ben niet van plan die regelgeving verder te wijzigen.